Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.1. Vast bureau - verslag van de zitting van 7 januari 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd het verslag van de vorige zitting goed te keuren.
Motivering
Het vast bureau overloopt het verslag van de zitting van 7 januari 2026.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 83, § 5 Decreet Lokaal Bestuur
Adviezen
Er zijn geen adviezen nodig.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit het verslag van de zitting van 7 januari 2026 goed te keuren.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.2. Woonwijs - vertegenwoordiger beheerscomité - legislatuur 2025-2030 - vervanging - verzoek tot agendering OCMW-raad - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd om de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken volgend punt te agenderen op de OCMW-raadszitting van 29 januari 2026:
● de aanduiding van een stemgerechtigd lid als vertegenwoordiger van het OCMW in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Motivering
Het OCMW is lid van de Interlokale Vereniging Wonen Deerlijk, Harelbeke, Kuurne, Lendelede en Zwevegem, thans Woonwijs genoemd, via bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst.
Punt 2.2. van bovenvermelde samenwerkingsovereenkomst stipuleert dat het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging is samengesteld uit:
● een lid van het college van burgemeester en schepenen van elke deelnemende gemeente, bij voorkeur bevoegd voor wonen, huisvesting, ruimtelijke ordening of welzijn;
● een lid van het vast bureau van elk deelnemend OCMW, bij voorkeur bevoegd voor welzijn of sociale zaken;
● één vertegenwoordiger van de provincie West-Vlaanderen.
Daarbij mag het lid van het vast bureau niet hetzelfde zijn als het lid van het college van burgemeester en schepenen.
De vertegenwoordigers van de gemeenten en de OCMW's zijn stemgerechtigd.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 27 maart 2025 werd mevrouw Marleen Prat, lid van het vast bureau, mede door haar bevoegdheid 'Wonen' en 'Welzijn', aangeduid als vertegenwoordiger van het OCMW in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de legislatuur 2025-2030.
In de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025 werd de heer Louis Vanderbeken, burgemeester, aangeduid als vertegenwoordiger in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de legislatuur 2025-2030.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 18 december 2025 kennis genomen van het ontslag van mevrouw Marleen Prat als voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst en bijgevolg als schepen en lid van het vast bureau, en de heer Claude Croes verkozen als nieuwe voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
In de gemeenteraadszitting van 18 december 2025 werd de heer Claude Croes aangeduid als eerste schepen. Zijn bevoegdheden, waaronder de bevoegdheden 'Wonen' en 'Welzijn' werden bepaald in zitting van het college van burgemeester en schepenen van 7 januari 2026.
Conform artikel 78, § 2, 5° van het Decreet Lokaal Bestuur behoort het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen, of het aanwijzen van leden van de rechtspersonen in verenigingen of vennootschappen voor maatschappelijk welzijn, tot de exclusieve bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 74 - 78, art. 392 - 395 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit om de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken volgend punt te agenderen op de OCMW-raadszitting van 29 januari 2026:
● de aanduiding van een stemgerechtigd lid als vertegenwoordiger van het OCMW in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.3. W13 - (B)AV en Raad van Bestuur - vervanging vertegenwoordigers - legislatuur 2025-2030 - verzoek tot agendering OCMW-raad - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan het vast bureau wordt gevraag om de voorzitter van de OCMW-raad te verzoeken om volgende punten te agenderen op de OCMW-raad van 29 januari 2026:
● de aanduiding van een nieuwe eerste vertegenwoordiger in de algemene vergaderingen van de welzijnsvereniging W13;
● de aanduiding van een nieuw stemgerechtigd lid in de Raad van Bestuur van W13;
voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030, ter vervanging van mevrouw Marleen Prat.
Motivering
Op 23 april 2015 werd de OCMW-vereniging genaamd ‘W13’ overeenkomstig titel VIII, hoofdstuk 1 van het OCMW-decreet met de OCMW’s van de gemeenten Avelgem, Anzegem, Deerlijk, Harelbeke, Kortrijk, Kuurne, Menen, Spiere-Helkijn, Waregem, Wervik, Wevelgem en Zwevegem en met het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk Zuid-West-Vlaanderen opgericht.
Op 2 juni 2017 werd de statutenwijziging van W13 goedgekeurd door de algemene vergadering van W13, in het kader van de toetreding door OCMW Wielsbeke.
Op 29 juni 2018 werd de statutenwijziging van W13 door de algemene vergadering goedgekeurd, in het kader van de aanpassing van de statuten aan het decreet van 21 december 2017 over het lokaal bestuur.
De Vlaams Minister van Binnenlands bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding keurde bij besluit van 24 januari 2019 de statuten van W13 goed.
Artikel 10 van de statuten van de vereniging bepaalt dat de algemene vergadering is samengesteld uit de afgevaardigden van de deelgenoten waarbij elke deelgenoot 2 afgevaardigden heeft.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 januari 2025 werd mevrouw Marleen Prat aangeduid als eerste vertegenwoordiger en mevrouw Katrien Vandenbogaerde als tweede vertegenwoordiger voor de (buitengewone) algemene vergaderingen van W13 voor de legislatuur 2025-2030.
Artikel 22, § 3 van de statuten van de vereniging bepaalt dat de raad van bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van de deelgenoten. Elke deelgenoot is vertegenwoordigd door één afgevaardigde met stemrecht die, voor wat betreft de publieke deelgenoten, bij voorkeur lid is van het vast bureau en verantwoordelijk is voor het lokaal sociaal beleid.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 januari 2025 werd mevrouw Marleen Prat aangeduid als stemgerechtigd lid en de heer Karel Bauters als lid met raadgevende stem in de Raad van Bestuur van W13 voor de legislatuur 2025-2030.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 18 december 2025 kennis genomen van het ontslag van mevrouw Marleen Prat als voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst en bijgevolg als schepen, en de heer Claude Croes verkozen als nieuwe voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
In de gemeenteraadszitting van 18 december 2025 werd de heer Claude Croes aangeduid als eerste schepen en bijgevolg lid van het vast bureau. De heer Claude Croes is bevoegd voor het lokaal sociaal beleid, conform de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 7 januari 2026.
Conform artikel 78, § 2, 5° van het DLB behoort het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen, of het aanwijzen van leden van de rechtspersonen tot de exclusieve bevoegdheid van de OCMW-raad.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 78, § 2, 5° Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 474 Decreet Lokaal Bestuur
○ Statuten W13
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit om de voorzitter van de OCMW-raad te verzoeken om volgende agendapunten te agenderen op de OCMW-raad van 29 januari 2026:
● de aanduiding van een nieuwe eerste vertegenwoordiger in de algemene vergaderingen van de welzijnsvereniging W13;
● de aanduiding van een nieuw stemgerechtigd lid in de Raad van Bestuur van W13;
voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030, ter vervanging van mevrouw Marleen Prat.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.4. Update samenwerkingsprotocol vzw Schuldbemiddeling - verzoek tot agendering op de Raad voor Maatschappelijk Welzijn - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan het Vast Bureau wordt gevraagd om de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken de update van het samenwerkingsprotocol tussen de gemeente Deerlijk en de vzw Schuldbemiddeling voor goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Motivering
Het OCMW Deerlijk werd erkend als instelling voor schuldbemiddeling bij het Ministerieel besluit van 22 juni 1998.
Het OCMW ondertekende op 23 mei 2005 een samenwerkingsprotocol houdende oprichting van een regionale dienst Schuldbemiddeling onder de benaming vzw Schuldbemiddeling.
Het OCMW Deerlijk doet reeds heel wat jaren beroep op de VZW Schuldbemiddeling in het kader van de dossiers collectieve schuldenregeling en schuldbemiddeling in dossiers budgetbeheer en -begeleiding.
Het samenwerkingsprotocol tussen de vzw en de verschillende gemeenten waarmee ze samenwerken kreeg een update. Dit werd op 18 november 2025 besproken op de Algemene Vergadering van de vzw Schuldbemiddeling.
De vzw Schuldbemiddeling vraagt om deze update te laten goedkeuren in de betreffende gemeentes.
Aanpassing samenwerkingsprotocol:
● Punt 1: alle aangesloten besturen worden vermeld – in het oude protocol waren dat enkel de ‘stichtende’ leden.
● Punt 5: taken van de vzw werden uitgebreid (o.a. juridische eerstelijnsbijstand)
● Punt 7: nieuw punt aansprakelijkheid
● Punt 8: financiering – actualisatie bedrag werkingsbijdragen.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 77, § 2 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het Vast Bureau besluit de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken om de bijgevoegde update van het samenwerkingsprotocol met de vzw Schuldbemiddeling ter goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.5. Reglement - Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftig persoon - verzoek agendering raad voor maatschappelijk welzijn - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken de goedkeuring van het reglement inzake de tussenkomst in de begrafenis- en crematiekosten van een behoeftige persoon voor goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een verlenging van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van26 november 2020.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
Als iemand komt te overlijden wordt in eerste instantie verwacht dat de nabestaanden zich over de uitvaart bekommeren.
Als een behoeftige komt te overlijden en geen nabestaanden nalaat of nabestaanden dit niet opnemen, moet hij wettelijk op een behoorlijke en menswaardige manier begraven worden. Sinds het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen is de lijkbezorging een taak van de gemeente. In Deerlijk staat het OCMW hiervoor in.
Het OCMW werd in het verleden al meermaals geconfronteerd met een begrafenis of crematie van behoeftigen. Voor iedere situatie moet er steeds een sociaal en financieel onderzoek gebeuren.
Met het oog op dergelijke begrafenis of crematie en het voeren van het sociaal en financieel onderzoek is het opportuun gebruik te maken van een reglement waarin alle modaliteiten zijn opgenomen die van toepassing zijn voor de gemeente Deerlijk.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Organieke OCMW wet van 8 juli 1976
○ Decreet op de begraafplaatsen van 16 januari 2004
Financiën
De beslissing heeft geen financiële impact.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken volgend reglement voor goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn:
REGLEMENT
Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftige persoon
Bevoegdheid
Art. 1.-
● De bevoegde gemeente is de gemeente waar de overledene op het moment van
overlijden staat ingeschreven in het bevolkings-, wacht- of vreemdelingenregister. Die
gemeente draagt dan ook de kosten.
● Als de overledene nergens meer was ingeschreven, is de gemeente van de plaats van
overlijden bevoegd.
● Als een nabestaande van de overledene de uitvaart van de behoeftige persoon wenst te
regelen maar onvermogend is, kan hij de hulp inroepen van het OCMW van zijn
gewoonlijke verblijfplaats. Het OCMW voert een sociaal en financieel onderzoek naar de situatie van de nabestaande die een aanvraag tot tussenkomst stelt.
● Als een behoeftige op het ogenblik van het overlijden gedomicilieerd staat in een
instelling, maar voor zijn opname in deze instelling gedomicilieerd stond in de gemeente
Deerlijk, worden de begrafenis- en crematiekosten na een sociaal en financieel
onderzoek ten laste genomen door het OCMW Deerlijk.
Betrokkenen
Sociaal Huis
Art. 2. - De maatschappelijk werker van het Sociaal Huis staat in voor de intake van de hulpvrager. In dit geval kan dit (één van de) nabestaande(n) zijn of een sociale organisatie. De maatschappelijk werker zorgt daarnaast voor het contact met de begrafenisondernemer.
Begrafenisonderneming
Art. 3. - Het Sociaal Huis Deerlijk werkt niet samen met een vaste begrafenisondernemer. De dichtstbijzijnde begrafenisonderneming zal instaan voor de begrafenis (in Deerlijk). Voor de verdere praktische regeling van de uitvaart spreekt de maatschappelijk werker persoonlijk en rechtstreeks af met hen.
Sociaal netwerk
Art. 4. - Het sociaal netwerk van de persoon in kwestie is van groot belang voor het organiseren van de begrafenis. In samenspraak met het sociaal netwerk wordt bekeken welke opties er zijn en in welke mate het OCMW hierin kan ondersteunen.
Doelstelling
Art. 5. - Het doel van een financiële tussenkomst in de begrafeniskosten is om een persoon een sereen en mooi afscheid te bieden, wanneer dit financieel niet haalbaar blijkt voor de persoon in kwestie met of zonder sociaal netwerk.
Procedure
Aanvraag
Art. 6. - De aanvraag tot tussenkomst in de begrafenis- of crematiekosten moet gebeuren
voorafgaandelijk aan de begrafenis of crematie, bij het bevoegde OCMW.
Timing
Art. 7. - De aanvraag wordt zo snel mogelijk gericht aan het OCMW en uiterlijk binnen de 48 uren of op de eerstvolgende werkdag na het overlijden van de behoeftige persoon. Van deze termijn kan uitzonderlijk worden afgeweken mits motivatie.
Art. 8. - Indien de nabestaande(n) beslist/beslissen om de begrafenis te regelen met de
begrafenisondernemer zonder het OCMW hiervan vooraf te verwittigen, wordt men geacht zelf
verantwoordelijk te zijn voor het betalen van de kosten.
Organisatie begrafenis
Art. 9. - De begrafenis dient te worden opgenomen door de dichtstbijzijnde
begrafenisondernemer. Mits motivatie kan hiervan worden afgeweken.
Financiële tussenkomst in geval van spaargelden of nabestaande(n)
Art. 10. - De beslissing om tussen te komen in de begrafenis- en crematiekosten wordt voorafgegaan door een sociaal en financieel onderzoek. Er zal steeds nagegaan worden in welke mate de nabestaanden in de mogelijkheid zijn/bereid zijn om de begrafenis te regelen en de kosten te betalen. In eerste instantie zullen de beschikbare (spaar)gelden van de overledene, worden aangewend om de kosten te betalen. Als de erfenis verworpen wordt door de erfgenamen, dient dit aangetoond te worden met een attest uit het register der akten van aanvaardingen en verzakingen aan nalatenschappen en gemeenschappen, gehouden ter griffie der rechtbank van eerste aanleg. Bij het ontbreken van dit attest zullen de kosten alsnog op de erfgenamen verhaald worden.
Financiële tussenkomst in geval van geen spaargelden of nabestaande(n)
Art. 11. -
● Het OCMW contacteert de dichtsbijzijnde begrafenisondernemer.
● Het OCMW brengt de betrokken begrafenisondernemer per e-mail op de hoogte van dit reglement.
● De begrafenisondernemer maakt een offerte op van de onkosten en bezorgt deze aan het OCMW.
● Het OCMW bevestigt, na goedkeuring door de voorzitter van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst, de offerte via e-mail.
● Binnen de dertig dagen na de begrafenis/crematie maakt de begrafenisondernemer de factuur en het overlijdensattest over aan het OCMW.
● De factuur wordt na ontvangst gecontroleerd door het OCMW. Als de factuur overeenkomstig het reglement is, wordt ze ter goedkeuring voorgelegd aan de Voorzitter die een dringende beslissing kan nemen. Nadien wordt dit ter bekrachtiging voorgelegd tijdens de eerstvolgende zitting van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst.
● Na goedkeuring wordt de factuur voor betaling overgemaakt aan de financiële dienst. De betaling gebeurt rechtstreeks aan de begrafenisondernemer.
Tussenkomst
Zaken die kunnen ten laste worden genomen door het OCMW
Art. 12. -
● Overbrenging naar het mortuarium
● 1 bloemstuk ter waarde van 30 euro
● opbaring overledene
● lijkwade
● mortuariumkosten
● eenvoudige lijkkist of urne (goedkoopste model)
● formaliteiten
● drukwerk: maximum 100 rouwbrieven + omslag en maximum 100 rouwprentjes
● crematie (gebeurt in het crematorium Kortrijk)
● uitvaartdienst
● vervoerskosten naar de uitvaartdienst
● onkosten gemeentelijke begraafplaats
● een (voorlopig) kruis / opschrift op het graf
Zaken die niet worden ten laste genomen door het OCMW
Art. 13. -
● maaltijden en koffietafels
● andere bloemen en kransen
● zangkoor
● rouwberichten in kranten
● grafsteen
● extra drukwerk
Maximumbedrag van de financiële tussenkomst
Art. 14. - De tussenkomst, inclusief BTW, bedraagt maximum:
● voor een traditionele begrafenis met uitvaartdienst: maximaal 1.800 euro
● voor een crematie (met attest van behoeftigheid) met uitvaartdienst: maximaal 2.000 euro
Art. 15. - Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd (te koppelen aan de gezondheidsindex)
Art. 16. - Er wordt geen enkele andere uitbreiding voorzien door het OCMW Deerlijk, noch door de nabestaanden. Als er een uitbreiding van de begrafenis wordt gevraagd door de nabestaanden en dit zelfs op hun eigen kosten, dan zal dit door het OCMW worden beschouwd als een aanvaarding van de erfenis. Hierdoor zullen alle gedane kosten voor de begrafenis worden teruggevorderd van de betrokken nabestaanden.
Terugvordering van de kosten
Art. 17. - Het OCMW zal alles in het werk stellen om het volledige bedrag van de verleende
tussenkomst, terug te vorderen door:
● Het invorderen van de begrafenisvergoeding(en) die word(t)en verleend door de mutualiteiten en andere instanties (bijvoorbeeld verzekeringsmaatschappijen, sociale kassen,…).
● Het instellen van een vordering tot verhaal op roerende goederen (bijvoorbeeld kapitalen uitgekeerd op grond van een levensverzekering) en onroerende goederen, die behoren tot het actief van de nalatenschap.
● Te verhalen op de erfgenamen wanneer achteraf blijkt dat er toch roerende en/of onroerende goederen aanwezig zijn op de nalatenschap.
● Te verhalen op de onderhoudsplichtigen overeenkomstig artikel 98 § 2 van de organieke wet van 8 juli 1976.
Betwistingen
Art. 18. - Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding en geldigheidstermijn
Art. 19. - Dit reglement treedt in werking vanaf 1 februari 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Art. 20. - Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 november 2020 houdende de vaststelling van het reglement 'Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftig persoon' wordt opgeheven vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavig reglement.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.6. Reglement - gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen - verzoek agendering raad voor maatschappelijk welzijn - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken de goedkeuring van het reglement tot toekenning van een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen, te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een verlenging van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van 31 maart 2022.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
Om nog meer gezinnen met kinderen die in Deerlijk woonachtig zijn en die in een kwetsbare situatie leven, op een laagdrempelige manier te bereiken, werd het reglement tot toekenning van een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen uitgewerkt. Het reglement is een grote hulp voor heel wat gezinnen.
De toelage heeft als doel Deerlijkse kwetsbare gezinnen deels te ondersteunen bij de aankoop van materiaal dat niet in de schoolfactuur is opgenomen. Op het aanvraagformulier staan de betoelaagde benodigdheden vermeld waarvoor een tussenkomst wordt voorzien.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De financiële impact van de beslissing is nog niet gekend.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken de goedkeuring van het reglement tot toekenning van een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen, zoals hieronder omschreven, te agenderen op eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn:
PREMIEREGLEMENT TOT TOEKENNING VAN EEN GEMEENTELIJKE MATERIËLE ONDERSTEUNINGSTOELAGE VOOR SCHOOLGAANDE KINDEREN
Toepassingsgebied
Art. 1
Een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen kan verkregen worden voor aankopen die niet in de schoolfactuur zijn opgenomen. Op het aanvraagformulier staan de betoelaagde benodigdheden vermeld waarvoor een tussenkomst wordt voorzien.
Doelstelling
Art. 2
Deze premie heeft tot doel gezinnen met kinderen, woonachtig in Deerlijk, die in een kwetsbare situatie leven, te bereiken en hen concrete hulp aan te bieden. De gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen waarborgt de betaalbaarheid en de gelijke onderwijskansen voor ieder kind.
Premiegerechtigde
Art. 3
De premie kan aangevraagd worden door de ouders of voogd van schoolgaande kwetsbare kinderen in het kleuteronderwijs, het lager onderwijs of het secundair onderwijs, woonachtig in Deerlijk.
De kinderen moeten deel uitmaken van een gezin dat gekend is door een maatschappelijk werker of de brugfiguur van het lokaal bestuur.
Bedrag
Art. 4
De premie bedraagt:
Kleuteronderwijs | 75 euro |
Lager onderwijs | 100 euro |
Secundair onderwijs | 125 euro |
Deze gemeentelijke ondersteuningstoelage wordt per kind per schooljaar toegekend.
Wijze van bepaling van het premiebedrag
Art. 5
De maatschappelijk werker of de brugfiguur van het lokaal bestuur maken een inschatting van de leefsituatie van het betrokken gezin.
De aanvragen worden ter goedkeuring voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Aanvraag- en toekenningsprocedure
Art. 6
Een aanvraagformulier wordt door de maatschappelijk werker of de brugfiguur ingevuld en de nodige bewijsstukken worden toegevoegd. Meerdere aanvragen kunnen in de loop van het schooljaar worden ingediend met dien verstande dat de tussenkomst nooit hoger kan zijn dan het maximum premiebedrag per schooljaar.
Op het einde van iedere maand worden de aanvragen genoteerd en ter goedkeuring voorgelegd op de eerstvolgende vergadering van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
De voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst kan in geval van hoogdringendheid de aanvraag goedkeuren. Hij moet die beslissing vervolgens ter bekrachtiging voorleggen op de eerstvolgende vergadering van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Na goedkeuring worden de aanvragen doorgestuurd naar de financiële dienst voor uitbetaling.
Sancties
Art. 7
In geval van misbruik kunnen sancties worden opgelegd. Deze kunnen resulteren in het terugbetalen van de gemeentelijke ondersteuningstoelage voor kinderen of het recht ontzeggen voor de aanvraag van de gemeentelijke ondersteuningstoelage voor kinderen voor het volgende schooljaar en dit voor alle kinderen binnen eenzelfde gezin.
Hierover dient het bijzonder comité voor de sociale dienst een gemotiveerde beslissing te nemen.
Betwistingen
Art. 8.
Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding
Art. 9.
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 februari 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Art. 10.
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 31 maart 2022 houdende de vaststelling van het reglement 'Gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen' wordt opgeheven vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavig reglement.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.7. Reglement - Dienstencheque-onderneming OCMW Deerlijk - verzoek agendering raad voor maatschappelijk welzijn - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.8. Dienstencheque-onderneming - onthaalbrochure voor poetsmedewerkers + checklist huisbezoeken - Kennisname
Aanleiding en context
Naar aanleiding van de overschakeling van onze huidige poetsdienst naar een poetsdienst met dienstencheques werd een onthaalbrochure voor poetsmedewerkers opgesteld, alsook een checklist voor bij huisbezoeken. Het Vast Bureau wordt gevraagd hiervan kennis te nemen.
Motivering
De overschakeling naar een poetsdienst met dienstencheques brengt heel wat administratieve en organisatorische veranderingen met zich mee.
Om onze poetsmedewerkers optimaal te ondersteunen in deze overgang, werd een uitgebreide onthaalbrochure opgesteld. Deze brochure bevat alle essentiële informatie die zij nodig hebben om hun taken correct en efficiënt uit te voeren. Denk hierbij aan praktische richtlijnen, contactgegevens, afspraken rond werkuren en procedures bij vragen of problemen. Op die manier zorgen we ervoor dat elke medewerker goed geïnformeerd en zelfverzekerd aan de slag kan.
Daarnaast introduceert de nieuwe werkwijze ook een verplichting tot het opmaken van een checklist bij huisbezoeken. Deze checklist dient meerdere doelen:
● Inventariseren van het beschikbare materiaal bij de gebruiker.
● Inzicht krijgen in de algemene toestand van de woning, zodat de poetsmedewerker weet wat te verwachten.
Na het invullen van de checklist en de goedkeuring door de teamcoach thuiszorg, kan de gebruiker officieel beroep doen op de poetsdienst. Op dat moment ontvangt hij of zij ook het reglement, waarin alle afspraken en voorwaarden duidelijk beschreven staan. Dit zorgt voor transparantie en voorkomt misverstanden, zowel voor de gebruiker als voor de medewerker.
Beide documenten zijn levende document: dat houdt in dat ze regelmatig zullen geüpdatet worden.
Met deze maatregelen willen we een vlotte overgang garanderen, waarbij zowel medewerkers als gebruikers zich ondersteund en goed geïnformeerd voelen.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84, Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau neemt kennis van de onthaalbrochure voor poetsmedewerkers van de dienstencheque-onderneming OCMW Deerlijk,
Artikel 2
Het vast bureau neemt kennis van de checklist die gebruikt wordt bij huisbezoeken.
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.9. Vrijwilligers Sociaal Huis - terugbetaling griepvaccin - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.10. SD - Verlenging bezettingsovereenkomst noodwoning Ververijstraat 14 - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
C.11. SD - Verlenging tijdelijke bezettingsovereenkomst doorgangswoning Paandersstraat 53D - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
D.1. SD - Verlenging bezettingsovereenkomst LOI-woning - Kapel-ter-Rustestraat 23 - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 14 JANUARI 2026
D.2. OCMW-raad van 29 januari 2026 - agendapunten - verzoek agendering - goedkeuring
Aanleiding en context
De agenda van de OCMW-raad bevat in ieder geval de punten die door het vast bureau aan de voorzitter worden meegedeeld.
Het vast bureau wordt gevraagd de agenda voor de komende OCMW-raad te overlopen.
Motivering
Het vast bureau overloopt de voorziene punten voor de OCMW-raad van 29 januari 2026.
Er zijn geen adviezen nodig.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 77 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 19 en 74 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit de voorzitter van de OCMW-raad te verzoeken om volgende punten te agenderen op de OCMW-raad van 29 januari 2026:
OPENBARE ZITTING
● Raad voor maatschappelijk welzijn - 18 december 2025 - notulen en audio-opname - goedkeuring
● Evaluatieverslag - welzijnsvereniging W13 - goedkeuring
● Update samenwerkingsprotocol vzw Schuldbemiddeling - goedkeuring
● Huishoudelijk reglement + procedure wanbetalers - dienstencheque-onderneming - goedkeuring
● Premiereglement - Arbeidszorg - goedkeuring
● Reglement - tussenkomst in de begrafenis- en crematiekosten van een behoeftig persoon - goedkeuring
● Reglement - gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen - goedkeuring
● Woonwijs - vertegenwoordiger beheerscomité - legislatuur 2025-2030 - vervanging - goedkeuring
● W13 - (B)AV en Raad van Bestuur - vervanging vertegenwoordiger - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.