Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.1. Vast bureau - verslag van de zitting van 21 oktober 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd het verslag van de vorige zitting goed te keuren.
Motivering
Het vast bureau overloopt het verslag van de zitting van 21 oktober 2026.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 83, § 5 Decreet Lokaal Bestuur
Adviezen
Er zijn geen adviezen nodig.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau besluit het verslag van de zitting van 21 oktober 2026 goed te keuren.
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.2. Personeel - werk- en verlofregeling 2027 - aanpassing - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau dient het schema inzake werk- en verlofregeling voor volgend jaar opnieuw goed te keuren.
Motivering
De werk- en verlofregeling voor 2027 is opgemaakt rekening houdend met de feestdagen en collectieve verloven in 2027.
Het MAT nam hiervan akte en er werd een positief protocol bereikt met de syndicale afvaardiging.
Het schema is te vinden in bijlage.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau keurt de werk- en verlofregeling 2027, die ne varietur wordt toegevoegd, goed.
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.3. Principiële goedkeuring voor het voorzien van internet als basisvoorziening in crisis- en doorgangswoningen - goedkeuring
Aanleiding en context
Het vast bureau wordt gevraagd principieel goedkeuring te verlenen om in alle crisiswoningen en doorgangswoningen een internetaansluiting te voorzien.
Motivering
Het sociaal huis beschikt over verschillende crisis- en doorgangswoningen die tijdelijk ter beschikking worden gesteld aan personen of gezinnen die zich in een precaire woonsituatie bevinden. Hierbij wordt gestreefd naar een uniform aanbod van basisvoorzieningen binnen het volledige patrimonium.
Internettoegang is vandaag uitgegroeid tot een essentiële basisvoorziening en vormt voor veel burgers een noodzakelijke voorwaarde om volwaardig te kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven. Tal van diensten en administratieve processen verlopen digitaal, waardoor een internetverbinding steeds meer een basisbehoefte is geworden.
Voor bewoners van crisis- en doorgangswoningen is een internetverbinding bovendien een belangrijk instrument in het begeleidingstraject. Via internet kunnen zij onder meer contact onderhouden met hulpverleningsdiensten, gebruikmaken van digitale overheidsdiensten, vacatures raadplegen, sollicitaties indienen, communiceren met scholen, zorgverleners en andere maatschappelijke diensten, en actief verder zoeken naar een duurzame woonoplossing.
Het voorzien van internet draagt bijgevolg bij aan de maatschappelijke participatie, digitale inclusie en zelfredzaamheid van de bewoners. Het sociaal huis beschouwt internet daarom als een essentiële nutsvoorziening die, naast water, elektriciteit en verwarming, een menswaardig verblijf ondersteunt.
Daarnaast wordt in de praktijk vastgesteld dat de verblijfsduur in crisis- en doorgangswoningen vaak beperkt is. Hierdoor is het niet steeds haalbaar om voor iedere nieuwe bewoner afzonderlijk een internetaansluiting aan te vragen en te laten activeren door een externe telecomoperator. De doorlooptijd voor installatie en activering neemt regelmatig een aanzienlijk deel van de verblijfsperiode in beslag, waardoor bewoners gedurende een periode zonder internetverbinding verblijven.
Door standaard een internetaansluiting te voorzien in alle crisis- en doorgangswoningen wordt een gelijkwaardige dienstverlening gegarandeerd en wordt vermeden dat bewoners afhankelijk zijn van de timing van externe leveranciers. Bovendien zorgt deze werkwijze voor een administratieve vereenvoudiging en een efficiënter beheer van de betrokken woningen.
De kosten verbonden aan het internetabonnement zullen worden opgenomen in de bezettingsvergoeding of verblijfsvergoeding die door de bewoner wordt betaald.
Om maximaal in te zetten op toekomstgerichte infrastructuur wordt bij nieuwe aansluitingen prioritair gekozen voor een glasvezelaansluiting wanneer deze beschikbaar is op het betrokken adres. Indien een glasvezelaansluiting niet mogelijk is, wordt gekozen voor de meest geschikte alternatieve aansluiting via het bestaande netwerk van Proximus of Telenet, rekening houdend met een eventuele toekomstige omschakeling naar glasvezel.
Er wordt uitsluitend een internetverbinding voorzien. Televisiediensten, streamingdiensten of andere aanvullende pakketten maken geen deel uit van het aanbod.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen en latere wijzigingen.
○ Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
○ Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Financiën
De financiële impact van de beslissing is nog niet gekend.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau keurt principieel goed dat in alle crisiswoningen en doorgangswoningen een internetaansluiting wordt voorzien als onderdeel van het standaardaanbod aan bewoners.
Artikel 2
Bij de keuze van een internetaansluiting wordt prioritair gekozen voor een glasvezelaansluiting wanneer deze beschikbaar is op het betrokken adres. Indien geen glasvezelaansluiting beschikbaar is, wordt gekozen voor de meest geschikte alternatieve aansluiting, rekening houdend met een eventuele toekomstige omschakeling naar glasvezel.
Artikel 3
De kosten verbonden aan de internetaansluiting worden opgenomen in de bezettingsvergoeding of verblijfsvergoeding die aan de bewoners wordt aangerekend overeenkomstig de geldende afspraken en overeenkomsten.
Artikel 4
Het vast bureau machtigt de ICT-dienst om, in overleg met de dienst wonen, de noodzakelijke handelingen te stellen voor het afsluiten, wijzigen, overnemen, activeren en stopzetten van internetabonnementen in functie van het gebruik van de crisis- en doorgangswoningen, binnen de beschikbare kredieten en overeenkomstig de geldende regelgeving.
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.4. Reglement - seniorenwoningen - verzoek tot agendering raad voor maatschappelijk welzijn - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan het vast bureau wordt gevraagd om de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn te verzoeken het reglement "Seniorenwoningen" ter goedkeuring voor te leggen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een nieuw reglement.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
● Er was nood aan een kader voor de verdere verhuring van de seniorenwoningen die we vanuit het lokaal bestuur in onze eigendom hebben.
Conform artikel 78, tweede lid, 17°/1 Decreet Lokaal Bestuur behoort het vaststellen van de machtiging tot het heffen van de retributies en de voorwaarden ervan, inclusief verminderingen en vrijstellingen, tot de exclusieve bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgend advies van clusterhoofd Burger en Welzijn werd verleend: positief.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 78, § 2, 17°/1 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De financiële impact van de beslissing is nog niet gekend.
BESLUIT
Artikel 1
Het vast bureau verzoekt de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn om volgend reglement ter goedkeuring voor te leggen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn:
REGLEMENT Seniorenwoningen
Bevoegdheid en doel
Art. 1 - Dit reglement is van toepassing op alle seniorenwoningen in eigendom van het lokaal bestuur Deerlijk.
Art. 2. - Een seniorenwoning is een woning die door het OCMW wordt verhuurd aan ouderen die zelfstandig kunnen wonen, met als doel het bevorderen van zelfstandig en kwaliteitsvol wonen, woonzekerheid en ondersteuning.
Zelfstandig wonen betekent dat de bewoner de dagelijkse activiteiten, zoals persoonlijke verzorging, huishoudelijke taken en het beheer van het eigen leven, voldoende zelfstandig kan opnemen, eventueel met beperkte ondersteuning van familie, mantelzorgers of professionele diensten, maar zonder permanente hulp of voortdurend toezicht nodig te hebben.
Doelgroep en voorwaarden
Art. 3 - Toewijs van een seniorenwoning is mogelijk voor alle mensen van 65 jaar of ouder. Daarbij maken we geen onderscheid naar ideologie, overtuiging, godsdienst, afkomst, financiële draagkracht, enzovoort.
Art. 4. – Er wordt een wachtlijst bijgehouden van de aanvragen in chronologische volgorde volgens datum van aanvraag. Het aanvraagformulier wordt ingevuld en ondertekend door de aanvrager waarbij de voorwaarden vermeld in hiernavolgend artikel 5 en 6 duidelijk vermeld worden. Een kopie van het aanvraagformulier wordt na ondertekening meegegeven met de aanvrager als bewijs van inschrijving.
Art. 5. - De kandidaat-huurder dient aan de volgende algemene voorwaarden te voldoen op de datum van de aanvraag van de seniorenwoning:
● leeftijdsvoorwaarde : één van beide partners voldoet aan de leeftijd van 60 jaar
● verblijfsvoorwaarde : één van beide partners verblijft op datum van aanvraag minimum de laatste vijf jaar in de gemeente of de kandidaat-huurder kan minimum 20 jaar domiciliëring in Deerlijk aantonen in de loop van zijn leven.
● geschiktheidsvoorwaarde: één van beide partners kan nog zelfstandig wonen
Art. 6. - De kandidaat-huurder dient aan de volgende algemene voorwaarden te voldoen op datum van de toewijzing van de seniorenwoning:
● leeftijdsvoorwaarde : één van beide partners is minimum 65 jaar
● eigendomsvoorwaarde: de kandidaat huurder(s) heeft/hebben geen zakelijk recht op een onroerend pand noch inkomsten uit huurpanden (bv. via vruchtgebruik) (bewijs via verklaring op erewoord). Indien ze dit wel hebben, dan moet hier binnen het jaar verandering in komen. Een uitzondering kan worden gemaakt voor mede-eigendom of kleine panden (bv. garage). Het vast bureau beslist over een mogelijke uitzondering.
Van deze voorwaarden kan enkel afgeweken worden na een gemotiveerde beslissing van het vast bureau.
Art. 7. - De kandidaat-bewoner aanvaardt dit reglement en de huurovereenkomst.
Art. 8. - Het OCMW kan, naast het aanbieden van een seniorenwoning, extra sociale begeleiding aanbieden ter ondersteuning.
Inschrijving wachtlijst en toewijs
Art. 9. - Het verzoek voor het huren van een seniorenwoning dient bij de sociale dienst van het OCMW te worden ingediend. De sociale dienst voert een sociaal en financieel onderzoek uit naar elke kandidaat-huurder om zich ervan te vergewissen dat de kandidaat voldoet aan de voorwaarden om zich in te schrijven op de wachtlijst.
Art.10. - Als de kandidaat-huurder aan de voorwaarden voldoet zoals beschreven in punt 5 van dit reglement, wordt er een aanvraagformulier opgemaakt. Hierbij dient de kandidaat-huurder volgende gegevens door te geven:
● Naam en voornaam, adres, telefoonnummer en rijksregisternummer.
De kandidaat-huurder en de medewerker van de sociale dienst ondertekenen beiden het inschrijvingsformulier. De kandidaat–huurder krijgt een kopie van het ondertekende inschrijvingsformulier mee.
Art. 11. - De inschrijving op de wachtlijst voor een seniorenwoning wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst.
Art. 12. - De toewijs voor een seniorenwoning wordt ter goedkeuring voorgelegd op het vast bureau.
Art. 13. - Bij toewijzing van een seniorenwoning wordt elke aanvraag op de lijst, waarvan de aanvrager niet aan de toewijzingsvoorwaarden voldoet, overgeslagen.
Art. 14. - Na een eerste weigering duurt het minimaal één jaar vooraleer de kandidaat huurder opnieuw kan worden aangeschreven. Na een tweede weigering wordt de kandidaat huurder uit de wachtlijst uitgeschreven. De kandidaat kan zich opnieuw inschrijven na een wachtperiode van drie maanden.
Art. 15. - Kandidaten of bewoners zijn verplicht relevante wijzigingen tijdig te melden, zoals:
○ een wijziging van rekeningnummer;
○ een wijziging van contactgegevens;
○ wijzigingen in de gezinssituatie;
○ andere wijzigingen die van belang kunnen zijn voor het dossier
○ …
Schrapping wachtlijst
Art. 16. - Een kandidaat-huurder die op de wachtlijst staat, kan in volgende gevallen geschrapt worden:
● De kandidaat-huurder geeft schriftelijk te kennen dat hij/zij niet meer op de wachtlijst wil staan. De kandidaat wordt onmiddellijk geschrapt. Na de schriftelijke vraag tot schrapping behoudt de kandidaat-huurder geen rechten meer op de originele plaats op de wachtlijst. Hij/zij kan zich op een later tijdstip wel terug kandidaat stellen maar wordt dan terug onderaan de wachtlijst gezet.
● Wanneer een alleenstaande kandidaat overlijdt, wordt hij geschrapt van de wachtlijst. Wanneer de overledene een feitelijk gezin vormde met een nog levende partner, wordt zijn/haar kandidatuur overgedragen op die partner indien die voldoet aan de voorwaarden zoals beschreven in artikel 5 van dit reglement.
● Na een tweede weigering (zie art. 14)
Overgangsregeling wachtlijst
Art. 17. - De huidige wachtlijst wordt behouden. Dit houdt in dat de mensen die op de wachtlijst stonden voor de werking van dit nieuwe reglement en niet voldoen aan de nieuwe voorwaarden toch hun plaats op de wachtlijst kunnen behouden. Dit nieuwe reglement is enkel van toepassing op nieuwe aanmeldingen.
De woning
Art. 18. - De woning is hoofdverblijfplaats en mag niet onderverhuurd worden.
Art. 19. - Enkel bewoners vermeld in de huurovereenkomst mogen de woning bewonen.
Art. 20. - De huurder onderhoudt de woning als een voorzichtige en redelijke persoon..
Art. 21. - Structurele wijzigingen zijn verboden zonder voorafgaande toestemming van het vast bureau.
Art. 22. - Er vindt een plaatsbeschrijving plaats bij in- en uittrede uit de seniorenwoning
Art. 23. -De herstellingen en het gering onderhoud vallen ten laste van de huurder. Deze omvatten onder meer :
● het jaarlijks vegen van de gebruikte schoorstenen;
● onderhoud van alle verwarmings-, elektriciteits- en gasinstallaties;
● onderhoud van de sanitaire installaties;
● onderhoud van de aflopen en afwateringen;
● vervanging van gebroken ruiten;
● onderhoud van muur- en vloerbekleding, alsook van deuren, vensters, rolluiken, sloten, enz.;
● onderhoud van de tuin;
● …
Alle andere herstellingen zijn ten laste van de verhuurder, onder meer deze te wijten aan normale slijtage, ouderdom, overmacht en gebreken in de gehuurde woning. De huurder dient de verhuurder in dit kader zo snel mogelijk na vaststelling op de hoogte te brengen.
Huurprijs en kosten
Art. 24. - De basishuurprijs bedraagt 450 euro per maand. Deze huurprijs kan éénmaal per jaar worden aangepast aan de index van de consumptieprijzen volgens de formule:
basishuurprijs x nieuw indexcijfer = aangepaste huurprijs
aanvangsindexcijfer
Art. 25. - De waarborg, door de huurder verschuldigd, bedraagt 3 maanden basishuurprijs. Dit dient te gebeuren via een geïndividualiseerde rekening op naam van de huurder bij een financiële instelling:
● De waarborg bedraagt 3 maanden basishuurprijs, zijnde 1.350 euro. De huurder kan aan die verplichting voldoen door deze geldsom in eenmaal te storten op een geïndividualiseerde rekening op zijn naam bij een financiële instelling naar keuze.
Beëindiging overeenkomst
Art. 26. - Het overlijden van de (langstlevende) bewoner stelt onmiddellijk en van rechtswege een einde aan de huurovereenkomst. Om de overeenkomst stop te zetten, moet het OCMW kunnen beschikken over een overlijdenscertificaat.
Art. 27. - Na de dag van het overlijden van de bewoner beschikken de nabestaanden over 10 dagen om de woning te ontruimen. Per dag dat deze termijn overschreden wordt, wordt een dagvergoeding van 20 euro aangerekend.
Art. 28. - De huurder kan te allen tijde de huurovereenkomst beëindigen met inachtneming van een opzeggingstermijn van 3 maanden. Beëindigt de huurder de huurovereenkomst echter in het eerste, tweede of derde jaar, dan dient hij de verhuurder bijkomend een vergoeding van respectievelijk 3, 2 of 1 maand huur te betalen.
De verhuurder kan ten alle tijde de huurovereenkomst beëindigen met inachtneming van een opzeggingstermijn van 6 maanden, indien hij de bedoeling heeft het goed persoonlijk te betrekken. Bij het verstrijken van het derde en het zesde jaar kan de verhuurder de huurovereenkomst beëindigen zo hij de bedoeling heeft belangrijke werken uit te voeren in het verhuurde goed, met inachtneming van een opzeggingstermijn van 6 maanden. Bij het verstrijken van het derde en het zesde jaar kan de verhuurder de huurovereenkomst beëindigen met inachtneming van een opzeggingstermijn van 6 maanden en betaling van de wettelijke vergoeding.
De opzegging gaat in de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de opzegging werd gedaan.
Betwistingen
Art. 29. - Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding
Art. 30. - Dit reglement treedt in werking vanaf 1 december 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.5. Tijdelijke bezettingsovereenkomst doorgangswoning - Ververijstraat 14 - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.6. Tijdelijke bezettingsovereenkomst doorgangswoning - Paanderstraat 53A - goedkeuring
Zitting van Vast bureau van 28 OKTOBER 2026
C.7. Bezetting crisiswoning - Lisstraat 13 - stopzetting - kennisname
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.