aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
1. Raad voor maatschappelijk welzijn - 18 december 2025 - notulen en audio-opname - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd de notulen en de audio-opname van de vorige zitting goed te keuren.
Motivering
Elk lid van de raad voor maatschappelijk welzijn heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de raad voor maatschappelijk welzijn worden aangenomen, worden de notulen en het zittingsverslag in die zin aangepast.
Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering, worden de notulen en het zittingsverslag als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur.
Artikel 278 van het Decreet Lokaal Bestuur bepaalt dat de raad voor maatschappelijk welzijn kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Juridische gronden
• Algemene basisbevoegdheid: Art. 74 Decreet Lokaal Bestuur
• Andere:
◦ Art. 32 en 278 Decreet Lokaal Bestuur
◦ Art. 32 en 33 Huishoudelijk reglement van de OCMW-raad
Adviezen
Er zijn geen adviezen nodig.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit de notulen van de zitting van 18 december 2025 goed te keuren.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit de audio-opname van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 december 2025 goed te keuren.
Artikel 2 aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Artikel 1 aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
2. Woonwijs - vertegenwoordiger beheerscomité - legislatuur 2025-2030 - vervanging - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd om naar aanleiding van de vervanging van Marleen Prat door Claude Croes als voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst en de hiermee gepaard gaande herverdeling van de schepenbevoegdheden, een nieuwe vertegenwoordiger van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn aan te duiden in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Motivering
Het OCMW is lid van de Interlokale Vereniging Wonen Deerlijk, Harelbeke, Kuurne, Lendelede en Zwevegem, thans Woonwijs genoemd, via bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst.
Punt 2.2. van bovenvermelde samenwerkingsovereenkomst stipuleert dat het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging is samengesteld uit:
● een lid van het college van burgemeester en schepenen van elke deelnemende gemeente, bij voorkeur bevoegd voor wonen, huisvesting, ruimtelijke ordening of welzijn;
● een lid van het vast bureau van elk deelnemend OCMW, bij voorkeur bevoegd voor welzijn of sociale zaken;
● één vertegenwoordiger van de provincie West-Vlaanderen.
Daarbij mag het lid van het vast bureau niet hetzelfde zijn als het lid van het college van burgemeester en schepenen.
De vertegenwoordigers van de gemeenten en de OCMW's zijn stemgerechtigd.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 27 maart 2025 werd mevrouw Marleen Prat, lid van het vast bureau, mede door haar bevoegdheid 'Wonen' en 'Welzijn', aangeduid als vertegenwoordiger van het OCMW in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de legislatuur 2025-2030.
In de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025 werd de heer Louis Vanderbeken, burgemeester, aangeduid als vertegenwoordiger in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de legislatuur 2025-2030.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 18 december 2025 kennis genomen van het ontslag van mevrouw Marleen Prat als voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst en bijgevolg als schepen en lid van het vast bureau, en de heer Claude Croes verkozen als nieuwe voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
In de gemeenteraadszitting van 18 december 2025 werd de heer Claude Croes aangeduid als eerste schepen. Zijn bevoegdheden, waaronder de bevoegdheden 'Wonen' en 'Welzijn' werden bepaald in zitting van het college van burgemeester en schepenen van 7 januari 2026.
Conform artikel 78, § 2, 5° van het Decreet Lokaal Bestuur behoort het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen, of het aanwijzen van leden van de rechtspersonen in verenigingen of vennootschappen voor maatschappelijk welzijn, tot de exclusieve bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Conform artikel 74 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt, over de aanwijzing van de leden van de bestuursorganen van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn en van de vertegenwoordigers van het OCMW in overlegorganen en in de organen van andere rechtspersonen en feitelijke verenigingen, geheim gestemd.
Het vast bureau heeft in zitting van 14 januari 2026 de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht om onderhavige materie te agenderen op de OCMW-raad van 29 januari 2026.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 77 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 34, art. 74, art. 78, art. 392 - 395 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
bij geheime stemming
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen
Artikel 2
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit om de heer/mevrouw XXX, lid van het vast bureau, aan te duiden als vertegenwoordiger (= stemgerechtigd lid) van het OCMW in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs, voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit een afschrift van deze beslissing over te maken aan de heer Pieter Vandeweghe, projectcoördinator van Woonwijs.
Artikel 3 aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Artikel 2 aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Artikel 1 aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
3. W13 - (B)AV en Raad van Bestuur - vervanging vertegenwoordigers - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan de OCMW-raad wordt gevraagd om
● een nieuwe eerste vertegenwoordiger aan te duiden in de algemene vergaderingen van de welzijnsvereniging W13 ;
● een nieuw stemgerechtigd lid aan te duiden in de Raad van Bestuur van W13;
voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030, ter vervanging van mevrouw Marleen Prat.
Motivering
Op 23 april 2015 werd de OCMW-vereniging genaamd ‘W13’ overeenkomstig titel VIII, hoofdstuk 1 van het OCMW-decreet met de OCMW’s van de gemeenten Avelgem, Anzegem, Deerlijk, Harelbeke, Kortrijk, Kuurne, Menen, Spiere-Helkijn, Waregem, Wervik, Wevelgem en Zwevegem en met het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk Zuid-West-Vlaanderen opgericht.
Op 2 juni 2017 werd de statutenwijziging van W13 goedgekeurd door de algemene vergadering van W13, in het kader van de toetreding door OCMW Wielsbeke.
Op 29 juni 2018 werd de statutenwijziging van W13 door de algemene vergadering goedgekeurd, in het kader van de aanpassing van de statuten aan het decreet van 21 december 2017 over het lokaal bestuur.
De Vlaams Minister van Binnenlands bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding keurde bij besluit van 24 januari 2019 de statuten van W13 goed.
Artikel 10 van de statuten van de vereniging bepaalt dat de algemene vergadering is samengesteld uit de afgevaardigden van de deelgenoten waarbij elke deelgenoot 2 afgevaardigden heeft.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 januari 2025 werd mevrouw Marleen Prat aangeduid als eerste vertegenwoordiger en mevrouw Katrien Vandenbogaerde als tweede vertegenwoordiger voor de (buitengewone) algemene vergaderingen van W13 voor de legislatuur 2025-2030.
Artikel 22, § 3 van de statuten van de vereniging bepaalt dat de raad van bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van de deelgenoten. Elke deelgenoot is vertegenwoordigd door één afgevaardigde met stemrecht die, voor wat betreft de publieke deelgenoten, bij voorkeur lid is van het vast bureau en verantwoordelijk is voor het lokaal sociaal beleid.
In de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 januari 2025 werd mevrouw Marleen Prat aangeduid als stemgerechtigd lid en de heer Karel Bauters als lid met raadgevende stem in de Raad van Bestuur van W13 voor de legislatuur 2025-2030.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 18 december 2025 kennis genomen van het ontslag van mevrouw Marleen Prat als voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst en bijgevolg als schepen, en de heer Claude Croes verkozen als nieuwe voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
In de gemeenteraadszitting van 18 december 2025 werd de heer Claude Croes aangeduid als eerste schepen en bijgevolg lid van het vast bureau. De heer Claude Croes is bevoegd voor het lokaal sociaal beleid, conform de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 7 januari 2026.
Conform artikel 78, § 2, 5° van het DLB behoort het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen, of het aanwijzen van leden van de rechtspersonen tot de exclusieve bevoegdheid van de OCMW-raad.
Conform artikel 74 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt over de aanwijzing van de leden van de bestuursorganen van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn en van de vertegenwoordigers van het OCMW in overlegorganen en in de organen van andere rechtspersonen en feitelijke verenigingen, geheim gestemd.
Het vast bureau heeft, in zitting van 14 januari 2026, de voorzitter van de OCMW-raad verzocht om onderhavige materie te agenderen op de OCMW-raad van 29 januari 2026.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 78, § 2, 5° Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 6, 68, 474, § 1 en 484 Decreet Lokaal Bestuur
○ Statuten W13
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
bij geheime stemming
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen
Artikel 2
bij geheime stemming
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen
Artikel 3
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De OCMW-raad besluit de heer/mevrouw XXX aan te duiden als eerste vertegenwoordiger op de (buitengewone) algemene vergaderingen van W13 voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030, ter vervanging van mevrouw Marleen Prat.
Artikel 2
De OCMW-raad besluit de heer/mevrouw XXX, schepen van xxx, aan te duiden als kandidaat-stemgerechtigd lid in de Raad van Bestuur van W13, voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030, ter vervanging van mevrouw Marleen Prat.
Artikel 3
De OCMW-raad besluit het vast bureau te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennis hiervan te verrichten aan W13 (contactpersoon: axel.vandenheede@welzijn13.be).
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
4. Evaluatieverslag - welzijnsvereniging W13 - goedkeuring
Aanleiding en context
Overeenkomstig artikel 492, 3e lid van het decreet lokaal bestuur moet elke welzijnsvereniging in de loop van het eerste jaar na de volledig vernieuwing van de raden voor maatschappelijk welzijn een evaluatieverslag voorleggen aan de raad voor maatschappelijk welzijn. Dit verslag omvat een evaluatie van de verzelfstandiging waarover de raad voor maatschappelijk welzijn zich binnen de drie maanden uitspreekt.
Motivering
Het evaluatieverslag van de werking van W13 werd voorgelegd aan en goedgekeurd door de raad van bestuur van W13 op 21 november 2025 naar aanleiding van de nieuwe legislatuur 2026-2031.
Het evaluatieverslag bestaat uit:
● een inhoudelijke evaluatie van het meerjarenplan 2020-2025 op basis van de statuten, operationele doelstellingen en acties rond zorg, armoedebestrijding met energie, wonen en werk als thema’s, genetwerkt leren en een daadkrachtige en innoverende organisatie.
● een financiële evaluatie van 2020-2025.
Op basis van deze evaluatie werd in samenwerking met de deelgenoten een nieuw meerjarenplan met prioriteiten voor 2026-2031 opgemaakt.
Het vast bureau heeft voorliggend evaluatieverslag besproken in zitting van 7 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84, §1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 492 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het evaluatieverslag van welzijnsvereniging W13 naar aanleiding van de nieuwe legislatuur 2026-2031 goed.
Artikel 2
Een afschrift van de goedkeuring wordt bezorgd aan de directeur van W13 tegen ten laatste 10 februari 2026.
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
5. Update samenwerkingsprotocol vzw Schuldbemiddeling - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd de update van het samenwerkingsprotocol tussen de gemeente Deerlijk en de vzw Schuldbemiddeling goed te keuren.
Motivering
Het OCMW Deerlijk werd erkend als instelling voor schuldbemiddeling bij het Ministerieel besluit van 22 juni 1998.
Het OCMW ondertekende op 23 mei 2005 een samenwerkingsprotocol houdende oprichting van een regionale dienst Schuldbemiddeling onder de benaming vzw Schuldbemiddeling.
Het OCMW Deerlijk doet reeds heel wat jaren beroep op de vzw Schuldbemiddeling in het kader van de dossiers collectieve schuldenregeling en schuldbemiddeling in dossiers budgetbeheer en -begeleiding.
Het samenwerkingsprotocol tussen de vzw Schuldbemiddeling en de verschillende gemeenten waarmee ze samenwerken kreeg een update. Dit werd op 18 november 2025 besproken op de Algemene Vergadering van de vzw Schuldbemiddeling.
De vzw Schuldbemiddeling vraagt om deze update te laten goedkeuren in de betreffende gemeentes.
Aanpassing samenwerkingsprotocol:
● Punt 1: alle aangesloten besturen worden vermeld – in het oude protocol waren dat enkel de ‘stichtende’ leden.
● Punt 5: taken van de vzw werden uitgebreid (o.a. juridische eerstelijnsbijstand)
● Punt 7: nieuw punt aansprakelijkheid
● Punt 8: financiering – actualisatie bedrag werkingsbijdragen.
Het vast bureau heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 14 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit punt te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 77, § 2 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 286 § 2, 287, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de bijgevoegde update van het samenwerkingsprotocol met de vzw Schuldbemiddeling goed.
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
6. Premiereglement - Arbeidszorg - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd het premiereglement "arbeidszorg" goed te keuren met ingang van 1 februari 2026 en eindigend op 31 december 2031.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een nieuw reglement.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
● In het kader van activering en tewerkstelling willen we mensen belonen voor de wil om te werken en op die manier hun leven zinvoller uit te bouwen.
Conform artikel 78, tweede lid, 17° Decreet Lokaal Bestuur behoort het vaststellen van subsidiereglementen en het toekennen van nominatieve subsidies tot de exclusieve bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het vast bureau heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 7 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgend advies van clusterhoofd Burger en Welzijn werd verleend: positief
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 78, § 2, 3° Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 286 § 2, 287, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
Er is geen financiële impact.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit voorliggend reglement als volgt vast te stellen:
PREMIEREGLEMENT arbeidszorg
Wat
Art. 1. - Arbeidszorg is een methodiek waarbij mensen die omwille van een cognitieve, medische, psychische, psychiatrische en/of sociale (CMPPS) uitdaging (nog) niet (meer) op de betaalde arbeidsmarkt terecht kunnen, onbetaalde arbeid verrichten waarbij ze intensief begeleid worden op vlak van werk en op vlak van zorg.
Art. 2. - Arbeidszorg bevindt zich op trede 3 en trede 4 van de activeringsladder. De activeringsladder is een instrument, dat door de Vlaamse overheid werd ingeroepen om iemands actuele participatieniveau in de maatschappij vast te leggen en van daaruit te helpen bepalen hoe iemands participatieniveau op maat van individuele competenties verhoogd kan worden.
Art. 3. - Arbeidszorg kan verschillende vormen aannemen:
● ArbeidsMatige Activiteiten (AMA) WVG;
● ArbeidsMatige Activiteiten (AMA) WSE;
● Begeleid werken;
● Zorgboerderij;
● …
Art. 4. - De doelgroepmedewerkers behouden hierbij hun uitkering. Deze arbeid is zinvol, biedt structuur, geeft de mogelijkheid tot zelfontplooiing en verruimt de sociale contacten van een kwetsbare groep binnen onze samenleving.
Doel tussenkomst
Art. 5. - De tussenkomst door OCMW Deerlijk is een beloning voor de wil om te werken en hun leven zinvoller uit te bouwen. Ongeveer de helft van deze doelgroep heeft een inkomen dat onder de armoedegrens ligt. Maar door de aard en de combinatie van hun problematiek is de stap naar een bezoldigde arbeid te groot en te moeilijk.
Voorwaarden voor een tussenkomst in arbeidszorg
Art. 6. -
● de aanvrager is gedomicilieerd in Deerlijk;
● de aanvrager heeft de leeftijd van 65 jaar nog niet bereikt;
● inkomen van de aanvrager ligt onder de armoedegrens;
● aanvrager is verbonden aan een erkende arbeidszorgorganisatie.
Arbeidszorgorganisatie
Art. 7. - Arbeidszorg bevindt zich op het continuüm tussen zorg en arbeid, waarbij de nadruk kan overhellen naar één van beide naargelang de vraag en de mogelijkheden van de arbeidszorgmedewerker.
Art. 8. - Arbeidszorg realiseert voor ieder mens het recht op arbeid en biedt hem/haar de kans te genieten van de latente functies van arbeid zonder de nadelen of de risico’s die verbonden zijn aan een arbeidsovereenkomst. Het verhoogt zo het algemeen welzijn en de maatschappelijke integratie van de arbeidszorgmedewerker.
Art. 9. - Een arbeidszorgorganisatie dient aan verschillende criteria te voldoen, alvorens men zich effectief kan laten benoemen als een arbeidszorgorganisatie. Men hanteert volgende criteria:
● biedt onbezoldigde arbeid op maat van de doelgroepmedewerker;
● biedt zorg op maat van de doelgroepmedewerker;
● biedt arbeid en zorg aan op vrijwillige, maar niet vrijblijvende basis van de arbeidszorgmedewerker;
● werkt trajectmatig met elke doelgroepmedewerker;
● biedt een niet-categoriaal aanbod aan activiteiten aan voor de doelgroep;
● werkt inclusief: niemand wordt op basis van zijn of haar statuut uitgesloten;
● is ingebed in een regionaal netwerk. Samenwerken is essentieel om de juiste persoon het juiste aanbod te geven en de juiste zorg te verstrekken.
Art. 10. - Er zijn meerdere arbeidszorgorganisaties binnen de provincie West-Vlaanderen, hieronder worden enkele opgesomd waarvoor een tewerkstelling binnen deze organisaties, in aanmerking komen voor een tussenkomst in arbeidszorg door het OCMW Deerlijk.
● Ac Travo (Eigen Woonst vzw) – Menen
● Activiteitencentrum de Rinkel (VZW De Luifel) – Tielt
● Arbeidszorgcentrum Domino – Kortrijk
● De Groene Kans – Diksmuide
● De Kringloopwinkel – Heule, Brugge of de Kust
● De Lochting – Roeselare
● De Oesterbank – Oostende
● Duin en Polder – Diksmuide
● ….
Deze lijst is niet-limitatief.
Financiële tussenkomst
Art. 11. - De aanvrager ontvangt van OCMW Deerlijk een financiële steun van 1 euro per gepresteerd uur in een arbeidszorgorganisatie, na toekenning door het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Art. 12. - De tussenkomst wordt verleend per kwartaal. De lijsten worden bezorgd door de erkende arbeidszorgorganisaties ten aanzien van het OCMW, die daaropvolgend de lijst met personen en uren van tewerkstelling door het bijzonder comité voor de sociale dienst laat goedkeuren.
Art. 13. - Het recht op de tussenkomst stopt op het moment dat de begunstigde:
● de leeftijd van 65 jaar bereikt;
● verhuist buiten de gemeente;
● overlijdt;
● niet langer verbonden is aan een erkende arbeidszorgorganisatie;
● zijn inkomen zich boven de armoedegrens bevindt.
Betwistingen
Art. 14. - Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding en geldigheidstermijn
Art. 15. - Het reglement treedt in werking op 1 februari 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Artikel 2
Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 3
Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur treedt onderhavig reglement in werking op 1 februari 2026.
Artikel 4
Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.
Artikel 5
Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
7. Reglement - Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftig persoon - goedkeuring
Aanleiding en context
De raad voor maatschappelijk welzijn wordt verzocht het reglement inzake de tussenkomst in de begrafenis- en crematiekosten van een behoeftige persoon goed te keuren.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een verlenging van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van26 november 2020.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
Als iemand komt te overlijden wordt in eerste instantie verwacht dat de nabestaanden zich over de uitvaart bekommeren.
Als een behoeftige komt te overlijden en geen nabestaanden nalaat of nabestaanden dit niet opnemen, moet hij wettelijk op een behoorlijke en menswaardige manier begraven worden. Sinds het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen is de lijkbezorging een taak van de gemeente. In Deerlijk staat het OCMW hiervoor in.
Het OCMW werd in het verleden al meermaals geconfronteerd met een begrafenis of crematie van behoeftigen. Voor iedere situatie moet er steeds een sociaal en financieel onderzoek gebeuren.
Met het oog op dergelijke begrafenis of crematie en het voeren van het sociaal en financieel onderzoek is het opportuun gebruik te maken van een reglement waarin alle modaliteiten zijn opgenomen die van toepassing zijn voor de gemeente Deerlijk.
Het vast bureau heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 14 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgend advies van clusterhoofd Burger en Welzijn werd verleend: positief
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Organieke OCMW wet van 8 juli 1976
○ Decreet op de begraafplaatsen van 16 januari 2004
○ Art. 286 § 2, 287, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële impact.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit voorliggend reglement als volgt vast te stellen:
REGLEMENT
Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftige persoon
Bevoegdheid
Art. 1.-
● De bevoegde gemeente is de gemeente waar de overledene op het moment van overlijden staat ingeschreven in het bevolkings-, wacht- of vreemdelingenregister. Die gemeente draagt dan ook de kosten.
● Als de overledene nergens meer was ingeschreven, is de gemeente van de plaats van overlijden bevoegd.
● Als een nabestaande van de overledene de uitvaart van de behoeftige persoon wenst te regelen maar onvermogend is, kan hij de hulp inroepen van het OCMW van zijn gewoonlijke verblijfplaats. Het OCMW voert een sociaal en financieel onderzoek naar de situatie van de nabestaande die een aanvraag tot tussenkomst stelt.
● Als een behoeftige op het ogenblik van het overlijden gedomicilieerd staat in een instelling, maar voor zijn opname in deze instelling gedomicilieerd stond in de gemeente Deerlijk, worden de begrafenis- en crematiekosten na een sociaal en financieel onderzoek ten laste genomen door het OCMW Deerlijk.
Betrokkenen
Sociaal Huis
Art. 2. - De maatschappelijk werker van het Sociaal Huis staat in voor de intake van de hulpvrager. In dit geval kan dit (één van de) nabestaande(n) zijn of een sociale organisatie. De maatschappelijk werker zorgt daarnaast voor het contact met de begrafenisondernemer.
Begrafenisonderneming
Art. 3. - Het Sociaal Huis Deerlijk werkt niet samen met een vaste begrafenisondernemer. De dichtstbijzijnde begrafenisonderneming zal instaan voor de begrafenis (in Deerlijk). Voor de verdere praktische regeling van de uitvaart spreekt de maatschappelijk werker persoonlijk en rechtstreeks af met hen.
Sociaal netwerk
Art. 4. - Het sociaal netwerk van de persoon in kwestie is van groot belang voor het organiseren van de begrafenis. In samenspraak met het sociaal netwerk wordt bekeken welke opties er zijn en in welke mate het OCMW hierin kan ondersteunen.
Doelstelling
Art. 5. - Het doel van een financiële tussenkomst in de begrafeniskosten is om een persoon een sereen en mooi afscheid te bieden, wanneer dit financieel niet haalbaar blijkt voor de persoon in kwestie met of zonder sociaal netwerk.
Procedure
Aanvraag
Art. 6. - De aanvraag tot tussenkomst in de begrafenis- of crematiekosten moet gebeuren
voorafgaandelijk aan de begrafenis of crematie, bij het bevoegde OCMW.
Timing
Art. 7. - De aanvraag wordt zo snel mogelijk gericht aan het OCMW en uiterlijk binnen de 48 uren of op de eerstvolgende werkdag na het overlijden van de behoeftige persoon. Van deze termijn kan uitzonderlijk worden afgeweken mits motivatie.
Art. 8. - Indien de nabestaande(n) beslist/beslissen om de begrafenis te regelen met de
begrafenisondernemer zonder het OCMW hiervan vooraf te verwittigen, wordt men geacht zelf
verantwoordelijk te zijn voor het betalen van de kosten.
Organisatie begrafenis
Art. 9. - De begrafenis dient te worden opgenomen door de dichtstbijzijnde
begrafenisondernemer. Mits motivatie kan hiervan worden afgeweken.
Financiële tussenkomst in geval van spaargelden of nabestaande(n)
Art. 10. - De beslissing om tussen te komen in de begrafenis- en crematiekosten wordt voorafgegaan door een sociaal en financieel onderzoek. Er zal steeds nagegaan worden in welke mate de nabestaanden in de mogelijkheid zijn/bereid zijn om de begrafenis te regelen en de kosten te betalen. In eerste instantie zullen de beschikbare (spaar)gelden van de overledene, worden aangewend om de kosten te betalen. Als de erfenis verworpen wordt door de erfgenamen, dient dit aangetoond te worden met een attest uit het register der akten van aanvaardingen en verzakingen aan nalatenschappen en gemeenschappen, gehouden ter griffie der rechtbank van eerste aanleg. Bij het ontbreken van dit attest zullen de kosten alsnog op de erfgenamen verhaald worden.
Financiële tussenkomst in geval van geen spaargelden of nabestaande(n)
Art. 11. -
● Het OCMW contacteert de dichtsbijzijnde begrafenisondernemer.
● Het OCMW brengt de betrokken begrafenisondernemer per e-mail op de hoogte van dit reglement.
● De begrafenisondernemer maakt een offerte op van de onkosten en bezorgt deze aan het OCMW.
● Het OCMW bevestigt, na goedkeuring door de voorzitter van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst, de offerte via e-mail.
● Binnen de dertig dagen na de begrafenis/crematie maakt de begrafenisondernemer de factuur en het overlijdensattest over aan het OCMW.
● De factuur wordt na ontvangst gecontroleerd door het OCMW. Als de factuur overeenkomstig het reglement is, wordt ze ter goedkeuring voorgelegd aan de Voorzitter die een dringende beslissing kan nemen. Nadien wordt dit ter bekrachtiging voorgelegd tijdens de eerstvolgende zitting van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst.
● Na goedkeuring wordt de factuur voor betaling overgemaakt aan de financiële dienst. De betaling gebeurt rechtstreeks aan de begrafenisondernemer.
Tussenkomst
Zaken die kunnen ten laste worden genomen door het OCMW
Art. 12. -
● Overbrenging naar het mortuarium
● 1 bloemstuk ter waarde van 30 euro
● opbaring overledene
● lijkwade
● mortuariumkosten
● eenvoudige lijkkist of urne (goedkoopste model)
● formaliteiten
● drukwerk: maximum 100 rouwbrieven + omslag en maximum 100 rouwprentjes
● crematie (gebeurt in het crematorium Kortrijk)
● uitvaartdienst
● vervoerskosten naar de uitvaartdienst
● onkosten gemeentelijke begraafplaats
● een (voorlopig) kruis / opschrift op het graf
Zaken die niet worden ten laste genomen door het OCMW
Art. 13. -
● maaltijden en koffietafels
● andere bloemen en kransen
● zangkoor
● rouwberichten in kranten
● grafsteen
● extra drukwerk
Maximumbedrag van de financiële tussenkomst
Art. 14. - De tussenkomst, inclusief BTW, bedraagt maximum:
● voor een traditionele begrafenis met uitvaartdienst: maximaal 1.800 euro
● voor een crematie (met attest van behoeftigheid) met uitvaartdienst: maximaal 2.000 euro
Art. 15. - Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd (te koppelen aan de gezondheidsindex)
Art. 16. - Er wordt geen enkele andere uitbreiding voorzien door het OCMW Deerlijk, noch door de nabestaanden. Als er een uitbreiding van de begrafenis wordt gevraagd door de nabestaanden en dit zelfs op hun eigen kosten, dan zal dit door het OCMW worden beschouwd als een aanvaarding van de erfenis. Hierdoor zullen alle gedane kosten voor de begrafenis worden teruggevorderd van de betrokken nabestaanden.
Terugvordering van de kosten
Art. 17. - Het OCMW zal alles in het werk stellen om het volledige bedrag van de verleende
tussenkomst, terug te vorderen door:
● Het invorderen van de begrafenisvergoeding(en) die word(t)en verleend door de mutualiteiten en andere instanties (bijvoorbeeld verzekeringsmaatschappijen, sociale kassen,…).
● Het instellen van een vordering tot verhaal op roerende goederen (bijvoorbeeld kapitalen uitgekeerd op grond van een levensverzekering) en onroerende goederen, die behoren tot het actief van de nalatenschap.
● Te verhalen op de erfgenamen wanneer achteraf blijkt dat er toch roerende en/of onroerende goederen aanwezig zijn op de nalatenschap.
● Te verhalen op de onderhoudsplichtigen overeenkomstig artikel 98 § 2 van de organieke wet van 8 juli 1976.
Betwistingen
Art. 18. - Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding en geldigheidstermijn
Art. 19. - Dit reglement treedt in werking vanaf 1 februari 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Art. 20. - Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 november 2020 houdende de vaststelling van het reglement 'Tussenkomst in begrafenis- en crematiekosten van een behoeftig persoon' wordt opgeheven vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavig reglement.
Artikel 2
Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 3
Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.
Artikel 4
Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
8. Reglement - gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen - goedkeuring
Aanleiding en context
De raad voor maatschappelijk welzijn wordt verzocht het reglement tot toekenning van een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen goed te keuren.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een verlenging van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van 31 maart 2022.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
Om nog meer gezinnen met kinderen die in Deerlijk woonachtig zijn en die in een kwetsbare situatie leven, op een laagdrempelige manier te bereiken, werd het reglement tot toekenning van een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen uitgewerkt. Het reglement is een grote hulp voor heel wat gezinnen.
De toelage heeft als doel Deerlijkse kwetsbare gezinnen deels te ondersteunen bij de aankoop van materiaal dat niet in de schoolfactuur is opgenomen. Op het aanvraagformulier staan de betoelaagde benodigdheden vermeld waarvoor een tussenkomst wordt voorzien.
Het vast bureau heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 14 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgend advies van clusterhoofd Burger en Welzijn werd verleend: positief
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 286 § 2, 287, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële impact.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit voorliggend reglement als volgt vast te stellen:
PREMIEREGLEMENT TOT TOEKENNING VAN EEN GEMEENTELIJKE MATERIËLE ONDERSTEUNINGSTOELAGE VOOR SCHOOLGAANDE KINDEREN
Toepassingsgebied
Art. 1
Een gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen kan verkregen worden voor aankopen die niet in de schoolfactuur zijn opgenomen. Op het aanvraagformulier staan de betoelaagde benodigdheden vermeld waarvoor een tussenkomst wordt voorzien.
Doelstelling
Art. 2
Deze premie heeft tot doel gezinnen met kinderen, woonachtig in Deerlijk, die in een kwetsbare situatie leven, te bereiken en hen concrete hulp aan te bieden. De gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen waarborgt de betaalbaarheid en de gelijke onderwijskansen voor ieder kind.
Premiegerechtigde
Art. 3
De premie kan aangevraagd worden door de ouders of voogd van schoolgaande kwetsbare kinderen in het kleuteronderwijs, het lager onderwijs of het secundair onderwijs, woonachtig in Deerlijk.
De kinderen moeten deel uitmaken van een gezin dat gekend is door een maatschappelijk werker of de brugfiguur van het lokaal bestuur.
Bedrag
Art. 4
De premie bedraagt:
Kleuteronderwijs | 75 euro |
Lager onderwijs | 100 euro |
Secundair onderwijs | 125 euro |
Deze gemeentelijke ondersteuningstoelage wordt per kind per schooljaar toegekend.
Wijze van bepaling van het premiebedrag
Art. 5
De maatschappelijk werker of de brugfiguur van het lokaal bestuur maken een inschatting van de leefsituatie van het betrokken gezin.
De aanvragen worden ter goedkeuring voorgelegd aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Aanvraag- en toekenningsprocedure
Art. 6
Een aanvraagformulier wordt door de maatschappelijk werker of de brugfiguur ingevuld en de nodige bewijsstukken worden toegevoegd. Meerdere aanvragen kunnen in de loop van het schooljaar worden ingediend met dien verstande dat de tussenkomst nooit hoger kan zijn dan het maximum premiebedrag per schooljaar.
Op het einde van iedere maand worden de aanvragen genoteerd en ter goedkeuring voorgelegd op de eerstvolgende vergadering van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
De voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst kan in geval van hoogdringendheid de aanvraag goedkeuren. Hij moet die beslissing vervolgens ter bekrachtiging voorleggen op de eerstvolgende vergadering van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Na goedkeuring worden de aanvragen doorgestuurd naar de financiële dienst voor uitbetaling.
Sancties
Art. 7
In geval van misbruik kunnen sancties worden opgelegd. Deze kunnen resulteren in het terugbetalen van de gemeentelijke ondersteuningstoelage voor kinderen of het recht ontzeggen voor de aanvraag van de gemeentelijke ondersteuningstoelage voor kinderen voor het volgende schooljaar en dit voor alle kinderen binnen eenzelfde gezin.
Hierover dient het bijzonder comité voor de sociale dienst een gemotiveerde beslissing te nemen.
Betwistingen
Art. 8.
Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het vast bureau.
Inwerkingtreding
Art. 9.
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 februari 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.
Art. 10.
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 31 maart 2022 houdende de vaststelling van het reglement 'Gemeentelijke materiële ondersteuningstoelage voor schoolgaande kinderen' wordt opgeheven vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavig reglement.
Artikel 2
Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.
Artikel 3
Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.
Artikel 4
Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in voorgaand artikel van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.
aantal voorstanders: 0 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0
Zitting van 29 JANUARI 2026
9. Reglement - Dienstencheque-onderneming OCMW Deerlijk - goedkeuring
Aanleiding en context
De raad voor maatschappelijk welzijn wordt verzocht het reglement 'Dienstencheque-onderneming OCMW Deerlijk' goed te keuren.
Motivering
Voorliggend reglement betreft een nieuw reglement.
De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:
Vanaf 1 februari 2026 start het OCMW van Deerlijk met een poetsdienst die werkt via het systeem van dienstencheques. Deze omschakeling werd eerder goedgekeurd en kadert binnen ons meerjarenplan 2026-2031.
Om deze overgang correct en transparant te laten verlopen, is het noodzakelijk dat er een reglement wordt vastgesteld. Dit reglement legt de praktische afspraken en voorwaarden vast waaronder de poetsdienst zal worden ingezet. Het zorgt ervoor dat alle betrokken gebruikers duidelijk geïnformeerd zijn over hun rechten en plichten, en dat er uniforme richtlijnen gelden binnen de organisatie.
Het reglement biedt:
● Transparantie: duidelijke afspraken over taken, frequentie en verantwoordelijkheden.
● Wettelijke conformiteit: naleving van de regelgeving rond dienstencheques en correcte toepassing van interne procedures.
Door het goedkeuren van dit reglement kan de overgang naar de erkende dienstencheque-onderneming op een correcte en uniforme manier starten.
Het vast bureau heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 21 januari 2026 en heeft de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgend advies van clusterhoofd Burger en Welzijn werd verleend: positief
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 84, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 286 § 2, 287, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële impact.
BESLUIT
De OCMW-raad besluit met 0 ja-stemmen:
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit bijgevoegd reglement goed te keuren.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.