Deerlijk

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

 

Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

1. Gemeenteraad - 29 januari 2026 - notulen en audio-opname - goedkeuring

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de notulen en de audio-opname van de vorige zitting goed te keuren.

 

Motivering

 

Elk gemeenteraadslid heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen en het zittingsverslag in die zin aangepast.

 

Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering, worden de notulen en het zittingsverslag als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.

 

Artikel 278 van het Decreet Lokaal Bestuur bepaalt dat de gemeenteraad kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

          Algemene basisbevoegdheid: Art. 32 Decreet Lokaal Bestuur

          Andere:

          Art. 277 en 278 Decreet Lokaal Bestuur

          Art. 32 en 33 Huishoudelijk reglement gemeenteraad

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit de notulen van de zitting van de gemeenteraadszitting van 29 januari 2026 goed te keuren.

 

Artikel 2

 

De gemeenteraad besluit de audio-opname van de gemeenteraadszitting van 29 januari 2026 goed te keuren.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

2. Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden - raming, lastvoorwaarden, wijze van gunnen - goedkeuring

 

 

 

Aanleiding en context

 

De gemeenteraad wordt gevraagd de raming, lastvoorwaarden en wijze van gunnen van de opdracht “Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden” goed te keuren.

 

Motivering

 

Om het jaarlijks vernieuwen, herstellen en aanpassen van voetpaden, lijnvormige elementen voor opritten en aanverwante werken op een continue en gestructureerde wijze te kunnen uitvoeren, is het noodzakelijk een nieuwe overheidsopdracht op te starten.

 

De opdracht zal worden afgesloten voor een duur van 12 maanden.  De opdracht kan 2 maal stilzwijgend verlengd worden met 12 maanden.

 

In het kader van de opdracht “Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden” werd een bestek met nr. 2026-07 opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen.

 

Deze opdracht is als volgt opgedeeld:

        Basisopdracht (Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden), raming: 103.278,00 euro excl. btw of 124.966,38 euro incl. 21 % btw;

        Verlenging 1 (Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden), raming: 103.278,00 euro excl. btw of 124.966,38 euro incl. 21 % btw;

        Verlenging 2 (Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden), raming: 103.278,00 euro excl. btw of 124.966,38 euro incl. 21 % btw.

 

De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 309.834,00 euro excl. btw of 374.899,14 euro incl. 21 % btw (65.065,14 euro btw medecontractant).

 

Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.

 

Voor deze opdracht is budget voorzien in het investeringsbudget van 2026, op jaarbudgetrekening 0200-00/22410000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB) en in het budget van de volgende jaren.

 

Juridische gronden

 

   Algemene basisbevoegdheid: Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, inzonderheid artikel 41, 10° dat stipuleert dat het tot de uitsluitende bevoegdheid van de gemeenteraad behoort om over te gaan tot het vaststellen van de wijze van gunnen waarop de opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten worden toegewezen en het vaststellen van de voorwaarden ervan behalve indien de opdracht nominatief in het budget is opgenomen of behoort tot het begrip ‘dagelijks bestuur’.

Huidige opdracht is niet nominatief in het budget opgenomen en valt niet onder het begrip ‘dagelijks bestuur’ zoals omschreven door de gemeenteraad in zitting van 28 mei 2020.

   Andere:

        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

        Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

        De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 41, §1, 2° (het geraamde bedrag excl. btw overschrijdt de drempel van 750.000,00 euro niet) en artikel 57 en artikel 43.

        Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

        Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

 

Adviezen

 

De coördinator wegen & water verleent positief advies.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

Het bestek met nr. 2026-07 en de raming voor de opdracht “Vernieuwen, herstellen of aanpassen van voetpaden”, opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen worden goedgekeurd.

 

De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten.

 

De raming bedraagt 309.834,00 euro excl. btw of 374.899,14 euro incl. 21 % btw (65.065,14 euro btw medecontractant).

 

Artikel 2

 

Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.

 

Artikel 3

 

De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.

 

Artikel 4

 

De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2026, op jaarbudgetrekening 0200-00/22410000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB) en in het budget van de volgende jaren.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

3. Reglement toekenning eretitels aan lokale mandatarissen - vaststelling

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het reglement 'toekenning eretitels aan lokale mandatarissen' goed te keuren.

 

Motivering

 

Voorliggend reglement betreft een nieuw reglement. 

 

De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:

met het oog op een eenduidige toepassing is het aangewezen om de voorwaarden en de procedure voor de toekenning van eretitels aan de voorzitter van de gemeenteraad, gemeenteraadsleden en schepenen, vast te stellen bij wijze van reglement.

 

Conform het Decreet Lokaal Bestuur

        kan de Vlaamse Regering de eretitels toekennen, onder de voorwaarden die ze bepaalt,

        aan de burgemeester (art. 148);

        kan de gemeenteraad de eretitels toekennen, onder de voorwaarden die hij bepaalt,

        aan de schepenen (art. 148);

        aan de voorzitter van de gemeenteraad (art. 17 § 4);

        aan de gemeenteraadsleden (art. 17 § 4).

 

Sinds de integratie van gemeente en OCMW in het Decreet Lokaal Bestuur bestaat de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn uit dezelfde personen. Zo ook voor het college van burgemeester en schepenen en de leden van het vast bureau. Daarom worden enkel de titels van ere-raadsvoorzitter, ere-raadslid en ere-schepen, opgenomen in het reglement.

 

De goedkeuring van het reglement betreffende de toekenning van een eretitel aan de leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst daarentegen, behoort tot de bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.

 

Teneinde de hanteerbaarheid en consistentie van het reglement te bevorderen in de toekomst, heeft het college van burgemeester en schepenen in zitting van 11 februari 2026 voorgesteld om de procedure en voorwaarden voor toekennen van eretitels aan mandatarissen, te bundelen in één geïntegreerd reglement voor gemeente en OCMW en de voorzitter van de gemeenteraad verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de gemeenteraad van 26 februari 2026.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 41, 2° Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 17, § 4, 148, 286, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur

        Gemeenteraadsbeslissing van 25 april 2019

 

Financiën

 

Geen financiële impact.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit voorliggend reglement als volgt goed te keuren:

 

REGLEMENT TOEKENNING ERETITELS AAN LOKALE MANDATARISSEN

 

Art. 1. Doel en toepassingsgebied

 

Dit reglement regelt de voorwaarden en de procedure voor de toekenning van de titels ere-voorzitter van de gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn (hierna: ere-raadsvoorzitter), ere-schepen/lid vast bureau (hierna ere-schepen), ere-gemeenteraadslid/lid OCMW-raad (hierna: ere-raadslid) en ere-lid BCSD in de gemeente Deerlijk. De gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn beslissen over de toekenning van deze eretitels.

Het toekennen van de titel van ere-burgemeester valt onder de bevoegdheid van de Vlaamse overheid en wordt aldus geregeld middels de voorwaarden zoals bepaald door de Vlaamse overheid.

 

Art. 2. Algemene principes

 

  1. De eretitel is een onderscheiding tot beloning van een langdurige en eervolle loopbaan  die de mandataris heeft uitgeoefend in de gemeente Deerlijk en verleent geen financieel recht of voordeel.
  2. De eretitel mag niet worden gevoerd gedurende de periode waarin het overeenkomstige mandaat effectief wordt uitgeoefend.
  3. De eretitel mag niet worden gevoerd door een persoon die bezoldigd is door de gemeente of het OCMW, zolang die bezoldigde relatie bestaat.
  4. De genoemde periodes hoeven niet aaneensluitend te zijn.
  5. De betrokkene is van onberispelijk gedrag.

 

Art. 3. Duurvoorwaarden voor de titel van ere-raadsvoorzitter

 

        De betrokkene heeft

        minstens 10 jaar het ambt van voorzitter van de gemeenteraad uitgeoefend;

 OF 

        minstens 6 jaar het ambt van voorzitter van de gemeenteraad uitgeoefend én vooraf of nadien minstens 12 jaar het mandaat van gemeenteraadslid of lid van de raad voor maatschappelijk welzijn uitgeoefend.

 

Art. 4. Duurvoorwaarden voor de titel van ere-raadslid

 

        De betrokkene heeft ten minste 18 jaar effectief gezeteld in de gemeenteraad.

        Hierbij worden de jaren als lid van de OCMW-raad van voor 2019, ook opgeteld.

 

Art. 5. Duurvoorwaarden voor de titel van ere-schepen

 

        De betrokkene heeft

        minstens 10 jaar het ambt van schepen uitgeoefend;

 OF

        minstens 6 jaar schepen het ambt van schepen uitgeoefend én vooraf of nadien minstens 6 jaar het mandaat van voorzitter van de gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn uitgeoefend;

 OF

        minstens 6 jaar het ambt van schepen uitgeoefend én vooraf of nadien minstens 12 jaar het mandaat van gemeenteraadslid/lid van de raad voor maatschappelijk welzijn/lid van het bijzonder comité uitgeoefend.

 

Art. 6. Duurvoorwaarden voor de titel van ere-lid BCSD

 

        De betrokkene heeft ten minste 18 jaar effectief gezeteld in het BCSD.

        Hierbij worden de jaren als lid van de raad voor maatschappelijk welzijn van voor 2019, ook opgeteld.

 

Art. 7. Voorrangsregels en incompatibiliteiten

 

Voor de eretitels geldt onderstaande hiërarchie, waarbij een hogere titel voorrang heeft op een lagere; wanneer een hogere titel wordt toegekend, kan een lagere titel niet (langer) worden gedragen.

 Ere-burgemeester (toekenning = bevoegdheid hogere overheid)

 Ere-raadsvoorzitter

 Ere-schepen

 Ere-raadslid

 Ere-lid BCSD 

 

Art. 8. Procedure en aanvraag

 

        De aanvraag tot toekenning van een eretitel gebeurt door het aftredende of reeds afgetreden raadslid, gemeenteraadsvoorzitter, schepen, voorzitter BCSD of lid BCSD, per mail of schriftelijk (gedateerd en ondertekend) en is vergezeld van een recent uittreksel uit het strafregister.

        De procedure kan eveneens gestart worden door het college van burgemeester en schepenen (of vast bureau voor de voorzitter of lid BCSD). In dit geval is de schriftelijke instemming van betrokkene vereist.

        Het college van burgemeester en schepenen (of vast bureau voor de voorzitter of lid BCSD) onderzoekt of aan de toekenningsvoorwaarden is voldaan en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad (of raad voor maatschappelijk welzijn voor de voorzitter of lid BCSD) om de toekenning van de eretitel te agenderen op de gemeenteraad (of raad voor maatschappelijk welzijn voor de voorzitter of lid BCSD).

        De gemeenteraad (of raad voor maatschappelijk welzijn voor de voorzitter of lid BCSD) beslist over de toekenning in openbare zitting. Dit gebeurt éénmalig, tijdens het eerste kwartaal van een nieuwe legislatuur voor de mandatarissen die tijdens de daaraan voorafgaande legislatuur uit functie zijn getreden en aan de voorwaarden voldoen.

        De aanvraag bevat minstens: een overzicht van de mandaatperiodes, een verklaring op eer dat aan de voorwaarden is voldaan en het bewijs van goed gedrag en zeden indien van toepassing.

        De eretitel kan postuum worden toegekend op verzoek van de nabestaanden.

 

Art. 9. Intrekking van de eretitel

 

        De gemeenteraad kan de eretitel intrekken bij met redenen omkleed besluit in geheime zitting.

 

Art. 10. Overgangs- en telregels

 

        Voor de berekening van de vereiste mandaatjaren worden periodes van wettelijke verhindering meegeteld conform het Decreet Lokaal Bestuur.

        Alle jaren dat iemand een politiek mandaat heeft uitgeoefend in een vroegere gemeente, die later is gefusioneerd of aangehecht aan een nieuwe gemeente, tellen volledig mee alsof ze in de huidige gemeente zelf zijn uitgeoefend.

 

Art. 11. Uitnodiging

 

        Het college van burgemeester en schepenen beslist op welke evenementen de mandatarissen die de eretitel toegekend kregen, worden uitgenodigd.

 

Art. 12. Inwerkingtreding

 

Dit reglement treedt in werking op de vijfde dag na de bekendmaking ervan op de website.

 

Artikel 2

 

Conform artikel 286, §1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webstoepassing van de gemeente.

 

Artikel 3

 

Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.

 

Artikel 4

 

Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voormelde bekendmaking ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

4. Premiereglement - Exploitatiepremie Kinderboerderij Bokkeslot - vaststelling

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het premiereglement Exploitatiepremie Kinderboerderij Bokkeslot goed te keuren met ingang van 5 maart 2026 en eindigend op 31 december 2031.

 

Motivering

 

Voorliggend reglement betreft de aanpassing van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van27 november 2025.

 

De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd: Overwegende de vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 in de gemeenteraadszitting van 18 december 2025 wordt het exploitatiebedrag in het reglement verhoogd van 37.000 euro naar 39.300 euro per legislatuur, met als volgende reden:

 

        De exploitatiepremie wordt verhoogd tot 39.300 euro, conform de goedkeuring binnen het meerjarenplan. Er is reeds jarenlang sprake van een goede samenwerking met Kinderboerderij Bokkeslot. In het kader van deze exploitatiepremie werd overeengekomen dat men opnieuw minstens het volgende aanbod voorziet:

        Een open aanbod voor alle scholen.

        Een gratis klasbezoek voor elke klas via het geldende registratiesysteem, waarbij de materiaalkost kan worden doorgerekend.

        Publiek toegankelijke activiteiten, evenementen en boerderijkampen.

        Een versterkt aanbod voor kansengroepen, dankzij samenwerking met relevante partners (zoals bijzondere jeugdzorg en voorzieningen voor personen met een beperking).

Vrijwilligers en animatoren staan onder andere in voor de begeleiding van bovenstaande activiteiten. De verhoging van de premie werd berekend op basis van de momenteel toegekende vrijwilligersvergoedingen en het aantal vrijwilligersdagen doorheen de jaren.

 

Conform artikel 41, tweede lid, 23° Decreet Lokaal Bestuur behoort het vaststellen van subsidiereglementen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 11 februari 2026 en heeft de voorzitter van de gemeenteraad verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraadszitting.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 41, § 2, 23° Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 286, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De financiële impact werd reeds vastgelegd in het meerjarenplan 2026-2031.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit voorliggend reglement als volgt goed te keuren:

 

PREMIEREGLEMENT EXPLOITATIEPREMIE VOOR KINDERBOERDERIJ BOKKESLOT

 

Art.1. - Bedrag jaarlijkse premie

De gemeente verleent een jaarlijkse exploitatiepremie van 39.300 euro aan vzw

Kinderboerderij Bokkeslot. De werking van voorgenoemde vormt zowel op educatief, sociaal

als recreatief vlak een meerwaarde voor onze gemeente en haar inwoners, met aandacht

voor kansengroepen, duurzaamheid, innovatie en toegankelijkheid.

 

Art.2. - Waarvoor gebruiken?

De kinderboerderij dient de in artikel 1 vermelde exploitatiepremie aan te wenden voor haar

werking.

 

Art.3. - Voorwaarden jaarlijkse premie

De in artikel 1 vermelde exploitatiepremie wordt aan de kinderboerderij toegekend wanneer

cumulatief aan volgende extra voorwaarden wordt voldaan:

  1. De kinderboerderij biedt jaarlijks minstens het volgende aan:

        Open aanbod voor Deerlijkse scholen.

        Een gratis bezoek voor klasgroepen van alle Deerlijkse scholen via het vigerende registratiesysteem, waarbij de materiaalkost van de activiteiten kan doorgerekend worden aan de betreffende school. De bezoekmogelijkheden en pedagogische arrangementen daartoe worden gecommuniceerd naar de Deerlijkse schooldirecties.

        Publiek toegankelijke activiteiten, evenementen en boerderijkampen.

        Een aanbod creëren voor kansengroepen via samenwerkingsinitiatieven met actoren uit betrokken sectoren (zoals bijzondere jeugdzorg, voorzieningen voor mensen met een beperking,…).

  1. In de algemene vergadering van de kinderboerderij zetelt, naast de schepen van jeugd, een vertegenwoordiger van elk van de in de gemeenteraad zetelende politieke partijen. De jeugdconsulent wordt opgenomen in de algemene vergadering met een adviserende rol.
    In het bestuur van vzw Kinderboerderij Bokkeslot zetelt, naast de schepen van jeugd, ook een afgevaardigde van de gemeentelijke administratie.
  2. De verslagen van de raad van bestuur en de algemene vergadering worden, na goedkeuring in haar raad van bestuur, bezorgd aan de jeugdconsulent en ter kennisname voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen.
  3. De kinderboerderij, het gemeentebestuur en de gemeentelijke administratieve diensten voorzien in een onderlinge, open en transparante dialoog. Daarbij worden de inspanningen met betrekking tot kansengroepen, duurzaamheid, innovatie en toegankelijkheid, afgetoetst en geëvalueerd.
  4. De kinderboerderij vaardigt een vertegenwoordiger, aangesteld door haar raad van bestuur, af in de gemeentelijke jeugdraad.
  5. Gemeentelijke speelpleinwerking Kerekewere! kan als een bevoorrechte partner van de kinderboerderij iedere kleine vakantie één dag op bezoek komen naar de kinderboerderij in overleg met de reservatie-verantwoordelijke van de kinderboerderij.
  6. De kinderboerderij werkt vanuit haar milieu-educatieve functie mee aan milieu-educatieve projecten, georganiseerd door de gemeente.
  7. De gemeente kan, in overleg en in samenwerking met de kinderboerderij, publieksactiviteiten en -evenementen organiseren op de gronden van de kinderboerderij indien deze kaderen in de visie en missie van de kinderboerderij.
  8. Het educatieve aspect van de werking wordt vertaald in een actieplan en besproken met de jeugddienst.

 

Art.4. - Begroting en jaarrekening

De kinderboerderij dient jaarlijks haar begroting en haar jaarrekening, onmiddellijk na hun

vaststelling, aan het college van burgemeester en schepenen voor te leggen.

 

Vóór 15 oktober van elk jaar dient een ontwerp van begroting voor het volgende jaar voorgelegd te worden aan het college van burgemeester en schepenen. Het college van

burgemeester en schepen kan daarop eventuele opmerkingen formuleren die de

kinderboerderij dient mee te delen op haar eerstvolgende raad van bestuur en algemene

vergadering. Tijdens de indiening tot de ontwerpbegroting kan er tot 50 procent van de premie opgevraagd worden. Het voorschot van de premie wordt, vanaf 1 januari van het jaar volgend op het jaar van aanvraag, rechtstreeks overgemaakt op de rekening van vzw Kinderboerderij Bokkeslot.

 

De kinderboerderij dient jaarlijks haar begroting en haar jaarrekening, onmiddellijk na hun

vaststelling, aan het college van burgemeester en schepenen voor te leggen. Hierbij wordt de overige helft van het bedrag gestort op  de rekening van vzw Kinderboerderij Bokkeslot.

 

Art.5. - Cumulatie met het premiereglement 'investeringspremie voor Kinderboerderij Bokkeslot'

Deze premie is cumulatief met het premiereglement ‘investeringspremie voor Kinderboerderij

Bokkeslot’, maar niet met andere gemeentelijke premies ter ondersteuning van de algemene

werking van verenigingen en andere gemeentelijke investerings- en renovatiepremies.

 

Art. 6. – Betwistingen

Mogelijke betwistingen bij de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen. Het college behoudt daarenboven het recht aanvullende inlichtingen of bewijsstukken te vragen indien de voorgelegde documenten niet als staving zouden volstaan.

 

Indien blijkt dat onjuiste gegevens zijn verstrekt of wanneer de voorwaarden van dit

reglement niet worden nageleefd, kan het college van burgemeester en schepenen de

premie geheel of gedeeltelijk weigeren of de toegekende premie geheel of gedeeltelijk

terugvorderen voor het bedrag waarop vzw Kinderboerderij Bokkeslot geen recht heeft

conform dit reglement.

 

Art. 7. - Bovenstaand reglement gaat in op 5 maart 2026 en loopt af op 31 december 2031.

 

Artikel 2

 

Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.

 

Artikel 3

 

Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.

 

Artikel 4

 

Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

5. Premiereglement - Investeringspremie Kinderboerderij Bokkeslot - vaststelling

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het premiereglement investeringspremie Kinderboerderij Bokkeslot goed te keuren met ingang van 5 maart 2026 en eindigend op 31 december 2031.

 

Motivering

 

Voorliggend reglement betreft de aanpassing van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van27 november 2025.

 

De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:

 

Overwegende de vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 in de gemeenteraadszitting van 18 december 2025, wordt de investeringspremie aangepast van 30.000 euro naar 43.600 euro per legislatuur. De huidige investeringspremie werd opgesteld in 2024 en bedroeg 30.000 euro. Dit budget kon aangewend worden in de vorige legislatuur tijdens de looptijd van het reglement (nl. gedurende 2 jaar, 2024 t.e.m. 2025). In de huidige legislatuur wordt een bedrag van 43.600 euro voorzien om te besteden tijdens de looptijd van het nieuwe reglement (nl. gedurende 6 jaar, 2026 t.e.m. 2031).

 

Conform artikel 41, tweede lid, 23° Decreet Lokaal Bestuur behoort het vaststellen van subsidiereglementen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 11 februari 2026 en heeft de voorzitter van de gemeenteraad verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraadszitting.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 41, § 2, 23° Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 286, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De financiële impact werd reeds vastgelegd in het meerjarenplan 2026-2031.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit voorliggend reglement als volgt goed te keuren:

 

PREMIEREGLEMENT INVESTERINGSSPREMIE BOKKESLOT

 

Art.1. - Aan vzw Kinderboerderij Bokkeslot wordt een premie toegekend voor structurele investeringen aan de gebouwen en bijbehorende grond gelegen langs de Tapuitstraat 57 te Deerlijk (gekadastreerd sectie D, nummers 372B en 376D) en aan gebouwen en bijhorende grond gelegen langs de Vichtesteenweg 65 te Deerlijk (gekadastreerd sectie B, nummers 594E, 595H, 637H, 651F, 640D, 649E, 587E en 644P) die vzw Kinderboerderij Bokkeslot gebruikt voor het voeren van haar dagelijkse werking onder de bij dit besluit gestelde voorwaarden.

 

Art.2. - Om voor betoelaging in aanmerking te komen dient bij de voorbereiding van de investeringswerken, rekening gehouden te worden met werken die vallen onder volgende thema’s:

        veiligheid (brandveiligheid, stevigheid, elektrische installatie, inbraak- en vandalismebeveiliging etc.);

        toegankelijkheid;

        nutsvoorzieningen (met aandacht voor sanitair en hygiëne);

        duurzaamheid;

        structurele instandhoudingswerken.

 

De bovenstaande rangorde is niet prioriteitsbepalend.

 

Er wordt aangetoond wat het ruimer kader is van de investeringswerken en wat de meerwaarde ervan is. Vzw Kinderboerderij Bokkeslot kan, door het aanvragen van deze investeringspremie, geen aanspraak maken op andere premies van de gemeente Deerlijk die betrekking hebben op structurele investeringen aan gebouwen.

 

Art.3. - Kosten die niet in aanmerking komen voor betoelaging zijn:

        gewone onderhoudskosten;

        kosten voor los meubilair;

        kosten voor deskundigen (vb. architect, vergunning, administratieve kosten,…);

        luxe-uitvoeringen.

 

Deze opsomming is niet limitatief.

 

Art.4. - Een eventuele goedkeuring van deze investeringspremie staat niet gelijk aan het verkrijgen van een vergunning voor bepaalde werken. Vergunningen dienen nog altijd via de gangbare weg aangevraagd te worden bij de bevoegde instanties.

 

Art.5. - De premie bedraagt 100 % van de kostprijs van de uitgevoerde investeringswerken met een maximum van 43.600 euro per beleidsperiode.

        Hierbij moet vzw Kinderboerderij Bokkeslot ook inspanningen doen om voor de ingediende investeringswerken ook subsidies van een overheid aan te vragen. Hierover wordt open gecommuniceerd en deze inspanningen moeten ook aangetoond worden bij het indienen van het aanvraagformulier.

        Indien er van een overheid een subsidie voor dezelfde investeringswerken bekomen wordt, dan wordt deze in mindering gebracht van deze premie. Het is niet de bedoeling dat een investeringsproject dubbel gefinancierd wordt.

Art.6. - De aanvraag tot principiële toekenning van de investeringspremie dient vóór 1 juni van het desbetreffende jaar gericht te worden aan het college van burgemeester en schepenen op het daartoe voorziene aanvraagformulier.

Bij de aanvraag dient toegevoegd te worden:

        een beschrijving van de geplande werken met een timing van uitvoering;

        een gedetailleerde kostenraming van de werken of bestekken;

        een overzicht van eventuele andere subsidies die voor dit project aangevraagd worden.

 

Art.7. - Uiterlijk twee maanden na de indiening van het volledige principe-aanvraagdossier brengt het college van burgemeester en schepenen, na advies ingewonnen te hebben bij het omgevingsloket, de aanvrager schriftelijk op de hoogte van de subsidieerbaarheid van het voorgestelde dossier.

 

Art. 8. - Indien de aanvrager niet over voldoende middelen beschikt, kan de aanvrager na de principiële goedkeuring van het voorgestelde dossier, een voorschot op de premie aanvragen bij het college van burgemeester en schepenen.

 

Art.9. - Na het einde van de investeringswerken dient de aanvraag, voor definitieve toekenning van de premie, aan het college van burgemeester en schepenen gericht te worden op het daartoe voorziene aanvraagformulier.

 

Bij deze aanvraag dienen gevoegd te worden:

         de voor echt verklaarde facturen;

         het betalingsbewijs van deze facturen;

         het eventuele toekenningsbewijs van een subsidie voor dit project, van andere overheden.

Indien de aanvrager overeenkomstig artikel 8 reeds een voorschot op de premie heeft ontvangen, wordt het saldo van de premie berekend in functie van een terugvordering of nastorting.

 

De bevoegde diensten kunnen in functie van de definitieve toekenning van de premie een plaatsbezoek doen om vast te stellen of de werken effectief werden uitgevoerd.

 

Art. 10. - Het college van burgemeester en schepenen beslist over mogelijke betwistingen bij de toepassing van dit reglement. Het heeft daarenboven het recht aanvullende inlichtingen of bewijsstukken te vragen indien de voorgelegde documenten niet als staving zouden volstaan.

Indien blijkt dat onjuiste gegevens zijn verstrekt of wanneer de voorwaarden van dit reglement niet worden nageleefd, kan het college van burgemeester en schepenen de premie geheel of gedeeltelijk weigeren of de toegekende premie geheel of gedeeltelijk terugvorderen voor het bedrag waarop vzw Kinderboerderij Bokkeslot geen recht heeft conform dit reglement.

 

Art. 11.- Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking vanaf 5 maart 2026 en is geldig tot en met 31 december 2031.

 

Artikel 2

 

Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.

 

Artikel 3

 

Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.

 

Artikel 4

 

Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

6. Premiereglement - Renovatie- en/of herstellingswerken aan jeugdlokalen - vaststelling

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd het premiereglement Renovatie- en/of herstellingswerken aan jeugdlokalen goed te keuren met ingang van 5 maart 2026 en eindigend op 31 december 2031.

 

Motivering

 

Voorliggend reglement betreft de aanpassing van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van27 november 2025.

 

De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd: Volgende termen worden aangepast in het premiereglement renovatie- en/of herstellingswerken aan jeugdlokalen "de vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdvereniging" naar "de vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging", om van hieruit de focus te leggen op de jeugdbewegingen.

 

Conform artikel 41, tweede lid, 23° Decreet Lokaal Bestuur behoort het vaststellen van subsidiereglementen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft voorliggend reglement besproken in zitting van 11 februari 2026 en heeft de voorzitter van de gemeenteraad verzocht de goedkeuring van dit reglement te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraadszitting.

 

Volgend advies van jeugdraad werd verleend: Positief advies.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 41, § 2, 23° Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 286, 288, 330 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële impact.

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit voorliggend reglement als volgt goed te keuren:

 

PREMIEREGLEMENT RENOVATIE- EN/OF HERSTELLINGSWERKEN AAN JEUGDLOKALEN

 

Art. 1. - Wie en wat?

Een premie wordt toegekend aan de vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging, voor renovatie- en/of herstellingswerken aan jeugdlokalen die zich bevinden op het grondgebied van de gemeente en gebruikt worden voor de reguliere werking (conform de gestelde voorwaarden van dit reglement). De aanvraag wordt ingediend door de vzw die aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging verbonden is. 

 

Deze premie kan niet gecumuleerd worden met de premie verbonden aan het

premiereglement lokalen in eigendom van cultuur en sport.

 

Art. 2. - Voorwaarden voor werken om in aanmerking te komen

Volgende renovatie- en/of herstellingswerken komen in aanmerking voor betoelaging:

        Onderhoudswerken aan gebouwen en installaties

        Werken die het gebruik van een constructie voor de toekomst ongewijzigd veilig stellen door het bijwerken, herstellen of vervangen van geërodeerde of versleten materialen of onderdelen.

        Structurele werken

        Werken aan het geheel van funderingen, dragende en niet-dragende muren, draagvloeren en vaste binnentrappen.

        Werken aan het dak.

        Stabiliteitswerken

        Het geheel of gedeeltelijk vervangen van buitenmuren of dragende binnenmuren.

        Veiligheidswerken

        Brandveiligheid, stevigheid, elektrische installatie, inbraak- en vandalismebeveiliging etc.

        Investeringen in energiebesparende maatregelen

        Chauffages vervangen, zonnepanelen, dubbel glas, LED-verlichting etc.

        Werken in functie van de toegankelijkheid van het jeugdlokaal

        Werken aan nutsvoorzieningen

        Gas, water en elektriciteit.

        Afwerking binnenin het gebouw

        Vloeren, binnendeuren, schuifwanden etc.

        Verfraaiingswerken

        Kleinschalige werk en om het gebouw mooier te maken of het voorkomen ervan te verbeteren vb. schilderen.

 

Art. 3. – Werken die niet in aanmerking komen

Kosten die niet in aanmerking komen voor betoelaging zijn:

        kosten voor los meubilair en losse toestellen (vb kookplaat);

        luxe-uitvoeringen;

        bijbouwen of volume-uitbreiding van het gebouw.

 

Deze opsomming geldt ten exemplatieve titel.

 

Art. 4. - Berekening premie

De premie bedraagt voor volgende werken 25 % van de kostprijs van de uitgevoerde

renovatie- en/of herstellingswerken:

        onderhoudswerken aan installaties;

        verfraaiingswerken.

 

De premie bedraagt voor volgende werken 50 % van de kostprijs van de uitgevoerde

renovatie- en/of herstellingswerken:

        onderhoudswerken aan gebouwen;

        structurele werken;

        stabiliteitswerken;

        veiligheidswerken;

        investeringen in energiebesparende maatregelen;

        werken in functie van de toegankelijkheid van het jeugdlokaal;

        werken aan nutsvoorzieningen;

        afwerking binnenin het gebouw.

 

Voor de vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging kan de premie maximaal 10.000 euro bedragen per kalenderjaar. De aanvrager kan verschillende dossieraanvragen indienen per jaar die dan gecumuleerd kunnen worden tot maximum 10.000 euro op jaarbasis. Werken kunnen gespreid worden over verschillende jaren. De factuurdatum bepaalt voor welk jaar de premie toegekend kan worden. Als men wil spreiden, zal de aannemer de werken in verschillende kalenderjaren moeten factureren.

 

De premie wordt toegekend binnen de perken van het in het meerjarenplan

ingeschreven krediet.

 

Art. 5. – Procedure bij werken met een totale kostprijs lager dan 3.000 euro (incl. BTW).

Indien de totale kostprijs van een uit te voeren herstelling of renovatie niet hoger is dan 3.000 euro (incl. BTW), dient er geen principiële aanvraag ingediend te worden.

 

De minimum totale kostprijs van de aanvraag voor een uit te voeren herstelling of renovatie moet ten minste 300 euro (incl. BTW) bedragen.

 

Binnen de 4 maanden na het einde van de renovatie- en/of herstellingswerken dient de aanvraag voor definitieve toekenning van de premie aan het college van burgemeester en schepenen gericht te worden op het daartoe voorgeschreven aanvraagformulier. Er wordt een aanvraag ingediend per renovatie- en/of herstellingsdossier. Een vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging kan dus per jaar meerdere dossiers indienen.

 

Bij deze aanvraag dienen gevoegd te worden:

        de voor echt verklaarde facturen;

        het betalingsbewijs van deze facturen.

 

Indien de vzw die aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging verbonden is geen eigenaar is van de lokalen, dient een kopie van de overeenkomst met de eigenaar, die garandeert dat de aanvrager nog minstens 5 jaar over het lokaal kan beschikken, toegevoegd te worden. Na advies ingewonnen te hebben van de gemeentelijke jeugdraad zal de definitieve premie bepaald worden door het college van burgemeester en schepenen. De aanvrager wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.

 

De bevoegde diensten kunnen een controle ter plaatse doen om na te gaan of de werken degelijk werden uitgevoerd en of de bewezen kosten effectief voor de werken gebruikt werden.

 

Art. 6. – Procedure bij werken met een totale kostprijs hoger dan 3.000 euro (incl. BTW)

De aanvraag tot principiële betoelaging dient ten laatste 3 maanden voor de start van de werken gericht te worden aan het college van burgemeester en schepenen op het daartoe voorgeschreven aanvraagformulier. Er wordt een aanvraag ingediend per renovatie- en/of herstellingsdossier. Een vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging kan dus per jaar meerdere dossiers indienen.

 

Bij de aanvraag dient gevoegd te worden:

        een beschrijving van de geplande werken;

        de vermoedelijke datum voor de aanvang van de werken;

        de vermoedelijke einddatum van de werken;

        een gedetailleerde kostenraming van de werken of bestekken.

 

Indien de vzw die aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging verbonden is geen eigenaar is van de lokalen, dient een kopie van de overeenkomst met de eigenaar, die garandeert dat de aanvrager nog minstens 5 jaar over het lokaal kan beschikken, toegevoegd te worden. Vanuit de technische diensten van de gemeente zal voorafgaand een technisch advies opgemaakt worden. Hierbij kan extra uitleg of informatie opgevraagd worden bij de geplande werken aan de vzw verbonden aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging en/of wordt de situatie ter plaatse onderzocht. Daarna wordt ook advies ingewonnen van de gemeentelijke jeugdraad.

 

Uiterlijk twee maanden na de indiening van het volledige principe-aanvraagdossier brengt het college van burgemeester en schepenen de aanvrager schriftelijk op de hoogte van de subsidieerbaarheid van het voorgestelde dossier op basis van de verschillende adviezen. Het college van burgemeester en schepenen moet haar principiële goedkeuring geven vooraleer de werken kunnen starten.

 

Binnen maximum 4 maanden na het einde van de renovatie- en/of herstellingswerken dient de aanvraag voor definitieve toekenning van de premie aan het college van burgemeester en schepenen gericht te worden op het daartoe voorgeschreven aanvraagformulier.

 

Bij deze aanvraag dienen gevoegd te worden:

        de voor echt verklaarde facturen;

        het betalingsbewijs van deze facturen.

 

Na opnieuw advies ingewonnen te hebben van de gemeentelijke jeugdraad zal de definitieve premie bepaald worden door het college van burgemeester en schepenen. De aanvrager wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.

 

De bevoegde diensten kunnen een controle ter plaatse doen om na te gaan of de werken degelijk werden uitgevoerd en of de bewezen kosten effectief voor de werken gebruikt werden.

 

De begunstigde zal zowel tijdens als na de uitvoering van de werken toezicht en controle door de bevoegde diensten toelaten.

 

Art. 7. – Voorschot

De vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging en die dit wenst, kan een voorschot van 60 %, van de voor de uit te voeren werken geraamde premie, bekomen op voorwaarde dat:

        Voor het starten van de werken hiertoe een principiële aanvraag ingediend werd en deze, na advies door de gemeentelijke jeugdraad, werd goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen.

        De aanvraag vergezeld wordt van een gedetailleerde kostenraming van de werken of bestekken en een schriftelijke overeenkomst tussen de vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging en de aannemer.

        Het totale bedrag van de uit te voeren werken minimaal 3.000 euro (incl. BTW) bedraagt.

        De vzw die verbonden is aan een erkende Deerlijkse jeugdbeweging expliciet verklaart de ter beschikking gestelde middelen te zullen aanwenden voor de opgegeven werken.

        De werken binnen het jaar na het ontvangen van het voorschot beëindigd zijn en de nodige bewijsstukken binnengebracht worden op de jeugddienst.

        De vzw verbonden aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging zich verantwoordelijk stelt tot terugbetaling van het voorschot in geval van misbruik (zie artikel 8).

        Het voorschot wordt gestort op de rekening van de vzw verbonden aan de erkende Deerlijkse jeugdbeweging.

 

Bij de definitieve afrekening en bepaling van de definitieve premie, zal het reeds verkregen voorschot in mindering gebracht worden.

 

Art. 8. - Aanvragen voor meerdere jaren

Een aanvrager kan het premiebedrag voor meerdere jaren ver in één keer aanvragen. De aanvrager moet hiervoor kunnen aantonen dat de omvang van de werken van die orde is om deze verhoogde premie te kunnen aanvragen. In dit geval kan de aanvrager voor de daaropvolgende jaren geen beroep doen op de premie. Daarbij wordt het aantal jaren volgend op de aanvraag berekend door het totale bedrag van de aanvraag te delen door het jaarlijks maximumbedrag van de premie, met een maximum van 60.000 euro per beleidsperiode per vereniging.

 

Art. 9. – Misbruiken

Indien de bepalingen uit dit reglement niet nageleefd worden en het college van

burgemeester en schepenen vaststelt dat de toegekende premie (incl. voorschot) niet

wordt/werd aangewend conform dit reglement, kan het college van burgemeester en

schepenen – na advies van de gemeentelijke jeugdraad – haar beslissing tot toekennen van

de premie (incl. voorschot) intrekken. Bedragen die in het kader van dit premiereglement

werden uitgekeerd en niet aangewend werden conform dit reglement, kunnen door de gemeente worden teruggevorderd.

 

Art. 10. - Betwistingen
Alle betwistingen in verband met de toepassing van dit reglement worden in eerste instantie behandeld door het college van burgemeester en schepenen.

 

Art. 11. – Inwerkingtreding en beëindiging

Dit reglement treedt in werking op 5 maart 2026 en eindigt op 31 december 2031

 

Artikel 2

 

Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.

 

Artikel 3

 

Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.

 

Artikel 4

 

Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

7. Samenwerkingsovereenkomst met Regionaal Landschap Leie en Schelde - goedkeuring

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de samenwerkingsovereenkomst inzake basiswerking tussen Regionaal landschap Leie en Schelde en de gemeente Deerlijk goed te keuren.

 

Motivering

 

De gemeente was tot eind 2023 lid van het Stadlandschap Leie en Schelde. Dit samenwerkingsverband bracht de provincie West-Vlaanderen, de 13 gemeenten van het arrondissement Kortrijk, middenveldorganisaties en inwoners samen om in overleg een wervend verhaal voor de regio Zuid-West-Vlaanderen te schrijven en uit te voeren.

 

Tussen de partners werden er afspraken gemaakt rond de werking en de financiering van het Stadlandschap.

 

In 2023 gaven de 13 gemeenten van het arrondissement Kortrijk en de provincie West-Vlaanderen de goedkeuring voor de oprichting van en de toetreding tot Regionaal Landschap Leie en Schelde (RLLS) vzw. De vzw werd opgericht op 7 april 2023. De concrete werking van het RLLS ging van start op 21 december 2023 met de eerste algemene vergadering.

 

Deze overeenkomst tussen de gemeente en het RLLS vervangt de overeenkomsten en afspraken met het Stadlandschap Leie en Schelde.

 

Elke gemeente die lid is van het RLLS maakt deel uit van een duurzaam samenwerkingsverband: een vzw waar de provincie West-Vlaanderen, de 13 gemeenten van het arrondissement Kortrijk en middenveldorganisaties (landbouw, natuur, toerisme, jacht, erfgoed, ...) lid van zijn, met deskundige medewerkers, die over eigen professionele netwerken beschikken. RLLS werkt aan de uitbouw van de regio Zuid-West-Vlaanderen op vlak van natuur, landschap, klimaat, erfgoed, educatie en recreatie. RLLS is in de regio verankerd, is een expertisecentrum dat maatwerk levert, gemeenten versterkt in hun eigen werking en gemeenten optilt in bredere samenwerkingsverbanden en netwerken.

 

RLLS bevordert de landschapskwaliteit, en -toegankelijkheid, het streekeigen karakter, recreatie, natuur- en landschapseducatie en het draagvlak voor natuurbehoud en landschap. RLLS zet in op groenblauwe netwerken en klimaatadaptieve landschappen als basis voor functionele natuurverbindingen en versterking van de lokale landschappelijke basiskwaliteiten (functioneel, cultuurhistorisch, ecologisch,…).

 

Het RLLS doet dit intersectoraal en geïntegreerd:

 

        we zijn een bruggenbouwer die zorgt voor een platform voor overleg en van gebundelde krachten en die zoekt naar gemeentegrensoverschrijdende samenwerking;

        we werken via een bottom-up-benadering en spelen in op lokale behoeften;

        we richten ons op natuur en landschap in de brede zin, waarbij we drempelverlagend werken;

        we zorgen voor concrete realisaties die op een duidelijke manier worden gecommuniceerd;

        we gebruiken de streekidentiteit als kracht om de verbondenheid van inwoners met hun streek te verhogen;

        we maken natuur en landschappelijk erfgoed toegankelijk.

 

Het RLLS engageert zich tot:

 

  1. het leveren van een basisdienstenpakket aan de gemeente, haar inwoners en verenigingen;
  2. de promotie en ontwikkeling van kleine landschapselementen (KLE);
  3. de organisatie van educatieve hubs;
  4. projectmatige samenwerking;
  5. werking op maat.

 

De gemeente engageert zich tot:

 

  1. Het betalen van een jaarlijkse financiële algemene bijdrage van 30 eurocent per inwoner, jaarlijks geïndexeerd met 2 %. De bijdrage voor de gemeente wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de inwonersaantallen per 1 januari van het jaar waarvoor de bijdrage betaald wordt, en dit op basis van de cijfers in het rijksregister.
  2. Het voorzien van de nodige budgetten voor de bijdrage in het kader van de promotie en ontwikkeling van kleine landschapselementen.
  3. Het meewerken aan de hierboven omschreven activiteiten en het actief mee zoeken naar uit te voeren acties die in overleg worden ingewerkt in de jaaractieplannen van het RLLS.

 

Het college van burgemeester en schepenen verzocht de voorzitter van de gemeenteraad in zitting van 11 februari 2026 om deze samenwerkingsovereenkomst ter goedkeuring te agenderen op de gemeenteraad van 26 februari 2026.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 40, § 1 van het Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Titel 3 van het Decreet houdende de Vlaamse Parken en algemene landschapszorg van 9 juni 2023.

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Raming of bedrag

3.800 euro per jaar + jaarlijks geïndexeerd met 2%

Actie

overig beleid

Jaarbudgetrekening

GBB / 0200-00 / 61340000

Visum

G-2026-22

 

BESLUIT

 

De gemeenteraad besluit met 0 ja-stemmen:

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad besluit de samenwerkingsovereenkomst inzake basiswerking tussen het Regionaal landschap Leie en Schelde en de gemeente Deerlijk goed te keuren.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

8. Meerjarenplan 2026-2031 - goedkeuring toezichthoudende overheid - kennisname

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van de goedkeuring van de toezichthoudende overheid van het meerjarenplan 2026-2031.

 

Motivering

 

Op 18 december 2025 heeft de gemeenteraad het meerjarenplan 2026-2031 vastgesteld.

 

Op 30 januari 2026 heeft de gouverneur het meerjarenplan 2026-2031 goedgekeurd met één inhoudelijke vaststelling, namelijk dat het verwerken van de jaarrekening 2024 in het meerjarenplan onvoldoende was toegelicht.  Na het bezorgen van een bijkomende toelichting werd vastgesteld dat de jaarrekening 2024 wel degelijk werd verwerkt.

 

De brief die wij hierover ontvingen, en de bijkomende toelichting, bevinden zich in bijlage.  Zoals elk jaar zijn er ook een aantal eerder technische, boekhoudkundige of vormelijke bemerkingen die helpen de kwaliteit van de beleidsrapporten in de toekomst te verbeteren.

 

Conform het Decreet Lokaal Bestuur wordt deze vaststelling ter kennis gebracht van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 332, §1, 3e lid Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad neemt kennis van de goedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031.

 

 

 

De openbare zitting van de gemeenteraad wordt geschorst om te hernemen na de openbare zitting van de OCMW-raad.

Publicatiedatum: 18/02/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 26 FEBRUARI 2026

9. Vragen gesteld door raadsleden - kennisname

 

 

 

Aanleiding en context

 

Aan de gemeenteraadsleden wordt gevraagd kennis te nemen van de vragen gesteld door raadsleden.

 

Motivering

 

Na afhandeling van de agenda van de openbare vergadering kunnen de gemeenteraadsleden mondelinge vragen stellen over gemeentelijke aangelegenheden die niet op de agenda van de gemeenteraad staan in het punt 'Vragen gesteld door raadsleden'.

 

Op deze mondelinge vragen wordt, ofwel mondeling ter zitting, ofwel schriftelijk (elektronisch), ten laatste binnen de maand na de vraagstelling geantwoord.

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 31 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

De gemeenteraad neemt kennis van de door de gemeenteraadsleden gestelde vragen.

 

 

Publicatiedatum: 18/02/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.