DEERLIJK

12 MAART 2025

 

AANWEZIG

 

Burgemeester: Louis Vanderbeken

Schepenen: Claude Croes, Regine Rooryck, Jo Tijtgat, Marleen Prat

Algemeen directeur: Karel Bauters

VERONTSCHULDIGD

 

Schepen: Lies De Witte

 

 

Claude Croes, schepen verlaat de zitting vanaf punt C.14.

Claude Croes, schepen vervoegt de zitting vanaf punt C.15.

Louis Vanderbeken, burgemeester verlaat de zitting vanaf punt C.55.

Claude Croes, wnd. burgemeester vervoegt de zitting vanaf punt C.55.

Louis Vanderbeken, burgemeester vervoegt de zitting vanaf punt C.56.

Claude Croes, schepen vervoegt de zitting vanaf punt C.56.

 

 

 

 

Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.1. College van burgemeester en schepenen - verslag van de zitting van 26 februari 2025 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd het verslag van de vorige zitting goed te keuren.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen overloopt het verslag van de zitting van 26 februari 2025.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 50 Decreet Lokaal Bestuur

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit het verslag van de zitting van 26 februari 2025 goed te keuren.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.2. Diverse verslagen - kennisname

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt verzocht kennis te nemen van de aan de gemeente overgemaakte verslagen.

 

Motivering

 

Volgende verslagen werden overgemaakt aan de gemeente:

 

        Leiedal - verslag van de Raad van Bestuur van 14 februari 2025

        Leiedal - verslag van de Raad van Bestuur van 28 februari 2025

        Imog - verslag van de Raad van Bestuur van 21 januari 2025

        Imog - besluitenlijst van de Raad van Bestuur van 18 februari 2025

        Fluvia - lijst met beslissingen van het zonecollege van 24 januari 2025

        Fluvia - lijst met beslissingen van de zoneraad van 24 januari 2025

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de ontvangen verslagen.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.3. Receptionele aangelegenheden - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.4. Secretariaat - vrijwilligersvergoeding hostessen - februari 2025 - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.5. MAT - verslag 5 februari 2025 - kennisname

 

Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.6. SHIFT - samenwerkingsovereenkomst voor het delen van gespecialiseerde IT-profielen - verzoek tot agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de samenwerkingsovereenkomst voor het delen van gespecialiseerde IT-profielen goed te keuren en de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken dit te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025.

 

Motivering

 

Vanuit de visie dat de regio Zuid-West Vlaanderen wil samenwerken om de dienstverlening naar de burger te verbeteren, zet SHIFT in op het faciliteren van digitale transformatie bij alle betrokken besturen. Dit door in te zetten op verschillende pijlers. De omschreven pijlers zijn:

        De burger en dienstverlening

        De medewerker en digitale maturiteit van de organisatie

        De digitale dimensie zijnde IT en software

        De digitale infrastructuur zijnde data en connectiviteit

        Strategie

 

Binnen de derde pijler - de digitale dimensie - wordt voorgesteld om een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten waarin samenwerking rond digitale transformatie centraal staat. Samenwerking onder de noemer "we delen wie we hebben" betekent dat niet elke IT-afdeling zich in alle domeinen hoeft te specialiseren. In plaats daarvan kan kennis op een efficiënte manier gedeeld en uitgewisseld worden op de werkvloer. Dit regionale kader biedt de mogelijkheid om expertises optimaal te benutten en gezamenlijke uitdagingen aan te pakken. Het delen van IT-professionals kan leiden tot innovatie, efficiëntie en een snellere digitale transformatie binnen de deelnemende besturen.

 

Deze samenwerkingsovereenkomst biedt de mogelijkheid om verschillende samenwerkingsvormen op te nemen, zowel inhoudelijk als organisatorisch. Dit betekent dat de deelnemende besturen flexibel kunnen samenwerken op basis van hun specifieke behoeften en projecten, waarbij kennis en expertise efficiënt gedeeld en uitgewisseld kunnen worden.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56 § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de samenwerkingsovereenkomst betreffende het delen van gespecialiseerde IT-profielen binnen de regio Zuid-West-Vlaanderen goed te keuren en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad deze te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.7. Sint-Elooistraat - aankoop weiland - schattingsverslag - kennisname

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd kennis te nemen van het schattingsverslag van het stuk weiland, kadastraal gekend onder Deerlijk, 2e afdeling, sectie D, nummer 308A, gelegen in de Sint-Elooistraat.

 

Motivering

 

De gemeente is voor 5/6 eigenaar van een weiland gelegen in de Sint-Elooistraat, kadastraal gekend onder Deerlijk, 2e afdeling, sectie D, nummer 308A. De overige 1/6 van het perceel is eigendom van de heer Johan Vanwynsberghe. Het totale perceel heeft een oppervlakte van 13.007 m².

 

De gemeente wenst dit resterende 1/6 aandeel aan te kopen en heeft hiervoor beëdigd landmeter-expert Bart Degezelle (Molendreef 33, 8570 Anzegem) aangesteld om een schattingsverslag op te maken.

 

Op 7 maart 2025 werd het schattingsverslag ontvangen.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het schattingsverslag van 7 maart 2025, opgesteld door beëidigd landmeter-expert Bart Degezelle, van het stuk weiland, kadastraal gekend onder Deerlijk, 2e afdeling, sectie D, nummer 308A, gelegen in de Sint-Elooistraat.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.8. Aanbrengen van wegmarkeringen 2025-2026 - gunning - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de gunning van de opdracht “Aanbrengen van wegmarkeringen 2025-2026” goed te keuren.

 

Motivering

 

In het kader van de opdracht “Aanbrengen van wegmarkeringen 2025-2026” werd een bestek met nr. 2025-02 opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen.

 

De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 88.641,40 euro excl. btw of 107.256,09 euro incl. 21% btw (18.614,69 euro btw medecontractant).

 

Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 22 januari 2025 goedkeuring aan de lastvoorwaarden, de raming en de plaatsingsprocedure van deze opdracht, met name de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.

 

Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 22 januari 2025 om de plaatsingsprocedure te starten en volgende ondernemers uit te nodigen om deel te nemen aan de onderhandelingsprocedure:

        Trafiroad NV, Nieuwe Dreef 17 te 9160 Lokeren;

        Almaroma BV, Lange Ambachtstraat 20 te 9860 Oosterzele;

        De Groote Gaston NV, Souverainestraat 84 te 9810 Nazareth.

 

De offertes dienden het bestuur ten laatste op 17 februari 2025 om 11.00 uur te bereiken.

 

De verbintenistermijn van 90 kalenderdagen eindigt op 18 mei 2025.

 

Er werden 3 offertes ontvangen :

        Almaroma BV, Lange Ambachtstraat 20 te 9860 Oosterzele (66.980,00 euro excl. btw of 81.045,80 euro incl. 21% btw);

        Trafiroad NV, Nieuwe Dreef 17 te 9160 Lokeren (79.378,36 euro excl. btw of 96.047,82 euro incl. 21% btw);

        De Groote Gaston NV, Souverainestraat 84 te 9810 Nazareth (83.620,00 euro excl. btw of 101.180,20 euro incl. 21% btw);

 

De deskundige aankoop, contracten & verzekeringen stelde op 20 februari 2025 het verslag van nazicht van de offertes op.

 

De deskundige aankoop, contracten & verzekeringen stelt voor om, rekening houdende met het voorgaande, deze opdracht te gunnen aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Almaroma BV, Lange Ambachtstraat 20 te 9860 Oosterzele tegen het nagerekende offertebedrag van 66.980,00 euro excl. btw of 81.045,80 euro incl. 21% btw (14.065,80 euro btw medecontractant).

 

Juridische gronden

 

   Algemene basisbevoegdheid: Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, § 3, 4° betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.

   Andere:

        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

        Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

        De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van 143.000,00 euro niet).

        Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

        Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.

        Besluit van de gemeenteraad van 28 mei 2020 houdende vaststelling van de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die beschouwd worden als opdrachten van dagelijks bestuur;

 

Adviezen

 

De coördinator wegen & water verleent positief advies.

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Bestelbedrag

66.980,00 euro excl. btw of 81.045,80 euro incl. btw

Actie

Verrichtingen zonder beleidsdoelstellingen

Jaarbudgetrekening

0200-00/61510000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN

Visum

G-2025-10 dd. 27/02/2025

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Goedkeuring wordt verleend aan het verslag van nazicht van de offertes van 20 februari 2025, opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen.

 

Artikel 2

 

Het verslag van nazicht van de offertes in bijlage maakt integraal deel uit van deze beslissing.

 

Artikel 3

 

De opdracht “Aanbrengen van wegmarkeringen 2025-2026” wordt gegund aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Almaroma BV, Lange Ambachtstraat 20 te 9860 Oosterzele tegen het nagerekende offertebedrag van 66.980,00 euro excl. btw of 81.045,80 euro incl. 21% btw (14.065,80 euro btw medecontractant).

 

Artikel 4

 

De uitvoering moet gebeuren overeenkomstig de lastvoorwaarden vastgelegd in het bestek met nr. 2025-02.

 

Artikel 5

 

De aanvangsdatum van deze opdracht wordt vastgesteld op 1 april 2025.

 

Artikel 6

 

De aannemer wordt per aangetekende zending in kennis gesteld van deze aanvangsdatum.

 

Artikel 7

 

De betaling zal gebeuren met het krediet ingeschreven in het exploitatiebudget van 2025, op jaarbudgetrekening 0200-00/61510000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB) en in het budget van de volgende jaren.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.9. Aankoop brandstoffen met tankkaarten - gunning - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de gunning van de opdracht “Aankoop brandstoffen met tankkaarten” goed te keuren.

 

Motivering

 

In het kader van de opdracht “Aankoop brandstoffen met tankkaarten” werd een bestek met nr. 2025-01 opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen.

 

De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 98.347,10 euro excl. btw of 119.000,00 euro incl. 21 % btw.

 

Het college van burgemeester en schepenen verleende in zitting van 22 januari 2025 goedkeuring aan de lastvoorwaarden, de raming en de plaatsingsprocedure van deze opdracht, met name de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.

 

Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 22 januari 2025 om de plaatsingsprocedure te starten en volgende ondernemers uit te nodigen om deel te nemen aan de onderhandelingsprocedure:

        G&V Servicestations nv, Vredestraat 53 te 8790 Waregem;

        Radius Business Solutions nv, Oscar Delghuststraat 60 te 9600 Ronse;

        Gabriëls & Co nv, Hekkestraat 41 te 9308 Hofstade;

        Wex Europe Services bv, Grote Markt 40-42 te 9600 Ronse.

 

De offertes dienden het bestuur ten laatste op 17 februari 2025 om 10.00 uur te bereiken.

 

De verbintenistermijn van 90 kalenderdagen eindigt op 18 mei 2025.

 

Er werden 2 offertes ontvangen:

        G&V Servicestations nv, Vredestraat 53 te 8790 Waregem (Korting/l excl. btw: 0,1576 euro);

        Radius Business Solutions nv, Oscar Delghuststraat 60 te 9600 Ronse (Korting/l excl. btw: 0,1488 euro);

 

De deskundige aankoop, contracten & verzekeringen stelde op 20 februari 2025 het verslag van nazicht van de offertes op.

 

De deskundige aankoop, contracten & verzekeringen stelt voor om, rekening houdend met het voorgaande, deze opdracht te gunnen aan de firma met de enige regelmatige offerte (op basis van de prijs), zijnde G&V Servicestations nv, Vredestraat 53 te 8790 Waregem tegen een korting per liter van 0,1576 euro excl. BTW op de officiële prijzen.

 

Het betreft een gezamenlijke opdracht waarbij de gemeente Deerlijk optreedt in naam van het Sociaal Huis Deerlijk bij de gunning van de opdracht.

 

Juridische gronden

 

   Algemene basisbevoegdheid: Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, § 3, 4° betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.

   Andere:

        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

        Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

        De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van 143.000,00 euro niet), en meer bepaald  artikels 2, 36° en 48 die een gezamenlijke realisatie van de opdracht in naam en voor rekening van meerdere aanbesteders toelaat.

        Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

        Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.

        Besluit van de gemeenteraad van 28 mei 2020 houdende vaststelling van de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die beschouwd worden als opdrachten van dagelijks bestuur.

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Korting per liter

0,1576 euro/l excl. btw of 0,1907 euro/l incl. btw

Actie

Verrichtingen zonder beleidsdoelstelling

Jaarbudgetrekening

0200-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN

0705-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN

0740-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN

0801-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN

Visum

G-2025-8 dd. 20/02/2025

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Goedkeuring wordt verleend aan het verslag van nazicht van de offertes van 20 februari 2025, opgesteld door de deskundige aankoop, contracten & verzekeringen.

 

Artikel 2

 

Het verslag van nazicht van de offertes in bijlage maakt integraal deel uit van deze beslissing.

 

Artikel 3

 

De opdracht “Aankoop brandstoffen met tankkaarten” wordt gegund aan de firma met de enige regelmatige offerte (op basis van de prijs), zijnde G&V Servicestations nv, Vredestraat 53 te 8790 Waregem tegen een korting per liter van 0,1576 euro excl. BTW op de officiële prijzen.

 

Artikel 4

 

De uitvoering moet gebeuren overeenkomstig de lastvoorwaarden vastgelegd in het bestek met nr. 2025-01.

 

Artikel 5

 

De betaling zal gebeuren met de kredieten ingeschreven in het exploitatiebudget van 2025, op jaarbudgetrekening 0200-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB), 0705-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB), 0740-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB) en 0801-00/61130001/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB) en in het budget van de volgende jaren.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.10. Studiewerken Sint-Columbakerk - gunning - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de gunning van de studiewerken voor de Sint-Columbakerk goed te keuren.

 

Motivering

 

Als eigenaar van de Sint-Columbakerk wenst de gemeente volgende studiewerken te laten uitvoeren:

        Opmaak vooronderzoeksdossier naar de historische verflagen en cultuurgoederen incl. premiedossier;

        Studie bestaande elektrische installatie, ontwerp nieuwe elektrische installatie met budgetraming;

        Studie nevenbestemming (polyvalenter gebruik), analyse toestand, opmaak scenario's, voorstel van ingrepen en budgetraming.

 

De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 20.000,00 euro excl. btw of 24.200,00 euro incl. 21% btw.

 

Er wordt voorgesteld de opdracht tot stand te brengen bij wijze van de aanvaarde factuur (overheidsopdracht van beperkte waarde).

 

Volgende ondernemers werden uitgenodigd om deel te nemen aan deze opdracht:

        urbain architectencollectief BV, Zuidstationstraat 38 te 9000 Gent;

        Demeyere J&A bv, Veldstraat 71 te 8500 Kortrijk;

        Architectenbureau 3Architecten BV, Deken De Saegherplein 14 te 8800 Roeselare.

 

Er werden 2 offertes ontvangen :

        Demeyere J&A bv, Veldstraat 71 te 8500 Kortrijk;

        urbain architectencollectief BV, Zuidstationstraat 38 te 9000 Gent;

 

De deskundige aankopen, contracten & verzekeringen stelt voor om, rekening houdende met het voorgaande, deze opdracht te gunnen aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Demeyere J&A bv, Veldstraat 71 te 8500 Kortrijk tegen het offertebedrag van 15.900,00 euro excl. btw of 19.239,00 euro incl. 21% btw.

 

Juridische gronden

 

   Algemene basisbevoegdheid: Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 56, § 3, 5°, waarbij wordt bepaald dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht van dagelijks bestuur;

   Andere:

        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

        Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

        De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

        De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 92 (de geraamde waarde excl. btw bereikt de drempel van 30.000,00 euro niet).

        Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

        Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

        Besluit van de gemeenteraad van 28 mei 2020 houdende vaststelling van de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die beschouwd worden als opdrachten van dagelijks bestuur;

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Bestelbedrag

15.900,00 euro excl. btw of 19.239,00 euro incl. 21% btw

Actie

Uitvoeren van beheers- en herstellingswerken aan het interieur van de Sint-Columbakerk (A-4.07.1)

Jaarbudgetrekening

0790-00/22100000/BESTUUR/CBS/0/IP-24

Visum

G-2025-11 dd. 07/03/2025

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Bovengenoemde opdracht komt tot stand bij wijze van de aanvaarde factuur (overheidsopdracht van beperkte waarde).

 

Artikel 2

 

Goedkeuring wordt verleend aan het gunningsvoorstel, opgesteld door de ontwerper.

 

Artikel 3

 

Deze opdracht wordt gegund aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Demeyere J&A bv, Veldstraat 71 te 8500 Kortrijk tegen het nagerekende offertebedrag van 15.900,00 euro excl. btw of 19.239,00 euro incl. 21% btw.

 

Volgende studiewerken worden uitgevoerd:

        Opmaak vooronderzoeksdossier naar de historische verflagen en cultuurgoederen incl. premiedossier;

        Studie bestaande elektrische installatie, ontwerp nieuwe elektrische installatie met budgetraming;

        Studie nevenbestemming (polyvalenter gebruik), analyse toestand, opmaak scenario's, voorstel van ingrepen en budgetraming.

 

Artikel 4

 

De betaling zal gebeuren overeenkomstig de bepalingen voorzien in de offerte en met het krediet ingeschreven in het investeringsbudget van 2025, op jaarbudgetrekening 0790-00/22100000/BESTUUR/CBS/0/IP-24 (actie A-4.07.1).

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.11. Zaalwachter (D1-D3) - vacantverklaring en samenstelling selectiecommissie - goedkeuring

 

STEMMINGEN

bij geheime stemming

Het college van burgemeester en schepenen besluit met 5 ja-stemmen

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.12. Hulparbeider groen & proper (E1-E3) - vacantverklaring en samenstelling selectiecommissie - goedkeuring

 

STEMMINGEN

bij geheime stemming

Het college van burgemeester en schepenen besluit met 5 ja-stemmen

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.13. Evenementencoach (B1-B3) - vacantverklaring en samenstelling selectiecommissie - goedkeuring

 

STEMMINGEN

bij geheime stemming

Het college van burgemeester en schepenen besluit met 5 ja-stemmen

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.14. Busbegeleider - tijdelijke aanstelling / vervanging wegens ziekte - goedkeuring

 

STEMMINGEN

bij geheime stemming

Het college van burgemeester en schepenen besluit met 5 ja-stemmen

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.15. Beslissingen algemeen directeur - februari 2025 - kennisname

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.16. Lidmaatschap netwerk Mayors for Peace - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om het lidmaatschap bij Mayors for Peace, te vernieuwen voor 2025.

 

Motivering

 

Mayors for Peace is een internationaal netwerk van steden en gemeenten dat onder het voorzitterschap van de Japanse steden Hiroshima en Nagasaki sedert 1982 wereldwijd ijvert voor nucleaire ontwapening. Het netwerk telt 8.378 leden in 166 landen. België telt 395 leden.

Het hoofdsecretariaat zetelt in Hiroshima. Door de snelle groei van het netwerk wordt sinds 2017 gewerkt met het systeem van "Lead cities" met een brugfunctie tussen het hoofdsecretariaat en de lid-staten. De stad Ieper treedt hierbij op als Lead City, regioverantwoordelijke voor ons land.

 

Steden en gemeenten die lid zijn van Mayors for Peace betalen vrijwillig een jaarlijks lidgeld van 50 euro. Ongeveer 17 euro daarvan gaat rechtstreeks naar het secretariaat in Hiroshima. Met de rest van het bedrag kunnen er initiatieven worden opgezet in België.

 

In hun brief van 1 maart 2025 vraagt de stad Ieper aan het college van burgemeester en schepenen om:

        het lidmaatschap bij Mayors for Peace te vernieuwen voor 2025, door 50 euro over te schrijven op rekeningnummer BE08 0910 2205 6213 van Mayors for Peace;

        van 6 augustus 2025 om 8.15 uur tot 9 augustus 2025 om 11.02 uur, de vlag van Mayors for Peace op te hangen op een zichtbare plaats in de gemeente en het secretariaat van Mayors for Peace in Ieper te informeren over de deelname aan dit gezamenlijk herdenkingsmoment;

        aan te geven of onze gemeente geïnteresseerd is in het organiseren van een tentoonstelling over de impact van het gebruik van kernwapens;

        de ICAN Cities Appeal te ondertekenen indien dit nog niet gebeurde (ICAN = the international campaign to abolish nuclear weapons). De ICAN Cities Appeal werd reeds ondertekend door de gemeente Deerlijk.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Raming of bedrag

50,00 euro (cfr . factuur in bijlage)

Actie

GBB

Jaarbudgetrekening

0190-00/61340000

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om het lidgeld 2025 van 50 euro te betalen aan Mayors for Peace.

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om van 6 augustus 2025 tot 9 augustus 2025 de vlag van Mayors for Peace op te hangen aan het gemeentehuis en het secretariaat van Mayors for Peace in Ieper te verwittigen van onze deelname aan dit herdenkingsmoment.

 

Artikel 3

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit dat gemeente Deerlijk niet geïnteresseerd is in het organiseren van een tentoonstelling over de impact van het gebruik van kernwapens.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.18. Regionale plattelandsstuurgroep - vertegenwoordiging - legislatuur 2025-2030 - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de aanduiding van een effectief en plaatsvervangend vertegenwoordiger in de Regionale Plattelandsstuurgroep, te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025.

 

Motivering

 

De gemeente Deerlijk maakt deel uit van de Regionale Plattelandsstuurgroep, een stuurgroep die de Plattelandsstrategie Zuid-West-Vlaanderen beheert en ingediende subsidieprojecten ter ondersteuning van de regionale plattelandsontwikkeling in Zuid-West-Vlaanderen, beoordeelt.

 

In deze regionale stuurgroep vaardigt elke gemeente een politieke vertegenwoordiger af, die bepaalde competenties dient te hebben, zoals o.a.:

 

Communicatieve vaardigheden: de leden van de stuurgroep spelen een actieve rol in het communiceren over de Plattelandsstrategie. Ze helpen bij het bekendmaken van nieuwe oproepen, wijzen projectideeën in de juiste richting en delen de resultaten van afgeronde projecten.

 

Besluitvaardigheid: de leden van de stuurgroep beoordelen de ingediende projecten op basis van de criteria opgenomen in het provinciaal reglement en formuleren een goed onderbouwd advies, dat wordt voorgelegd aan de deputatie. Daarnaast dragen ze bij aan de tussentijdse en eindevaluatie van het programma.

 

Assertiviteit: tijdens de vergaderingen wordt van de leden een actieve en betrokken houding verwacht bij de bespreking van de projecten

 

Ruimdenkend: de leden van de stuurgroep staan open voor nieuwe inzichten en creatieve oplossingen die bijdragen aan het behalen van gemeenschappelijke doelen.

 

Conform art. 41, 4° en art. 41, 13° behoort de vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen, alsook het inrichten van overlegstructuren, tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, §1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 41, 4° en art. 41, 13° Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om de aanduiding van een effectief en plaatsvervangend vertegenwoordiger in de Regionale Plattelandsstuurgroep, te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.19. Zefier cv - vertegenwoordiging algemene vergadering - legislatuur 2025-2030 - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgende punt te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025:

        de aanduiding van een volmachtdrager en plaatsvervangend volmachtdrager voor de algemene vergaderingen van de coöperatieve vennootschap Zefier, voor de legislatuur 2025-2030.

 

Motivering

 

De gemeente is vennoot van Zefier cv.

 

Via een schrijven heeft Zefier cv de gemeente ingelicht dat zij een volmachtdrager en plaatsvervangend volmachtdrager kan aanduiden voor de algemene vergaderingen van Zefier cv voor de nieuwe legislatuur (deze moet geen mandataris zijn).

 

Conform artikel 41, 4° van het Decreet Lokaal Bestuur behoort de deelname aan of de vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 41, 4° Decreet Lokaal Bestuur

        Statuten Zefier cv

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgend punt te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025:

        de aanduiding van een volmachtdrager en plaatsvervangend volmachtdrager voor de algemene vergaderingen van de coöperatieve vennootschap Zefier, voor de legislatuur 2025-2030.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.20. De Watergroep - vernieuwing raad van bestuur - kandidatuurstelling - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken, de voordracht aan de algemene vergadering en aan de Vlaamse regering, van een kandidaat-lid in de raad van bestuur van De Watergroep, voor de periode juni 2025-juni 2030, te agenderen op de gemeenteraadszitting van 12 maart 2025.

 

Motivering

 

De gemeente Deerlijk is vennoot bij De Watergroep.

 

Op 3 maart 2025 ontving de gemeente een mail van De Watergroep aangaande de vernieuwing van hun raad van bestuur. Op de algemene vergadering van 13 juni 2025 lopen alle mandaten van de huidige raad van bestuur ten einde.

 

Conform de statuten van De Watergroep en in overeenstemming met het decreet deugdelijk bestuur, bestaat de raad van bestuur uit maximaal 13 bestuurders inclusief de voorzitter.

 

De raad van bestuur wordt als volgt samengesteld:

 

  1. De algemene vergadering benoemt 4 bestuurders. De provinciale vennotenvergaderingen dragen de kandidaten voor.
  2. De Vlaamse regering kiest 1 bestuurder uit 4 kandidaten die zijn voorgedragen door de provinciale vennotenvergaderingen.
  3. De Vlaamse regering benoemt rechtstreeks 3 bestuurders, inclusief de voorzitter.
  4. De Vlaamse regering benoemt 5 onafhankelijke bestuurders op voordracht van de raad van bestuur.

 

Om de door de gemeente voor te dragen kandidaten te kiezen (punten 1 en 2 hierboven), wordt de provinciale vennotenvergadering in West-Vlaanderen, georganiseerd op woensdag 30 april 2025 om 10.30 uur in Kortrijk.

 

De gemeentelijke vertegenwoordiger in het aandeelhoudersbestuur van de drinkwaterdienst, de heer Claude Croes, zal hiertoe een uitnodiging ontvangen. Hij is ook de stemgerechtigde in deze vennotenvergadering.

 

Iedere vertegenwoordiger heeft in de vennotenvergadering evenveel stemrechten als het aantal aandelen van de vennoot in De Watergroep.

 

Indien de heer Claude Croes niet in persoon kan aanwezig zijn in de vennotenvergadering, dan kan de gemeente uitzonderlijk een volmacht verlenen aan een ander gemeenteraadslid. De volmacht moet ondertekend worden door de burgemeester.

 

Voor de bestuurder, aan te stellen door de Vlaamse regering, wordt één kandidaat per provincie gekozen.

 

Een kandidaat die wordt gekozen om voor te dragen aan de algemene vergadering kan niet meer worden verkozen om voor te dragen aan de Vlaamse regering.

 

 

Conform de statuten mogen de voorgedragen kandidaten geen lid zijn van:

 

        de Federale Kamer van Volksvertegenwoordigers, Senaat en Regering;

        het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering;

        het Europees Parlement en de Europese Commissie;

        de bestendige deputatie van een provincie.

 

De raad van bestuur komt maandelijks bijeen op de laatste vrijdag van de maand, van 10 tot 13 uur. Op de vergadering overlegt en beslist de raad over strategische en beleidsmatige dossiers, en over grote investeringen. De werkingsregels van de raad zijn bepaald in het huishoudelijk reglement (zie bijlage).

 

De Watergroep en bij uitbreiding de watersector staan voor grote uitdagingen. Om deze uitdagingen te kunnen aangaan, werd een gewenste profielsamenstelling van de toekomstige raad gedefinieerd (zie bijlage).

 

In de schoot van de raad van bestuur werken 3 interne comités:

 

        Bureau van de raad van bestuur, samengesteld uit de voorzitter en 4 leden van de raad van bestuur. Het bureau vergadert maandelijks en legt de agenda voor de vergadering van de raad van bestuur vast. Het bureau oefent ook de functie van remuneratiecomité uit.

        Consultatieve Commissie voor Pensioenen, paritair samengesteld uit 2 afgevaardigden van de representatieve vakorganisaties en 2 afgevaardigden aangewezen door de raad van bestuur. De commissie vergadert minstens 2 keer per jaar, in de praktijk 3 tot 4 keer.

        Intern Auditcomité, samengesteld uit 6 bestuurders van De Watergroep.

 

De verkiezing gaat concreet als volgt:

 

De provinciale vennotenvergadering zal eerst de kandidaat voor voordracht aan de algemene vergadering kiezen. Nadien de kandidaat voor voordracht aan de Vlaamse regering.

Indien de gemeente één persoon aanduidt die zowel kandidaat is voor voordracht algemene vergadering als voor voordracht Vlaamse regering en deze persoon bij de keuze van de kandidaat, voor te dragen aan de algemene vergadering, de meeste stemmen zou behalen, dan zal hij/zij effectief aan de algemene vergadering worden voorgedragen. Deze persoon kan niet meer deelnemen aan de verkiezing (door de vennotenvergadering) van de kandidaat die zal worden voorgedragen aan de Vlaamse regering.

Moest deze persoon niet de meeste stemmen behalen, dan neemt hij/zij wel nog deel aan de verkiezing van de kandidaat, voor te dragen aan de Vlaamse regering.

 

Het komt de gemeenteraad toe een kandidaat voor te dragen voor de raad van bestuur van De Watergroep op volgende wijze:

        1 kandidaat voor te dragen aan de algemene vergadering + 1 kandidaat voor te dragen aan de Vlaamse regering;

        OF 1 kandidaat voor te dragen aan zowel de algemene vergadering als de Vlaamse regering;

        OF 1 kandidaat voor te dragen aan de algemene vergadering;

        OF 1 kandidaat voor te dragen aan de Vlaamse regering.

 

Conform artikel 41, 4° van het Decreet Lokaal Bestuur behoort de deelname aan of de vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 41, 4° Decreet Lokaal Bestuur

        Statuten De Watergroep

        Huishoudelijk reglement De Watergroep

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om de voordracht aan de algemene vergadering en aan de Vlaamse regering, van een kandidaat-lid voor de raad van bestuur van De Watergroep, te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.21. Woonwijs - vertegenwoordiging beheerscomité - legislatuur 2025-2030 - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgend punt te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025:

        de aanduiding van een stemgerechtigd lid als vertegenwoordiger van de gemeente in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs.

 

Motivering

 

De gemeente is lid van de Interlokale Vereniging Wonen Deerlijk, Harelbeke, Kuurne, Lendelede en Zwevegem, thans Woonwijs genoemd via bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst.

 

Punt 2.2. van bovenvermelde samenwerkingsovereenkomst stipuleert dat het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging is samengesteld uit:

        een lid van het college van burgemeester en schepenen van elke deelnemende gemeente, bij voorkeur bevoegd voor wonen, huisvesting, ruimtelijke ordening of welzijn;

        een lid van het vast bureau van elk deelnemend OCMW, bij voorkeur bevoegd voor welzijn of sociale zaken;

        één vertegenwoordiger van de provincie West-Vlaanderen.

 

Daarbij mag het lid van het vast bureau niet hetzelfde zijn als het lid van het college van burgemeester en schepenen.

 

De vertegenwoordigers van de gemeenten en de OCMW's zijn stemgerechtigd.

 

Conform artikel 41, § 2, 4° behoort de deelname aan of vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen, tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere: Art. 392 - 395 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgend punt te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025:

        de aanduiding van een stemgerechtigd lid als vertegenwoordiger van de gemeente in het beheerscomité (= stuurgroep) van de interlokale vereniging Woonwijs.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.22. Onderwijsgerelateerde raden/commissies - vertegenwoordiging - legislatuur 2025-2030 - verzoek agendering gemeenteraad

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om volgende punten te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025:

        aanduiding van  3 vertegenwoordigers (gemeenteraadsleden) zonder stemrecht in de schoolraad van het BBO;

        aanduiding van 2 vertegenwoordigers (gemeenteraadsleden) zonder stemrecht in de schoolraad van het LO;

        aanduiding van een effectief en plaatsvervangend vertegenwoordiger (gemeenteraadsleden) in het beheerscomité van de interlokale vereniging/netoverschrijdende scholengemeenschap Kadanz;

        aanduiding van drie afgevaardigden van het schoolbestuur (gemeenteraadsleden) in het overlegcomité 'Samenwerkingsovereenkomst Berk-Beuk';

voor de legislatuur 2025-2030.

 

Motivering

 

Schoolraad BBO

 

Artikel 8, § 1 van het decreet van 2 april 2004, betreffende de participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad, bepaalt dat in iedere school een schoolraad wordt opgericht.

 

In zitting van 24 maart 2005 heeft de gemeenteraad beslist een schoolraad op te richten voor de gemeentelijke lagere scholen voor buitengewoon onderwijs De Kim en De Sam.

 

Daarbij werd bepaald dat het schoolbestuur via drie gemeenteraadsleden aan de gemeenschappelijke schoolraad van De Kim en De Sam zal participeren met raadgevende stem.

 

Schoolraad LO

 

Artikel 8, § 1 van het decreet van 2 april 2004, betreffende de participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad, bepaalt dat in iedere school een schoolraad wordt opgericht.

 

In zitting van 24 maart 2005 heeft de gemeenteraad beslist een schoolraad op te richten in de gemeentelijke lagere school.

 

Daarbij werd bepaald dat het schoolbestuur via twee gemeenteraadsleden aan de gemeenschappelijke schoolraad van De Kim en De Sam zal participeren met raadgevende stem.

 

Beheerscomité van de interlokale vereniging/netoverschrijdende scholengemeenschap Kadanz

 

In zitting van 30 april 2020 heeft de gemeenteraad de overeenkomst tot het oprichten van de netoverschrijdende scholengemeenschap interlokale vereniging Kandanz, waartoe de drie Deerlijkse gemeentescholen vanaf 1 september 2020 behoren, goed te keuren.

 

In uitvoering van art. 6 § 2 van de overeenkomst tot oprichting van Kadanz, worden de bevoegdheden van de interlokale vereniging uitgeoefend door het Beheerscomité/het Comité van Afgevaardigden van de Schoolbesturen Scholengemeenschap (CASS).

 

Artikel 2, § 1 van het huishoudelijk reglement van Kadanz stipuleert dat door elk gemeentebestuur een lid van het college van burgemeester en schepenen wordt afgevaardigd in het beheerscomité, alsmede een vervangend lid met hetzelfde mandaat ingeval van afwezigheid van het effectief lid.

 

Overlegcomité 'Samenwerkingsovereenkomst Berk-Beuk'

 

In zitting van 28 mei 1998 heeft de gemeenteraad de samenwerkingsovereenkomst tussen het schoolbestuur van de gesubsidieerde vrije basisschool met administratieve vestigingsplaats in de Hoogstraat 39 (nu: de berk - Hoogstraat 41) te Deerlijk en het schoolbestuur van de gesubsidieerde gemeentelijke lagere school met administratieve vestigingsplaats in de Sint-Amandusstraat 16 (nu de beuk - Sint-Amandusstraat 26), goedgekeurd.

 

Artikel 19 van die samenwerkingsovereenkomst bepaalt dat drie afgevaardigden van het schoolbestuur zetelen in het overlegcomité.

 

Bij de aanvang van een nieuwe legislatuur dienen alle gemeentelijke raden, overlegstructuren en commissies opnieuw samengesteld te worden, zo ook

        de schoolraad van de gemeentelijke BBO De Kim en de Sam;

        de schoolraad van de gemeentelijke lagere school;

        het beheerscomité van de scholengemeenschap Kadanz;.

        het overlegcomité 'Samenwerkingsovereenkomst Berk-Beuk'.

 

Artikel 41, 4° van het Decreet Lokaal Bestuur stelt dat het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen en het beslissen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad behoren.

 

Artikel 41, 13° van het Decreet Lokaal Bestuur bepaalt dat het inrichten van adviesraden en overlegstructuren tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad behoort.

Gemeenteraadsleden en leden van het college van burgemeester en schepenen kunnen geen stemgerechtigd lid zijn van deze raden en de overlegstructuren.

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 34, art. 41, 4° en 13°, art. 392 - 395 Decreet Lokaal Bestuur

        Art. 8, § 1, art. 35 - 37 Decreet van 2 april 2004, betreffende de participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad

        Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, de artikelen 125bis tot en met 125quaterdecies, zoals gewijzigd door het decreet van 5 april 2019 betreffende het onderwijs XXIX

        Gemeenteraadsbeslissingen 28 mei 1998, 24 maart 2005, 1 juni 2006 en 30 april 2020

        Huishoudelijk reglement Kadanz

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgende punten te agenderen op de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025:

        aanduiding van  3 vertegenwoordigers (gemeenteraadsleden) zonder stemrecht in de schoolraad van het BBO;

        aanduiding van 3 vertegenwoordigers (gemeenteraadsleden) zonder stemrecht in de schoolraad van het LO;

        aanduiding van een effectief en plaatsvervangend vertegenwoordiger (gemeenteraadsleden) in het beheerscomité van de scholengemeenschap interlokale vereniging Kadanz;

        aanduiding van drie afgevaardigden van het schoolbestuur (gemeenteraadsleden) in het overlegcomité 'Samenwerkingsovereenkomst Berk-Beuk';

voor de legislatuur 2025-2030.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.23. Jeugdraad - verslag van 9 februari 2025 - kennisname

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt verzocht kennis te nemen van het verslag van de vergadering van de Jeugdraad op 9 februari 2025.

 

Motivering

 

Op 9 februari 2025 ging de vergadering door van de jeugdraad.

Het verslag van deze vergadering werd goedgekeurd in vergadering van de jeugdraad van 2 maart 2025.

 

De bijhorende toelichting is te vinden in het verslag in bijlage.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het goedgekeurde verslag van de vergadering van de jeugdraad op 9 februari 2025 die te vinden is in bijlage.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.24. Tienerwerking - Graffiti-workshop - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om toelating te verlenen voor de Graffiti-workshop in 2025, georganiseerd door de jeugddienst in het kader van de tienerwerking.

 

Motivering

 

Vanuit het collegebesluit (zie bijlage) omtrent de tienerwerking van 2024. Wilt de jeugddienst graag vragen aan het college van burgemeester en schepenen indien de mogelijkheid nog steeds geldend is om de graffiti-workshop anno 2025 door te laten gaan in het oude depot.

 

In 2024 heeft de jeugddienst de graffiti-workshop door laten gaan in het Gaverdomein aan de hand van folie, deze folie werd verankerd tussen twee bomen. Helaas heeft deze folie een korte levensduur vanwege weersomstandigheden, vandalisme, ...

 

Daarom zou de jeugddienst het goed vinden om dit op een muur te doen met name een binnenmuur van het oude depot. Vanuit een vorig collegebesluit werd deze suggestie gemaakt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Dienst Ruimte:

 

Zoals vorig jaar ook besproken is het misschien wenselijker om te zoeken naar een oplossing met panelen die dan tijdelijk ergens kunnen opgesteld worden. Dit heeft als voordeel dat dit na een zekere periode terug kan verwijderd worden. Met betrekking tot het oude gemeentelijke depot wil ik ook wel meegeven dat het de intentie is om dit te gaan slopen dus misschien kan dit nu nog éénmalig hiervoor eens gebruikt worden gezien dit dan toch zal verdwijnen.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56.§ 1. Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de graffiti-workshop voor 2025 te laten doorgaan in het oude depot en de binnenmuur van het oude depot te gebruiken.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.25. Erfgoed - schenking beeld 'Hemelvaart' door familie D'Haluin-Dekeyser -  verzoek agendering GR - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om de schenking van het beeld "Hemelvaart" van familie D'Haluin-Dekeyser, ter goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.

 

Motivering

 

In maart 2024 gaf familie D'Haluin-Dekeyser te kennen het bronzen beeld "Hemelvaart" van kunstenares May Claerhout, te willen schenken aan het lokaal bestuur van Deerlijk, en deze schenking te doen uit vrijgevigheid.

 

Bij de wens tot schenking werd door de familie D'Haluin-Dekeyser uitgedrukt dat ze het beeld graag in een openbare ruimte in Deerlijk geplaatst zagen, zodat ook het publiek van het kunstwerk kan genieten. Jan D'Haluin stelde zelf voor om het beeld een plek te geven op de begraafplaats in het centrum. In samenspraak met de dienst ruimte en de dienst groen werd een adequate plek voor het beeld op de begraafplaats uitgekozen (zie bijlage).

De desbetreffende schenkingsovereenkomst kan gevonden worden in bijlage.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: art. 56 § 1. Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om de schenking van het beeld "Hemelvaart" van familie D'Haluin-Dekeyser, ter goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.26. Cultuur/sport - Premiereglement renovatie- en herstellingswerken aan lokalen in eigendom - verzoek agendering GR - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken het premiereglement "renovatie- en herstellingswerken aan lokalen in eigendom van cultuur- of sportverenigingen" voor goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.

 

Motivering

 

Voorliggend reglement betreft de verlenging van het bestaande reglement zoals goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 17 december 2020.

 

De noodzaak tot agendering wordt als volgt gemotiveerd:

 

Het reglement wordt verlengd, maar vraagt een aanvulling. Het toepassingsvlak van het premiereglement wordt uitgebreid, zodat niet alleen verenigingen met lokalen in eigendom premies kunnen aanvragen, maar ook verenigingen die een lokaal huren via een langdurige huurovereenkomst van dit premiereglement gebruik kunnen maken. Concreet betekent dit dat artikel 1 in voorliggend reglement uitgebreid wordt en dat er voorwaarden worden toegevoegd in het kader van een langdurige huurovereenkomst (artikel 2 in voorliggend reglement). De uitbreiding van artikel 1 en het toegevoegde artikel worden als volgt geformuleerd:

 

Art. 1. - Voor wie

 

De renovatie- en herstellingspremie kan worden aangevraagd door Deerlijkse erkende verenigingen die een lokaal in eigendom hebben of via een langdurige huurovereenkomst ter beschikking hebben op het grondgebied van de gemeente, en het lokaal voor hun reguliere werking gebruiken.

 

Art. 2. - Voorwaarden bij een langdurige huurovereenkomst

 

Onder "langdurige huurovereenkomst" wordt een huur van minstens 9 jaar, vanaf de datum van de premieaanvraag, verstaan. Deze huurovereenkomst moet kunnen gestaafd worden met ondertekende documenten tussen de verhurende en de hurende partij.

 

Indien de vereniging de locatie (in eigendom of via langdurige huurovereenkomst) verlaat waar zij de betreffende renovatie- en herstellingswerken hebben uitgevoerd, om welke reden ook, zullen zij gehouden zijn de premie voor de resterende jaren waarvoor de premie geldt terug te betalen aan de gemeente.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Premiereglement renovatie- en herstellingswerken aan lokalen in eigendom van erkende sportverenigingen of culturele verenigingen, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 17 december 2020

        Art. 41, tweede lid, 23° Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken volgend reglement voor goedkeuring te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025:

 

PREMIEREGLEMENT RENOVATIE- EN HERSTELLINGSWERKEN AAN LOKALEN IN EIGENDOM EN VIA LANGDURIGE HUUROVEREENKOMST VAN ERKENDE SPORTVERENIGINGEN OF CULTURELE VERENIGINGEN

 

Art. 1. - Voor wie

 

De renovatie- en herstellingspremie kan worden aangevraagd door Deerlijkse erkende verenigingen die een lokaal in eigendom hebben of via een langdurige huurovereenkomst ter beschikking hebben op het grondgebied van de gemeente, en het lokaal voor hun reguliere werking gebruiken.

 

Art. 2. - Voorwaarden bij een langdurige huurovereenkomst

 

Onder "langdurige huurovereenkomst" wordt een huur van minstens 9 jaar, vanaf de datum van de premieaanvraag, verstaan. Deze huurovereenkomst moet kunnen gestaafd worden met ondertekende documenten tussen de verhurende en de hurende partij.

 

Indien de vereniging de locatie (in eigendom of via langdurige huurovereenkomst) verlaat waar zij de betreffende renovatie- en herstellingswerken hebben uitgevoerd, om welke reden ook, zullen zij gehouden zijn de premie voor de resterende jaren waarvoor de premie geldt terug te betalen aan de gemeente.

 

Art. 3. - Maximumbedrag en berekening

 

De renovatie- en herstellingspremie bedraagt 50 % van de kostprijs van de uitgevoerde renovatie- en/of herstellingswerken met een maximum van 2.000,00 euro per jaar, per aanvrager.

 

Een aanvrager kan het premiebedrag voor meerdere jaren ver in één keer aanvragen. De aanvrager moet hiervoor kunnen aantonen dat de omvang van de werken van die orde is om deze verhoogde premie te kunnen aanvragen. De aanvrager kan volgens deze uitzonderingsprocedure geen beroep doen op de premie in de jaren volgend op de aanvraag. Daarbij wordt het aantal jaren volgend op de aanvraag berekend door het totale bedrag van de aanvraag te delen door het jaarlijks maximumbedrag van de premie. De maximumtermijn voor het aanvragen van een premiebedrag voor meerdere jaren is vastgesteld op 10 jaar.

 

 

Art. 4. - Voorwaarden en criteria

 

Om voor de renovatie- en herstellingspremie in aanmerking te komen dienen de renovatie- en/of herstellingswerken, ofwel

        de veiligheid (stevigheid, elektrische installatie, brandveiligheid, inbraak- en vandalismebeveiliging... );

        de toegankelijkheid;

        de nutsvoorzieningen (met aandacht voor sanitair en hygiëne);

        de duurzaamheid;

        de verfraaiing;

 

van het lokaal te verbeteren, waarbij de bovenstaande rangorde prioriteitsbepalend is.

 

Kosten die niet in aanmerking komen voor betoelaging zijn:

        gewone onderhoudskosten (bv. onderhoud van verwarmingsinstallatie, …)

        kosten voor los meubilair en toebehoren

        luxematerialen (bv. marmer, domotica, …)

 

Voor het deel van de kosten van duurzame maatregelen waar via andere kanalen subsidies kunnen voor verkregen worden, komt de gemeente Deerlijk niet in tussen.

 

Art. 5. - Aanvraagformaliteiten, toekenningsprocedure en advies

 

De aanvrager kan voor beide premievormen slechts één aanvraag per kalenderjaar indienen. De aanvraag voor een premie voor renovatie- en herstellingswerken moet schriftelijk gebeuren bij het college voor burgemeester en schepenen vóór 1 oktober op het daartoe voorgeschreven aanvraagformulier. Bij de aanvraag worden volgende documenten gevoegd:

 

        een beschrijving van de uitgevoerde werken;

        de voor waar en echt verklaarde facturen van de uitgevoerde renovatie- en/of herstellingswerken samen met de betalingsbewijzen ervan.

 

Meerdere renovatie- en/of herstellingswerken kunnen in één aanvraag gebundeld worden. Bij de beoordeling van het ingediende dossier beslist het college van burgemeester en schepenen, na advies van het bestuur van de cultuurraad of sportraad, over het al dan niet toekennen van de renovatie- en herstellingspremie. Indien deze niet wordt toegekend zal het college van burgemeester en schepenen dit binnen de maand na deze beslissing schriftelijk te kennen geven aan de aanvrager.

 

Indien er wijzigingen optreden in de gegevens die bij de premie-aanvraag zijn verstrekt, deelt de aanvrager die onmiddellijk en spontaan mee aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Art. 6. - Controle en toekenning

 

De bevoegde diensten kunnen een plaatsbezoek uitvoeren om vast te stellen of de renovatie- of herstellingswerken effectief werden uitgevoerd.

 

Art. 7. - Promotionele verplichtingen

 

Op elke publicatie moet de aanvrager de steun van de gemeente Deerlijk vermelden. Dit kan door een vermelding of door het gebruik van het logo van de gemeente.

 

Art. 8. - Inwerkingtreding

 

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 mei 2025 en is geldig tot en met 31 december 2031.

 

Artikel 2

 

Conform artikel 286, § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur wordt voorliggend reglement bekendgemaakt via de webtoepassing van de gemeente.

 

Artikel 3

 

Conform artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur brengt de gemeenteoverheid, op dezelfde dag als de bekendmaking zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, de toezichthoudende overheid op de hoogte van voormelde bekendmaking.

 

Artikel 4

 

Conform artikel 288 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de bekendmaking, zoals bepaald in artikel 2 van dit besluit, ingeschreven in het daartoe bestemde register, dat bijgehouden wordt op de wijze bepaald door de Vlaamse Regering.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.27. Cultuur - vervolg muurschildering gemeentehuis - extra kost en verwijderen kader - goedkeuring

 

Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.28. Feestelijkheden - feestcomité Statiewijk - BBQ - 1 juni 2025 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Op 20 februari 2025 werd een aanvraag ingediend door feestcomité Statiewijk Deerlijk voor volgend evenement:

 

Naam evenement

Jaarlijkse BBQ

Organisator

Feestcomité Statiewijk Deerlijk

Datum

Zondag 1 juni 2025

Plaats

Buurthuis De Statie,
Sint- Jozefsweg 15

 

Motivering

 

1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:

 

        aanvraag machtiging voor het verstrekken van sterke drank

 

Het is verboden sterke dranken te verkopen voor gebruik ter plaatse in occasionele drankgelegenheden waar openbare manifestaties plaatsvinden, tenzij het college van burgemeester en schepenen hiervoor een speciale machtiging verleent.

 

        aanvraag geluidsactiviteit als volgt:

 

85 dB(A) - zachte achtergrondmuziek

 

Contactpersoon

Naam

Luc Hallewaert

 

Adres

Pladijsstraat 105

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

Activiteit

Benaming activiteit

BBQ

Locatie

Gebouw

X

 

Tent

 

 

Open lucht

X

Adres

Naam gebouw

buurthuis de Statie

 

Adres

Sint-Jozefsweg 15

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

Maximaal geluidsniveau

>85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min

 

Duur

 

Begin

zondag 1 juni 2025 om 10.00 uur

Einde

zondag 1 juni 2025 om 18.00 uur

 

De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.

 

De aangevraagde muziekactiviteit kan toegestaan worden maar het is evenwel noodzakelijk om het toegelaten geluidsniveau en de toegelaten periode nauwkeurig vast te leggen.

 

Indien een organisator voor diens evenement een einduur vooropstelt dat vroeger valt dan het maximale einduur én buiten het afbouwscenario valt, is het afbouwscenario niet van toepassing, met dien verstande dat op het door de organisator vooropgestelde einduur alle geluidsactiviteit wordt stopgezet: zondag 1 juni 2025 om 18.00 uur.

 

Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.

 

        aanvraag politionele medewerking

 

Parkeerverbod op volgende plaats(en): parking buurthuis de Statie, Sint-Jozefsweg 15 op zondag 1 juni 2025 van 8.00 uur tot en met 18.00 uur.

 

Het verkeersvrij houden van volgende straat: inrit Sint-Jozefsweg op zondag 1 juni 2025 van 8.00 uur tot en met 18.00 uur, middels het plaatsen van een nadarhekken+ C3+ UPV- bord (doorgang uitgezonderd plaatselijk verkeer).

 

PZ Gavers verleende op 21 februari 2025 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 2484056.

 

        aanvraag tijdelijke inname openbaar domein

 

Feestcomité Statiewijk Deerlijk wenst haar jaarlijkse BBQ te organiseren op zondag 1 juni 2025 en vraagt toelating voor de inname van de parkeerzone rondom het buurthuis voor plaatsing van BBQ (traiteur), tafels en stoelen.

 

2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:

 

Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via https://www.hvzfluvia.be/organiseer-veilig.

 

Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen, ... opmaken.

 

Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).

 

De organisator wordt gevraagd om de omliggende bewoners via brief op de hoogte te brengen van het evenement.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Machtiging voor het verstrekken van sterke drank

        Art. 9 Wet van 28 december 1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank

        Toelating geluidsactiviteit

        Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

        Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.

        De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47

        Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024

        Plaatsing verkeerssignalisatie

        Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit evenement mits de aanstelling van een verantwoordelijke die ook optreedt als contactpersoon voor de hulp- en veiligheidsdiensten.

De eindverantwoordelijke zorgt voor de veiligheid in en rond het evenemententerrein, houdt toezicht in de omgeving en zal, indien nodig, politiezone Gavers contacteren.

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent een speciale machtiging voor de verkoop van sterke drank tijdens dit evenement.

 

Artikel 3

 

De aangevraagde muziekactiviteit wordt toegelaten mits naleving van volgende voorwaarden:

 

Voorwaarden met betrekking tot het maximaal geluidsniveau:

Maximaal geluidsniveau: > 85 dB(A) LAeq,15 min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15 min

        Het maximaal geluidsniveau mag LAeq,15 min 95 dB(A) niet overschrijden. Als het maximaal geluidsniveau, gemeten als LAmax,slow 102 dB(A) niet overschreden wordt, wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Bij het meten van het geluidsniveau worden zowel het geluid van muziek als het omgevingsgeluid in rekening gebracht.

        Het geluidsniveau geldt ter hoogte van de mengtafel of andere representatieve meetplaats.

        Op initiatief en op kosten van de exploitant/organisator wordt ofwel LAeq,15 min ofwel LAmax,slow continu gemeten d.m.v. meetapparatuur die voldoet aan de vereisten. Het geluidsniveau is tijdens de muziekactiviteit continu zichtbaar voor en wordt continu bewaakt door de exploitant/organisator of een door hem aangestelde persoon.

        De verplichting tot het meten van het geluidsniveau geldt niet als door de organisator/exploitant een geluidsbegrenzer gebruikt wordt die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. De geluidsbegrenzer moet voldoen aan de vereisten.

 

Voorwaarden met betrekking tot de duur van de muziekactiviteit:

Duur

 

Begin

zondag 1 juni 2025 om 10.00 uur

Einde

zondag 1 juni 2025 om 18.00 uur

 

Voorwaarden met betrekking tot de buurt:

        De inrichters als bedieners van de muziekinstallatie moeten zich houden aan een voor de buurt aanvaardbaar geluidsniveau. In geen geval mag de muziek de nachtrust van de omwonenden storen. Klachten inzake nachtlawaai dienen vermeden te worden. In voorkomend geval moeten de richtlijnen van de politiediensten strikt worden opgevolgd.

        De inrichters verwittigen de inwoners van de omliggende straten van de muziekactiviteit.

        De inrichters houden zich aan het vooropgestelde einduur waarop alle geluidsactiviteit wordt stopgezet: zondag 1 juni 2025 om 18.00 uur.

        De organisator brengt de politie op de hoogte van de muziekactiviteit.

 

Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.

 

Artikel 4

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein op zondag 1 juni 2025, van 8.00 uur tot en met 22.00 uur, parking buurthuis de Statie.

 

Artikel 5

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde politionele medewerking te verlenen.

 

De inrichter dient zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie. De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.

De levering van de verkeerssignalisatie gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het eventuele parkeerverbod gebeurt door de politie.

 

Artikel 6

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit het advies van de evenementencel te volgen en verzoekt de organisator deze richtlijnen van de verschillende disciplines te volgen inzake veiligheid.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.29. Feestelijkheden - Straatfeest - Guido Gezellelaan - 24 augustus 2025 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd toelating te verlenen voor de verschillende onderdelen van de aanvraag voor het houden van een straatfeest in de Guido Gezellelaan te Deerlijk.

 

Motivering

 

De inwoners van de Guido Gezellelaan wensen een straatfeest te organiseren op zondag 24 augustus 2025 en vragen daarbij:

 

        aanvraag tijdelijke inname openbaar domein

 

Het straatcomité van de Guido Gezellelaan wenst een straatfeest te organiseren op zondag 24 augustus 2025 en vraagt toelating voor de inname van een gedeelte van de openbare parking in de Guido Gezellelaan ( parkeerplaatsen aansluitend bij de ingang van het sportterrein).

 

        politionele medewerking

 

Parkeerverbod op de parkeerplaatsen of de kant van de openbare parking Guido Gezellelaan aansluitend bij de ingang van het sportterrein (conform inname Eagle ID 2475045), op zondag 24 augustus 2025 van 9.00 uur tot en met 18.00 uur.

 

PZ Gavers verleende op 21 februari 2025 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 2475045.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Plaatsing verkeerssignalisatie

        Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit straatfeest.

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein op zondag 24 augustus 2025, van 9.00 uur tot 18.00 uur, parking Guido Gezellelaan .

 

Artikel 3

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde politionele medewerking te verlenen.

 

De inrichter dient zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie. De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.

De levering van de verkeerssignalisatie gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het eventuele parkeerverbod gebeurt door de politie.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.30. Feestelijkheden - okra- streekpuntwandeling - 10 april 2025 - parkeerverbod - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester wordt gevraagd toelating te verlenen voor een parkeerverbod, naar aanleiding van een evenement.

 

Motivering

 

Okra Sint- Lodewijk wenst hun streekpuntwandeling te organiseren op donderdag 10 april 2025 en vraagt toelating voor:

 

        het invoeren van parkeerverbod op de parking van buurthuis Sint- Lodewijk op donderdag 10 april 2025 van 8.00 uur tot 22.00 uur.

 

PZ Gavers verleende op 25 februari 2025 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 2487722.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art.56,§1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Algemene politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen

        Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008 in verband met plaatsing verkeerssignalisatie

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit goedkeuring te verlenen voor:

 

        het invoeren van parkeerverbod op de parking van buurthuis Sint- Lodewijk op donderdag 10 april 2025 van 8.00 uur tot 22.00 uur.

 

Artikel 2

 

Naar aanleiding van de beslissing van het politiecollege van 27 november 2008 dient de organisatie/vereniging zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie. De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.

 

Het plaatsen van het parkeerverbod wordt als volgt geregeld : het aanbrengen en wegnemen van parkeerverbodsborden gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het parkeerverbod gebeurt door de politie.

 

Artikel 3

 

De organisatoren moeten rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via volgende link: https://www.hvzfluvia.be/organiseer-veilig.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.31. Feestelijkheden - Deerlijk petanquet - 24 augustus 2025 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Er werd een aanvraag ingediend door Arthur Dewaele voor volgend evenement:

 

Naam evenement

Deerlijk petanquet

Organisator

Arthur Dewaele

Datum

zondag 24 augustus 2025

Plaats

Hoogstraat 109, 8540 Deerlijk

 

Motivering

 

1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:

 

        aanvraag machtiging voor het verstrekken van sterke drank

 

Het is verboden sterke dranken te verkopen voor gebruik ter plaatse in occasionele drankgelegenheden waar openbare manifestaties plaatsvinden, tenzij het college van burgemeester en schepenen hiervoor een speciale machtiging verleent.

 

        aanvraag geluidsactiviteit als volgt:

 

Contactpersoon

Naam

Arthur Dewaele

 

Adres

Oude Heerweg 120

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

Activiteit

Benaming activiteit

Deerlijk petanquet

Locatie

Gebouw

 

 

Tent

 

 

Open lucht

X

Adres

Naam gebouw

 

 

Adres

Hoogstraat 109

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

90 dB(A) - achtergrondmuziek bij sportwedstrijden

 

Maximaal geluidsniveau

>85 dB(A) LAeq,15 min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15 min

 

Duur

 

Begin

zondag 24 augustus 2025 om 9.00 uur

Einde

zondag 24 augustus 2025 om 22.00 uur

 

De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.

 

De aangevraagde muziekactiviteit kan toegestaan worden maar het is evenwel noodzakelijk om het toegelaten geluidsniveau en de toegelaten periode nauwkeurig vast te leggen conform de toepassing van het sluitingsuur, gekoppeld aan een afbouwscenario.

Indien een organisator voor diens evenement een einduur vooropstelt dat vroeger valt dan het maximale einduur én buiten het afbouwscenario valt, is het afbouwscenario niet van toepassing, met dien verstande dat op het door de organisator vooropgestelde einduur alle geluidsactiviteit wordt stopgezet: zondag 24 augustus 2025 om 22.00 uur.

 

Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.

 

        aanvraag politionele medewerking

 

Parkeerverbod op volgende plaats(en):

        achterkant oude brandweerkazerne (kant Hoogstraat) middels het plaatsen van een nadarhekken + C3+U en parkeerverbodsborden, van zaterdag 23 augustus 2025 om 12.00 uur tot en met maandag 25 augustus 2025 om 12.00 uur;

        Leon Defraeyeplein: de linkerparkeerstrook (kant residentie Golden River) op zondag 24 augustus 2025 van 8.00 uur tot en met 22.00 uur.

 

PZ Gavers verleende op 22 januari 2025 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 2356001.

 

        aanvraag tijdelijke inname openbaar domein

 

Arthur Dewaele wenst een petanquetornooi te organiseren op zondag 24 augustus 2025 en vraagt toelating voor de inname van:

        het centrumpark: de groenzone voor het plaatsen van partytafels- en tenten met barfunctie en de verharde ondergrond naast het park voor de plaatsing van toiletwagen en foodtruck;

        de parking aan de achterzijde van de oude brandweerkazerne (kant Hoogstraat) voor de aanleg van petanquevelden (opp. 20 m x 20 m);

        de linkerparkeerstrook op het Leon Defraeyeplein voor het plaatsen van een fietsenstalling.

 

2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:

 

In de oorspronkelijke aanvraag was sprake van het gebruik van het Leon Defraeyeplein voor de aanleg en inrichting van de petanquevelden en het voorzien van een parking voor wagens aan de achterkant van de oude bandweerkazerne (kant Hoogstraat - 30 wagens).

 

Daaropvolgend werd de organisator op 13 januari 2025 per mail verzocht, conform het advies van de dienst ruimte en coördinator groen & proper, om:

        de ingerichte parking op het Leon Defraeyeplein effectief te gebruiken als parkeerzone voor het evenement en omwonenden, alsook deels in te richten als fietsenparking. In het verleden werden aanvragen om een ‘parking’ in te richten op de verharde kant Hoogstraat al verschillende keren afgehouden om te vermijden dat dit tengevolge dagdagelijks als parking zou gaan gebruikt worden (officiële parking: Leon Defraeyeplein). We willen hier dan ook geen precedent scheppen.

        vanuit praktische overweging de petanquevelden aan te leggen op de verharding aan de achterkant van de oude brandweerkazerne (kant Hoogstraat). De parking Leon Defraeyeplein ligt onder een helling en lijkt bijgevolg veel minder evident om hierop petanquevelden in te richten.

        bij het aanvoeren van zand voor de inrichting van de petanquevelden, te voorzien in een goeie afbakening van de banen alsook in die mate dat alle zand ter plaatse blijft in functie van het schoonmaken en het vrijwaren van het terrein zodat het openbare domein terug in dezelfde staat kan opgeleverd worden.

        in het centrumpark rekening te houden met de zachte ondergrond voor het plaatsen van de tafels en partytenten. Eventuele schade veroorzaakt aan het gazon moet nadien in de oorspronkelijke staat hersteld worden. De foodtruck en toiletwagen dienen op de verharde ondergrond komen te staan.

 

In overleg met de organisator zullen de petanquevelden ingericht worden aan de achterzijde van de brandweerkazerne (kant Hoogstraat) en blijft de parking Leon Defraeyeplein behouden (cfr. mail dd. 16 januari 2025).

 

Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via https://www.hvzfluvia.be/organiseer-veilig.

 

Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen ... opmaken.

 

Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).

 

Bijkomend specifiek advies kan later nog volgen vanuit de veiligheidscel.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Machtiging voor het verstrekken van sterke drank

        Art. 9, Wet van 28 december 1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank

        Toelating geluidsactiviteit

        Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;

        Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.

        De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47.

        Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024

        Plaatsing verkeerssignalisatie

        Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit evenement mits de aanstelling van een verantwoordelijke die ook optreedt als contactpersoon voor de hulp- en veiligheidsdiensten.

De eindverantwoordelijke zorgt voor de veiligheid in en rond het evenemententerrein, houdt toezicht in de omgeving en zal, indien nodig, politiezone Gavers contacteren.

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen verleent een speciale machtiging voor de verkoop van sterke drank tijdens dit evenement.

 

Artikel 3

 

De aangevraagde muziekactiviteit wordt toegelaten mits naleving van volgende voorwaarden:

 

Voorwaarden met betrekking tot het maximaal geluidsniveau.

Maximaal geluidsniveau: > 85 dB(A) LAeq,15 min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15 min

        Het maximaal geluidsniveau mag LAeq,15 min 95 dB(A) niet overschrijden. Als het maximaal geluidsniveau, gemeten als LAmax,slow 102 dB(A) niet overschreden wordt, wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Bij het meten van het geluidsniveau worden zowel het geluid van muziek als het omgevingsgeluid in rekening gebracht.

        Het geluidsniveau geldt ter hoogte van de mengtafel of andere representatieve meetplaats.

        Op initiatief en op kosten van de exploitant/organisator wordt ofwel LAeq,15 min ofwel LAmax,slow continu gemeten d.m.v. meetapparatuur die voldoet aan de vereisten. Het geluidsniveau is tijdens de muziekactiviteit continu zichtbaar voor en wordt continu bewaakt door de exploitant/organisator of een door hem aangestelde persoon.

        De verplichting tot het meten van het geluidsniveau geldt niet als door de organisator/exploitant een geluidsbegrenzer gebruikt wordt die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. De geluidsbegrenzer moet voldoen aan de vereisten.

 

Voorwaarden met betrekking tot de duur van de muziekactiviteit:

Duur

 

Begin

zondag 24 augustus 2025 om 9.00 uur

Einde

zondag 24 augustus 2025 om 22.00 uur

 

Voorwaarden met betrekking tot de buurt:

        Zowel de inrichters als de bedieners van de muziekinstallatie moeten zich houden aan een voor de buurt aanvaardbaar geluidsniveau. In geen geval mag de muziek de nachtrust van de omwonenden storen. Klachten inzake nachtlawaai dienen vermeden te worden. In voorkomend geval moeten de richtlijnen van de politiediensten strikt worden opgevolgd.

        De inrichters verwittigen de inwoners van de omliggende straten van de muziekactiviteit.

        De inrichters houden zich aan het vooropgestelde einduur waarop alle geluidsactiviteit wordt stopgezet: zondag 24 augustus 2025 om 22.00 uur.

        De organisator brengt de politie op de hoogte van de muziekactiviteit.

 

Artikel 4

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein als volgt:

        de parkeerzone aan de achterzijde van de oude brandweerkazerne van zaterdag 23 augustus 2025 om 12.00 uur tot en met maandag 25 augustus 2025 om 12.00 uur;

        het centrumpark van zaterdag 23 augustus 2025 om 12.00 uur tot en met maandag 25 augustus 2025 om 12.00 uur;

        de linkerparkeerstrook op het Leon Defraeyeplein op zondag 24 augustus 2025.

 

Artikel 5

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde politionele medewerking te verlenen.

 

De inrichter dient zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie.  De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.

De levering van de verkeerssignalisatie gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het eventuele parkeerverbod gebeurt door de politie.

 

Artikel 6

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit het advies van de evenementencel te volgen en verzoekt de organisator deze richtlijnen van de verschillende disciplines te volgen inzake veiligheid.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.32. feestelijkheden - 5 jarig bestaan Gaverkasteel - 12 en 13 juli 2025 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Op 11 februari 2025 werd een aanvraag ingediend door Vandenbulcke Maxim voor volgend evenement:

 

Naam evenement

5 jarig bestaan Gaverkasteel

Organisator

Vandenbulcke Maxim

Datum

zaterdag 12 juli 2025

zondag 13 juli 2025

Plaats

Gaverdomein

 

Motivering

 

1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:

 

        aanvraag geluidsactiviteit als volgt:

 

Contactpersoon

Naam

Maxim Vandenbulcke

 

Adres

Vercruysse de Solartstraat 24

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

Activiteit

Benaming activiteit

5 jarig bestaan Gaverkasteel

Locatie

Gebouw

 

 

Tent

X

 

Open lucht

X

Adres

Naam gebouw

middenplein Gaverdomein

 

Adres

Vercruysse de Solartstraat 24

 

Postcode en gemeente

8540 Deerlijk

 

95 dB(A) - live optreden

 

Maximaal geluidsniveau

>85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min

 

Duur

 

Begin

zaterdag 12 juli 2025 om 17.00

zondag 13 juli 2025 om 10.00

Einde

zaterdag 12 juli 2025 om 23.00 uur

zondag 13 juli 2025 om 22.00 uur

 

De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.

 

De aangevraagde muziekactiviteit kan toegestaan worden maar het is evenwel noodzakelijk om het toegelaten geluidsniveau en de toegelaten periode nauwkeurig vast te leggen conform de toepassing van het sluitingsuur, gekoppeld aan een afbouwscenario.

 

Indien een organisator voor diens evenement een einduur vooropstelt dat vroeger valt dan het maximale einduur én buiten het afbouwscenario valt, is het afbouwscenario niet van toepassing, met dien verstande dat op het door de organisator vooropgestelde einduur alle geluidsactiviteit wordt stopgezet:

        zaterdag 12 juli 2025 om 23.00 uur;

        zondag 13 juli 2025 om 22.00 uur.

 

Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.

 

        aanvraag politionele medewerking

 

Er worden geen verkeerstechnische maatregelen gevraagd.

 

        aanvraag tijdelijke inname openbaar domein

 

Maxim Vandenbulcke wenst het 5 jarig bestaan van het Gaverkasteel te vieren met een feestweekend op zaterdag 12 juli en zondag 13 juli 2025 en vraagt toelating voor de inname van het Gaverdomein, specifiek het middenplein voor het plaatsen van drank- en eetkraampjes alsook de groenzone en pad rondom de waterpartij (wal) voor de organisatie van een rommelmarkt op zondag.

 

2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:

 

De gemeentediensten vragen de organisator de nodige maatregelen te nemen om de zachte ondergrond, het gazon, te beschermen. Eventuele schade veroorzaakt aan het gazon moet nadien in de oorspronkelijke staat hersteld worden.

 

De gemeentediensten wijzen erop dat op voornoemde data de scoutslokalen worden verhuurd aan andere jeugdbewegingen. De organisator wordt gevraagd om in overleg met de scouts te bepalen tot hoever de zone voor de rommelmarkt, op zondag 13 juli 2025, mag reiken zodat de werking van de jeugdkampen niet in het gedrang komen (groenzone voor de scoutslokalen en vuurput vrijwaren).

 

Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via https://www.hvzfluvia.be/organiseer-veilig.

 

Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen, ... opmaken.

 

Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Toelating geluidsactiviteit

        Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;

        Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.

        De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47.

        Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit evenement mits de aanstelling van een verantwoordelijke die ook optreedt als contactpersoon voor de hulp- en veiligheidsdiensten.

De eindverantwoordelijke zorgt voor de veiligheid in en rond het evenemententerrein, houdt toezicht in de omgeving en zal, indien nodig, politiezone Gavers contacteren.

 

Artikel 2

 

De aangevraagde muziekactiviteit wordt toegelaten mits naleving van volgende voorwaarden:

 

Voorwaarden met betrekking tot het maximaal geluidsniveau.

Maximaal geluidsniveau: > 85 dB(A) LAeq,15 min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15 min

        Het maximaal geluidsniveau mag LAeq,15 min 95 dB(A) niet overschrijden.

Als het maximaal geluidsniveau, gemeten als LAmax,slow 102 dB(A) niet overschreden wordt, wordt geacht hieraan te zijn voldaan.

Bij het meten van het geluidsniveau worden zowel het geluid van muziek als het omgevingsgeluid in rekening gebracht.

        Het geluidsniveau geldt ter hoogte van de mengtafel of andere representatieve meetplaats.

        Op initiatief en op kosten van de exploitant/organisator wordt ofwel LAeq,15 min ofwel LAmax,slow continu gemeten d.m.v. meetapparatuur die voldoet aan de vereisten. Het geluidsniveau is tijdens de muziekactiviteit continu zichtbaar voor en wordt continu bewaakt door de exploitant/organisator of een door hem aangestelde persoon.

        De verplichting tot het meten van het geluidsniveau geldt niet als door de organisator/exploitant een geluidsbegrenzer gebruikt wordt die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. De geluidsbegrenzer moet voldoen aan de vereisten.

 

Voorwaarden met betrekking tot de duur van de muziekactiviteit:

Duur

 

Begin

zaterdag 12 juli 2025 om 17.00

zondag 13 juli 2025 om 10.00

Einde

zaterdag 12 juli 2025 om 23.00 uur

zondag 13 juli 2025 om 22.00 uur

 

Voorwaarden met betrekking tot de buurt:

        Zowel de inrichters als de bedieners van de muziekinstallatie moeten zich houden aan een voor de buurt aanvaardbaar geluidsniveau. In geen geval mag de muziek de nachtrust van de omwonenden storen. Klachten inzake nachtlawaai dienen vermeden te worden. In voorkomend geval moeten de richtlijnen van de politiediensten strikt worden opgevolgd.

        De inrichters verwittigen de inwoners van de omliggende straten van de muziekactiviteit.

        De inrichters houden zich aan het vooropgestelde einduur waarop alle geluidsactiviteit wordt stopgezet:

        zaterdag 12 juli 2025 om 23.00 uur

        zondag 13 juli 2025 om 22.00 uur.

        De organisator brengt de politie op de hoogte van de muziekactiviteit.

 

Artikel 3

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein van vrijdag 11 juli 2025 (in functie van opbouw) tot en met maandag 14 juli 2025 (in functie van afbouw):

        op zaterdag 12 juli en zondag 13 juli 2025 het middenplein voor het plaatsen van drank- en eetkraampjes;

        groenzone en pad rondom de waterpartij (wal) voor de organisatie van een rommelmarkt op zondag 13 juli 2025.

 

Artikel 4

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit het advies van de evenementencel te volgen en verzoekt de organisator deze richtlijnen van de verschillende disciplines te volgen inzake veiligheid.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.33. Feestelijkheden - Centraal Feestcomité - werkingskosten 2025 - uitbetaling voorschot - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een voorschot op de toelage van de werkingskosten 2025 aan het Centraal Feestcomité uit te betalen.

 

Motivering

 

Het Centraal Feestcomité staat in voor de organisatie van en medewerking aan diverse festiviteiten in de gemeente. Voor de inrichting van verschillende activiteiten moeten er betalingen of voorschotten gestort worden.

 

In hun schrijven van 6 maart 2025 vraagt het Centraal Feestcomité om een voorschot op de toelage van hun werkingskosten, ten bedrage van 2.450 euro, over te schrijven op hun rekeningnummer BE68 7384 0808 0234.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Raming of bedrag

2.450 euro

Actie

Tussenkomst werkingsuitgaven centraal feestcomité

Jaarbudgetrekening

GBB/0719-00/64420000

Visum

/

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om een voorschot op de toelage van de werkingskosten 2025, ten bedrage van 2.450 euro, uit te betalen op het rekeningnummer BE68 7384 0808 0234 van het Centraal Feestcomité.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.34. Feestelijkheden - Centraal Feestcomité - seniorenfeest 2025 - uitbetaling voorschot - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd het voorschot van de voorziene werkingskosten voor het seniorenfeest 2025 aan het Centraal Feestcomité uit te betalen.

 

Motivering

 

Het Centraal Feestcomité organiseert jaarlijks een seniorenfeest dat normaliter plaatsvindt op de derde donderdag van de maand november.

 

In haar schrijven van 6 maart 2025 vraagt het Centraal Feestcomité om een voorschot op de toelage voor het seniorenfeest 2025, ten bedrage van 4.000 euro, over te schrijven op hun rekeningnummer BE68 7384 0808 0234, voor de betaling van de showgroep die aantreedt.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Raming of bedrag

4.000 euro

Actie

Tussenkomst werkingsuitgaven centraal feestcomité

Jaarbudgetrekening

GBB/0719-00/64420000

Visum

/

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit om het voorschot op de toelage voor het seniorenfeest 2025, ten bedrage van 4.000 euro, uit te betalen op het rekeningnummer BE68 7384 0808 0234 van het Centraal Feestcomité.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.35. Herwerking masterplan Centrumpark - bijkomende opdracht - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd goedkeuring te verlenen voor het herwerken van het masterplan Centrumpark.

 

Motivering

 

In zitting van het college van burgemeester en schepenen van 13 januari 2021 werd VELD + Atelier Horizon + Cnockaert aangesteld voor het opmaken van een masterplan voor het Centrumpark en de uitvoering van de 1e fase.

 

Het masterplan Centrumpark werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 7 juli 2022.

 

Voor de uitvoering van de eerste fase werd er een inrichtingsplan opgemaakt maar de aanbesteding van de werken werd stopgezet omwille van de aanwezige pfas-vervuiling die eerst verder onderzocht moest worden.

 

De nieuwe beleidsploeg heeft een aangepaste visie met betrekking tot het parkeren en wenst de mogelijkheid om toch sociale woningen te voorzien op het Leon Defraeyeplein verder te onderzoeken. Gezien er bij de opmaak van het huidige masterplan heel snel geschakeld werd naar het herlocaliseren van de sociale woningen werden de scenario's voor de sociale woningen op het Leon Defraeyeplein onvoldoende onderzocht en doorsproken.

 

Aan VELD + Atelier Horizon werd de vraag gesteld om een kort traject op te starten om het masterplan voor het Centrumpark te herwerken rekening houdend met bovenstaande vragen. Er werd een voorstel uitgewerkt met 2 stuurgroepvergaderingen en 2 ontwerpateliers. De kostprijs hiervoor bedraagt 12.368 euro excl. btw

 

Eens alle randvoorwaarden duidelijk zijn (na herwerking masterplan) zal er een offerte opgemaakt worden voor het aanpassen van de documenten voor de uitvoering van fase 1.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, §3, 4° van het Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft financiële gevolgen.

 

Raming of bedrag

12.368 euro excl. btw of 14.965,28 euro incl. btw

Actie

Herinrichting van de oude brandweersite tot een groen park met ruimte voor ontmoeting en beleving

Jaarbudgetrekening

A-1.05.1/0680-00/22000000

Visum

n.v.t.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit het prijsvoorstel van VELD + Atelier Horizon voor de herwerking van het masterplan goed te keuren.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.36. Spiegelpark/Residentie Promenade - akte erfdienstbaarheid openbaar nut - verzoek tot agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd kennis te nemen van het ontwerp van akte omtrent een vestiging van erfdienstbaarheid van openbaar nut op de site 'Spiegelpark' en 'Residentie Promenade' en de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken dit punt te agenderen op de gemeenteraad.

 

Motivering

 

In de omgevingsvergunning in hoofde van de NV Bouwonderneming Eribo, met dossiernummer 2020.245, goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 23 juni 2021 en de bijstelling goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 20 december 2023 en in de omgevingsvergunningen in hoofde van FIMMOC, met dossiernummers 2021.123 en 2024.54 , respectievelijk goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 15 september 2021 en 6 november 2024 werd opgenomen dat in het voordeel van het openbaar domein van de gemeente Deerlijk een publieke erfdienstbaarheid van doorgang en overgang moet gerealiseerd worden.

 

Een ontwerp van akte met betrekking tot het vestigen van een erfdienstbaarheid van openbaar nut werd opgemaakt door Notaris Degandt, Notarissen Deerlijk, Harpstraat 17, 8540 Deerlijk en werd in bijlage gevoegd. De erfdienstbaarheid wordt met onmiddellijke ingang gevestigd maar het gebruik ervan wordt opgeschort tot de voorlopige oplevering van de fiets- en voetgangersverbinding voor het deel van de verbinding die nog moet worden uitgevoerd.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1. van het Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het ontwerp van akte omtrent een vestiging van erfdienstbaarheid van openbaar nut op de site 'Spiegelpark' en 'Residentie Promenade' en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad dit punt te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.37. Attest van verdeling - Breestraat 71-73 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd of er opmerkingen zijn bij het attest van verdeling voor de eigendom gelegen Breestraat 71-73.

 

Motivering

 

Op 21 februari 2025 verstuurde men vanuit het notariaat Devos, Turpyn, Mullie en Voet Notarissenassociatie een attest van verdeling voor de eigendom gelegen Breestraat 71-73, gekadastreerd afdeling 1, sectie B, nummer 850N2 P0000, met een oppervlakte van 256 m².

 

De eigendom wordt opgesplitst volgens de twee huisnummers.

De bestemming van het goed blijft ongewijzigd.

 

De omgevingsambtenaar stelt voor geen opmerkingen te formuleren bij het voorstel van verdeling.

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft geen bezwaar tegen de splitsing.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.38. Attest van verdeling - Oliebergstraat 134-136 - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd of er opmerkingen zijn bij het attest van verdeling voor de eigendom gelegen Oliebergstraat 134-136.

 

Motivering

 

Op 24 februari 2025 verstuurde men vanuit het notariaat Notarissen Deerlijk een attest van verdeling voor de eigendom gelegen

Oliebergstraat, gekadastreerd afdeling 2, sectie E, nummer 681A P0000, met een oppervlakte van 4.135 m² en

Oliebergstraat, gekadastreerd afdeling 2, sectie E, nummer 688 P0000, met een oppervlakte van 11.800 m².

 

Een deel van de eigendom wordt afgesplitst om een kavel te schenken aan hun dochter.

De huidige bestemming is volgens de akte landbouwgrond, maar volgens het RUP Sint-Lodewijk centrum ligt kavel 2 in zones bestemd voor wonen met beperkte nevenfuncties met aanduiding van maximaal bouwkader, zone voor buffer en beperkt in een zone voor lokale bedrijvigheid.

 

De omgevingsambtenaar stelt voor geen opmerkingen te formuleren bij het voorstel van verdeling, maar benadrukt dat de huidige bestemming van kavel 2 opgenomen is in het RUP Sint-Lodewijk centrum.

 

Adviezen

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 5.2.2 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft geen bezwaar tegen de splitsing.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.39. OMV 2024_137 - Fabrieksstraat 28A - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het hernieuwen van de omgevingsvergunning en regulariseren van de exploitatie, op een perceel gelegen Fabrieksstraat 28A en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 1181 G en (afd. 1) sectie B 1184 H aangevraagd door Francis Vandendriessche namens TRANSPORT JOEL VANDENDRIESSCHE - VERSCHATSE EN ZOON BV met als contactadres Fabrieksstraat 28A te 8540 Deerlijk.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 6 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig.

Bijzondere milieuvoorwaarde

        Binnen de 6 maanden na het verlenen van de vergunning dient een analyse te gebeuren van het bedrijfsafvalwater tijdens normale bedrijfsvoering (in dit geval tijdens het wassen van voertuigen), uitgevoerd door een labo erkend in de discipline water. De te analyseren parameters zijn de parameters vermeld in bijlage 5.3.2. van Vlarem II, meer bepaald de sectorale lozingsnormen voor volautomatische car- en truckwashinstallaties:
 

Parameter

Norm (in mg/l, tenzij anders vermeld)

Ondergrens pH

6 (pH-eenheid)

Bovengrens pH

9,5 (pH-eenheid)

Temperatuur

45 °C

Zwevende stoffen

1.000

Petroleumetherextraheerbare stoffen

500

Olie en vet

niet visueel waarneembaar

Koper

0,5

Lood

0,5

Zink

2,0

Chroom

0,5

Nikkel

0,5

 

De analyseresultaten worden bezorgd via omgeving@deerlijk.be.

Als uit deze analyse blijkt dat er gevaarlijke stoffen boven het indelingscriterium voorkomen in het afvalwater, dient er een actualisatie van de omgevingsvergunning te gebeuren door aanvraag van rubriek 3.4.1°b) en aangepaste lozingsnormen.

        In afwijking van artikel 5.15.0.6.§1. van Vlarem II kan toegestaan worden dat vrachtwagenchauffeurs 24/6 toegang hebben tot de inrichting om de vrachtwagens op te halen of af te zetten. Op- en overslag mag enkel plaats vinden van maandag tot zaterdag tussen 8u en 16u.

        Uiterlijk 6 maanden na het verlenen van de vergunning dient een recent keuringsattest voor de enkelwandige houder rode mazout van 3.000 liter bezorgd te worden via omgeving@deerlijk.be.

        De tankpiste is voorzien van een KWS-afscheider, maar dient eveneens vloeistofdicht uitgevoerd te zijn..

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming gebied voor milieubelastende industrie.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

     Gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023.

     Gemeentelijke algemene bouwverordening inzake vellen van hoogstammige bomen, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 22 maart 1974 en goedgekeurd bij KB op 4 juli 1974.

 

  1. Historiek

 

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

 

Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 maart 1972 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van het bedrijfsgebouw: bouwen van een ververij en preparatie.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 31 mei 2006 door het college van burgemeester en schepenen voor het aanleggen van een oprit voor het bedrijfsgebouw.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 15 december 2010 door het college van burgemeester en schepenen voor het ophogen en aanleggen van een terrein achter de loods.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

 

Volgende milieuvergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        milieuvergunning afgeleverd op 27 mei 1993 door het college van burgemeester en schepenen voor het verder exploiteren en uitbreiden van een textielweverij en ververij

        milieuvergunning afgeleverd op 1 december 1994 door het college van burgemeester en schepenen voor het verder exploiteren, wijzigen en uitbreiden (totale drijfkracht van 700 kW) van een textielweverij

        milieuvergunning afgeleverd op 5 november 1997 door het college van burgemeester en schepenen voor een weverij van meubelstoffen en tapijten

        milieuvergunning afgeleverd op 5 januari 2005 door het college van burgemeester en schepenen voor overslag van karton

        milieuvergunning afgeleverd op 20 januari 2016 door het college van burgemeester en schepenen voor het exploiteren van een transportbedrijf

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

 

3.1 Beschrijving van de omgeving

De omgeving is landelijk. De zone voor bedrijvigheid wordt dan ook omgeven door landbouwgronden. De bedrijvenzone zelf bestaat uit 4 bedrijven (waarvan 1 met losstaande bedrijfswoning) van 1 bouwlaag. De bedrijvenzone bevindt zich net ten westen van de stedelijke kern van Vichte.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Er worden geen stedenbouwkundige handelingen aangevraagd.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Transport Joël Vandendriessche – Verschatse en Zoon BV is een transportbedrijf dat instaat voor het transport van goederen. Dit gebeurt door zowel eigen vrachtwagens als door externe transporteurs. Het bedrijf staat voornamelijk in voor de opslag en overslag van karton.

 

De basisvergunning van 5 januari 2005 loopt af op 5 januari 2025. Het bedrijf wenst dan ook een hernieuwing aan te vragen van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten voor onbepaalde duur. Er zal eveneens een regularisatie gebeuren. Onderstaande wijzigingen worden doorgevoerd:

 

Nieuw

        16.3.2°a)  Koelinstallatie (5 kW)

        17.3.4.1°a)  Opslag van corrosieve stoffen (1,06 ton)

        19.6.1°c)  Opslag van houten paletten in de loods (500 m³)

 

Wijziging

        6.5.1°   1 bijkomende verdeelslang (totaal 2 verdeelslangen)

        15.1.2°   Vermindering met 45 voertuigen (totaal 27 voertuigen)

        3.4.1°a)  Lozen van bedrijfsafvalwater zonder gevaarlijke stoffen in openbare riolering, afkomstig van wasplaats voertuigen en potentieel verontreinigd hemelwater wasplaats(totaal 1,061 m³/h)

 

Niet langer van toepassing

        6.4.1°   Opslagtank motorolie (1.000 liter)

 

De andere vergunde rubrieken wijzigingen niet ten opzichte van de vergunde toestand. De stookinstallatie van 60 kW is niet ingedeeld.

 

Er wordt in de aanvraag eveneens een afwijking aangevraagd van artikel 5.15.0.6.§1. van Vlarem II:

Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk 4.5. zijn rustverstorende werkzaamheden verboden op werkdagen tussen 19 uur en 7 uur alsmede op zon- en feestdagen, tenzij anders vermeld in de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit.

 

Aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

Klasse

3.4.1°a)

Lozen van bedrijfsafvalwater in de openbare riolering (Verandering)

1,061 m³/uur

3

6.5.1°

Brandstofverdeelinstallatie met 2 verdeelslangen (Hernieuwing)

2 verdeelslangen

3

15.1.2°

Stalplaats voor motorvoertuigen (12 vrachtwagens, 12 aanhangwagens en 3 heftrucks) (Verandering)

27 voertuigen

2

15.4.1°

Wassen van voertuigen (Hernieuwing)

1 wasplaats

3

16.3.2°a)

Koelinstallatie (Nieuw)

5 kW

3

17.3.2.1.1.2°

Bovengrondse opslagtanks witte en rode mazout (Hernieuwing)

38,25 ton

2

17.3.4.1°a)

Opslag van corrosieve stoffen (Nieuw)

1,06 ton

3

17.4.

Opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen (Hernieuwing)

520 liter

3

19.6.1°c)

Opslag van houten paletten in een loods (Nieuw)

500 m³

2

33.4.1°c)

Opslag van papier en karton in een loods (Hernieuwing)

2.000 ton

2

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

 

De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek. Het openbaar onderzoek vond plaats van 19 december 2024 tot 17 januari 2025. Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werden er geen bezwaarschriften ingediend.

 

  1. Adviezen

 

VMM advisering afvalwater werd om advies verzocht op 11 december 2024. De adviesinstantie bracht op 29 januari 2025 een ongunstig advies uit.

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

 

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

 

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, zijnde de voorschriften voor milieubelastende industriegebied. Het gevraagde is in overeenstemming met de voorzieningen van het gewestplan aangezien het een transportbedrijf betreft.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Fabrieksstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook. Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone.

 

De voorliggende aanvraag heeft geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte. De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.

Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I, II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Er dient voor de aanvraag geen project-m.e.r.-screening te gebeuren.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Niet van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Afval- en hemelwaterbeheer

Volgens de zonering- en uitvoeringsplannen van VMM ligt de inrichting in collectief te optimaliseren buitengebied. Volgens het geoportaal van Aquafin ligt er reeds een gescheiden rioleringsstelsel in de Fabrieksstraat, die verder afwatert naar de Olekenbosstraat (gemengde riolering). Zowel huishoudelijk afvalwater als bedrijfsafvalwater wordt geloosd in de Fabrieksstraat.

Het huishoudelijk afvalwater is afkomstig van 23 personen (incl. zaakvoerder). De werknemers zijn chauffeurs, waardoor het verbruik van water voor sanitaire toepassingen beperkt is. In totaal wordt er 195 m³/jaar huishoudelijk afvalwater geloosd (niet ingedeeld). Het bedrijfsafvalwater is afkomstig van de wasplaats voor voertuigen en het hemelwater dat op de wasplaats (40 m²) terecht komt, en als potentieel verontreinigd moet beschouwd worden. Het totaal debiet voor beide afvalwaterstromen bedraagt 1,061 m³/h, 5,032 m³/d en 1.275 m³/jaar. Dit bedrijfsafvalwater wordt gezuiverd door een KWS-afscheider met slibvang en coalescentiefilter. De aanvraag bevat attesten van reiniging. De gebruikte detergenten voldoen aan de verordening (EG) Nr. 648/2004 betreffende biologische afbreekbaarheid van detergenten. Binnen in de loods wordt geen bedrijfsafvalwater gegenereerd.

Na ongunstig advies van de VMM (zie beoordeling externe adviezen) werd in een nieuwe projectinhoudversie van de aanvraag het totaal debiet bedrijfsafvalwater aangepast en werd er bedrijfsafvalwater zonder gevaarlijke stoffen aangevraagd. In een bijzondere voorwaarde wordt opgenomen dat er binnen de 6 maanden na het verlenen van de vergunning een analyse moet gebeuren op het bedrijfsafvalwater. Als uit deze analyse blijkt dat er gevaarlijke stoffen boven het indelingscriterium voorkomen in het afvalwater, dient er een actualisatie van de omgevingsvergunning te gebeuren door aanvraag van rubriek 3.4.1°b) en aangepaste lozingsnormen.

 

Voor hemelwateropvang zijn er 2 hemelwaterputten van elk 5.000 liter voorzien, die volgens rioleringsplan gevoed worden door afwatering luifel, bureelcontainer en voorste parking. Dit hemelwater wordt aangewend voor de wasplaats. Volgens de tabel met waterbevoorradingsbronnen wordt er jaarlijks 1.241 m³ hemelwater aangewend als proceswater. Het hemelwater afkomstig van het dak van de loods wordt opgevangen in een hemelwaterput bij het naburig bedrijf, ten zuidwesten van de inrichting.

 

Bodem

Er zijn 2 bovengrondse en dubbelwandige houders met witte mazout (elk 21.000 liter) en 1 bovengrondse enkelwandige houder met rode mazout (3.000 liter) aanwezig. De houders worden gekeurd conform Vlarem II. De aanvraag bevat recente keuringsattesten voor de 2 houders witte mazout, waaruit blijkt dat de houders voldoen. In een bijzondere voorwaarde wordt opgenomen dat een keuringsattest voor de enkelwandige houder rode mazout van 3.000 liter nog bezorgd moet worden. Deze houder is volgens de aanvraag voorzien van een voldoende grote inkuiping.

Er is ook een beperkte voorraad van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen en een vat met reinigingsproduct aanwezig. Het onderhoud van vrachtwagens wordt door een extern bedrijf uitgevoerd. Hierdoor is de opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen beperkt. Volgens de aanvraag zijn de gevaarlijke producten in kleine verpakkingen voorzien van een inkuiping, en gebeurt de opslag van 1.000 liter reinigingsproduct (Alfa Express) in een dubbelwandig vat. Het tanken van voertuigen gebeurt onder de luifel. De aanvraag bespreekt deze mogelijke emissiebron naar de bodem niet. De tankpiste is voorzien van een KWS-afscheider, maar dient eveneens vloeistofdicht uitgevoerd te zijn.

 

Mobiliteit

Per week zijn er gemiddeld 50 tot 60 transportbewegingen. De transporten gebeuren richting Wallonië en Frankrijk. De chauffeurs vertrekken op maandagmorgen en komen terug aan op zaterdagvoormiddag. Een beperkt aantal transportbewegingen vindt plaats op weekdagen. Het bedrijf beschikt in totaal over 24 vrachtwagens en 40 aanhangwagens. Deze zijn nooit gelijktijdig aanwezig op de site. In de site in Deerlijk worden maximaal 12 trekkers en 12 opleggers gestald. Hierdoor zijn er voldoende stalplaatsen voorzien op eigen terrein. Het bedrijf ontsluit via de Olekenbosstraat, en zo via de Vichtesteenweg naar het hoger wegennet.

De administratieve dienst is open van maandag tot vrijdag van 8u00 tot en met 17u00. Tijdens deze uren kunnen externe transporteurs hun goederen lossen in de loods. Werknemers die met de vrachtwagens van het bedrijf rijden, hebben 24/6 toegang tot het terrein en de loods. Het laden en lossen door de eigen chauffeurs gebeurt van maandag tot zaterdag tussen 8u00 en 16u00 (zie ook bijstelling voorwaarde).

 

Geluid en trillingen

De voornaamste geluidsbronnen zijn afkomstig van het vrachtverkeer en het laden en lossen. Het laden en lossen gebeurt binnen in de loods, en de motoren worden stilgelegd.

 

Lucht

De stookinstallatie kan aanleiding geven tot geleide emissies, en het transport genereert niet-geleide luchtemissies. De stookinstallatie op mazout wordt regelmatig onderhouden, zoals blijkt uit onderhoudsattest in de aanvraag. De niet-geleide emissies ten gevolge van (vracht)verkeer zijn eigen aan de inrichting en niet te vermijden.

 

Biodiversiteit

Het dichtstbijzijnde VEN-gebied ‘De vallei van de Kasselrijbeek’ ligt op ca. 1,7 km van de inrichting. Het dichtstbijzijnde habitatrichtlijngebied ‘Bossen van de Vlaamse Ardennen en andere Zuidvlaamse bossen’ ligt op ca. 5 km van de inrichting. Bronnen van stikstofemissies zijn de stookinstallatie (niet ingedeeld) en de verkeersemissies. De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Stikstofdecreet. Met maximaal 11.000 lichte voertuigbewegingen en maximaal 2.600 zware voertuigbewegingen op jaarbasis blijven de stikstofemissies ruim onder de 1% de minimis-drempel, waardoor voldaan is aan de bepalingen van het Stikstofdecreet.

 

Zware ongevallen of rampen

De opslag van rollen karton kan een verhoogd risico op brandgevaar opleveren. De inrichting beschikt over de noodzakelijke brandblusapparaten, die jaarlijks nagezien worden.

 

Licht en straling

Het bedrijf is voorzien van buitenverlichting. De bedrijfsactiviteiten vinden hoofdzakelijk binnenin de loods plaats. De buitenverlichting is beperkt tot het noodzakelijke, is overwegend naar beneden gericht en dient om de veiligheid voor personeel en bezoekers te waarborgen.

 

Afvalstoffen

De afvalstoffen worden maximaal gescheiden ingezameld en aangeboden aan IHM’s met het oog op recyclage waar mogelijk. Op de site wordt er zo goed als geen afval geproduceerd aangezien de aangeleverde rollen karton op dezelfde wijze terug worden afgeleverd.

 

Bijstelling voorwaarde

Er wordt in de aanvraag eveneens een afwijking aangevraagd van artikel 5.15.0.6.§1. van Vlarem II:

Onverminderd de bepalingen van hoofdstuk 4.5. zijn rustverstorende werkzaamheden verboden op werkdagen tussen 19 uur en 7 uur alsmede op zon- en feestdagen, tenzij anders vermeld in de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit.

 

Men motiveert de afwijking als volgt:

Joel Vandendriessche is een transportbedrijf voor de opslag en overslag van rollen karton. De vrachtwagenchauffeurs werken met een eigen uurregeling waarbij de vrachtwagens door de chauffeurs worden geladen en gelost op de site in Deerlijk. Vrachtwagenchauffeurs hebben 24/6 toegang tot het terrein om de vrachtwagens op te halen of af te zetten. De opslag en overslag vindt plaats van maandag tot en met zaterdag tussen 8u00 en 16u00.

De activiteiten vinden plaats in een industriegebied. Het laden en lossen van de vrachtwagens zal geen significante impact hebben op de omgeving gezien de site zich in een industriegebied bevindt.

 

Evaluatie: Gelet op de ligging in industriegebied, zonder directe omwonenden, kan de afwijking toegestaan worden.

 

 

Conclusie milieuaspecten

Globaal kan gesteld worden dat de risico’s voor de externe veiligheid, de hinder, de effecten op het leefmilieu, op de wateren, op de natuur en op de mens buiten de inrichting veroorzaakt door de gevraagde exploitatie bij naleving van de opgelegde exploitatievoorwaarden tot een aanvaardbaar niveau kunnen beperkt worden.

 

De algemene en sectorale milieuvoorwaarden met betrekking tot de aangevraagde VLAREM rubrieken die in titel II van het VLAREM staan moeten nageleefd worden. Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link: https://navigator.emis.vito.be/

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

De criteria voor de toetsing aan de goede ruimtelijke ordening, zijnde functie, ruimtegebruik, inplanting, visueel-vormelijke aspecten, etc. zijn hier niet van toepassing gezien de werken geen betrekking hebben op een gebouw of constructie.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.

 

7.12 Scheidingsmuren

Niet van toepassing.

 

7.13 Bespreking adviezen

Op 29 januari 2025 bracht de VMM advisering afvalwater een ongunstig advies uit:

Voor de lozing van het bedrijfsafvalwater (BA) is rubriek 3.4.1°b) gevraagd, wat betekent dat het BA dat men wenst te lozen mogelijks één of meerdere stof(fen) boven het indelingscriterium 'gevaarlijke stof' (IC-GS) kan bevatten. Vreemd genoeg zijn hier in voorliggende aanvraag noch sectorale lozingsnormen noch bijzondere lozingsnormen aangevraagd. Tevens ontbreekt een analyserapport. Er is ook geen uitleg over de manier waarop de voertuigen gewassen worden. En gebeurt dit met of zonder detergenten?

Detergenten dienen te voldoen aan de verordening (EG) Nr. 648/2004 van het Europees Parlement en de Raad betreffende detergenten.

De (overdekte) tankpiste en de wasplaats zijn beide voorzien van vloeistofdichte verharding en zijn aangesloten op een KWS-afscheider met een slibvang en een coalescentiefilter. Dat het BA op die manier afvoert is uiteraard positief.

De debietstoename van het BA is omdat het potentieel verontreinigd hemelwater van de wasplaats (40 m²) nu bij het BA gerekend wordt. Echter stelt de VMM vast dat het jaardebiet van de wasplaats in deze aanvraag foutief berekend werd.

40 m² x 0,85 m³/jaar/m² resulteert namelijk in een jaardebiet van 34 m³/jaar (dus niet van 3.400 m³/jaar !).

Het totale jaardebiet is dus niet het aangevraagde jaardebiet van 4.641 m³/jaar (1241 m³/jaar + 3400 m³/jaar), maar wel 1.275 m³/jaar (1241 m³/jaar + 34 m³/jaar).

ADVIES

De VMM adviseert de gevraagde lozing van BA met GS (bedrijfsafvalwater met gevaarlijke stof(fen)) - rubriek 3.4.1°b)ongunstig. Het aangevraagde jaardebiet is foutief en het is voor de VMM hier niet duidelijk welke gevaarlijke stof(fen) aanwezig (kunnen) zijn in het BA. Een analyserapport en duiding om welke gevaarlijke stof(fen) het gaat ontbreekt, evenals de gewenste lozingsnorm(en).

 

VMM merkt terecht op dat er bedrijfsafvalwater met gevaarlijke stoffen wordt aangevraagd, zonder te weten welke gevaarlijke stoffen er aanwezig zijn, en zonder aangepaste lozingsnormen voor die stoffen aan te vragen. Na telefonisch overleg met ondersteuner aanvrager werd beslist om de aanvraag via een nieuwe projectinhoudversie aan te passen zodat er bedrijfsafvalwater zonder gevaarlijke stoffen aangevraagd wordt. In een bijzondere voorwaarde wordt dan opgenomen dat er binnen de 6 maanden een analyse van het bedrijfsafvalwater moet gebeuren. In de recentste projectinhoudversie werd eveneens de foutieve berekening van het jaardebiet rechtgezet.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlarem II, besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 en zijn wijzigingen.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het voorwaardelijk afleveren van de omgevingsvergunning aan Francis Vandendriessche namens TRANSPORT JOEL VANDENDRIESSCHE - VERSCHATSE EN ZOON BV met als contactadres Fabrieksstraat 28A te 8540 Deerlijk, voor het hernieuwen van de omgevingsvergunning en regulariseren van de exploitatie, op een perceel gelegen Fabrieksstraat 28A en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 1181 G en (afd. 1) sectie B 1184 H.

 

Artikel 2

 

De exploitatie omvat de volgende ingedeelde rubrieken, vergund voor onbepaalde duur:

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

Klasse

3.4.1°a)

Lozen van bedrijfsafvalwater in de openbare riolering (Verandering)

1,061 m³/uur

3

6.5.1°

Brandstofverdeelinstallatie met 2 verdeelslangen (Hernieuwing)

2 verdeelslangen

3

15.1.2°

Stalplaats voor motorvoertuigen (12 vrachtwagens, 12 aanhangwagens en 3 heftrucks) (Verandering)

27 voertuigen

2

15.4.1°

Wassen van voertuigen (Hernieuwing)

1 wasplaats

3

16.3.2°a)

Koelinstallatie (Nieuw)

5 kW

3

17.3.2.1.1.2°

Bovengrondse opslagtanks witte en rode mazout (Hernieuwing)

38,25 ton

2

17.3.4.1°a)

Opslag van corrosieve stoffen (Nieuw)

1,06 ton

3

17.4.

Opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen (Hernieuwing)

520 liter

3

19.6.1°c)

Opslag van houten paletten in een loods (Nieuw)

500 m³

2

33.4.1°c)

Opslag van papier en karton in een loods (Hernieuwing)

2.000 ton

2

 

Artikel 3

 

Er dient voldaan te worden aan volgende bijzondere milieuvoorwaarden:

        Binnen de 6 maanden na het verlenen van de vergunning dient een analyse te gebeuren van het bedrijfsafvalwater tijdens normale bedrijfsvoering (in dit geval tijdens het wassen van voertuigen), uitgevoerd door een labo erkend in de discipline water. De te analyseren parameters zijn de parameters vermeld in bijlage 5.3.2. van Vlarem II, meer bepaald de sectorale lozingsnormen voor volautomatische car- en truckwashinstallaties:
 

Parameter

Norm (in mg/l, tenzij anders vermeld)

Ondergrens pH

6 (pH-eenheid)

Bovengrens pH

9,5 (pH-eenheid)

Temperatuur

45 °C

Zwevende stoffen

1.000

Petroleumetherextraheerbare stoffen

500

Olie en vet

niet visueel waarneembaar

Koper

0,5

Lood

0,5

Zink

2,0

Chroom

0,5

Nikkel

0,5

 

De analyseresultaten worden bezorgd via omgeving@deerlijk.be.

Als uit deze analyse blijkt dat er gevaarlijke stoffen boven het indelingscriterium voorkomen in het afvalwater, dient er een actualisatie van de omgevingsvergunning te gebeuren door aanvraag van rubriek 3.4.1°b) en aangepaste lozingsnormen.

        In afwijking van artikel 5.15.0.6.§1. van Vlarem II kan toegestaan worden dat vrachtwagenchauffeurs 24/6 toegang hebben tot de inrichting om de vrachtwagens op te halen of af te zetten. Op- en overslag mag enkel plaats vinden van maandag tot zaterdag tussen 8 uur en 16 uur.

        Uiterlijk 6 maanden na het verlenen van de vergunning dient een recent keuringsattest voor de enkelwandige houder rode mazout van 3.000 liter bezorgd te worden via omgeving@deerlijk.be.

• De tankpiste is voorzien van een KWS-afscheider, maar dient eveneens vloeistofdicht uitgevoerd te zijn..

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.40. OMV 2024_161 - Hoogstraat 55 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een woning na sloop van de bestaande bebouwing, op een perceel gelegen Hoogstraat 55 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 344 Z3 aangevraagd door Thibaut Callens namens THC Invest BV gevestigd Schuiferskapelsesteenweg 39 te 8700 Tielt.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 7 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        De plaatsing van het glasraam in de voordeur verwijzend naar café “Prins Albert” wordt opgenomen als voorwaarde gezien dit een meerwaarde en een link biedt naar het historische.

        Het sloopafval moet onmiddellijk van het terrein verwijderd worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies.

        Indien asbesthoudend afval aanwezig is, moet dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd worden.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

        De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006. De aanvraag is niet in een deelplan gelegen.

        De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

        De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

        Algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997.

        Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

        Gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake breedband, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2017.

 

  1. Historiek

 

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 9 september 1977 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een lichtreclame.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

 

3.1 Beschrijving van de omgeving

De eigendom is een perceel met een oppervlakte van 292 m² en is gelegen langs de Hoogstraat op ongeveer 100 m ten oosten van de kern van Deerlijk. De Hoogstraat is een voldoende uitgeruste gemeenteweg. Het perceel is bebouwd met een pand in gesloten bebouwing. Op het perceel bevindt zich een handelspand, meer bepaald een café. Het gebouw heeft één bouwlaag en een hellend dak. Het bevindt zich op de linker perceelsgrens en op de rooilijn. Achter het hoofdgebouw bevinden zich verschillende aanbouwen. Het gebouw heeft een kroonlijsthoogte van ongeveer 3 m en een nokhoogte van ongeveer 6m.

 

De woning links heeft een kroonlijsthoogte van 6,20 m en is afgewerkt met bruine baksteen. De woning rechts heeft een kroonlijsthoogte van 7,12 m en is afgewerkt met rode baksteen. Aan de zijde van de Hoogstraat waar de aanvraag zich bevindt zijn de meeste gebouwen afgewerkt met baksteen, al dan niet geschilderd.

De omgeving is een stedelijke omgeving die gekenmerkt wordt door een menging aan functies, zoals wonen, handel, horeca, kantoren, diensten en gemeenschapsvoorzieningen. Het wonen bestaat er bijna uitsluitend uit eengezinswoningen.

 

De aanvraag heeft betrekking op een pand dat opgenomen is in de inventaris van het bouwkundig erfgoed, bouwen doorheen de eeuwen heen in Vlaanderen.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvrager wenst een gesloten ééngezinswoning te bouwen na de sloop van een bestaande woning. De woning wordt ingeplant op de rooilijn en op de perceelsgrenzen. De woning heeft een breedte van 6,90 m. De diepte op het gelijkvloers bedraagt 15 m en deze op de verdiepingen 7,50 m. De woning bestaat uit twee bouwlagen met een hellend dak. De kroonlijsthoogte bedraagt 5,75 m en de nokhoogte 9,15 m.

 

Op het gelijkvloers bevindt zich een inkom, wc, berging, salon, eetplaats, keuken, zithoek en een patio. Op de verdieping worden twee slaapkamers en een badkamer ondergebracht. Onder het dak worden twee slaapkamers voorzien.

De gevels worden afgewerkt in wit gekaleid metselwerk, de dakbedekking bestaat uit rode dakpannen en het schrijnwerk is voorzien in een grijze kleur.

 

Als knipoog naar het huidige pand wordt het originele glasraam in de voordeur in de nieuwe voordeur ingewerkt. Dit glasraam bevat de naam ‘In Prins Albert’.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

 

Er diende over de aanvraag geen openbaar onderzoek gehouden te worden.

 

De aanpalende eigenaars werden op 24 januari 2025 aangeschreven aangezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben geen bezwaar ingediend.

 

  1. Adviezen

 

Leiedal, de intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst werd om advies verzocht op 23 januari 2025. De adviesinstantie bracht op 11 februari 2025 een ongunstig advies uit. Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

Ontwikkelingsperspectief

Het pand is gelegen in de historische kern van Deerlijk. De historische kern van Deerlijk plooit zich rond de centrale ruggegraat van de Hoogstraat en de Schoolstraat-Harelbekestraat. Dit gebied kenmerkt zich door een bonte menging van hedendaagse en historische bebouwing, in verschillende stijlen. In dit gebied is de aaneengesloten bebouwing met variabele dakhoogtes en een ritmisch gevelverloop een te koesteren eigenschap

 

De onmiddellijke omgeving

In de onmiddellijke omgeving zijn er langsheen de Hoogstraat voornamelijk eengezinswoningen aanwezig, overwegend in baksteenarchitectuur. Het overgrote deel van de woningen bestaat uit 2 bouwlagen en een hellend dak evenwijdig met de straat. In de nabije omgeving zijn er ook enkele panden met erfgoedwaarde, waaronder de rechter aangrenzende interbellumwoning (hoge locuswaarde.

 

Het gebouw

Het gebouw is getuige van een historische herberg, vermoedelijk daterend uit het laatste kwart van de 19e eeuw. De beschrijving in de inventaris bouwkundig erfgoed is eerder beknopt en somt enkele erfgoedkenmerken op:

“Historische herberg "Café Prins Albert", vermoedelijk gebouwd in het laatste kwart van de 19de eeuw. Naam verwijst vermoedelijk naar prins Albert van Saksen-Coburg-Gotha (later Koning Albert I). Geschilderde baksteenbouw van één bouwlaag onder zadeldak bekleed met Vlaamse pannen. Met schijnvoegen gecementeerde plint. Getoogde muuropeningen.”

 

De gebruikswaarde van het pand is eerder laag vanwege zijn beperkt volume.

Daarentegen is de culturele waarde en de belevingswaarde van het pand hoog door zijn ligging langs een invalsweg en zijn historiek als herberg. Het pand is goed zichtbaar vanop openbaar domein en bepaald mee de beleving van de historische kern van Deerlijk.

 

Locus- of contextwaarde

Het pand heeft een hoge locuswaarde: Een hoge locuswaarde vertegenwoordigt de gebouwen waarvan de erfgoedwaarde zeer hoog is en die behouden moeten worden. Deze gebouwen worden niet gesloopt, behoudens in uitzonderlijke omstandigheden. Dit kan enkel het geval zijn bij panden waar de intrinsieke waarde ondergeschikt is aan de omgevings- of ruimtelijke structuurwaarden. Vernieuwbouw zal in dergelijke gevallen altijd moeten afgestemd zijn op het behoud van het oorspronkelijke gevelbeeld en erfgoedwaarde. Respect voor erfgoedwaarde primeert in architectuur, materiaalgebruik. Bij uitbreiding moet het nieuwe gedeelte op architecturaal aanvaardbare wijze afgestemd zijn op het erfgoedpand. De erfgoedtoets is vereist: de stedenbouwkundig ambtenaar vraagt indien nodig advies aan de kwaliteitscommissie bouwkundig erfgoed bij aanvragen voor grondige verbouwingen.

 

Het voorstel

De aanvraag betreft de afbraak van het erfgoedpand en bijgebouw aan de achterzijde, voor de bouw van een nieuwe eengezinswoning. Deze woning zal bestaan uit twee bouwlagen met een hellend dak, waarbij de nok evenwijdig aan de straat loopt. Aan de achterzijde wordt een gelijkvloerse uitbouw voorzien, waarin een patio wordt geïntegreerd. Verder omvat het ontwerp een dakuitbouw aan de voorgevel en een dakvlakvenster aan de achtergevel. Als referentie naar het bestaande pand wordt de voorgevel afgewerkt met eenzelfde materiaal, witte kalei, en wordt het buitenschrijnwerk gekozen naar het bestaand gebouw. Het ritme van de bestaande gevel, meer bepaald de plaats van de ramen en de deur, wordt overgenomen in het nieuw ontwerp.

 

Advies ontwerp

De sloopaanvraag bevat een bijkomende motivering met het oog op de realisatie van een eengezinswoning. Er ontbreekt echter een onderbouwde argumentatie die aantoont waarom behoud en renovatie van het pand niet mogelijk zouden zijn. Een bouwvallige bouwfysische toestand op zich vormt geen afdoende reden voor sloop, aangezien hedendaagse renovatietechnieken toelaten om het pand te behouden.

Zoals in het vorige erfgoedadvies meegegeven, zijn de mogelijkheden voor toekomstige functies van het pand beperkt. Door de beperkte oppervlakte en hoogte lijkt het niet haalbaar om een eengezinswoning te realiseren volgens huidige woonnormen. Dit blijkt ook uit de bijkomende motivering. Een renovatie naar de oorspronkelijke functie als café vormt daarentegen een realistischer alternatief dat aansluit bij de historische context van het gebouw. Dit onderzoek wordt binnen de aanvraag niet voldoende onderzocht of gemotiveerd. Dit is een eerste stap alvorens over te gaan naar een sloop. Bijgevolg wordt de aanvraag ongunstig geadviseerd.

 

Conclusie

Overwegende dat:

        Het erfgoedpand een hoge locuswaarde heeft;

        Een onderbouwde motivatie tot sloop onvoldoende is;

wordt de aanvraag tot sloop van een herberg en bouwen van een nieuwe eengezinswoning ongunstig geadviseerd.”

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

 

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

 

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, meer bepaald aan de voorschriften van het woongebied.

In deze zone gelden de stedenbouwkundige voorschriften van art. 5.1.0. van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen. Deze voorschriften luiden als volgt :

 

Woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

De aanvraag heeft betrekking op de herbouw van een ééngezinswoning zodat de aanvraag in overeenstemming is met de voorzieningen van het gewestplan.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Hoogstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook. Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone. Er dringen zich in het kader van de watertoets geen maatregelen op inzake overstromingsvrij bouwen of beperkingen inzake de inname van komberging.

 

Er is voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.

De dakoppervlakte watert af naar een hemelwaterput van 5.000 liter. De hemelwaterput heeft een overloop naar een buffer- en infiltratievoorziening met een volume van 2.300 liter en een oppervlakte van 15,33 m². Het in de hemelwaterput opgevangen hemelwater wordt hergebruikt voor toilet, wasmachine en buitenkraan. Hemel- en afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot aan de perceelsgrens.

 

Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I,II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Het gebouw waaraan de werken voorzien worden, is opgenomen in de inventaris van het bouwkundig erfgoed "Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen: Gemeente Deerlijk" zoals opgemaakt door de Vlaamse Overheid gekend als ID86312 en wordt als volgt beschreven:

“Historische herberg "Café Prins Albert", vermoedelijk gebouwd in het laatste kwart van de 19de eeuw. Naam verwijst vermoedelijk naar prins Albert van Saksen-Coburg-Gotha (later Koning Albert I). Geschilderde baksteenbouw van één bouwlaag onder zadeldak bekleed met Vlaamse pannen. Met schijnvoegen gecementeerde plint. Getoogde muuropeningen.”

 

Het pand heeft een hoge locuswaarde: Een hoge locuswaarde vertegenwoordigt de gebouwen waarvan de erfgoedwaarde zeer hoog is en die behouden moeten worden. Deze gebouwen worden niet gesloopt, behoudens in uitzonderlijke omstandigheden. Dit kan enkel het geval zijn bij panden waar de intrinsieke waarde ondergeschikt is aan de omgevings- of ruimtelijke structuurwaarden. Vernieuwbouw zal in dergelijke gevallen altijd moeten afgestemd zijn op het behoud van het oorspronkelijke gevelbeeld en erfgoedwaarde.

 

Respect voor erfgoedwaarde primeert in architectuur, materiaalgebruik. Bij uitbreiding moet het nieuwe gedeelte op architecturaal aanvaardbare wijze afgestemd zijn op het erfgoedpand. De erfgoedtoets is vereist: de stedenbouwkundig ambtenaar vraagt indien nodig advies aan de kwaliteitscommissie bouwkundig erfgoed bij aanvragen voor grondige verbouwingen.

 

Teneinde de erfgoedtoets uit te voeren werd advies gevraagd van de Intergemeentelijke Erfgoeddienst (IOED). Deze gaf een ongunstig advies.

 

In het advies wordt verwezen naar het ontbreken van een onderbouwde argumentatie die aantoont waarom het behoud en de renovatie van het pand niet mogelijk zouden zijn. Een bouwvallige bouwfysische toestand op zich vormt geen afdoende reden voor sloop aangezien hedendaagse renovatietechnieken toelaten om het pand te behouden. Zoals in het vorige erfgoedadvies meegegeven, zijn de mogelijkheden voor toekomstige functies van het pand beperkt. Door de beperkte oppervlakte en hoogte lijkt het niet haalbaar om een eengezinswoning te realiseren volgens de huidige woonnormen. Dit blijkt ook uit de bijkomende motivering. Een renovatie naar de oorspronkelijke functie als café vormt daarentegen een realistischer alternatief dat aansluit bij de historische context van het gebouw. Dit onderzoek wordt binnen de aanvraag niet voldoende onderzocht of gemotiveerd. Dit is een eerste stap alvorens over te gaan naar sloop. Daarom wordt ongunstig geadviseerd.

 

Het ongunstig advies van IOED wordt heel uitzonderlijk niet overgenomen. Het pand werd met een volkskundige insteek opgenomen in de inventaris bouwkundig erfgoed met een hoge locuswaarde. Bij elk vooroverleg met architect en/of bouwheer werd aangegeven dat het pand niet meer voldoet aan de elementaire eisen van stabiliteit en woonnormen. De dienst omgeving ging, met de volkskundige insteek in het achterhoofd, daarin mee met als voorwaarde dat een link/knipoog moest gemaakt worden met de erfgoedwaarde van het pand. Het ontwerp voorziet hier ook in door de uitwerking van de voorgevel. Hierbij wordt het ritme van de bestaande gevel, meer bepaald de plaats van ramen en deur, het materiaal zijnde witte kalei en het buitenschrijnwerk overgenomen van de bestaande toestand. Ook het herintegreren van het bestaande glasraam verwijzend naar café “Prins Albert” in de deuropening biedt een meerwaarde en een link naar het historische. Dit glasraam in de voordeur wordt opgenomen als voorwaarde in de vergunning.

 

Zoals uit het advies van IOED blijkt voldoet het pand niet aan de huidige woonnormen. Het al dan niet grondig onderzoeken en/of motiveren en zal hier niets aan wijzigen.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Functie:

De aanvraag heeft betrekking op het bouwen van een eengezinswoning na sloop van de bestaande bebouwing. Deze functie is passend binnen deze gemengde omgeving.

Het ontwerp zorgt voor een voldoende ruime, rationeel ingedeelde woning en beantwoordt zodoende aan de huidige normen van wooncomfort.

 

Inplanting, bouwvolume en gabarit:

De inplanting van de woning op de rooilijn blijft ongewijzigd. Deze rooilijn verspringt ter hoogte van de grens met de aanpalende woning links met een diepte van 0,75 m. Het hoofdgebouw van de woning sluit qua gabarit zoveel als mogelijk aan bij de naastliggende woning.

 

Er wordt geen hinder verwacht voor de omringende percelen. De bouwdiepte is immers vergelijkbaar met deze van de buren, de bouwhoogte is aanvaardbaar.

De muren op de perceelgrens worden gewijzigd. Hiervoor werd het akkoord verkregen van de eigenaars van het betreffende buurperceel. 

Het gevraagde is qua inplanting, volume en gabarit inpasbaar in de betreffende omgeving.

  

Verschijningsvorm:

Ondanks het feit dat in voorliggende aanvraag 2 bouwlagen voorzien worden in plaats van 1 bouwlaag van het bestaande gebouw, neemt het ontwerp de opbouw en het ritme van de bestaande gevel, meer bepaald de plaats van ramen en deur, het materiaal zijnde witte kalei en het buitenschrijnwerk over waardoor het ontwerp geen negatieve impact heeft op het bestaande straatbeeld.

 

De sloop van de huidige achterbouwen en de realisatie van een nieuwe achterbouw betekenen een sanering van de bebouwing op het perceel.

 

Hinderaspecten

De aanvraag voorziet in de sloop van de bestaande bebouwing. Het is wenselijk op te nemen dat alle sloopafval onmiddellijk van het terrein verwijderd moet worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies en dat indien asbesthoudend afval aanwezig is, dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd moet worden.

  

 

Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:

De functie van eengezinswoning wordt voorzien, bijgevolg wordt tov de bestaande situatie geen toename van de verkeersaantrek verwacht. Conform het gemeentelijk belastingsreglement van 26 november 2020 op ontbrekende parkeerplaatsen dient bij (ver)nieuwbouw één parkeerplaats per woongelegenheid worden voorzien. Dit reglement is niet van toepassing indien de voorgevelbreedte kleiner is dan 7m, wat hier het geval is. Gezien de centrale ligging en de beperkte voorgevelbreedte is het niet wenselijk/haalbaar om een garage te voorzien. Parkeren kan op het publiek domein.

 

Groen- en omgevingsaanleg:

Achter de woning wordt een terras aangelegd.

De woning beschikt nog over een voldoende ruime tuinzone om een kwalitatieve tuin te kunnen aanleggen. Daarnaast wordt ter hoogte van de keuken een patio ruimte ingericht teneinde centraal in de woning voldoende licht binnen te brengen en een beperkte buitenruimte te creëren. Na de werken wordt bijgevolg het contact tussen de leefruimtes van de woning en de tuinzone versterkt, wat de woonkwaliteit ten goede komt.

 

Conclusie

Het ontwerp is bijgevolg verenigbaar met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.

 

Artikel 4.3.1§2, 2° stelt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan ook met de bijdrage van het aangevraagde aan de verhoging van het ruimtelijk rendement rekening kan houden.

De aanvraag doet een beperkte bijdrage tot de verhoging van het ruimtelijk rendement, doch respecteert de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Het aangevraagde past zich in de betrokken omgeving.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.

 

7.13 Bespreking adviezen

Het IOED bracht een ongunstig advies uit. De behandeling van het advies werd voorzien in hoofdstuk 7.6 Erfgoed-/archeologietoets.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlarem II, besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 en zijn wijzigingen.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan Thibaut Callens namens THC Invest BV gevestigd Schuiferskapelsesteenweg 39 te 8700 Tielt, voor het bouwen van een woning na sloop van de bestaande bebouwing, op een perceel gelegen Hoogstraat 55 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 344 Z3, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        De plaatsing van het glasraam in de voordeur verwijzend naar café “Prins Albert” wordt opgenomen als voorwaarde gezien dit een meerwaarde en een link biedt naar het historische.

        Het sloopafval moet onmiddellijk van het terrein verwijderd worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies.

        Indien asbesthoudend afval aanwezig is, moet dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd worden..

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.41. OMV 2024_183 - Harelbekestraat 21 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het slopen van de bestaande gebouwen en het bouwen van een eengezinswoning en een vrijstaande garage, op een perceel gelegen Harelbekestraat 21 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 17 V6 en (afd. 2) sectie C 17 M7 aangevraagd door de heer Nick Vermeersch met als contactadres Bijenstraat 28 te 8792 Waregem.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op  5 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        De omgevingsvergunning wordt verleend conform projectinhoudversie 3.

        Het sloopafval moet onmiddellijk van het terrein verwijderd worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies.

        Indien asbesthoudend afval aanwezig is, moet dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd worden.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997.

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

     Gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake breedband, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2017.

     Gemeentelijke algemene bouwverordening inzake vellen van hoogstammige bomen, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 22 maart 1974 en goedgekeurd bij KB op 4 juli 1974.

     Gemeentelijke stedenbouwkundige verordening voor de wand op de perceelsgrens palend aan de openbare parking aansluitend bij het nieuw gemeentehuis, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 1 december 2011 en goedgekeurd door de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen in zitting van 15 maart 2012.

 

  1. Historiek

 

2.1 Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 juli 1955 door het college van burgemeester en schepenen voor het herstellen van het dak van de woning

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 maart 1972 door het college van burgemeester en schepenen voor het vervangen van een venster door een garagepoort, het vernieuwen van een deur en venster

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 19 augustus 1972 door het college van burgemeester en schepenen voor vervangen van een garageluik door raam in de voorgevel van de woning

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Geen relevante milieuvergunningen en/of weigeringen.
 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Geen relevante omgevingsvergunningen en/of weigeringen.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

3.1 Beschrijving van de omgeving

De aanvraag betreft een perceel gelegen in de kern van Deerlijk, langs de Harelbekestraat. Functioneel wordt de omgeving gedomineerd door woongebouwen, hetzij aangevuld met een voorzieningenniveau op dorpsformaat.

Het plaatselijk straatbeeld wordt gekenmerkt door aaneengesloten bebouwing, voornamelijk bestaande uit eengezinswoningen met twee bouwlagen en een zadeldak, waarbij de rooilijn en de voorbouwlijn op één lijn liggen.

Het betrokken perceel heeft een langgerekte geometrie met een lichte knik en beslaat een oppervlakte van circa 354 m². Het goed is bebouwd met een eengezinswoning met achtergelegen bijgebouw. Achterliggend paalt het goed aan een openbare parking aansluitend bij het gemeentehuis.

De woning heeft een voorgevelbreedte van 6,09 m en omvat twee bouwlagen met een zadeldak. De bestaande bebouwing omvat een hoofdvolume met een bouwdiepte van 8,73 m, aangevuld met diverse uitbreidingen. Achter deze uitbreidingen bevindt zich op korte afstand een bijgebouw met afmetingen van 4,12 bij 7,8 m, gesitueerd tegen de perceelsgrens met de linkerbuur.

De woning vertoont zowel qua silhouet als gevelindeling een sterke gelijkenis met de aanpalende woning aan de linkerzijde. De rechts aangrenzende woning heeft daarentegen een iets hoger gabarit, zij het nog steeds binnen de typologie van twee bouwlagen met een zadeldak.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag betreft de sloop van de bestaande bebouwing en de oprichting van een nieuwe eengezinswoning met een achterliggend bijgebouw.

De nieuw te bouwen rijwoning wordt geplaatst tussen twee bestaande woningen en omvat twee bouwlagen met een zadeldak. De kroonlijsthoogte en nokhoogte bedragen respectievelijk 6,15 m en 10,59 m, gemeten vanaf het vloerpeil, dat met 17,41 m TAW overeenkomt met de bestaande situatie. De woning heeft een gevelbreedte van 6,09 m en wordt gerealiseerd op de rooilijn.

De bouwdiepte is variabel: op het gelijkvloers bedraagt deze 15 m, op de eerste verdieping wordt dit beperkt tot 12 meter, terwijl de dakbasis van de zolderverdieping een diepte van 9 m heeft.

Voor de materialisatie wordt gekozen voor een genuanceerde rood-bruine parementsteen, zwart aluminium buitenschrijnwerk en matzwarte stormpannen. De regenwaterafvoeren en hanggoten worden uitgevoerd in antracietkleurig zink.

Het gelijkvloers omvat een inkomhal met vestiaire en toilet. Vanuit de hal geeft de doorgang toegang tot de leefruimte, waar zich vooraan de zithoek bevindt, gevolgd door de eetruimte met een vide tot aan de eerste verdieping en aansluitend de keuken, eveneens met vide. Naast de eetruimte is de trap naar de eerste verdieping gesitueerd. Grenzend aan de keuken bevindt zich een berging, met daarachter de badkamer. Een overdekt terras wordt voorzien als een zelfstandige constructie, waardoor de gemene muur niet hoeft te worden gebruikt of overgenomen. De eerste verdieping bestaat uit een slaapkamer met dressing, een afzonderlijk toilet, een open bureauruimte tussen de twee vides van het gelijkvloers en een aparte technische ruimte. De zolderverdieping bevindt zich onder het dak en is bereikbaar via een vaste trap.

Achteraan het perceel wordt een vrijstaande garage gerealiseerd, grenzend aan zowel de laterale als de achtergelegen perceelgrens. Dit bijgebouw heeft een oppervlakte van 59,84 m² en omvat één bouwlaag met een plat dak. De maximale hoogte bedraagt 3 m ten opzichte van het maaiveld. De voorgevel wordt afgewerkt met horizontaal houten lattenwerk, terwijl de zijmuren ter hoogte van de perceelsgrenzen in volmetselwerk (klompjes) worden uitgevoerd. De tuingevel wordt afgewerkt in lijn met de materialisatie van de woning.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.
 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

De aanpalende eigenaars werden voor advies gevraagd op 16 januari 2025 gezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben geen bezwaar ingediend.

 

  1. Adviezen

Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden. 

 

  1. Project-MER of OVR

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, meer bepaald aan de voorschriften van het woongebied.

In deze zone gelden de stedenbouwkundige voorschriften van art. 5.1.0. van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen. Deze voorschriften luiden als volgt :

 

Woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De aanvraag heeft betrekking op het herbouwen van eengezinswoning en bouwen van een garage zodat de aanvraag in overeenstemming is met de voorzieningen van het gewestplan.

 

Daarnaast dient de aanvraag getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van de stedenbouwkundige verordening voor de wand op de perceelsgrens palend aan de openbare parking aansluitend bij het nieuw gemeentehuis.

De aanvraag voorziet in de oprichting van een garage zoals omschreven binnen artikel 4 van de verordening. De garage wordt geplaatst op de in artikel 2 vermelde perceelsgrens en van een gesloten gevel met poort voorzien. De gevel op de perceelsgrens met de openbare parking wordt afgewerkt met een horizontaal lattenwerk met een breedte van 95 mm en een dikte van 9mm (overeenkomstig afsluitingen) en opgetrokken in rode Noorse grenen. De garage wordt verder afgewerkt met een plat dak zonder dakoversteek met een hoogte van maximaal 3 me vanaf het maaiveld. De poort in de gevel heeft een hoogte van 1.97 m.

Bijgevolg wordt voldaan aan de stedenbouwkundige voorschriften zoals opgenomen binnen de gemeentelijke verordening voor de wand op de perceelsgrens palend aan de openbare parking aansluitend bij het nieuw gemeentehuis.

 

7.2 Decretale beoordelingselementen:

        Voldoende uitgeruste weg (artikel 4.3.5., VCRO):

Overeenkomstig artikel 4.3.5., §4, 3° is de voorwaarde vermeld in art. 4.3.5.§1 niet van toepassing op het herbouwen van bestaande constructies. Ongeacht geldt in ieder geval dat de aanvraag vooralsnog gelegen is aan een voldoende uitgeruste weg. Het gaat om een gemeenteweg die op duurzame wijze is verhard en van een elektriciteitsnet is voorzien.
 

        Bedrijfswoningen (artikel 4.3.6., VCRO):

De aanvraag voorziet niet in de oprichting of uitbreiding van een bedrijfswoning in een daartoe geschikt bestemmingsgebied. De bepalingen van artikel 4.3.6 van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening zijn niet van toepassing.
 

        Toegankelijkheid (artikel 4.3.7., VCRO):

Artikel 4.3.7. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt dat de stedenbouwkundige vergunning voor de handelingen, vermeld in artikel 4.2.1, 1°, 6°, 7° en 8°, niet wordt verleend wanneer niet is voldaan aan de bij of krachtens de wet of het decreet gestelde regelen betreffende toegang van personen met een functiebeperking tot openbare wegen en tot voor het publiek toegankelijke onroerende goederen. Uit nazicht van het onderwerp blijkt het gevraagde buiten het toepassingsgebied te vallen zoals omschreven in hoofdstuk 2 van de gewestelijk stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
 

        Rooilijnen, reservatiestroken of achteruitbouwstroken (artikel 4.3.8., VCRO):

Het perceel noch de constructie wordt getroffen door een rooilijn, achteruitbouwstrook of reservatiestrook.
 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat en schadelijke effecten maximaal worden vermeden, beperkt of hersteld. Het bijhorende uitvoeringsbesluit Watertoets van 20 juli 2006 geeft nadere richtlijnen voor de toepassing van de watertoets en geldt sinds 1 november 2016. Met inachtneming van artikel 3, §2 van voormeld besluit, noopt de aanvraag zich niet tot het inwinnen van een extern advies.

 

Volgens de door de Vlaamse overheid ter beschikkende gestelde watertoetskaarten (www.watertoets.be) is de aanvraag buiten enig overstromingsgevoelig gebied gelegen (hetzij pluviaal, fluviaal of vanuit zee).  Evenmin bevindt de aanvraag zich binnen een WORG of signaalgebied. Het project is gelegen in het afwateringsgebied van waterloop Gaverbeek (1ste categorie), hetzij op ruime afstand waardoor de interferentie beperkt is.

 

Gelet op de ligging van het goed en de aard van de werken mag er vanuit gegaan worden dat er voor de aanvraag geen schadelijke effecten te verwachten zijn zoals bedoeld binnen artikel 1.1.3., §2, 18° van het Decreet Integraal Waterbeleid tot zover de aanvraag in overeenstemming is met de geldende gewestelijke stedenbouwkundige verordening (GSV) inzake hemelwater.

Deze verordening noteert de noodzakelijke uitgangspunten en middelen om negatieve effecten ten aanzien van het watersysteem te ondervangen. Zodoende omvat deze bepalingen over het omgaan met en het gebruik van hemelwater, de scheiding van hemelwater en afvalwater, en de infiltratie, buffering en lozing van hemelwater afkomstig van verhardingen en overdekte constructies.

Uit nazicht van de plannen blijkt dat de aanvraag voldoet aan de geldende vereisten inzake hemelwaterput, infiltratievoorzieningen en hergebruik. 

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag heeft geen betrekking op een project dat vermeld staat op de lijst binnen een van de bijlagen bij het besluit van de Vlaamse Regering dd. 1 maart 2013 betreffende de nadere regels omtrent de project-MER-screening. De aanvraag is dan ook niet screeningsplichtig.

 

7.5 Natuurtoets

Overeenkomstig artikel 16 van het Natuurdecreet draagt de bevoegde overheid, in het geval van een vergunningsplichtige activiteit, er zorg voor dat er geen vermijdbare schade aan de natuur kan ontstaan door wanneer noodzakelijk de vergunning te weigeren of door redelijkerwijze voorwaarden op te leggen om de schade te voorkomen, te beperken of, indien dit niet mogelijk is, te herstellen.
 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

        Archeologienota:

Het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 verplicht de aanvrager van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of voor het verkavelen van gronden om in bepaalde gevallen een archeologienota bij de vergunningsaanvraag te voegen. De mate waarin de aanvrager verplicht is een archeologienota wordt voor omgevingsvergunningsaanvragen met stedenbouwkundige handelingen, geregeld in artikel 5.4.1. van het Onroerenderfgoeddecreet. Gezien de aanvraag noch gedeeltelijk, noch geheel gelegen is binnen een beschermde of vastgestelde archeologische site  of zone en het perceeloppervlak kleiner is dan 3000 vierkante meter, valt het gevraagde niet onder het toepassingsgebied.

        Onroerend erfgoedtoets:

De aanvraag heeft geen betrekking op een beschermd monument, beschermd dorpszicht, beschermd landschap en heeft geen betrekking op een relict opgenomen in één van de vastgestelde inventarissen van het onroerend erfgoed (landschapsatlas, archeologische zones, houtige beplanting met erfgoedwaarde, historische tuinen en parken, bouwkundig erfgoed).

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

De aanvraag heeft geen betrekking op een project zoals omschreven in artikel 5.93 lid 1 van de Vlaamse Codex Wonen. Evenmin is er sprake van een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening of normerend RUP zoals omschreven in artikel 5.94, §2 en 5.95 van de Vlaamse Codex Wonen.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Functie:

De aanvraag is gelegen in de kern van de gemeente Deerlijk waar het wonen domineert. Ter hoogte van de achterzijde wordt een bergplaats voor wagens en fietsen opgericht. Refererend naar de plaatselijke omstandigheden en vooropgestelde oprichting van autobergplaatsen binnen de geldende verordening, kan het gevraagde als functioneel inpasbaar beschouwd worden. 

Inplanting en ruimtegebruik:

Het plaatselijk straatbeeld wordt gekenmerkt door aaneengesloten bebouwing, voornamelijk bestaande uit eengezinswoningen met twee bouwlagen en een zadeldak, waarbij de rooilijn en de voorbouwlijn op één lijn liggen. De te herbouwen woning wordt, overeenkomstig het plaatselijk bebouwingsbeeld, op de rooilijn ingeplant, wat de voorkeur geniet.

De woning wordt op die wijze vormgegeven dat alle te verwachten woon- en leefruimtes op een kwalitatieve wijze kunnen worden ingericht. Tussen de woning en het achterliggend woningbijgebouw resteert een voldoende ruime en kwalitatieve tuinzone.

Het achterliggende woningbijgebouw, dienstig als auto- en fietsenberging, paalt aan een openbare parking. De poort geeft uit op een parkeerweg met parkeerplaatsen langs één zijde (overzijde). De ontsluiting van een garage/fietsenberging, in lijn met soortgelijke inrichting ter hoogte van Harelbekestraat 11, kan aanvaard worden.

 

Bouwvolume en gabarit:

De nieuw te bouwen rijwoning wordt ingepland tussen twee bestaande woningen en omvat twee bouwlagen met een zadeldak. De kroonlijsthoogte en nokhoogte bedragen respectievelijk 6,15 m en 10,59 m, gemeten vanaf het vloerpeil. Concreet wordt hierdoor maximaal gealigneerd op het silhouet van de rechts aanpalende woning.

De bouwdiepte op het gelijkvloers bedraagt 15 m terwijl deze op de eerste verdieping wordt beperkt tot 12 m en de dakbasis tot 9 m. Deze voorgenomen bouwdieptes vinden een evenwicht tussen het creëren van voldoende ruimte tot het inrichten van kwalitatieve woonlokalen en het inpassen van de bebouwing binnen de bestaande bebouwingspatronen. Het platte dak van de gelijkvloerse uitbouw wordt ingericht als extensief groendak waardoor het niet te betreden is en in die zin geen hinder verwacht wordt voor de omringende percelen.

 

Verschijningsvorm:

Voor de materialisatie wordt gekozen voor een genuanceerde roodbruine parementsteen, zwart aluminium buitenschrijnwerk en matzwarte stormpannen. De regenwaterafvoeren en hanggoten worden uitgevoerd in zink. De oversteken worden in hout afgewerkt. Het gaat om duurzame, kleinschalige en residentiële materialen, in lijn met hetgeen gebruikelijk is binnen de onmiddellijke omgeving.

Bij de inrichting van de woning is maximaal rekening gehouden met de impact van de aanvraag op het voorliggende openbaar domein door de zitruimte langs de straatzijde te voorzien waardoor voldoende attractiviteit ontstaat in het straatbeeld.

 

Hinderaspecten

De aanvraag voorziet in de sloop van de bestaande bebouwing. Het is wenselijk op te nemen dat alle sloopafval onmiddellijk van het terrein verwijderd moet worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies en dat indien asbesthoudend afval aanwezig is, dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd moet worden.

 

Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:

De functie van eengezinswoning blijft behouden, bijgevolg wordt geen wijziging van de verkeersaantrek verwacht. Het voorliggend project laat toe om de parkeerbehoeften op eigen terrein te ondervangen, hetzij zowel voor fietsen als wagens. 

 

Groen- en omgevingsaanleg:

De woning beschikt over een voldoende ruime tuinzone om een kwalitatieve tuin te kunnen aanleggen. De verhouding tussen de verharde en onverharde zones is aanvaardbaar. Na de werken wordt het contact tussen de leefruimtes van de woning en de tuinzone versterkt, wat de woonkwaliteit ten goede komt.

 

Conclusie

Het voorliggende ontwerp past binnen de ruimere omgeving en overschrijdt de schaal van het terrein niet. Rekening houdende met de aanwezige bebouwing van de ruimere omgeving en met de grondplanconfiguratie, het basisgabarit, de vormgeving en de materialenkeuze is het ontwerp aanvaardbaar binnen de plaatselijke context. De aanvraag doorstaat de toets aan de goede ruimtelijke ordening zoals omschreven in artikel 4.3.1., §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.

 

7.13 Bespreking adviezen

Niet van toepassing.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan de heer Nick Vermeersch met als contactadres Bijenstraat 28 te 8792 Waregem, voor het slopen van de bestaande gebouwen en het bouwen van een eengezinswoning en een vrijstaande garage, op een perceel gelegen Harelbekestraat 21 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 17 V6 en (afd. 2) sectie C 17 M7, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        De omgevingsvergunning wordt verleend conform projectinhoudversie 3.

        Het sloopafval moet onmiddellijk van het terrein verwijderd worden naar een daartoe bestemde plaats, behoudens de materialen die gerecupereerd worden bij de te herbouwen constructies.

        Indien asbesthoudend afval aanwezig is, moet dit met de nodige omzichtigheid en volgens de wettelijke bepalingen verwijderd worden.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.42. OMV 2024_188 - Europalaan 28 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitbreiden halfopen woning, op een perceel gelegen Europalaan 28 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 474 P3 aangevraagd door mevrouw Maïté Dejonckere met als contactadres Europalaan 28 te 8540 Deerlijk.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op  6 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        In de zij- en achtertuin is er maximaal 80 m² aan verharding toegelaten. De verharding bovenop deze 80 m² dient vervangen te worden door beplanting en/of gras. Deze werken worden uitgevoerd tijdens het eerstvolgende plantseizoen volgend op het voltooien van de aangevraagde werken.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006. De aanvraag ligt niet binnen een deelgebied.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, Marquettestraat, wijziging A, goedgekeurd door de gemeenteraad op 11 oktober 1988. Het perceel van de aanvraag heeft de bestemming tuinstrook, woning en private tuin.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het BPA Marquettestraat, wijziging A is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

 

  1. Historiek

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 27 februari 1964 door het college van burgemeester en schepenen voor het aanbouwen van een veranda.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 oktober 2014 door het college van burgemeester en schepenen voor het verbouwen en uitbreiden van het gelijkvloers.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

3.1 Beschrijving van de omgeving

De eigendom is een perceel met een oppervlakte van 558 m² en is gelegen langs de Europalaan op ongeveer 1,1 km ten zuidwesten van de kern van Deerlijk. De Europalaan is een voldoende uitgeruste gemeenteweg. Het is een brede weg geflankeerd met woningen in open en halfopen bebouwing.

 

Het perceel is bebouwd met een eengezinswoning in halfopen bebouwing. Het hoofdvolume van de woning bestaat uit twee bouwlagen en een hellend dak. Links is er een garage van een bouwlaag en hellend dak tegen de woning gebouwd. De kroonlijsthoogte bedraagt 5,51 m en de nokhoogte 8,34 m. De bouwdiepte ter hoogte van de linker zijdelingse perceelsgrens bedraagt 11,71 m t.o.v. voorste gevellijn garage. De bouwdiepte aan rechterzijde bedraagt 13,60 m t.o.v. voorste gevellijn woning. De woning heeft een totale bebouwde grondoppervlakte van 116,84 m² en een volume van 506,92 m³.
Het hoofdvolume van de woning is opgetrokken in metselwerk en afgewerkt met een rood-bruin genuanceerde gevelsteen. De gelijkvloerse aanbouw aan de achterzijde van het hoofdvolume is eveneens opgetrokken in metselwerk en afgewerkt met een bruin-grijze gevelsteen. De dorpels zijn uitgevoerd in blauwe hardsteen en het buitenschrijnwerk in pvc/aluminium in kwartsgrijze kleur. Het hellend dak is afgewerkt met keramische pannen in antraciet kleur.  Achteraan het perceel bevindt zich een houten tuinberging met overdekt terras. Het bijgebouw heeft een oppervlakte van 30 m². De tuinberging situeert zich op 2,10 m t.o.v. de zijdelingse perceelsgrenzen en op 1,22 m t.o.v. de achterste perceelsgrens. De nokhoogte van het bijgebouw bedraagt 4,20 m. De kroonlijsthoogte van het bijgebouw bedraagt 2.24 m.

 

Binnen de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van de woning uit oktober 2014 werd een verharding van 51,56 m² vergund. Dit in de vorm van een pad aan de zijkant van de woning van 11,76 m² en een terras aan de achtergevel van de woning van 39,8 m². In de zij- en achtertuin is er vandaag in totaal 145 m² aan verharding aanwezig.

De omgeving is een residentiële omgeving die gekenmerkt wordt door voornamelijk eengezinswoningen. De woningen links en rechts van de aanvraag zijn voor wat het hoofdvolume betreft op exact dezelfde manier opgebouwd. De woning rechts is gebouwd op ongeveer 3 m van de perceelsgrens van de aanvraag. De garage van de woning links is gekoppeld aan de gevel van de garage van de aanvraag.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag betreft het verbouwen en uitbreiden van de bestaande eengezinswoning.

De uitbreiding betreft het construeren van een extra volume voor en op de bestaande garage ter hoogte van de linker zijdelingse perceelsgrens.

 

De uitbreiding heeft een breedte van 2,86 m op een diepte van 8,44 m en wordt afgewerkt met een hellend dak. De kroonlijsthoogte wordt gelijk gezet met het bestaande hoofdvolume en bedraagt 5,51  m. De nokhoogte bedraagt 8,34 m. Het materiaalgebruik voor het nieuwe volume betreft een houten gevelbekleding. De muur ter hoogte van de perceelsgrens wordt afgewerkt met een rood-bruine gevelsteen gelijkaardig aan het gevelmetselwerk van de bestaande woning. Het dak wordt afgewerkt met keramiek pannen gelijkaardig aan het bestaande dak en het buitenschrijnwerk wordt uitgevoerd in pvc/ aluminium in kwartsgrijze kleur gelijkaardig aan bestaand schrijnwerk.

 

Het bestaande hoofdvolume wordt beperkt intern verbouwd op de eerste verdieping.  Op het gelijkvloers blijft de garage en berging behouden. Op de eerste verdieping van het nieuwe volume wordt een badkamer en open ruimte voorzien met een trap naar de zolderverdieping. De open ruimte kan gebruikt worden als speel- of bureauruimte. Op de zolderverdieping wordt een slaapkamer ingericht. De bestaande badkamer wordt gesupprimeerd en er wordt een nieuwe doorgang gecreëerd tussen de bestaande woning en het nieuwe volume op de eerste verdieping.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

De aanpalende eigenaars werden op 22 januari 2025 aangeschreven aangezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben geen bezwaar ingediend.

 

  1. Adviezen

Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden. 

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van BPA Marquettestraat, wijziging A.

 

Het gevraagde is in overeenstemming met de voorzieningen van het BPA gezien het gaat om de uitbreiding van een eengezinswoning en deze volledig binnen de zone voor aaneengesloten en halfopen bebouwing valt, de uitbreiding gebouwd wordt in lijn met de bestaande woning, waardoor onder andere aan de voorwaarde van een maximale kroonlijsthoogte van 6,5 m wordt voldaan en gezien het materiaalgebruik traditioneel is.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Europalaan een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook. Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone.

De voorliggende aanvraag heeft geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte. De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.  Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I,II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Functie:

De aanvraag heeft betrekking op de verbouwing van een eengezinswoning. Deze functie blijft ongewijzigd en is passend binnen deze woonomgeving. Het ontwerp zorgt voor een verruiming, herindeling en rationalisering van de woning en beantwoordt zodoende aan de huidige normen van wooncomfort.

 

Inplanting en ruimtegebruik:

De inplanting van de woning ten opzichte van de rooilijn blijft ongewijzigd.

De nieuwe uitbouw wordt grotendeels gerealiseerd op dezelfde plaats als de bestaande garage en sluit aan op het hoofdgebouw. Op die manier vormt de bebouwing na de werken een compact geheel.

 

De woning is ingeplant conform de voorschriften van het BPA. Ook de uitbreiding voldoet aan de bepalingen.

 

Bouwvolume en gabarit:

De uitbreiding sluit aan bij het gabarit van het hoofdgebouw, dat ongewijzigd blijft. Deze uitbreiding optimaliseert de bestaande footprint en is aanvaardbaar is binnen deze woonomgeving.

 

De muur op de linkerperceelgrens wordt gewijzigd gezien de uitbreiding zich hier situeert. Er wordt geen hinder verwacht voor de omringende percelen. De bouwdiepte is immers gelijk met het bestaande hoofdvolume en vergelijkbaar met deze van de buren, de bouwhoogte is, gezien deze gelijk wordt gemaakt met het bestaande hoofdvolume, aanvaardbaar. Er werd geen advies uitgebracht door de eigenaars van het betreffende buurperceel.

Het gevraagde is qua volume en gabarit inpasbaar in de betreffende omgeving. Het ontworpen volume is in overeenstemming met de voorschriften van het BPA.

  

Verschijningsvorm:

De voorgevel wijzigt voor wat de uitbouw betreft. Het materiaalgebruik voor het nieuwe volume betreft een houten gevelbekleding en het buitenschrijnwerk wordt uitgevoerd in pvc/ aluminium in kwartsgrijze kleur gelijkaardig aan bestaand schrijnwerk. Deze afwerking is, gezien deze ondergeschikt is aan de baksteenarchitectuur van het bestaande hoofdvolume, inpasbaar in de omgeving. De vrije zijgevel wordt afgewerkt in metselwerk zodat deze volwaardig is en aansluit bij het materiaalgebruik dat overheerst.

 

Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:

De functie van eengezinswoning blijft behouden, bijgevolg wordt geen wijziging van de verkeersaantrek verwacht. De bestaande garage en oprit blijven behouden waardoor voldoende parkeerruimte voor het opvangen van de eigen parkeerbehoefte voorzien wordt. 

 

Groen- en omgevingsaanleg:

De aanvraag betreft geen verandering van de bebouwde of groene ruimte. In de zij- en achtertuin is er vandaag in totaal 145 m² aan verharding aanwezig, waarvan 51,56 m² vergund werd. Dit betekent dat een groot deel onvergunde verharding aanwezig is op het perceel. Het optimaliseren van de woning door middel van een uitbreiding verhoogt het ruimtelijk rendement op het perceel. Deze verhoging van het ruimtelijk rendement is een kans om de verharde oppervlakte op het perceel te reduceren. Een overmaat aan verharding heeft een negatieve impact op de biodiversiteit en vermindert de ruimte waar water kan infiltreren. In voorliggende aanvraag worden geen regularisatie gevraagd van deze onvergunde verhardingen. Er is wel een vrijstelling van de vergunningsplicht indien het gaat om maximaal 80 m² aan niet-overdekte lage constructies per goed in de zij- en achtertuin.

 

De verharde oppervlakte bovenop die vrijgestelde 80 m² aan verharding in de zij- en achtertuin dient bijgevolg uitgesloten te worden van vergunning. Om aan de voorwaarde te voldoen kan in de zijtuin en achtertuin de overgedimensioneerde verharding worden weggenomen en vervangen worden door beplanting en/of gras.

 

Conclusie

Het ontwerp kan mits het naleven van de voorwaarden verenigbaar gemaakt worden met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.

 

7.13 Bespreking adviezen

Niet van toepassing.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan mevrouw Maïté Dejonckere met als contactadres Europalaan 28 te 8540 Deerlijk, voor het uitbreiden halfopen woning, op een perceel gelegen Europalaan 28 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 474 P3, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        In de zij- en achtertuin is er maximaal 80 m² aan verharding toegelaten. De verharding bovenop deze 80 m² dient vervangen te worden door beplanting en/of gras. Deze werken worden uitgevoerd tijdens het eerstvolgende plantseizoen volgend op het voltooien van de aangevraagde werken.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.43. OMV 2024_189 - Stationsstraat 294 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een bijgebouw na afbraak van het bestaande, op een perceel gelegen Stationsstraat 294 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie D 73 A3 aangevraagd door Stefanie Vandererfven - Matthijs Stichelbaut wonende Stationsstraat 294 te 8540 Deerlijk.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 7 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        Er zijn geen zelfstandige activiteiten toegelaten in het bijgebouw.

        De verharding in de zij- en achtertuin  die anders uitgevoerd werd dan vergund op 7 september 2016 maakt geen deel uit van voorliggende aanvraag en wordt bijgevolg uit de vergunning gesloten.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

 

  1. Historiek

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 7 september 2016 door het college van burgemeester en schepenen voor het verbouwen en uitbreiden van de bestaande woning.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

3.1 Beschrijving van de omgeving

De eigendom is een perceel met een oppervlakte van 773 m² en is gelegen langs de Stationsstraat op ongeveer 2 km ten zuiden van de kern van Deerlijk. De Stationsstraat is een voldoende uitgeruste gemeenteweg. Het is een brede weg met twee rijstroken en afgescheiden voetpaden, voornamelijk geflankeerd met lintbebouwing.

Op het perceel bevindt zich een eengezinswoning in halfopen bebouwing, bestaande uit twee bouwlagen met een zadeldak. Achteraan de tuin bevindt zich vandaag een bijgebouw van 4,92 m breed en 13,75 m lang. Dit bijgebouw situeert zicht op de achter- en zijperceelsgrens. De nok van het bestaande bijgebouw is 5,87 m hoog. In de voorgevel van het bijgebouw is een garagepoort aanwezig, waarbij het bijgebouw vermoedelijk als garage wordt gebruikt. Naar de garagepoort loopt er vanaf de rooilijn een toegangsweg van 5,3 m breed.

 

De omgeving is een eerder stedelijke omgeving die gekenmerkt wordt door een menging aan functies, zoals wonen, handel, en bedrijvigheid. Het perceel rechts van de aanvraag is bebouwd met een eengezinswoning in halfopen bebouwing. Op de grens met het perceel van de aanvraag bevinden zich twee bijgebouwen met een nokhoogte van 2,81 m. Het perceel links van de aanvraag ligt braak. Het perceel achterliggend aan de aanvraag is bebouwd met een eengezinswoning met zeer diepe tuin.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvrager wenst een bestaand bijgebouw te slopen en een nieuw bijgebouw te herbouwen op dezelfde footprint. Het nieuwe bijgebouw wordt ingeplant op de achter- en rechterzijperceelsgrens en heeft een breedte van 4,97 m. De diepte bedraagt 13,80 m.

Het bijgebouw bestaat uit één bouwlaag met een plat dak. De kroonlijsthoogte bedraagt 3 m.  Op het gelijkvloers bevindt zich een gedeelte tuinberging van 29,7 m² en een gedeelte poolhouse van 29,3 m². Het bijgebouw is in totaal 68,58 m² groot. De gevels worden afgewerkt in bruine gevelsteen, identiek aan de bestaande eengezinswoning. Een klein deel van de gevel wordt afgewerkt in zwarte aluminium gevelbekleding. Het schrijnwerk is voorzien in zwart aluminium.

De bestaande verharde en onbebouwde ruimte blijft volledig behouden.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

Er diende over de aanvraag geen openbaar onderzoek gehouden te worden.

 

De aanpalende eigenaars werden op 22 januari 2025 aangeschreven aangezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben geen bezwaar ingediend.

 

  1. Adviezen

Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden. 

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, meer bepaald aan de voorschriften van het woongebied.

In deze zone gelden de stedenbouwkundige voorschriften van art. 5.1.0. van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen. Deze voorschriften luiden als volgt :

Woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De aanvraag heeft betrekking op een bijgebouw bij een woning, zodat de aanvraag in overeenstemming is met de voorzieningen van het gewestplan.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Stationsstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.

Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het voorliggend project heeft geen omvangrijke oppervlakte (<0,1 ha). Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone.

Er dringen zich in het kader van de watertoets geen maatregelen op inzake overstromingsvrij bouwen of beperkingen inzake de inname van komberging.

 

Er is deels voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater en er wordt eveneens een afwijking gevraagd.

De dakoppervlakte van het te herbouwen bijgebouw en de bestaande woning wateren in de aanvraag af naar een bestaande hemelwaterput van 10.000 liter.

De hemelwaterput heeft een overloop naar een bestaande infiltratieput. In de infiltratieput wateren ook een oprit en terras af. De bestaande infiltratieput heeft een buffervolume van 20.000 liter en een infiltratie-oppervlakte van 30,96 m².

Volgens de huidige normen van de hemelwaterverordening van 2023 dient voor de bestaande woning, een terras, een oprit en het te herbouwen bijgebouw samen een voorziening met een buffervolume van minimaal 12.771 liter en een infiltratie-oppervlakte van minimaal 30,96 m² geplaatst te worden. De aanwezige buffer- en infiltratievoorziening is dus voldoende ruim gedimensioneerd. Het in de hemelwaterput opgevangen hemelwater wordt hergebruikt voor toiletten, wasmachine en dienstkranen. Hemel- en afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot aan de perceelsgrens.

Gezien het om een bestaande buffer- en infiltratievoorziening gaat die voldoende ruim gedimensioneerd is, kan de afwijking toegestaan worden waarbij de voorziening i.k.v. de herbouw van het bijgebouw niet bovengronds wordt aangelegd.

Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I,II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Functie:

De aanvraag heeft betrekking op de herbouw van een bijgebouw bij een eengezinswoning. Deze functie blijft ongewijzigd en is passend binnen deze woonomgeving. Het is niet gewenst om activiteiten anders dan de vooropgesteld (tuinberging en poolhouse) te voorzien in het bijgebouw. Zelfstandige activiteiten horen maw niet thuis in het bijgebouw. Dit wordt als voorwaarde opgelegd.

 

Inplanting en ruimtegebruik:

De inplanting van het bijgebouw blijft ongewijzigd. Deze bevindt zich op ongeveer 9 m van de achtergevel van de woning, waardoor dit een compact geheel vormt.

  

Bouwvolume en gabarit:

Het nieuwe bijgebouw wordt ingeplant op exacte dezelfde oppervlakte als het te slopen bijgebouw. Het volume van het nieuwe bijgebouw is een stuk kleiner dan die van het bestaande. De sloop van het bestaande bijgebouw en het kleinere volume maken de te behouden bebouwde oppervlakte van het bijgebouw van 68,58 m² aanvaardbaar. Er wordt geen hinder verwacht voor de omringende percelen. De kroonlijsthoogte is gelijkaardig aan het bijgebouw van de buren. De muren op de perceelsgrens worden lager dan vandaag.

Er werd daarnaast geen reactie gegeven door de eigenaars van de betreffende buurpercelen. 

Het gevraagde is qua volume en gabarit inpasbaar in de betreffende omgeving.

 

Verschijningsvorm:

Het bijgebouw staat relatief diep in de tuin en wordt lager herbouwd dan het huidige bijgebouw. Bijgevolg is er geen rechtstreekse impact op het straatbeeld.

Het bijgebouw integreert zich door zijn materiaalgebruik (bruin metselwerk) binnen de bestaande bebouwing.

 

Parkeerplaatsen, verkeersaantrek en groen- en omgevingsaanleg:

De functie van eengezinswoning blijft behouden, bijgevolg wordt geen wijziging van de verkeersaantrek verwacht.

 

Op het perceel is tussen de rooilijn en het bestaande bijgebouw een ruime verharding gerealiseerd. Vandaag is er ongeveer 170 m² aan verharding aanwezig in de zij- en achtertuin. Een overmaat aan verharding heeft een negatieve impact op de biodiversiteit door het verlies van leefgebied voor planten, dieren en insecten en vermindert de ruimte waar water kan infiltreren. Op de goedgekeurde plannen bij de bouwvergunning afgeleverd op  7 september 2016 voor het verbouwen en uitbreiden van de bestaande woning was nog meer verharding vergund, evenwel op een andere plaats. Gezien de verharding meer bedraagt dan 80 m² en gerealiseerd is op een andere plaats dan vergund is dit vergunningsplichtig. Voor deze gewijzigde verharding werd evenwel geen vergunning aangevraagd, noch verkregen en is niet inbegrepen in voorliggende aanvraag. De aanwezige verharding maakt bijgevolg geen deel uit van voorliggende aanvraag. Dit wordt opgenomen in de voorwaarden. Een aparte aanvraag voor deze verharding moet ingediend worden waarbij de functionele noodzaak van de verharding in combinatie met de impact op de biodiversiteit en ruimte voor water bijkomend onderzocht moet worden.

 

Conclusie

Het ontwerp kan mits het naleven van de voorwaarden verenigbaar gemaakt worden met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.

 

7.13 Bespreking adviezen

Niet van toepassing.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan Stefanie Vandererfven - Matthijs Stichelbaut wonende Stationsstraat 294 te 8540 Deerlijk, voor het bouwen van een bijgebouw na afbraak van het  bestaande, op een perceel gelegen Stationsstraat 294 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie D 73 A3, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        Er zijn geen zelfstandige activiteiten toegelaten in het bijgebouw.

        De verharding in de zij- en achtertuin  die anders uitgevoerd werd dan vergund op 7 september 2016 maakt geen deel uit van voorliggende aanvraag en wordt bijgevolg uit de vergunning gesloten.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.44. OMV 2025_2 - Ketsersstraat 3 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het aanleggen van een bijkomende oprit, op een perceel gelegen Ketsersstraat 3 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 165 N aangevraagd door Merel Van Weehaeghe wonende Zuiderlaan 75 te 8790 Waregem.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 26 februari 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        De breedte van de nieuwe verharding (extra oprit) moet beperkt worden tot een breedte van 3 m in plaats van 5,20 m.

        In de voortuin moeten minstens 2 nieuwe boompjes (meerstammige) aangeplant worden.

        De afwatering van de oprit moet rechtstreeks infiltreren de in naastliggende onverharde bodem.  Deze oppervlakte bedraagt minstens ¼ van de oppervlakte van de nieuw aan te leggen verharding.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De bepalingen van het gewestplan Kortrijk (goedgekeurd 4 november 1977) zijn niet meer van toepassing en werden vervangen door de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan overeenkomstig artikel 7.4.5 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, Molenhoek, goedgekeurd 6 mei 2010 met als bestemming zone voor residentieel wonen.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het RUP is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

 

  1. Historiek

 

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

Volgende stedenbouwkundige vergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 13 september 1993 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van 9 woningen.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 2 juli 1997 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een afsluiting in collstrop (L 18,18m).

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 10 april 2002 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een veranda van 13m² aan de woning.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 17 november 2004 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een gemetst tuinhuis van 18,56m² na sloping van een bestaand houten tuinhuis van 6m².

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 19 mei 2010 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een afsluiting in betonplaten (sierbeton).

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

 

3.1 Beschrijving van de omgeving

De bouwplaats is een perceel met een oppervlakte van 465 m² op ongeveer 2 km ten oosten van de kern van Deerlijk. Het perceel is bebouwd met een gekoppelde eengezinswoning bestaande uit 1 bouwlaag met een zadeldak en aangebouwde veranda en situeert zich langs de Ketsersstraat. Links van de woning is reeds een oprit aanwezig die toegang heeft tot de inpandige garage. In de tuinzone van de woning bevindt zich een tuinhuis. De omgeving heeft een residentieel karakter en wordt bepaald door de aanwezigheid van eengezinswoningen. De woningen in de omgeving hebben allen gelijkaardig uitzicht.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag betreft het aanleggen van een bijkomende parkeerplaats in de voortuinstrook.  Op heden is reeds een bestaande noodzakelijke oprit aanwezig naar de inpandige garage, deze oprit is uitgevoerd in klinkers en heeft een oppervlakte van 25m² en is gelegen aan de linkerkant van de woning.  De aanvrager wenst een bijkomende parkeerplaats aan te leggen, in grindmatten die waterdoorlatend zijn, palend aan de oprit.  De breedte ter hoogte van de rooilijn bedraagt 5,2m en de diepte 4,8m (25m²).  De volledige oppervlakte van de voortuinstrook bedraagt bij benadering 110m².  Met deze aanvraag zou hiervan 50m² verhard worden met een totale breedte van 9m ter hoogte van de rooilijn.  De bestaande steenkorven die als voortuinafsluiting dienen worden gedeeltelijk weggenomen ter hoogte van de oprit.  Ook de brievenbus wordt verplaatst en de sierboompjes worden verwijderd.  Er zijn verder geen obstakels aanwezig op het privaat noch openbaar domein. 

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

 

Er diende over de aanvraag geen openbaar onderzoek gehouden te worden.

De aanpalende eigenaars werden niet om advies gevraagd aangezien de aanvraag geen betrekking heeft op werken aan scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom.

 

  1. Adviezen

 

Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden. 

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

 

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

 

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

Het gevraagde is in overeenstemming met de voorzieningen van het RUP gezien er geen bepalingen zijn opgenomen inzake voortuinverharding.  Er wordt enkel aangegeven dat er minstens 2 stalplaatsen voor een wagen op eigen terrein moeten aanwezig zijn.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Ketsersstraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook. Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

Rioleringstoets (art. 4.3.9., VCRO)

De aanvraag valt, volgend uit zijn aard, buiten het toepassingsgebied van het decretaal beoordelingselement.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone.

 

De voorliggende aanvraag heeft geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte.

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater op voorwaarde dat de afwatering van de oprit rechtstreeks infiltreert in de naastliggende onverharde bodem.  Deze oppervlakte bedraagt minstens ¼ van de oppervlakte van de nieuw aan te leggen verharding.

Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I,II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Functie:

De aanvraag heeft betrekking op het aanleggen van een bijkomende parkeerplaats in de voortuin bij een bestaande eengezinswoning. Deze functie blijft ongewijzigd en is passend binnen deze residentiële woonomgeving.

 

Inplanting en ruimtegebruik:

De nieuwe oprit wordt ingeplant aan de rechterkant van de bestaande oprit.  Op deze manier wordt alle verharding in de voortuinzone gebundeld.  De totale breedte van de oprit ter hoogte van de rooilijn zou na de werken 9m bedragen, zijnde 50% van de totale breedte.  In de nabije omgeving zijn reeds een aantal dubbele opritten aanwezig, de breedte varieert tussen de 5m en 7,5m. Een breedte van 9 m ter hoogte van de rooilijn voor 2 opritten is een overdimensionering en ook een stuk ruimer dan de breedtes in de directe nabijheid. De standaardbreedte van een parkeerplaats bedraagt standaard tussen de 2,50m en 3 m per parkeerplaats. Dit betekent dat als voorwaarde opgelegd dient te worden dat de breedte van de extra oprit (in functie van parkeren) beperkt moet worden tot 3 m in plaats van de voorziene 5,20 m wat de totale breedte ter hoogte van de rooilijn 6,80 m (2 opritten en toegangspad naar voordeur) zal bedragen in plaats van de aangevraagde 9 m. Op die manier kan ook het verhardingspercentage van de voortuinstrook beperkt worden.

 

Bouwvolume-gabarit-verschijningsvorm:

De verharding wordt aangelegd vlak met het maaiveld en heeft geen bovengronds volume.  De parkeerplaats zal uitgevoerd worden in kleinschalig materiaal, zijnde grind en is bijgevolg waterdoorlatend.  Het gevraagde is, mits het naleven van de hierboven vermelde voorwaarde, inpasbaar in de betreffende omgeving en niet storend voor de naastliggende eigendommen.  Het ontwerp is inpasbaar binnen het bestaande straatbeeld.

 

Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:

De functie van eengezinswoning blijft behouden, bijgevolg wordt geen wijziging van de verkeersaantrek verwacht.  Het RUP stelt dat er minstens 2 stalplaatsen voor een wagen moet voorzien worden op eigen terrein.  Na de werken is hier ruimschoots aan voldaan gezien er één inpandige garage, een oprit en extra parkeerplaats op het goed aanwezig zullen zijn.

 

Groen- en omgevingsaanleg:

De halfopen woning beschikt over een relatief grote voortuin.  Slechts een ondergeschikt deel van deze voortuin kan verhard worden.  Door de aanleg van extra verharding wordt een deel levend groen (gazon en beplanting) verwijderd in de voortuin. De inrichting van een voortuin heeft invloed op het straatbeeld, de verkeersveiligheid en op de goede waterhuishouding. Beplanting, hagen en bomen in de voortuin maken het straatbeeld mooier en zorgen voor het residentiële karakter van een omgeving. Deze groenzones helpen ook bij de infiltratie van het regenwater en halen fijn stof uit de lucht. Aangezien de sierboompjes verwijderd worden dient als compensatie opgelegd te worden dat in de voortuin minstens 2 nieuwe boompjes (meerstammige) aangeplant worden. Dit wordt opgelegd als voorwaarde.

 

Conclusie

Het ontwerp kan mits het naleven van de voorwaarden verenigbaar gemaakt worden met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.

 

Artikel 4.3.1§2, 2° stelt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan ook met de bijdrage van het aangevraagde aan de verhoging van het ruimtelijk rendement rekening kan houden.

De aanvraag doet een beperkte bijdrage tot de verhoging van het ruimtelijk rendement, doch respecteert de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Het aangevraagde past zich in de betrokken omgeving.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaars

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Niet van toepassing.

 

7.13 Bespreking adviezen

Niet van toepassing.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan Merel Van Weehaeghe wonende Zuiderlaan 75 te 8790 Waregem, voor het aanleggen van een bijkomende oprit, op een perceel gelegen Ketsersstraat 3 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie B 165 N, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        De breedte van de nieuwe verharding (extra oprit) moet beperkt worden tot een breedte van 3 m in plaats van 5,20 m.

        In de voortuin moeten minstens 2 nieuwe boompjes (meerstammige) aangeplant worden.

        De afwatering van de oprit moet rechtstreeks infiltreren de in naastliggende onverharde bodem. Deze oppervlakte bedraagt minstens ¼ van de oppervlakte van de nieuw aan te leggen verharding.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.45. OMV 2025_4 - Klokkestraat 1, 3, 5, 7, 9, 11, 13, Windhalmlaan 23, 25 en 27 - beslissing - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van keermuren, op een perceel gelegen Klokkestraat 1, 3, 5, 7, 9, 11, 13, Windhalmlaan 23, 25 en 27 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie E 917 G, (afd. 2) sectie E 917 F, (afd. 2) sectie E 917 D, (afd. 2) sectie E 917 E, (afd. 2) sectie E 917 B, (afd. 2) sectie E 917 C, (afd. 2) sectie E 917 A, (afd. 2) sectie E 917 G3, (afd. 2) sectie E 917 H, (afd. 2) sectie E 917 K en (afd. 2) sectie E 917 L aangevraagd door de heer Luc Taelman wonende Vijvestraat 39 te 8720 Dentergem.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 6 maart 2025.

Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Voorwaardelijk gunstig. Er dient voldaan te worden aan volgende voorwaarde(n):

        De keermuur moet over de volledige lengte op eigen terrein (te paard) voorzien worden.

        Ter afsluiting van elk perceel dient ter hoogte van de achterste perceelsgrens (te paard) een afsluiting geplaatst te worden met een maximale hoogte van 2m.

        Bij de bijstelling van de hoogte van de keermuur wordt rekening houdende met de perceelsgrenzen van de respectievelijke woningen Ommegangstraat 5 tot 15 en niet met de kavelgrenzen van de loten uit de verkaveling.

        De keermuur moet 0,10 m hoger uitgevoerd worden dan het aanpalende maaiveld uit de verkaveling.

        De taluds in de achtertuinen worden beplant met beplanting geschikt voor taluds.

        De ophogingen en het voorzien van de keermuren worden op een integrale en uniforme manier uitgevoerd. De ophogingen en de het plaatsen van de keermuren gebeuren in 1 fase en zonder onderbreking in de tijd.

 

Het advies wordt als volgt gemotiveerd:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De bepalingen van het gewestplan Kortrijk (goedgekeurd 4 november 1977) zijn niet meer van toepassing en werden vervangen door de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan overeenkomstig artikel 7.4.5 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, RUP Sint-Lodewijk centrum.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling, goedgekeurd op 13 november 2019 (dossiernummer OMV_2020_11).

Voor dit perceel is een omgevingsvergunning voor het bijstellen van de verkaveling van toepassing, goedgekeurd op 10 maart 2021.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag 

Het verkavelingsplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.


1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013.

 

  1. Historiek

 

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen relevant voor het betrokken goed.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

Er zijn geen voorgaande vergunningen relevant voor het betrokken goed.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

Volgende omgevingsvergunningen en/of weigeringen zijn relevant:

        Omgevingsvergunning voorwaardelijk afgeleverd op 13 november 2019 door het college van burgemeester en schepenen voor het verkavelen van grond in 26 loten voor woningbouw en 21 loten voor garages met aanleg wegenis, nutsvoorzieningen en groenvoorzieningen

        Omgevingsvergunning- bijstelling verkaveling voorwaardelijk afgeleverd op 10 maart 2021 door het college van burgemeester en schepenen waarbij de perceelsgrens van lot 11 gewijzigd wordt en waarbij de mogelijkheid tot het samenvoegen van de loten bestemd voor halfopen bebouwing tot open bebouwing voorzien wordt.

        Omgevingsvergunning voorwaardelijk afgeleverd op 12 april 2023 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van twee gekoppelde eengezinswoningen met inpandige garages.

        Omgevingsvergunning voorwaardelijk afgeleverd op 9 augustus 2023 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een koppelwoning.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

 

3.1 Beschrijving van de omgeving

De aanvraag betreft 10 percelen uit de verkaveling gelegen langs de Klokkestraat. De loten zijn gelegen langs de Klokkestraat in de kern van Sint-Lodewijk, op ongeveer 150 m ten zuiden van de kerk. De Klokkestraat is een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

Het merendeel van de percelen zijn braakliggend, de loten 4-7 zijn reeds bebouwd. Er is een groot hoogteverschil tussen de rooilijn en de achterste perceelsgrens als volgt:

Lot 1: 1,41m

Lot 2: 1,38m

Lot 3: 1,40m

Lot 4: 1,62m

Lot 5: 1,51m

Lot 6: 1,84m

Lot 7: 1,89m

Lot 8: 1,65m

Lot 9: 1,62m

Lot 10: 1,45m

 

De loten zijn gelegen in een recente verkaveling. De verkaveling situeert zich langs de Klokkestraat en de Kaderstraat en paalt aan de achterzijde van een aantal woningen langs de Kapelstraat.

 

De omgeving heeft een residentieel karakter en wordt bepaald door de aanwezigheid van eengezinswoningen. De woningen in de omgeving hebben een verscheiden karakter, zowel van het vrijstaande, halfopen als gesloten type.

 

3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvrager wenst de loten 1 tem 10 op te hogen en wenst op de achterste perceelsgrens een keermuur te plaatsen om het hoogteverschil in op te vangen. De loten 4-7 zijn reeds bebouwd en de ophoging is reeds uitgevoerd. Deze zal conform het ontwerpplan aangepast worden in de achtertuinzone.

De ophoging wordt zo voorzien dat de loten 0,0.5m hoger komen te liggen dan het midden van  de weg, met uitzondering van lot 5 en lot 7 waarbij lot 5 0,25m en lot 7 0,12m hoger wordt voorzien tov het midden van de weg. De percelen hellen allen af naar de achterste perceelsgrens toe waarbij de hoogte van de ophoging gelijk is aan de hoogte van de keermuur.

De keermuur verschilt, afhankelijk van het betreffende lot in hoogte. Voor de loten 1-3 is de hoogte van de keermuur 38,40m, loten 4-5 38,00m, loten 6 – 8 37,60m, lot 9 37,20m en lot 10 37,00m t.o.v. de zeespiegel. Op die manier is er voor de loten in de verkaveling een uniform uitzicht.

 

3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

 

Er diende over de aanvraag geen openbaar onderzoek gehouden te worden.

De aanpalende eigenaars werden op 24 januari 2025 aangeschreven aangezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben 2 bezwaren ingediend.

 

De bezwaren handelen over:

        Vrees dat de hoogte van de keermuren te beperkt is om te vermijden dat de bodem wegspoelt

        Geen voorzieningen voor afwatering op eigen perceel wat oorzaak kan zijn voor wateroverlast bij aanpalende percelen

        Omheining/keermuur kan niet hoog genoeg zijn teneinde inkijk te vermijden

        Keermuren worden op de perceelsgrens voorzien, wat ervoor zal zorgen dat de bestaande omheining moet weggenomen worden. Dit is niet gewenst gezien de goede staat van de bestaande omheining

        Er staat een grote braamstruik op het verkavelde perceel die zorgt voor hinder. Bij plaatsen van een keermuur moet deze braamstruik verwijderd worden met aandacht voor de bestaande omheining

        Sedert 2019 werd grond onterecht opgehoogd met grote inkijk in de aanpalende percelen tot gevolg – graag respecteren van de privacy ten laste van de verkavelaar/bouwheer

        De perfecte oplossing wordt gevraagd voor alle aanpalenden waarbij gevraagd wordt dat de bouwheer het voorstel toelicht aan de aanpalenden

        Vraag om de keermuren over de volledige lengte eenzelfde hoogte te geven ifv beeldkwaliteit

        Verwijzing naar een initieel plan waarbij een groenzone en wandelpad tussen verkaveling en tuinzone van woningen Ommegangstraat

        Graag behoud van het bestaande houten poortje op einde van de tuin als uitweg

 

  1. Adviezen

 

Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden. 

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

 

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.

 

7.1 Planologische toets

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het verkavelingsplan

 

Het gevraagde is in overeenstemming met de voorzieningen van het verkavelingsplan gezien de aanvraag betrekking heeft op het aanpassen van het reliëf in functie van het bebouwbaar maken van de percelen.

 

Er wordt opgemerkt dat er in de voorschriften vermeld wordt dat iedere eigendom dient afgesloten te worden op de perceelsgrenzen om voldoende privacy te garanderen. De hoogte van deze afsluiting bedraagt max. 2 m. Het plaatsen van een afsluiting ter hoogte van de achterste perceelsgrens (te paard) met een maximale hoogte van 2 m wordt opgelegd als voorwaarde.

 

7.2 Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Klokkestraat een voldoende uitgeruste openbare weg is.

 

De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning.

De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook.

Het goed is niet getroffen door een rooilijn.

 

7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.

 

Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone.

 

De voorliggende aanvraag heeft geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte.

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.

Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

7.4 Mer-screening

De aanvraag valt niet onder de bijlage I,II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004.

 

Een mer-screening werd toegevoegd in de verkavelingsvergunning.

Hierbij werden de mogelijke effecten van het project op de omgeving onderzocht en gemotiveerd waarom deze niet aanzienlijk zijn. Bij het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd reeds vastgesteld dat de milieueffecten niet aanzienlijk zijn. Bijgevolg was de opmaak van een milieueffectenrapport niet vereist.

 

7.5 Natuurtoets

Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden worden veroorzaakt.

 

7.6 Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

7.8 Decreet grond- en pandenbeleid

Niet van toepassing.

 

7.9 Milieuaspecten

Niet van toepassing.

 

7.10 Goede ruimtelijke ordening

Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.

 

Verschijningsvorm en hinder: 

De aanvraag betreft het ophogen van het terrein teneinde deze bebouwbaar te maken. Om het hoogteverschil op te vangen wordt op het einde van het terrein een keermuur voorzien.

De perceelsgrenzen van de loten uit de verkaveling en de loten van de achterliggende percelen Ommegangstraat verschillen in breedte, waardoor percelen in de Ommegangstraat veelal zicht hebben op 2 achtertuinen.

 

Het is belangrijk dat de hinder voor de aanpalende percelen tot een minimum beperkt wordt. Dat betekent dat zowel wateroverlast als de beeldkwaliteit aandachtspunten zijn.

 

De hoogte van de keermuur t.o.v. het straatniveau verschilt ongeveer per 2 loten. Dit hoogteverschil wordt uitgevoerd op de perceelsgrens van de loten uit de verkaveling. Echter hebben de bewoners van de woningen, door het hoogteverschil en de ophoging van het terrein, geen rechtstreeks zicht op de keermuur en kunnen die mits het aanbrengen van beplanting het zicht op de keermuur verfraaien. Gezien het de woningen/tuinen uit de Ommegangstraat zijn die uitkijken op de keermuur, is het aangewezen met hun uitzicht rekening te houden en minder/niet met het uniformiseren van de hoogte van de keermuur met de kavelgrenzen uit de verkaveling.  Daarom wordt als voorwaarde opgelegd dat de hoogte van de keermuur bijgesteld wordt rekening houdende met de perceelsgrenzen van de woningen Ommegangstraat 5 tot 15 en de hoogte van de keermuur bijgebouw per perceel in de Ommegangstraat aangepast wordt aan het niveau.

 

Op het merendeel van de snedes is te zien dat de hoogte van het nieuwe maaiveld en de hoogte van de keermuur gelijk is. Dit zou ervoor kunnen zorgen dat water van de opgehoogde percelen afloopt naar de woningen uit de Ommegangstraat, wat niet wenselijk is. Teneinde dit te vermijden dient de keermuur 0,10 m hoger uitgevoerd worden dan het aanpalende maaiveld uit de verkaveling. Om bijkomende afvloeiing van water en aarde te vermijden, dient het talud aangeplant te worden met beplanting geschikt voor taluds. Dat wordt als voorwaarde opgelegd.

 

De uitvoering van de verkaveling gebeurt gefaseerd. Het is echter een uitdrukkelijke wens dat de ophoging van de loten, maar vooral de uitvoering van de keermuur langs de achterste perceelsgrens op een uniforme manier uitgevoerd wordt. Als voorwaarde wordt dan ook opgenomen dat de ophoging en het voorzien van de keermuur op een integrale en uniforme manier uitgevoerd wordt. De ophoging en het plaatsen van de keermuur gebeuren in 1 fase en zonder onderbreking in de tijd.

 

Conclusie

 

Het ontwerp kan mits het naleven van de voorwaarden verenigbaar gemaakt worden met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.

 

Artikel 4.3.1§2, 2° stelt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan ook met de bijdrage van het aangevraagde aan de verhoging van het ruimtelijk rendement rekening kan houden.

De aanvraag doet geen bijdrage tot de verhoging van het ruimtelijk rendement, doch respecteert de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Het aangevraagde past zich in de betrokken omgeving.

 

7.11 Resultaten openbaar onderzoek

Niet van toepassing.

 

7.12 Scheidingsmuren

Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden twee bezwaren of opmerkingen geformuleerd. Deze worden als volgt behandeld:

De vrees van de aangelanden voor wegspoelend water of aarde is, doordat de keermuur niet hoger is dan de talud, is gegrond. Als voorwaarde wordt opgenomen dat de keermuur 0,10 m hoger moet zijn dan het nieuwe maaiveld.

 

Een keermuur heeft als functie iets tegen houden, in dit geval aarde die aangevoerd wordt om het terrein op te hogen en hiermee het gecreëerde hoogteverschil op te vangen. De opmerking waarbij deze niet hoog genoeg kan zijn om inkijk te vermijden kan niet gevolgd worden. Enerzijds omdat dit niet de functie is van een keermuur, anderzijds omdat het plaatsen van een afsluiting geen voorwerp uitmaakt van de aanvraag. Deze opmerking is dus ongegrond. Het is aan de aangelanden om samen met de bouwheer/aanpalende eigenaar een geschikte afsluiting te bespreken.

 

Er wordt opgemerkt dat een indiener van een bezwaar niet akkoord gaat met het feit dat de keermuur op de perceelsgrens komt te staan en hierdoor de bestaande afsluiting zou gesloopt worden. Dit onderdeel van het bezwaarschrift is gegrond. De keermuur moet over de volledige lengte op eigen terrein van de verkaveling voorzien worden.

 

Er wordt gevraagd om, in functie van beeldkwaliteit, keermuren te voorzien met eenzelfde hoogte over de volledige lengte. Dit onderdeel van het bezwaarschrift is slechts deels gegrond. Zoals onder de goede ruimtelijke ordening aangegeven, zullen niet de woningen van de aanvrager uitkijken op een betonnen keermuur, maar wel de aangelanden. Het is daarom belangrijk dat de keermuur per perceel eenzelfde hoogte heeft. Gezien het grote hoogteverschil tussen lot 1 en lot 10 van +/- 1,53 m is het niet verantwoord dat de keermuur op lot 10 een hoogte zou hebben van +/- 2,20 m t.o.v. het maaiveld Ommegangstraat 7. Daarom wordt voorgesteld dat de keermuren per perceel in de Ommegangstraat aangepast wordt aan het niveau. Dit zal de beeldkwaliteit voor elke individuele woning kant Ommegangstraat voldoende hoog houden.

 

De opmerking m.b.t. het verwijderen van de braamstruik zal, gezien het perceel opgehoogd wordt, geen voorwerp meer zijn van opmerking. Daarnaast is deze bedenking of opmerking niet van stedenbouwkundige aard.

 

Er wordt gesuggereerd dat de bouwheer een perfecte oplossing voorstelt en het voorstel toelicht aan de aanpalenden. Deze bedenking is geen van de in artikel 4.3.1, §2 van de VCRO opgesomde aandachtspunten en criteria om de overeenstemming van een project met de goede ruimtelijke ordening te beoordelen. Het bezwaar is ongegrond.

 

Er wordt verwezen naar een initieel plan met een groenzone en wandelpad tussen verkaveling en tuinzone van de woningen Ommegangstraat. In het verkavelingsplan is geen sprake van een groenzone, dus deze opmerking is ongegrond.

Er wordt gevraagd om het bestaande houten poortje op einde van de tuin als uitweg te behouden. Het is de taak van de vergunningverlenende overheid om zich uit te spreken over de stedenbouwkundige verenigbaarheid van het project waarvoor een aanvraag voorligt. Het al dan niet behouden van een niet eerder gekende ontsluiting op een naastliggend perceel, werd niet aangegeven tijdens het openbaar onderzoek van de verkaveling, is geen van de in artikel 4.3.1, §2 van de VCRO opgesomde aandachtspunten en criteria om de overeenstemming van een project met de goede ruimtelijke ordening te beoordelen. Het bezwaar is ongegrond.

 

7.13 Bespreking adviezen

Niet van toepassing.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art.56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan de heer Luc Taelman wonende Vijvestraat 39 te 8720 Dentergem, voor het plaatsen van keermuren, op een perceel gelegen Klokkestraat 1, 3, 5, 7, 9, 11, 13, Windhalmlaan 23, 25 en 27 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie E 917 G, (afd. 2) sectie E 917 F, (afd. 2) sectie E 917 D, (afd. 2) sectie E 917 E, (afd. 2) sectie E 917 B, (afd. 2) sectie E 917 C, (afd. 2) sectie E 917 A, (afd. 2) sectie E 917 G3, (afd. 2) sectie E 917 H, (afd. 2) sectie E 917 K en (afd. 2) sectie E 917 L, mits te voldoen aan volgende voorwaarde(n):

        De keermuur moet over de volledige lengte op eigen terrein (te paard) voorzien worden.

        Ter afsluiting van elk perceel dient ter hoogte van de achterste perceelsgrens (te paard) een afsluiting geplaatst te worden met een maximale hoogte van 2m.

        Bij de bijstelling van de hoogte van de keermuur wordt rekening houdende met de perceelsgrenzen van de respectievelijke woningen Ommegangstraat 5 tot 15 en niet met de kavelgrenzen van de loten uit de verkaveling.

        De keermuur moet 0,10 m hoger uitgevoerd worden dan het aanpalende maaiveld uit de verkaveling.

        De taluds in de achtertuinen worden beplant met beplanting geschikt voor taluds.

        De ophogingen en het voorzien van de keermuren worden op een integrale en uniforme manier uitgevoerd. De ophogingen en de het plaatsen van de keermuren gebeuren in 1 fase en zonder onderbreking in de tijd.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.46. OMV 2025_8 - Oude Heerweg 5 - advies - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt door de POVC gevraagd advies uit te brengen voor de omgevingsvergunningsaanvraag van Valérie Kodeck namens NV BEKAERT SA NV met als contactadres Bekaertstraat 2 te 8550 Zwevegem, voor het actualiseren van de omgevingsvergunning, op een perceel gelegen Oude Heerweg 5 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie D 126 M.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en motiveert haar beslissing als volgt:

 

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

 

1.1 Gewestplan

De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming milieubelastende industrie en agrarisch gebied.

 

1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan

     De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006.

     De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.

     De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

1.3 Bijzonder plan van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

1.4 Verkaveling

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.

 

1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag

Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.

 

1.6 Overeenstemming met dit plan

De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.

 

1.7 Stedenbouwkundige verordeningen

Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:

     Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.

 

 

  1. Historiek

 

2.1 Relevante stedenbouwkundige vergunningen

 

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 20 januari 1966 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een kantorencomplex.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 11 september 1970 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van een onderzoekscentrum.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 14 juli 1971 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van de fabrieksafdeling.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 9 juni 1976 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een prefabgarage.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 5 maart 1980 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van twee prefabgarage.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 16 februari 1994 door het college van burgemeester en schepenen voor het vellen van een 15-tal bomen (populieren).

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 20 april 1994 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van de werkhallen.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 31 augustus 1994 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van werkhallen.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 29 maart 1995 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van een bestaand labogebouw.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 14 februari 1996 door het college van burgemeester en schepenen voor uitvoeren van reliëfwijziging.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 18 juni 1997 door het college van burgemeester en schepenen voor het vellen van een 20-tal bomen, nivelleren van het terrein en uitbreiden van de bestaande parking.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 20 augustus 1997 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van prefab kantoren.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 4 maart 1998 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een lokaal voor ammoniakopslag.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 juli 1998 door het college van burgemeester en schepenen voor het vellen van een 10-tal bomen.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 31 maart 1999 door het college van burgemeester en schepenen voor het slopen van de prefab kantoren.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 19 september 2001 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een bovengrondse dieselopslagtank.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 28 november 2001 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van een ruimte voor onderzoek op een unisolar coater installatie.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 6 februari 2002 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een tweede bovengrondse dieseltank en het aanbrengen van een afdak boven de bestaande en de nieuwe dieseltank.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 17 juli 2002 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van fotovoltaïsche zonnepanelen op het dak van een bestaand unisolargebouw.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 25 september 2002 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een ondergrondse persluchtleiding langs de openbare weg.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 8 januari 2003 door het college van burgemeester en schepenen voor het plaatsen van een container voor het onderbrengen van een machine.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 17 september 2003 door het college van burgemeester en schepenen voor het dichtmetsen van een raam van een werkhal.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 27 oktober 2004 door het college van burgemeester en schepenen voor het rooien van een 8-tal bomen, slopen van een bijgebouw en plaatsen van 2 bureaucontainers ifv een tijdelijk project.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 2 februari 2005 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van werkhal 3.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 12 juli 2006 door het college van burgemeester en schepenen voor een gevelwijziging en herinrichting van het kantoorgebouw, bouwen van een nieuwe portiersloge aan het magazijn en de omgevingsaanleg van de site.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 13 juni 2007 door het college van burgemeester en schepenen voor het terugbrengen van een kunstmatige ophoging van 1 m hoog en openspreiden van grond afkomstig van werkzaamheden.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 16 augustus 2007 door het college van burgemeester en schepenen voor het vellen van een 14-tal populieren.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 19 maart 2008 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van een gebouw met pilootlijnen.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 21 mei 2008 door het college van burgemeester en schepenen voor het rooien en heraanplanten van bomen en struiken rondom de nieuwe werkhal.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 24 september 2008 door het college van burgemeester en schepenen voor het wijzigen van de vergunde plaats van de lakkeertoren.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 4 februari 2009 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van de parking.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 6 april 2011 door het college van burgemeester en schepenen voor het bouwen van werkhal 5 met bijhorende labo's, ateliers, personeelsruimtes en kantoren.

        Stedenbouwkundige vergunning geweigerd op 20 april 2011 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van een parking

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 24 augustus 2011 door het college van burgemeester en schepenen voor het uitbreiden van de parking.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 23 maart 2015 door het college van burgemeester en schepenen voor het slopen van een annex gebouwtje van werkhal 1.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 17 juni 2015 door het college van burgemeester en schepenen voor het verwijderen van 2 naaldbomen op de site BTC ikv de aanleg van een gescheiden riolering.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 9 september 2015 door het college van burgemeester en schepenen voor het verwijderen van bomen op de site BTC, gesitueerd op de perceelsgrens met de aanpalende eigenaar.

        Stedenbouwkundige vergunning afgeleverd op 1 februari 2017 door het college van burgemeester en schepenen voor het verbouwen labo, testruimte en kantoren tot bedrijfsrestaurant en kantoren.

 

2.2 Relevante milieuvergunningen

        Milieuvergunning afgeleverd op 16 december 1993 door de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen voor het uitbaten van een laboratorium.

        Milieuvergunning afgeleverd op 11 mei 1995 door de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen voor het exploiteren van een onderzoekscentrum en proef- en productie-eenheid voor staaldraadproducten.

        Milieuvergunning afgeleverd op 3 februari 2005 door de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen voor het uitbreiden van een metaalverwerkend bedrijf.

        Milieuvergunning afgeleverd op 3 april 2014 door de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen voor het verder exploiteren, uitbreiden en wijzigen van een onderzoekscentrum voor metaalbewerking.

 

2.3 Relevante omgevingsvergunningen

        Omgevingsvergunning afgeleverd op 14 oktober 2021 door de deputatie voor het bouwen van een halfopen loods met bijhorende verharding.

        Omgevingsvergunning afgeleverd op 3 oktober 2024 door de deputatie voor het plaatsen van modulaire units als tijdelijke kantoorruimte.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

 

3.a.  Beschrijving van de omgeving

 

Het bedrijf situeert zich in het zuidwesten van de gemeente nabij de grens met Harelbeke en Zwevegem. De site grenst aan de Oude Heerweg en is hoofdzakelijk omgeven door agrarisch gebied. Aan de overzijde van de Oude Heerweg ligt een gebied voor ambachtelijke bedrijven en kmo’s. Aan de noordoostzijde paalt de site aan de Slijpbeek. Op de bedrijfssite bevinden zich reeds meerdere gebouwen (kantoren, labo’s en testloodsen).

 

3.b.  Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

 

Er worden geen stedenbouwkundige handelingen aangevraagd.

 

3.c.  Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Op de site van Bekaert NV op Oude Heerweg 5 te Deerlijk zijn de afdelingen Bekaert Technology Center (BTC) en Engineering gevestigd. De activiteiten van BTC zijn beperkt en betreffen een onderzoeks- en proefcentrum waarin door middel van pilootlijnen in werkhallen en onderzoek in tal van labo’s nieuwe toepassingen op vlak van materiaaltransformatie- en bedekking worden onderzocht. De activiteiten van Engineering zijn ook beperkt en omvatten in hoofdzaak testen inclusief aanpassingen en beperkte montage van installaties, en dit voor de verschillende vestigingen van Bekaert. Deze activiteiten situeren zich in werkhal (WH) 5 op de site. Op de site worden ongeveer 350 werknemers tewerkgesteld. Op de site wordt volcontinu gewerkt.

Huidige aanvraag omvat een actualisatie van de omgevingsvergunning voor het milieuluik ten gevolge van verschillende veranderingen op de site:

        Het verplaatsen van de microlijn van werkhal 1 naar werkhal 4

        Het verwijderen van het zinkbad en bezinalbad in werkhal 1

        Het verwijderen van dry drawing in werkhal 1

        Het voorzien van een hairpin lijn (bedekken draden met kunststof) in werkhal 4

        Het voorzien van bijkomende labo’s: competence center hydrogen (testen van componenten in functie van waterstofproductie) en competence center filtration (testen van filtermedia) in werkhal 1

        Het voorzien van labo MSC (testen diverse draden en koorden) in plaats van kunststoflabo in werkhal 4

        Het voorzien van beperkt centraal labo in werkhal 1

        Het verplaatsen van labo chemie en labo MK in hoofdgebouw

 

De aanvraag wordt gevraagd tot eindtermijn van de basisvergunning, namelijk tot 3 april 2034.

Volgende ingedeelde inrichtingen of activiteiten worden aangevraagd:

 

Rubriek

Omschrijving

Totale hoeveelheid

3.2.2°a)

Exploitatie door BTC en Engineering:

Lozen van 4025 m³/jaar huishoudelijk afvalwater in openbare riolering Oude Heerweg (centraal gebied RWZI Harelbeke) (Ongewijzigd)

4.025 m³/jaar

4.2.

Wijziging door verplaatsing van microlijn van werkhal 1 naar werkhal 4.

Ook wijziging door vermindering van de totaal geïnstalleerde drijfkracht van 142,54 kW naar 97,8 kW. (Verandering)

1 stuks

4.3.c)1°i)

Coating met inkten door BTC in Competence Center Hydrogen in werkhal 1 met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 16,7 kW (Nieuw)

16,7 kW

6.4.1°

Uitbreiding bij BTC met 540 l smeerolie tot 740 l en 400 l hydraulische olie tot 600 l (Verandering)

2.356 liter

12.2.2°

Exploitatie door BTC:

3 transformatoren met een individueel nominaal vermogen van 1250 kVA, 2000 kVA en 2500 kVA (Ongewijzigd)

5.750 kVA

15.1.1°

Uitbreiding bij BTC met 3 BT-lifters bij betonlabo werkhal 3 (Verandering)

21 voertuigen

16.1.b)2°

Productie waterstof door BTC max. 40 Nm³/u i.k.v. test componenten in elektrolysecellen (525,6 kW) in Competence Center Hydrogen in werkhal 1 (Nieuw)

40 Nm³/h

16.3.2°b)

Verwijdering bij BTC van:

- Luchtkoeling rubber afkook lokaal General 0,66 kW

- Edwards vacuumpomp FIB SEM FEI 0,6 kW

- Vacuumpomp 0,55 kW

- Vacuumpomp 0,55 kW

 

Wijziging (vermindering en verplaatsing) bij BTC van Ulvac vacuumpomp CP met 0,6 kW van 0,8 kW tot 0,2 kW

 

Wijziging (verplaatsing) bij BTC van Ulvac vacuumpomp FEG SEM JEOL en vacuumpomp XPS

 

Uitbreiding bij BTC met:

- Edwards vacuumpomp CP Hitachi ArBlade5000 0,45 kW

- Ulvac vacuumpomp FEG SEM JEOL 0,4 kW

- Vacuumpomp TGA 1,44 kW

- Rotavapor Buchi R-200 - SL33 0,21 kW

- Warmtepomp Labo chemie 38,3 kW

- Warmtepomp Competence Center Filtration + Competence Center Hydrogen 51,09 kW

- Warmtepomp Competence Center Filtration 136,7 kW

- Warmtepomp Competence Center Hydrogen 136,7 kW (Verandering)

666,157 kW

17.1.2.1.2°

Uitbreiding bij BTC met diverse gassen in verplaatsbare recipiënten:

- 20 l calibratiegas menggas H2/N2

- 50 l argon

- 50 l helium

- 50 l waterstof

- 150 l stikstof (Verandering)

6.200 liter

17.1.2.2.2°

Exploitatie door BTC van 9473 l gassen in vaste houders namelijk vloeibare stikstof in 2 houders van 3333 l en 5300 l en vloeibare argon in een houder van 840 l (Ongewijzigd)

9.473 liter

17.3.2.1.2.1°

Exploitatie door BTC opslag in verplaatsbare recipiënten:

Opslag 0,2616 ton product ketelwaterbehandeling (Ongewijzigd)

0,2616 ton

17.3.4.1°a)

Uitbreiding bij BTC met opslag in verplaatsbare recipiënten:

- 0,250 ton pyrofosforzuur tot 0,55 ton

- 2,016 ton zwavelzuur oplossing (70%) tot 3,816 ton

 

Wijziging (vermindering) bij BTC opslag in verplaatsbare recipiënten:

- 0,288 ton fosforzuur (>=25%) nu ingedeeld onder rubriek 17.4.

- 1,525 ton natriumhydroxide oplossing (5-51%) tot 3,05 ton (Verandering)

10,2026 ton

17.3.5.1°a)

Exploitatie door BTC opslag in verplaatsbare recipiënten:

Opslag 0,075 ton AS140 voor warmtebehandeling van staal (Ongewijzigd)

75 kg

17.3.6.1°a)

Wijziging (vermindering) bij BTC opslag in verplaatsbare recipiënten namelijk 1,06 ton smeermiddel tot 0,212 ton

 

Uitbreiding bij BTC met opslag in verplaatsbare recipiënten namelijk 0,250 ton pyrofosforzuur tot 0,55 ton (Verandering)

3,7855 ton

17.3.7.1°a)

Uitbreiding bij BTC met opslag in verplaatsbare recipiënten:

- 1,322 ton smeermiddel tot 2,543 ton

- 0,36 ton nikkelsulfamaat (Verandering)

3,2646 ton

17.3.8.1°

Uitbreiding bij BTC met opslag in verplaatsbare recipiënten 0,36 ton nikkelsulfamaat (Verandering)

0,535 ton

17.4.

Uitbreiding bij BTC met opslag 756 kg gevaarlijke producten in kleine verpakkingen (Verandering)

4.956 kg

23.2.2°a)

Verwijdering bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 2,6 kW

 

Wijziging (vermindering) bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 24,8 kW

 

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 74,33 kW (Verandering)

241,15 kW

23.3.1°a)

Exploitatie door BTC:

15 ton kunststoffen en kunststofgranulaten in zakken (Ongewijzigd)

15 ton

24.4.

Uitbreiding bij BTC met 3 labo’s in werkhal:

Competence Center Filtration (CCF)

Competence Center Hydrogen (CCH2)

Centraal labo in werkhal 1

 

Kunststoflabo in werkhal 4 wordt vervangen door labo MSC

 

Verplaatsing labo MK en labo chemie in hoofdgebouw (Verandering)

16 stuks

29.2.2.

Verwijdering bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 132 kW

 

Wijziging (vermindering) bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 11,2 kW

 

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 121 kW (Verandering)

461,75 kW

29.5.2.2°a)

Verwijdering bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 97,03 kW

 

Wijziging (vermindering) bij BTC van installatie van labo MK met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 0,72 kW

 

Wijziging (verplaatsing) bij BTC van diverse installaties

 

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 225,328 kW

 

Uitbreiding bij Engineering van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 8 kW (Verandering)

1.634,9 kW

29.5.3.2°a)

Verwijdering bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 48,82 kW

 

Wijziging (vermindering) bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 0,08 kW

 

Wijziging (verplaatsing) bij BTC van diverse installaties

 

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 7,65 kW (Verandering)

366,04 kW

29.5.5.3°

Verwijdering bij BTC van zinkbad 200 l en bezinalbad 200l

 

Uitbreiding bij BTC met diverse ultrasoonreinigers met een totale inhoud van 98,10 l (Verandering)

13.881,10 liter

30.1.1°b)

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 6,1 kW (Verandering)

46,18 kW

36.3.1°a)1)

Wijziging (verplaatsing) bij BTC van installatie van rubbercompound naar C&B en installaties van Labo MT (vroeger onder rubriek 29.5.2.2°a) naar labo adhesie.

 

Uitbreiding bij BTC van diverse installaties met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 32,8 kW (Verandering)

103,51 kW

39.1.3°

Exploitatie door BTC van een aardgasgestookte stoomketel met een waterinhoud van 10000 l en een thermisch vermogen 3450 kW (Ongewijzigd)

10.000 liter

41.1.1°a)

Wijziging (vermindering) bij BTC van een installatie met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 44 kW (Verandering)

11 kW

43.1.2°a)

Exploitatie door BTC van diverse stookinstallaties op aardgas:

- stoomketel 3450 kWth

- warmeluchtblazer Reznor 90,7 kWth

- kantoren verwarmingsketel Ygnis 116 kWth

- warmeluchtblazers Reznor 3 x 117,26 kWth

- warmeluchtblazers Reznor 3 x 117,26 kWth

- kantoren verwarmingsketel Ygnis 200 kWth (Ongewijzigd)

4.560,26 kW

 

  1. Openbaar onderzoek/raadpleging aanpalende eigenaar

 

De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek van 31 januari 2025 tot 1 maart 2025. Gedurende de periode van het openbaar onderzoek werd één bezwaarschrift ingediend.

 

Het bezwaar kan als volgt samengevat wordt.

Aquafin stelt geen bezwaar te hebben. Er valt geen impact te verwachten voor ons.

Indien men wenst aan te sluiten op onze leidingen, dient men dit aan te vragen via de gemeentelijke rioolbeheerder.

Het is niet toegelaten om aan te sluiten zonder een schriftelijk akkoord van Aquafin verkregen via deze rioolbeheerder.

 

  1. Project-MER of OVR (ingeval van toepassing)

 

De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.

 

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier

 

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen, komt het college van burgemeester en schepenen tot de volgende beoordeling van het dossier.

 

6.a.       Planologische toets

 

De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, meer bepaald aan de voorschriften voor milieubelastende bedrijvigheid.

Industriegebieden zijn bestemd voor de vestiging van industriële of ambachtelijke bedrijven. Ze omvatten een bufferzone. Voor zover zulks in verband met de veiligheid en de goede werking van het bedrijf noodzakelijk is, kunnen ze mede de huisvesting van het bewakingspersoneel omvatten.

Tevens worden in deze gebieden complementaire dienstverlenende bedrijven ten behoeve van de andere industriële bedrijven toegelaten, namelijk: bankagentschappen, benzinestations, transportbedrijven, collectieve restaurants, opslagplaatsen van goederen bestemd voor nationale of internationale verkoop.

Gebieden voor milieubelastende industrieën zijn bestemd voor bedrijven die om economische of sociale redenen moeten worden afgezonderd.

 

De aanvraag betreft een actualisatie van de exploitatie voor een onderzoeks- en proefcentrum van een metaalverwerkend bedrijf. Deze aanvraag is in overeenstemming is met de voorzieningen van het gewestplan.

 

6.b.       Wegenis

In toepassing op de artikelen 4.3.5. tot en met 4.3.8. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan gesteld worden dat de Oude Heerweg een voldoende uitgeruste openbare weg is. De aanvraag beoogt niet de oprichting van een bedrijfswoning. De aanvraag ligt niet in een reservatiestrook. Verder is het goed niet getroffen door een rooilijn.

 

6.c.       Watertoets (decreet integraal waterbeleid)

Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.

 

Het voorliggend project ligt niet in een recent overstroomd gebied of in een risicozone voor overstromingen. De locatie ligt voor een heel klein deel in een gebied met kleine kans op overstromingen onder klimaatverandering volgens zowel de fluviale als pluviale overstromingskaart.

 

De voorliggende aanvraag heeft geen uitbreiding van de bebouwde oppervlakte. De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater. Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.

 

6.d.       Mer-screening

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van bijlage III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december, meer bepaald rubrieknummers:

3.a) industriële installaties voor de productie van elektriciteit, stoom en warm water met uitzondering van kernenergiecentrales

3.b) industriële installaties voor het transport van gas, stoom en warm water; transport van elektrische energie via bovengrondse leidingen

4. e) installaties voor oppervlaktebehandeling van metalen en plastic materiaal door middel van een elektrolytisch of chemisch procedé

9. rubberverwerkende industrie – vervaardiging en behandeling van producten op basis van elastomeren

13. Wijziging of uitbreiding van projecten van bijlage I, II of III waarvoor reeds een vergunning is afgegeven en die zijn of worden uitgevoerd

In navolging van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 (BS 29 april 2013) dient er voor de aanvraag een project-m.e.r.-screening te gebeuren (bijlage III bij het project-m.e.r.-besluit).

De mer-screening wordt toegevoegd in de voorbehouden velden in het omgevingsloket.

Hierbij werden de mogelijke effecten van het project op de omgeving onderzocht en gemotiveerd waarom deze niet aanzienlijk zijn. Bij het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd reeds vastgesteld dat de milieueffecten niet aanzienlijk zijn. Bijgevolg was de opmaak van een milieueffectenrapport niet vereist.

 

6.e.       Natuurtoets

Niet van toepassing.

 

6.f.         Erfgoed-/archeologietoets

Niet van toepassing.

 

6.g.       Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)

Niet van toepassing.

 

6.h.       Decreet grond- en pandenbeleid

Niet van toepassing.

 

6.i.         Milieuaspecten

 

Afval- en hemelwaterbeheer

Volgens de zonering- en uitvoeringsplannen van de VMM ligt de inrichting in centraal gebied. Voor huishoudelijk toepassingen (sanitair) wordt drinkwater gebruikt. Dit huishoudelijk afvalwater wordt geloosd in de openbare riolering van de Oude Heerweg. Voor de stoomketel en de processen wordt hoofdzakelijk gebruik gemaakt van oppervlaktewater namelijk vaartwater (opgenomen en voorbehandeld door Bekaert site Zwevegem) in plaats van drinkwater. In verschillende test-/pilootlijnen wordt cascadespoeling toegepast om water te besparen. Er wordt geen bedrijfsafvalwater geloosd op de site. Alle bedrijfsafvalwater wordt verzameld in het zuur/verzamelbekken en van daaruit via een ondergrondse zuurbestendige leiding (ca. 1 km) naar de hoofdsite Zwevegem getransporteerd, waar het gezuiverd wordt in de waterzuiveringsinstallatie.

 

Bij de recentste gebouwen (werkhallen 4 en 5) werden 4 hemelwaterputten voorzien met een inhoud van elk 20 m³. Dit hemelwater wordt gebruikt voor de toiletten. Daarnaast zijn er bufferbekkens die het hemelwater vertraagd afvoeren naar de Slijpbeek. Het hemelwater dat terecht komt op het dak van de bureelcontainers wordt naar een wadi (infiltratievoorziening) gebracht om te infiltreren in de grond.

 

Bodem

De gevaarlijke producten worden opgeslagen in verplaatsbare recipiënten/kleine verpakkingen. De opslag van kleine verpakkingen gebeurt in daartoe voorziene chemische veiligheidskasten. Grotere recipiënten zijn voorzien van lekbakken of bevinden zich in daartoe voorziene lokalen. De ontvlambare producten worden in een apart geventileerd lokaal gestockeerd. Vloeistoffen bevinden zich in rekken, voorzien van een inkuiping op de leggers. De lokalen zijn voorzien van een vloeistofdichte vloer die afhelt naar een opvanggoot. Daarnaast is er nog een opslagzone voor zowel vaste als vloeibare afvalstoffen in het afvalpark. De gevaarlijke vloeibare afvalstoffen worden opgeslagen op lekbakken en onder een afdak. De opvanggoot in het afvalpark werd afgesloten zodat er geen verbinding is met de openbare riolering of oppervlaktewater.

 

De transformatoren zijn zowel van het droge type als olie-gekoeld. De olie-gekoelde zijn voorzien van een opvangbak. Er werd ook een transformator verwijderd. De tranformatoren worden jaarlijks gekeurd.

 

Andere potentiële bronnen van emissies naar bodem en grondwater zijn voornamelijk de lijnen waar gewerkt wordt met behandelingsbaden, het zuur/verzamelbekken voor afvalwater en de transportleiding hiervan. Alle chemische lijnen staan op een hiervoor geschikte vloeistofdichte epoxyvloer met afvoergoten voor afvoer spoelwater naar zuur/verzamelbekken. Ook zijn er in de afvoergoten afzonderlijke afvoerleidingen aanwezig voor het ledigen van behandelingsbaden naar recipiënten voor verdere verwerking als afval. De status van deze voorzieningen wordt periodiek gecontroleerd via de infrastructuurchecklijst.

 

Op basis van bovenstaande maatregelen kan gesteld worden dat de effecten op de bodem niet als aanzienlijk beschouwd worden.

 

Lucht

Er worden periodiek luchtemissiemetingen uitgevoerd op diverse installaties. Het overzicht van de resultaten van recentste emissiemetingen op Mini 3, ISC 220, extrusielijn en stoomketel zijn bijgevoegd in de aanvraag. Er wordt voldaan aan de geldende emissiegrenswaarden. De bijkomende hairpin lijn (werkhal 4) bedekt draad met kunststof. Kunststofkorrels worden gesmolten en rond de draad gebracht door middel van extrusie. Dit testproces is heel kleinschalig. De draad wordt vooraf gereinigd door middel van stoom. Hier is er een beperkte afzuiging naar het dak. Er worden bij de verdere extrusie geen chemische stoffen gebruikt en er zijn geen luchtemissies naar buiten toe. In het bijkomend labo Competence Center Filtration zijn er geen luchtemissies van toepassing. In het bijkomend labo Competence Center Hydrogen worden componenten in kader van waterstofproductie voorbereid (snijden en coaten) en getest. De componenten zijn heel klein (ca. 5 cm³). Het snijden gebeurt door handmatig via een mes en via laser cutting. Het stof dat vrijkomt bij het snijden is minimaal. Bij laser cutting is een stofafzuiging voorzien in het systeem. Het labo is voorzien van de nodige ventilatie. De productie van waterstofgas en de coating met inkten in dit labo is eveneens kleinschalig. De afvoer van waterstofgas en zuurstof gebeurt door middel van afzonderlijke afzuigpunten aan de testtoestellen en dit door het dak naar buiten. Ook is er voor de luchtverversing van de ruimte een ATEX-luchtgroep voorzien. De beperkte coating met inkten gebeurt steeds in een trekkast en in een gesloten installatie. Het massadebiet van het solvent is maximaal 0,0037 g/s of 13,32 g/u. Het verbruik van solvent is heel beperkt op jaarbasis (< 50 l).

 

Het bijkomend centraal labo in werkhal 1 is een klein bijkomend labo. Hier zijn er geen luchtemissies van toepassing. Het kunststoflabo in werkhal 4 wordt vervangen door labo MSC. Dit betreft een aanpassing van een bestaand labo en hier zijn geen luchtemissies van toepassing. De verplaatsing van labo MK en van labo chemie betreft een verhuis van bestaande labo’s in het hoofdgebouw. Er zijn een beperkt aantal trekkasten aanwezig. Alle stookinstallaties en warmeluchtblazers worden periodiek onderhouden.

 

De volgende afgasbehandelingen zijn aanwezig:

        De mini 3 is voorzien van een demister (druppelafscheider) bij emissiepunt 1

        De ISC 220 is voorzien van een demister (druppelafscheider) bij emissiepunt 3’ en een zuurwasser bij emissiepunt 4

        De extrusielijn is voorzien van een demister (druppelafscheider) zowel bij emissiepunt 6a als 6b.

Daarnaast zijn er ook een aantal dakventilatoren (ventilatie werkhallen) en afgaskanalen van de stookinstallaties. De airco’s worden periodiek onderhouden en gecontroleerd op lekdichtheid. De vaste reservoirs voor de opslag van gas worden periodiek gekeurd. Het oplosmiddelenverbruik ligt lager dan de ondergrenzen van de rubriek 59 van Vlarem II.

 

Geluid en trillingen

De bronnen van geluid en trillingen zijn de productietoestellen en het verkeer van en naar de bedrijfssite. Het bedrijf ligt in een zone voor milieubelastende industrie. De activiteiten gebeuren hoofdzakelijk binnen in de gebouwen. Er wordt zoveel als mogelijk met gesloten poorten gewerkt. Het gaat om test- en pilootlijnen, waarbij niet continu wordt geproduceerd en waarbij niet alle lijnen gelijktijdig in werking zijn. Er wordt volcontinu gewerkt. In het kader van deze aanvraag wordt geen stijging van het verkeer van en naar de site verwacht.

 

Mobiliteit

Ten gevolge van deze aanvraag zullen er geen extra transportbewegingen zijn tijdens de exploitatiefase. Bijgevolg kan besloten worden dat de effecten op de mobiliteit niet aanzienlijk zijn.

 

Biodiversiteit

Het meest nabije Habitatrichtlijngebied ligt op ca. 3,5 km ten zuiden van de inrichting namelijk ‘Bossen van de Vlaamse Ardennen en andere Zuidvlaamse bossen’. Dit is ook het meest nabij gelegen VEN-gebied namelijk Vaarttaluds Moen en Orveytbos.

Door huidige aanvraag worden geen veranderingen in de stookinstallaties en de transportbewegingen voorzien.

 

Tijdens de exploitatiefase zullen worst case volgende verkeersbewegingen voorkomen:

        Lichte voertuigen (werknemers, bezoekers en bestelwagens): ca. 120 per dag x 2 x 365 dagen/jaar = 87.600 transportbewegingen per jaar

        Zware voertuigen (vrachtwagens): ca. 2 per week x 2 x 52 weken/jaar = 208 transportbewegingen per jaar

 

De impactscore van het project werd berekend op 0,0336%, en ligt dus ruim onder de 1% de minimis-drempel. Er wordt bijgevolg voldaan aan de bepalingen van het Stikstofdecreet.

Het meest nabij gelegen VEN-gebied wordt niet verwacht achteruitgang te ondervinden, gezien er geen bijkomende impact gegenereerd wordt door huidige vergunningsaanvraag. Er wordt geen vermijdbare en geen onherstelbare schade ten opzichte van het VEN verwacht.

 

Zware ongevallen of rampen

Van de inrichting gaat vooral een risico op brand uit. Er zijn rookluiken, branddetectie-installaties en gepaste brandbestrijdingsmiddelen aanwezig. De brandbestrijdingsmiddelen worden jaarlijks nagezien door een hiervoor bevoegd bedrijf. De eerste interventieploeg van het bedrijf neemt bij brand de nodige maatregelen in afwachting van de komst van de brandweer. Er gebeuren regelmatig brand- en evacuatie-oefeningen. De stoomketel wordt periodiek gekeurd. De gasopslag in vaste reservoirs betreft de inerte gassen stikstof en argon.  De vaste reservoirs voor de opslag van gas worden periodiek gekeurd.

 

De gasopslag in verplaatsbare recipiënten gebeurt hoofdzakelijk in open lucht. De gasflessen blijven ofwel in de kooien van de leverancier gestockeerd of worden cf. VLAREM II opgeslagen en beschermd tegen omvallen. Voor de labo’s Competence Center Filtration en Competence Center Hydrogen werd ook explosieveiligheid bekeken door middel van een studie. Met de aanbevelingen uit deze studie werd rekening gehouden in kader van inrichting van het labo. Deze studie d.d. 02/05/2023 en  bijkomende studie elektrolyse d.d. 23/04/2024 zijn opgenomen in de aanvraag. Er worden diverse maatregelen inzake Legionella genomen o.a. staalname water sanitair en koeltoren.

 

Licht en straling

Verlichting op de bedrijfssite beperkt zich tot de noodzakelijke verlichting inzake veiligheid. Deze verlichting overschrijdt de intensiteit van de openbare verlichting niet. Er is een vergunning afgeleverd door het FANC van 12/09/2023 tot 11/09/2038 voor het bezit en het uitbaten van 4 stralentoestellen. De verplaatsing van de stralentoestellen door verhuis van het labo chemie en het labo MK in het hoofdgebouw werd gecontroleerd door een erkende keuringsinstantie. De vergunning van FANC moet niet aangepast worden, enkel het intern plan van de stralentoestellen.

 

Afvalstoffen

De verschillende afvalstoffen o.a. restafval, papier en karton, PMD, metalen, … worden afzonderlijk verzameld in de gepaste recipiënten. Bekaert nv beschikt voor de desbetreffende site over een VLAREMA-contract met een erkende inzamelaar. De afvalstoffen worden op regelmatige basis opgehaald door de erkende inzamelaar in kader van verdere verwerking. Bijgevolg worden de effecten van de productie van afvalstoffen als niet aanzienlijk beschouwd.

 

Actualisering

Conform artikel 48 §2 van het Omgevingsvergunningsbesluit dient bij een verandering van een omgevingsvergunning ook een actualisatie te gebeuren van de bijzondere milieuvoorwaarden. Dit zal gebeuren door de vergunningverlenende overheid.

Er wordt geen voorstel tot nieuwe bijzondere voorwaarden gedaan.

 

Conclusie milieuaspecten

Globaal kan gesteld worden dat de risico’s voor de externe veiligheid, de hinder, de effecten op het leefmilieu, op de wateren, op de natuur en op de mens buiten de inrichting veroorzaakt door de gevraagde exploitatie bij naleving van de opgelegde exploitatievoorwaarden tot een aanvaardbaar niveau kunnen beperkt worden.

 

De algemene en sectorale milieuvoorwaarden met betrekking tot de aangevraagde VLAREM rubrieken die in titel II van het VLAREM staan moeten nageleefd worden. Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link: https://navigator.emis.vito.be/

 

6.j.         Goede ruimtelijke ordening

 

De criteria voor de toetsing aan de goede ruimtelijke ordening, zijnde functie, ruimtegebruik, inplanting, visueel-vormelijke aspecten, etc. zijn hier niet van toepassing gezien de werken geen betrekking hebben op een gebouw of constructie.

 

 

6.k.       Resultaten openbaar onderzoek

 

Er werd één bezwaarschrift ingediend dat ontvankelijk bevonden wordt.

Het bezwaarschrift wordt ongegrond verklaard gezien  de bezwaarindiener zelf stelt geen bezwaar te hebben tegen de ingediende aanvraag.

 

6.l.         Scheidingsmuren

Niet van toepassing.

 

6.m.     Bespreking adviezen

De vergunningverlenende overheid zal de adviezen bespreken.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheden: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.

     Vlarem II, besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 en zijn wijzigingen.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit een gunstig advies uit te brengen aan de POVC betreffende de omgevingsvergunningsaanvraag.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.47. Omgevingsvergunning - 2025.27 -  melding - aktename bronbemaling Schragenstraat 6 - kennisname

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd akte te nemen van de melding voor het tijdelijk bemalen i.f.v. grondwaterverlaging voor herstel hoofdriool ter hoogte van Schragenstraat 6 zonder kadastrale omschrijving (openbaar domein) ingediend door Gunther Wielandt namens VERBRAEKEN INFRA NV gevestigd Haverheidelaan 10 te 9140 Temse.

 

Motivering

 

De melding ingediend door Gunther Wielandt namens VERBRAEKEN INFRA NV gevestigd Haverheidelaan 10 te 9140 Temse, werd per beveiligde zending verzonden op 21 februari 2025.

 

Deze melding werd onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.

 

Artikel 111 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning luidt: “De bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, gaat na of de gemelde handelingen of exploitatie meldingsplichtig zijn of niet verboden zijn bij of krachtens: 1° artikel 5.4.3, § 3, van het DABM; 2° artikel 4.2.2, § 1, van de VCRO.

Als de handelingen of de exploitatie meldingsplichtig en niet verboden zijn, neemt de bevoegde overheid, vermeld in artikel 107, akte van de melding. Ze bezorgt de meldingsakte per beveiligde zending aan de persoon die de melding heeft verricht binnen een termijn van dertig dagen vanaf de dag na de datum van ontvangst van de melding.

Als de handelingen of de exploitatie niet meldingsplichtig of verboden zijn, stelt de overheid, vermeld in artikel 107, de persoon die de melding heeft verricht binnen dezelfde ordetermijn daarvan in kennis. In dat geval wordt geen akte genomen en wordt aan de melding geen verder gevolg gegeven.”

 

VOORWERP VAN DE MELDING

 

De melding heeft betrekking op een terrein behorend tot openbaar domein aan overkant van Schragenstraat 6, zonder kadastrale omschrijving.

 

De melding omvat de volgende ingedeelde inrichting of activiteit: tijdelijk bemalen in functie van grondwaterverlaging voor herstel hoofdriool.

 

 

Rubriek

Omschrijving

Totale hoeveelheid

Klasse

53.2.2°a)

bemaling (tijdelijke grondwaterverlaging) (Nieuw)

80 m³/jaar

3

 

BEVOEGDHEID

 

De melding heeft geen betrekking op een Vlaams of provinciaal project, noch op een ingedeelde inrichting van klasse 1 of 2, noch op een gemeentegrensoverschrijdend project.

 

Het college van burgemeester en schepenen is dan ook bevoegd voor de aktename.

 

ONDERZOEK VAN HET MELDINGSPLICHTIG EN NIET-VERBODEN KARAKTER

 

Er zijn geen vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen verbonden aan de melding.

 

Gelet op het laag totaal debiet van 80 m³, worden er geen voorwaarden met betrekking tot de lozingswijze gesteld. Volgens de aanvraag zal er geloosd worden in de straatkolk.

 

De omgevingsambtenaar stelt de volgende bijzondere voorwaarde strikt noodzakelijk:

 

        Een bemalingspomp mag enkel geplaatst worden door een boorbedrijf dat erkend is volgens het VLAREL van 19 november 2010 voor de discipline, vermeld in Art. 6, 7°, a), 1) van het voormelde besluit.
Uiterlijk de derde werkdag nadat een bemalingspomp is geplaatst, bezorgt het erkende boorbedrijf van elke debietmeter die bedoeld is voor de registratie van het opgepompte en terug in de ondergrond gebrachte debiet, de volgende informatie via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen:

1° het merk en serienummer;
2° het tijdstip van plaatsing en de tellerstand op het moment van de plaatsing;

Bij het ontmantelen van de bemalingsinstallatie, bezorgt het erkende boorbedrijf uiterlijk de derde werkdag na de ontmanteling het tijdstip van de ontmanteling en de tellerstand op het moment van de ontmanteling via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen.

 

 

De ingedeelde inrichting of activiteit is louter en alleen in de derde klasse ingedeeld, de exploitatie ervan is dus meldingsplichtig.

 

De rubrieken, hoeveelheden en kadasterpercelen zijn bepaald op basis van het meldingsdossier. Er zijn geen verplichte adviezen voorzien in deze procedure, alsook geen plaatsbezoek. Bijgevolg moet dit met omzichtigheid benaderd worden.

 

Er wordt voldaan aan artikel 5.4.3, §3 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid betreffende verbods- en afstandregels.

 

De gemelde exploitatie is meldingsplichtig en niet verboden.

 

Juridische gronden

 

     Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

     Andere:

     Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014

     Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM)

     Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II) en zijn bijlagen.

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Er wordt akte genomen van de melding ingediend door Gunther Wielandt namens VERBRAEKEN INFRA NV gevestigd Haverheidelaan 10 te 9140 Temse voor de in het meldingsdossier opgenomen ingedeelde inrichting of activiteit, zijnde het tijdelijk bemalen i.f.v. grondwaterverlaging voor herstel hoofdriool gelegen tegenover Schragenstraat 6 Deerlijk.

 

De ingedeelde inrichting of activiteit omvat:

 

Rubriek

Omschrijving

Totale hoeveelheid

Klasse

53.2.2°a)

bemaling (tijdelijke grondwaterverlaging) (Nieuw)

80 m³/jaar

3

 

Artikel 2

 

De plannen en het meldingsdossier waarop deze akte gebaseerd is, maken integraal deel uit van de meldingsakte.

 

Artikel 3

 

De bemaling mag uitgevoerd worden onder volgende voorwaarden:

 

        Een bemalingspomp mag enkel geplaatst worden door een boorbedrijf dat erkend is volgens het VLAREL van 19 november 2010 voor de discipline, vermeld in Art. 6, 7°, a), 1) van het voormelde besluit.
Uiterlijk de derde werkdag nadat een bemalingspomp is geplaatst, bezorgt het erkende boorbedrijf van elke debietmeter die bedoeld is voor de registratie van het opgepompte en terug in de ondergrond gebrachte debiet, de volgende informatie via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen:

1° het merk en serienummer;
2° het tijdstip van plaatsing en de tellerstand op het moment van de plaatsing;

Bij het ontmantelen van de bemalingsinstallatie, bezorgt het erkende boorbedrijf uiterlijk de derde werkdag na de ontmanteling het tijdstip van de ontmanteling en de tellerstand op het moment van de ontmanteling via een webapplicatie van de Databank Ondergrond Vlaanderen.

 

 

De algemene en sectorale milieuvoorwaarden staan in titel II van het VLAREM. Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link: https://navigator.emis.vito.be/.

 

Uitvoerbaarheid

U mag het project uitvoeren of exploiteren de dag na de datum van de betekening van de meldingsakte.

 

Aanplakking

U moet de meldingsakte bekend maken door de aanplakking van een affiche op de plaats waar het voorwerp van de melding uitgevoerd zal worden conform artikel 139 BVR OVG.

De aanplakking gebeurt conform artikel 59 BVR OVG waarbij de vergunningsaanvrager gelezen moet worden als de persoon die de melding verricht. Het opschrift van de aan te plakken affiche luidt : "BEKENDMAKING MELDINGSAKTE".

 

Verval

De meldingsakte vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:

1° als de verwezenlijking van de gemelde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de meldingsakte;

2° als het uitvoeren van de gemelde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;

3° als de gemelde gebouwen niet winddicht zijn binnen drie jaar na de aanvang van de gemelde stedenbouwkundige handelingen;

4° als de exploitatie van de gemelde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de meldingsakte aanvangt.

 

De meldingsakte voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:

1° als de exploitatie van de gemelde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;

2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;

3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan.

 

Beroepsmogelijkheid

U kan tegen deze beslissing een verzoekschrift tot schorsing en/of vernietiging indienen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen op het volgende adres:

Raad voor Vergunningsbetwistingen

p/a Dienst van de Bestuursrechtscolleges

Koning Albert II-laan 35 bus 81

1030 Brussel

 

U doet dit op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending (dit is per aangetekende brief of door neerlegging ter griffie) binnen een vervaltermijn van 45 dagen die ingaat de dag na de betekening van deze beslissing.

 

Het verzoekschrift wordt in vijfvoud ingediend, namelijk één origineel en vier afschriften (fotokopies of een digitale kopie). Gelijktijdig met de indiening van het verzoekschrift stuurt u een afschrift van het verzoekschrift ter informatie aan de verwerende partij (dit is de overheid die de beslissing genomen heeft).

U bent een rolrecht verschuldigd van:

        200 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot vernietiging;

        100 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot schorsing of tot schorsing wegens uiterst dringende noodzakelijkheid.

 

U betaalt het rolrecht binnen een termijn van 15 dagen, die ingaat de dag na deze van de betekening van het verzoek daartoe door de griffier van de Raad. Als het bedrag niet binnen de termijn van 15 dagen is gestort wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

 

Meer info

De procedure voor de Raad van Vergunningsbetwistingen wordt geregeld in

        het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges,

        het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning

        het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse Bestuursrechtscolleges.

Meer info vindt u op de website van de Raad voor Vergunningsbetwistingen.

(http://www.dbrc.be/vergunningsbetwistingen)

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.48. Inname openbaar domein - kennisname

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.49. Inname openbaar domein - jaarvergunning 2025 - kennisname

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.50. Project Paanderstraat - renovatiebegeleiding - meerprijs - goedkeuring

 

Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.52. Aanvullend reglement op het wegverkeer betreffende de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat & Reglement op doorgangsvergunningen voor de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de volgende reglementen ter goedkeuring voor te leggen op de eerstvolgende gemeenteraad:

        Het aanvullend reglement op het wegverkeer betreffende de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat

        Het reglement op doorgangsvergunningen voor de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat

 

Motivering

 

Voorliggende reglementen betreffen de vrachwagensluis in de Pladijsstraat.

 

Het college van burgemeester en schepenen keurde in zitting van 27 maart 2024 het plaatsen van een vrachtwagensluis in de Pladijsstraat principieel goed. Deze beslissing komt voort uit de beleidsactie A-1.07.1 “De mogelijkheid onderzoeken om controles op doorgaand zwaar verkeer in Sint-Lodewijk uit te voeren met behulp van camera’s”.

 

Het college van burgemeester en schepenen keurde in de zitting van 10 juli 2024 de aankoop van de ANPR-camera’s goed en in de zitting van 6 november 2024 de locatievoorstellen voor de camera’s.

 

De vrachtwagensluis vereist de gepaste verkeersreglementering in de vorm van een aanvullend reglement op het wegverkeer en plaatsing van signalisatie zodat de politie de handhaving kan verzorgen.

 

Het aanvullend reglement op het wegverkeer bevat een toegangsverbod met uitzondering voor vergunninghouders. Dit vereist een vergunningsreglement.

 

Beide voorgestelde reglementen zijn te raadplegen als bijlage door het college van burgemeester en schepenen.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële impact.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het voorgestelde aanvullend reglement op het wegverkeer betreffende de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat.

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het voorgestelde reglement op doorgangsvergunningen voor de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat.

 

Artikel 3

Het college van burgemeester en schepenen verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad om volgende reglementen ter goedkeuring voor te leggen op de eerstvolgende gemeenteraad:

        Het aanvullend reglement op het wegverkeer betreffende de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat

        Het reglement op doorgangsvergunningen voor de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.53. Kerkfabriek Sint-Columba en O.L.V. Onbevlekt Ontvangen - verslag van 10 februari 2025 - kennisname

 

Aanleiding en context

 

De kerkfabriek Sint-Columba en O.L.V. Onbevlekt Ontvangen hielden een vergadering op 10 februari 2025. Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd kennis te nemen van het verslag van deze vergadering.

 

Motivering

 

Het verslag bevindt zich in bijlage. Het college van burgemeester en schepenen beschikt over een termijn van 30 dagen, die ingaat op de dag nadat de notulen zijn binnengekomen, om een besluit te schorsen indien het gemeentelijk (financieel) belang geschaad wordt.

 

Er is geen advies nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 57 en 58, § 1 Decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van beide verslagen.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.54. Grafconcessie - bijzetting - kennisname

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.55. Asverstrooiing - kennisname

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.56. Grafconcessies hernieuwingen - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.57. Grafconcessie - toekenning - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.58. Grafconcessie - bijzetting en hernieuwing - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.59. Afvoering van ambtswege - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

C.60. Afvoering van ambtswege - goedkeuring

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

D.1. Adviesraden - inrichting - verzoek tot agendering gemeenteraad -  goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd principieel te beslissen welke adviesraden en commissies worden voorgelegd aan de gemeenteraad om in te richten voor de nieuwe legislatuur.

 

Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken, om de inrichting van de adviesraden te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025

 

Motivering

 

Bij aanvang van de nieuwe legislatuur worden ook de verschillende gemeentelijke adviesraden ingericht die het beleid ondersteunen en adviseren.

 

De oprichting van de adviesraden is in regel facultatief, behoudens wanneer dit wordt opgelegd door een wet of decreet. Adviesraden hebben een louter adviserende taak en kunnen nooit beslissen over het voor advies voorgelegde probleem. Ze bieden hun meerwaarde aan het beleid door met een andere bril te kijken en vanuit de eigen invalshoek mee te denken om meerwaarde te creëren. Het inrichten van een adviesraad behoort tot de bevoegdheid van de gemeenteraad.

 

Het college van burgemeester en schepenen stelt voor om volgende adviesraden in te richten voor de nieuwe legislatuur 2025-2030:

        Sportraad

        Cultuurraad

        Jeugdraad

        Seniorenraad

        Lokaal overleg Kinderopvang

        Adviesraad Economie Deerlijk (AED)

        Mobiliteitscommissie

 

Voor de Adviesraad Economie Deerlijk stelt het college van burgemeester en schepenen volgende wijzigingen voor:

        de naam te wijzigen naar ALEC (adviesraad Lokale Economie) teneinde de naamsverwarring met AED-toestellen te vermijden.

 het aantal stemgerechtigde vertegenwoordigers van de verschillende sectoren zoals   opgenomen in de statuten overal aan te passen naar min. 1 én max. 3

        Gezien de uittredende adviesraad aangeeft dat er vrijer zou kunnen gesproken worden zonder politieke vertegenwoordiging, wordt voorgesteld volgende op te nemen: "Gemeenteraadsleden kunnen slechts als waarnemer de vergadering bijwonen en mogen zich dan ook niet mengen in het debat."

        In Hoofdstuk 7, art. 14. met betrekking tot deskundigen toevoegen: "Dit kan ook de bevoegde schepen zijn bij een item dat zijn/haar domein aanbelangt."

 

Voor de mobiliteitscommissie stelt het college van burgemeester en schepenen volgende wijziging voor:

        Omvormen van de mobiliteitscommissie tot een mobiliteitsraad

        Samenstelling: 6 geïnteresseerde burgers, aangevuld met 1 afgevaardigde per politieke partij, naast de schepen bevoegd voor mobiliteit en medewerkers die vanuit hun expertise aansluiten (politie, expert mobiliteit, ...).

        2 à 3 keer per jaar samenkomen

 

Een voorstel van aangepaste statuten voor de adviesraad lokale economie en van het aangepast huishoudelijk reglement wordt toegevoegd als bijlage.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56 § 1  Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad  om de inrichting van de volgende adviesraden te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025:

        Sportraad

        Cultuurraad

        Jeugdraad

        Seniorenraad

        Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK)

        Adviesraad Lokale Economie (ALEC)

        Mobiliteitsraad

 

Artikel 2

 

Het college van burgemeester en schepenen verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad de aanpassing van de statuten van de adviesraad lokale economie en het huishoudelijk reglement voor de mobiliteitsraad te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025.

 

Artikel 3

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit na de beslissing door de gemeenteraad betreffende artikels 1 en 2 van dit besluit, een algemene oproep te lanceren naar geïnteresseerde burgers zowel digitaal als via het infomagazine (nummer mei-juni 2025). om tegen eind mei 2025 een kandidatuur in te dienen.

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Overzicht punten

 

Zitting van CBS van 12 MAART 2025

D.2. Gemeenteraad van 27 maart 2025 - agendapunten - verzoek agendering - goedkeuring

 

Aanleiding en context

 

De agenda van de gemeenteraad bevat in ieder geval de punten die door het college van burgemeester en schepenen aan de voorzitter worden meegedeeld.

Het college en burgemeester en schepenen wordt gevraagd de agenda voor de komende gemeenteraad te overlopen.

 

Motivering

 

Het college van burgemeester en schepenen overloopt de voorziene punten voor de gemeenteraadszitting van 27 maart 2025.

 

Er zijn geen adviezen nodig.

 

Juridische gronden

 

        Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur

        Andere:

        Art. 19 Decreet Lokaal Bestuur

 

Financiën

 

De beslissing heeft geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT

 

Artikel 1

 

Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om volgende punten te agenderen op de gemeenteraad van 27 maart 2025:

 

 

OPENBARE ZITTING

 

  1. Benoeming burgemeester - kennisname
  2. Gemeenteraad - 27 februari 2025 - notulen en audio-opname - goedkeuring
  3. SHIFT - samenwerkingsovereenkomst gespecialiseerde IT-profielen - goedkeuring
  4. Sportraad - inrichting - goedkeuring
  5. Cultuurraad - inrichting - goedkeuring
  6. Jeugdraad - inrichting - goedkeuring
  7. Seniorenraad - inrichting - goedkeuring
  8. Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK) - inrichting - goedkeuring
  9. Adviesraad Lokale Economie (ALEC) - inrichting en statutenwijziging - goedkeuring
  10. Mobiliteitsraad - inrichting - goedkeuring
  11. Interlokale Onderwijsvereniging Leersteuncentrum BOOST - vertegenwoordiging raad van bestuur - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  12. OFP Prolocus - vertegenwoordiging algemene vergadering - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  13. Zefier cv - vertegenwoordiging algemene vergadering - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  14. Regionale plattelandsstuurgroep - vertegenwoordiging - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  15. De Watergroep - vernieuwing raad van bestuur - kandidatuurstelling - juni 2025-juni 2030 - goedkeuring
  16. Woonwijs - vertegenwoordiging beheerscomité - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  17. Onderwijsgerelateerde raden/commissies - vertegenwoordiging - legislatuur 2025-2030 - goedkeuring
  18. Erfgoed - schenking beeld 'Hemelvaart' door familie D'Haluin-Dekeyser - goedkeuring
  19. Cultuur/sport - premiereglement renovatie- en herstellingswerken aan lokalen in eigendom - aanpassing - goedkeuring
  20. Spiegelpark/Residentie Promenade - akte erfdienstbaarheid openbaar nut - goedkeuring
  21. Gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening (GECORO) - hersamenstelling - aanduiding aantal maatschappelijke geledingen en aantal deskundigen - goedkeuring
  22. Aanvullend reglement op het wegverkeer betreffende de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat - vaststelling
  23. Reglement op doorgangsvergunningen voor de vrachtwagensluis in de Pladijsstraat - vaststelling
  24. Kerkfabrieken Sint-Columba en O.L.V. Onbevlekt Ontvangen - jaarrekeningen 2024 - positief advies - goedkeuring

 

De openbare zitting van de gemeenteraad wordt geschorst om te hernemen na de openbare zitting van de OCMW-raad.

 

  1. Vragen gesteld door raadsleden - kennisname

 

 

 

 

Publicatiedatum: 27/03/2025
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.