Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.1. College van burgemeester en schepenen - verslag van de zitting van 12 augustus 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd het verslag van de vorige zitting goed te keuren.
Motivering
Het college van burgemeester en schepenen overloopt het verslag van de zitting van 12 augustus 2026.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 50 Decreet Lokaal Bestuur
Adviezen
Er zijn geen adviezen nodig.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit het verslag van de zitting van 12 augustus 2026 goed te keuren.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.2. Aanpassing APV - agendering gemeenteraad - goedkeuring
Aanpassing protocolakkoord - goedkeuring en agendering gemeenteraad ter bekrachtiging
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd
● kennis te nemen van de voorgestelde wijzigingen aan de algemene politieverordening en de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken dit punt ter vaststelling te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad;
● de aanpassingen aan het protocolakkoord met het parket goed te keuren en de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken dit punt ter bekrachtiging te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.
Motivering
1. Verhouding tussen het Parket en de sanctionerend ambtenaar
● Zuivere administratieve inbreuken
Op grond van de algemene GAS-bevoegdheidsregel van artikel 2, §1 van de Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (hierna "de GAS-Wet" genoemd) kunnen lokale besturen enkel voorzien in administratieve sancties voor inbreuken waarvoor er niet reeds in een straf voorzien wordt door een wet, decreet of ordonnantie.
Dit betekent dat, wanneer het Parket de handhavingsbevoegdheden van strafrechtelijke inbreuken uit handen wenst te geven, deze uithandengeving gepaard dient te gaan met een depenalisering van de beoogde strafrechtelijke inbreuk (lees : doorhaling van de inbreuk in de strafwet). Dergelijke gedepenaliseerde inbreuken worden op die manier zuiver administratieve inbreuken, die vandaag gekend zijn als de zogenaamde GAS 1-inbreuken.
● Gemengde inbreuken
Artikel 3 van de GAS-Wet maakt op het bovenstaande principe een uitzondering door het Parket toe te laten om de handhaving van de op limitatieve wijze opgesomde strafbepalingen in dit artikel 3, uit handen te geven zonder gelijktijdige depenalisering.
Op die manier krijgen deze limitatief opgesomde inbreuken een administratief karakter, bovenop (en dus niet in de plaats van) het strafrechtelijke karakter dat zij reeds hadden en is er sprake van een gemengde inbreuk. Deze kennen wij vandaag als de zogenaamde GAS 2-inbreuken (‘lichte’ inbreuken) en GAS 3-inbreuken (‘zware’ inbreuken voor wat betreft de bepalingen uit het Strafwetboek). Dergelijke inbreuken uit de Wegcode zijn dan weer gekend onder de noemer GAS 4-inbreuken.
● Noodzaak tot opmaak van een protocol bij gemengde inbreuken
Wanneer twee partijen naast elkaar bevoegd zijn voor de handhaving van dezelfde groep (gemengde) inbreuken, zijn goede afspraken noodzakelijk.
Voor wat betreft de gemengde GAS 2 & 3-inbreuken mogen deze vastgelegd worden in een protocolakkoord. Dit is niet verplicht en artikel 23, §2-3 van de GAS-Wet voorziet zelf in een procedure voor het geval er geen protocolakkoord zou bestaan.
Het parket van West-Vlaanderen voorziet in haar model van protocolakkoord zowel afspraken omtrent de GAS 2 en 3, als GAS 4 (ook al wordt dit laatste type op heden niet toegepast in Deerlijk).
Voor het verdere verloop van deze nota, wordt het GAS 4-luik, hoewel deel uitmakend van het Protocolakkoord dat mee het voorwerp vormt van onderhavige nota, buiten beschouwing gelaten, vermits de gewijzigde strafwetbepalingen uitsluitend betrekking hebben op de gemengde GAS 2 en 3-inbreuken.
2. Huidige ontwikkeling
De twee wetten van 29 februari 2024 tot invoering van boek I, respectievelijk boek II van het Strafwetboek brachten een grondige herziening van het bestaande Strafwetboek met zich mee - en bijgevolg ook van de inbreuken waarvoor de sanctionerend ambtenaar op grond van artikel 3, 1° en 2° van de GAS-wet bevoegd is.
Vermits lokale regelgeving in de zogenaamde "hiërarchie der rechtsnormen" ondergeschikt is aan de federale regelgeving dienen de teksten van alle bestaande lokale GAS-instrumenten afgestemd te worden op de nieuwe structuur en tekst van het Strafwetboek.
3. Inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek
De inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek was initieel voorzien voor 8 april 2026, maar diende noodgedwongen uitgesteld te worden naar 1 september 2026, nadat diverse beroepsgroepen en openbare diensten hadden aangegeven dat zij de nodige aanpassingen niet tijdig doorgevoerd zouden krijgen en hun werking hierdoor in het gedrang zou komen.
Enerzijds is het, gelet op het aantal belanghebbende groepen, alsook hun verspreidheid binnen de samenleving, vooralsnog onmogelijk om een zicht te krijgen op de stand van zaken en bijgevolg om met zekerheid te kunnen stellen dat de nieuw vooropgestelde datum van 1 september 2026 wél gehaald zal worden.
In theorie behoort een verder uitstel van de inwerkingtredingsdatum dan ook nog steeds tot de mogelijkheden. Anderzijds kan met de behandeling van onderhavig besluit niet gewacht worden tot wanneer hieromtrent zekerheid zal bestaan. Indien de Algemene Politieverordening (APV) niet zou zijn aangepast en het nieuwe Strafwetboek wel op 1 september 2026 in werking treedt zal de sanctionerend ambtenaar met ingang vanaf die datum geen gemengde GAS 2 en 3-inbreuken behandelen.
Teneinde de bestaande aanpak van openbare overlast te kunnen garanderen, is het dan ook noodzakelijk om de voorgestelde aanpassingen aan de APV en het protocolakkoord nu reeds aan het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad voor te leggen, met verzoek akkoord te gaan met de onmiddellijke inwerkingtreding (lees: de vijfde dag na de bekendmaking van het gemeenteraadsbesluit), maar vooralsnog onder voorbehoud van het feit dat ook het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 in werking zal treden.
Deze werkwijze ligt overigens volkomen in lijn met de door het Parket toegepaste methodiek in haar ontwerp van protocolakkoord en arrondissementele omzendbrief.
4. Vooropgestelde wijzigingen aan de APV
● Wijziging van artikel 26: beroepsgeheim in hoofde van de GAS-bemiddelaar
De onder dit punt voorgestelde wijziging betreft een loutere aanpassing aan de nieuwe artikelnummers van het nieuwe Strafwetboek en een vereenvoudiging van de bestaande tekst.
● Wijziging van de omschrijving van de bestaande term "Geluid" (artikel 28.15) en toevoeging van de term "Geluidsoverlast" (artikel 28.16bis)
De onder dit punt voorgestelde aanpassingen spruiten voort uit een streven naar een duidelijker en/of correcter taalgebruik. In wezen verandert er niets aan de draagwijdte van de bestaande rechtsregel.
In het bijzonder voor wat betreft de inbreuk op het veroorzaken van geluidsoverlast, is het zaak om de burger een gecentraliseerd overzicht van alle uitgesloten situaties aan te reiken, vermits al deze uitzonderingssituaties op heden verspreid terug te vinden zijn in de APV.
● Samensmelting van artikel 37 inzake geluidsoverlast overdag en artikel 38 inzake nachtlawaai
Art. 561, 1° van het originele Strafwetboek voorzag in een strafrechtelijke sanctie voor éénieder die zich schuldig maakte aan het maken van rustverstorend lawaai, maar enkel voor zover dit lawaai tijdens de nachtelijke uren geproduceerd werd.
Dit betekende concreet dat, al naargelang het tijdstip, inbreuken te beschouwen waren als hetzij een louter administratieve overlastinbreuk (GAS 1), hetzij een gemengde inbreuk (GAS 2).
Vermits de behandeling van GAS 1- en 2-inbreuken een verschillend procedureverloop kennen, was het noodzakelijk om een onderscheid te maken tussen geluidsoverlast overdag (art. 37 van de APV) en geluidsoverlast tijdens de nacht (art. 38 van de APV).
In het nieuwe Strafwetboek wordt evenwel niet langer voorzien in een bepaling rond nachtlawaai (depenalisatie), zodat inbreuken erop - of toch vanuit theoretisch en procedureel oogpunt - niet langer afwijken van inbreuken die overdag plaatsvinden. In die zin bestaat er op vandaag dan ook geen noodzaak meer om in twee afzonderlijke APV-bepalingen te voorzien.
Een dergelijke goedkeuring betekent niet dat het nachtelijke aspect van vastgestelde geluidshinder plots gebanaliseerd zou worden. Dit kan in het kader van de beoordeling van een GAS-dossier nog steeds weerhouden worden als verzwarende omstandigheid bij de vastgestelde inbreuk.
Vermits de inhoud van artikel 38 verwerkt wordt in de tekst van artikel 37, kan eerstgenoemde bepaling zonder meer opgeheven worden.
● Wijziging van de naam van Hoofdstuk 8 onder Titel 3 van het algemeen deel van de APV
De onder dit punt voorgestelde wijziging vloeit rechtsreeks voort uit de tekst van het nieuwe Strafwetboek.
● Opheffing van artikel 96 : lichte gewelddaden t.a.v. de personen
Het Parket heeft deze inbreuk reeds geruime tijd geleden uitgesloten van de toepassing van de GAS-procedure, zodat zij geen deel mogen uitmaken van de APV. Van de gelegenheid wordt gebruik gemaakt om dit alsnog goed te zetten.
● Wijziging van artikel 97 : bevuiling van andermans goederen
De onder dit punt voorgestelde aanpassingen vloeien voort uit een streven naar een duidelijker en/of correcter taalgebruik. In wezen verandert er niets aan de draagwijdte van de bestaande rechtsregel.
● Wijziging van artikel 98 met hieruit voortvloeiend de opheffing van de artikelen 99, 99bis, 100, 101 (gedeeltelijk), 102, 102 bis, 103 en 186,7°: beschadiging of vernieling van andermans goederen of het openbaar domein
In het originele Strafwetboek waren nog talrijke bepalingen met betrekking tot een beschadigingsverbod terug te vinden. Hierbij werd een onderscheid gemaakt op basis van hetzij de aard van de beschadiging (bv. graffiti, beschadiging zonder of met onbruikbaarmaking en vernietiging of vernieling), hetzij de aard van het beschadigde goed (bv. roerend goed, onroerend goed, boom en hagen, monumenten en grafstenen, voertuigen,...).
In het kader van het nieuwe Strafwetboek wordt geopteerd om eenvoudigweg te stipuleren dat het verboden is om andermans goederen zonder diens toestemming te vandaliseren, waarbij artikel 514 en 517 van boek II van het nieuwe Strafwetboek bepalen dat vandalisme in de ruimste zin van het woord begrepen moet worden en bijgevolg alle hierboven aangehaalde beschadigingsvormen in zich draagt.
Het ontbreken van enige opsplitsing naar verschijningsvorm van het vandalisme, maakt dat in de APV een heel aantal bepalingen kunnen geschrapt worden wegens deel uitmakend van het algemene vangnet van het nieuwe art. 98 van de APV.
● Wijziging van artikel 141 : dempen en verleggen van grachten
Net zoals nachtlawaai, wordt er in het nieuwe Strafwetboek geen bepaling meer gewijd aan de bestraffing van inbreuken op het verbod om grachten te dempen of te verleggen (depenalisatie). Dit impliceert dat dergelijke inbreuken wijzigen van gemengde GAS 2-inbreuken tot zuiver administratieve overlastinbreuken (GAS 1).
Het is dan ook nodig om de vermelding van het gemengde karakter door de verwijzing naar het Strafwetboek door te halen.
● Wijziging van artikel 190 : vermommingen met gezichtsbedekking
De onder dit punt voorgestelde wijziging vloeit rechtsreeks voort uit de tekst van het nieuwe Strafwetboek.
5. Bekrachtigen Protocolakkoord
Het bestaande Protocolakkoord werd door de procureur des Konings van West-Vlaanderen opgezegd met een brief van 28 mei 2026. Deze opzegging gebeurde weliswaar onder voorbehoud van inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek, die voorzien is op 1 september 2026.
Bijgevolg wordt het nieuwe Protocolakkoord dat door het Parket aangeleverd werd, overeenkomstig artikel 23, §1, lid 1 van de GAS-Wet, ter goedkeuring aan het college van burgemeester en schepenen en ter bekrachtiging aan de gemeenteraad voorgelegd.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid:
○ art. 23, § 1, lid 1 van de GAS-Wet
○ art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ De Nieuwe Gemeentewet, meer bepaald de artikelen 119, 119bis en 135.
○ De Wet van 24.06.2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, meer bepaald de artikelen 2, 3, 4 en 23.
○ Boek II van het (nieuwe) Strafwetboek (Wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek II van het Strafwetboek, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 8 april 2024 - inwerkingtreding initieel per 8 april 2026 doch naderhand en op het ogenblik van redactie van onderhavige nota nog steeds ten voorlopige titel uitgesteld naar 1 september 2026), meer bepaald de artikelen 423, 424, 514, 515, 516 en 517.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van volgende voorstellen van aanpassing aan de Algemene Politieverordening (APV) van de gemeente Deerlijk en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad dit punt ter goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad:
● De wijziging van artikel 26als volgt:
Art. 26
De documenten die worden opgemaakt en de mededelingen die worden gedaan tijdens de bemiddelingsprocedure zijn vertrouwelijk. Zij mogen niet worden aangewend in een gerechtelijke of administratieve procedure of enige andere procedure voor het oplossen van conflicten en zijn niet toelaatbaar als bewijs, zelfs niet als buitengerechtelijke erkentenis.
Onverminderd de verplichtingen die de wet hem opleggen mag de bemiddelingsambtenaar de feiten waarvan hij uit hoofde van zijn ambt kennis krijgt niet openbaar maken. Evenmin mag hij optreden als getuige in een burgerrechtelijke of administratieve procedure met betrekking tot feiten waarvan hij kennis krijgt uit hoofde van zijn ambt. De artikelen 352 en 353 van boek II van het Strafwetboek zijn op hem van toepassing.
Partijen kunnen niet worden gehouden aan de door hen tijdens de bemiddeling ingenomen standpunten en voorstellen, alsmede de door hen aan de bemiddelaar of aan de andere partij gedane mededeling van welke aard en op welke wijze ook, behoudens hetgeen tussen hen werd overeengekomen in een bemiddelingsovereenkomst, waarin het akkoord tussen partijen werd vastgelegd.
● De wijziging van artikel 28.15 als volgt:
28.15 Geluid
Alle vormen van geluidsemissie, hetzij ten gevolge van lichamelijke gedraging (bv. roepen, luid praten, luid meezingen, op voorwerpen slaan, enz.), hetzij voortkomend van blijvende of tijdelijke geluidsbronnen, al dan niet elektronisch versterkt.
● De toevoeging van een artikel 28.16bis als volgt:
28.16bis Geluidsoverlast
Het ogenblik waarop de (openbare) rust en/of het private rustig genot redelijkerwijze verstoord zou(den) kunnen worden ingevolge enig geluid, ongeacht zijn vorm, aard en bron, maar met uitzondering van het geluid dat veroorzaakt wordt door:
1. spelende kinderen;
2. openlucht-manifestaties op het openbaar domein, overeenkomstig de door de bevoegde overheid in de voorafgaande machtiging bepaalde toelatingsvoorwaarden;
3. het lucht-, weg- en spoorwegverkeer en de scheepvaart;
4. een publieke inrichting in de zin van art. 194 van deze verordening;
5. geluidsbronnen in de zin van de artikelen 199 tot en met 206 van deze verordening;
6. wettelijk of decretaal toegelaten activiteiten met specifieke geluidsnormen.
Een effectieve verstoring moet niet bewezen worden. Het bestaan van geluidsoverlast volgt steeds uit een feitelijke beoordeling door de in de artikelen 20 en 21 van de Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, met latere wijzigingen, bedoelde personen en hangt, behoudens in het kader van de beoordeling van bovenstaand nr. 2°, bijgevolg niet af van de overschrijding van een welbepaald aantal decibel. Een voorafgaande geluidsmeting is bijgevolg niet vereist met het oog op een rechtsgeldige vaststelling inzake geluidsoverlast.
● De wijziging van artikel 37 als volgt:
Art. 37
§1. Het is verboden, zowel binnenshuis of op private grond als in de openlucht op het openbaar domein, *geluid te veroorzaken dat redelijkerwijze de rust van de buurtbewoners zou kunnen verstoren of hen redelijkerwijze zou kunnen storen in het rustig en normaal genot van hun eigendom of bezit, dan wel de openbare orde en rust op openbare plaatsen in het gedrang zou kunnen brengen.
§2. De feitelijke gebruiker van een voorwerp en de begeleider van een dier zijn objectief aansprakelijk voor de geluidsoverlast die dit voorwerp of dier – hetzij ongewild – veroorzaken.
● De wijzing van de naam van het achtste hoofdstuk onder titel 3 van het algemeen deel van de APV als volgt:
HOOFDSTUK 8. Vandalisme
[...]
● De wijziging van artikel 97 als volgt:
Art. 97
Het is verboden voorwerpen of substanties die zouden kunnen bevuilen of schade zouden kunnen veroorzaken, tegen of op andermans goederen of op private percelen te werpen of te storten.
● De wijziging van de artikel 98 als volgt:
Art. 98
Het is, overeenkomstig Boek II, artikel 514 tot en met 517 van het Strafwetboek, verboden opzettelijke gedragingen te stellen die bestaan in het vernielen, het beschadigen, het onbruikbaar maken of het aanbrengen van graffiti zonder toestemming op:
1° enig goed dat aan een ander toebehoort (GAS 2-inbreuk of GAS 3-inbreuk als het vandalisme ernstige schade tot gevolg heeft);
2° enig goed met een bijzonder belang – te weten: een gebouw, maatschappelijke infrastructuur, een vervoermiddel, één of meer bomen, een bos, een natuurgebied, een boomgaard of een akker (GAS 3-inbreuk).
● De wijziging van artikel 141 als volgt:
Art. 141
Het is verboden grachten op te vullen of te verleggen tenzij hiervoor een vergunning werd verleend door de bevoegde overheid. De grachten die wederrechtelijk werden opgevuld of verlegd, zullen op kosten van de overtreder in hun oorspronkelijke staat hersteld worden.
● De wijziging van artikel 190 als volgt:
Art. 190
Het is, zoals bepaald in boek II, artikelen 423 en 424 van het Strafwetboek, verboden zich opzettelijk, behoudens andersluidende wetsbepalingen, in de voor het publiek toegankelijke plaatsen te begeven met het gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt of verborgen, zodat men niet herkenbaar is.
Er is evenwel geen misdrijf wanneer diegenen die zich op plaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn begeven met hun gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt of verborgen, zodat ze niet kunnen worden geïdentificeerd, dit doen op grond van arbeidsreglementen of een politieverordening naar aanleiding van feestactiviteiten.
● De opheffing van de artikelen 38, 96, 99, 99bis, 100, 102, 102bis 103 en 186,7°.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen neemt, in navolging van de onder artikel 1 voorgestelde aanpassingen, kennis van de als bijlage gevoegde gecoördineerde versie van de APV en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad dit punt ter goedkeuring te agenderen op de eerstvolgende gemeenteraad.
Artikel 3
Het Protocolakkoord betreffende de gemeentelijke administratieve sancties in geval van gemengde inbreuken, zoals opgenomen in bijlage bij dit besluit, wordt goedgekeurd. De voorzitter van de gemeenteraad wordt verzocht dit punt ter bekrachtiging voor te leggen op de eerstvolgende gemeenteraad.
De bekrachtiging zal gebeuren met dien verstande dat de effectieve inwerkingtreding van dit Protocolakkoord rechtstreeks afhankelijk gesteld is van de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.3. Nieuwbouw en renovatie De Kim & De Beuk - Perceel 1 (ruwbouw, afwerking en omgevingsaanleg) - voorlopige oplevering en vrijgave borgtocht - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.4. Nieuwbouw en renovatie De Kim & De Beuk - Perceel 2 (elektriciteit) - voorlopige oplevering en vrijgave borgtocht - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.5. Leveren en plaatsen van 15 grafkelders - gunning - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de gunning voor het leveren en plaatsen van 15 grafkelders voor 2 personen op de begraafplaats Deerlijk-centrum goed te keuren.
Motivering
Op de begraafplaats Deerlijk-centrum zijn momenteel nog slechts enkele grafkelders voor 2 personen beschikbaar. Er wordt voorgesteld om 15 bijkomende grafkelders voor 2 personen te voorzien op de begraafplaats.
In het kader van de opdracht “Leveren en plaatsen van 15 grafkelders” werd een prijsvraag uitgestuurd door de coördinator groen & proper.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 14.876,03 euro excl. btw of 18.000,00 euro incl. 21 % btw.
Er wordt voorgesteld de opdracht tot stand te brengen bij wijze van de aanvaarde factuur (overheidsopdracht van beperkte waarde).
Volgende ondernemers werden uitgenodigd om deel te nemen aan deze opdracht:
● Bentein Beton Bouw BV, Wijngaardstraat 2 te 8920 Langemark;
● Aannemersbedrijf Buytaert bv, Hogenakkerhoekstraat 3 te 9150 Kruibeke;
● CSD Claes Sierbeton BV, Hamerslagstraat 13 te 3900 Pelt.
De offertes dienden het bestuur ten laatste op 2 juli 2026 te bereiken.
Er werden 2 offertes ontvangen:
● Bentein Beton Bouw BV, Wijngaardstraat 2 te 8920 Langemark (13.175,00 euro excl. btw of 15.941,75 euro incl. btw);
● Aannemersbedrijf Buytaert bv, Hogenakkerhoekstraat 3 te 9150 Kruibeke (14.500,00 euro excl. btw of 17.545,00 euro incl. btw).
De deskundige aankoop, contracten & verzekeringen stelt voor om, rekening houdend met het voorgaande, deze opdracht te gunnen aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Bentein Beton Bouw BV, Wijngaardstraat 2 te 8920 Langemark tegen het nagerekende offertebedrag van 13.175,00 euro excl. btw of 15.941,75 euro incl. 21 % btw.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 56, § 3, 5°, waarbij wordt bepaald dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de vaststelling van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht van dagelijks bestuur.
● Andere:
○ De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
○ Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
○ Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
○ De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
○ De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 92 (de geraamde waarde excl. btw bereikt de drempel van 30.000,00 euro niet).
○ Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
○ Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
○ Besluit van de gemeenteraad van 28 mei 2020 houdende vaststelling van de opdrachten voor werken, leveringen en diensten die beschouwd worden als opdrachten van dagelijks bestuur.
Adviezen
De coördinator groen & proper verleent positief advies.
Financiën
De beslissing heeft financiële gevolgen.
Bestelbedrag | 13.175,00 euro excl. btw of 15.941,75 euro incl. btw |
Actie | Verrichtingen zonder beleidsdoelstelling (GBB) |
Jaarbudgetrekening | 0990-00/60000000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN |
Visum | G-2026-46 dd. 29/07/2026 |
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen keurt de raming voor het leveren en plaatsen van 15 grafkelders voor 2 personen goed. De raming bedraagt 14.876,03 euro excl. btw of 18.000,00 euro incl. 21 % btw.
Artikel 2
Bovengenoemde opdracht komt tot stand bij wijze van de aanvaarde factuur (overheidsopdracht van beperkte waarde).
Artikel 3
Deze opdracht wordt gegund aan de economisch meest voordelige bieder (op basis van de prijs), zijnde Bentein Beton Bouw BV, Wijngaardstraat 2 te 8920 Langemark tegen het nagerekende offertebedrag van 13.175,00 euro excl. btw of 15.941,75 euro incl. 21 % btw.
Artikel 4
De betaling zal gebeuren overeenkomstig de bepalingen voorzien in de offerte en met het krediet ingeschreven in het exploitatiebudget van 2026, op jaarbudgetrekening 0990-00/60000000/BESTUUR/CBS/0/IP-GEEN (actie GBB).
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.6. Digitaal infoscherm - concessievoorwaarden - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de concessievoorwaarden voor het plaatsen van een digitaal infoscherm voor publieke en private berichtgeving te agenderen op de gemeenteraad.
Motivering
De gemeente wil gebruik maken van een digitaal infoscherm om de visuele communicatie in het straatbeeld te bevorderen.
Het college van burgemeester en schepenen keurde in zitting van 17 juni 2026 het opstarten van de procedure voor het plaatsen van een digitaal infoscherm in het straatbeeld van Deerlijk goed.
Als locatie voor het digitale infoscherm werd gekozen voor de kruising van de Harelbekestraat en de Hoogstraat, ter hoogte van de parking schuin tegenover frituur De Barakke. Het digitale infoscherm wordt er geplaatst ter vervanging van het bestaande gemeentelijke inforooster.
De gemeente verleent, onder de vorm van een concessieovereenkomst, de mogelijkheid tot het exploiteren van een domeinconcessie van het in concessie gegeven deel van het openbaar domein waarop een LED-bord wordt geplaatst met het oog op de publieke en private uitbating van dat LED-bord.
De toewijzing van de concessie tot uitbating zal gebeuren na een bekendmaking van de concessievoorwaarden en een oproep tot offertes.
De algemene en bijzondere voorwaarden zoals vermeld in de bijgevoegde concessieovereenkomst zijn een essentieel onderdeel van de concessie. Als gunningscriteria gelden de beoordeling van zichtbaarheid van de boodschappen (20 %), de kwaliteit van de schermen (50 %), de kwaliteit van de concessionaris (15 %) alsook de gebruiksvriendelijkheid van het Content Management System (15 %).
Door het indienen van een offerte verklaart de kandidaat zich akkoord met alle onderdelen van de concessieovereenkomst.
De concessievoorwaarden, inclusief offerteformulier en concessieovereenkomst worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur.
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de concessievoorwaarden voor het plaatsen van een digitaal infoscherm voor publieke en private berichtgeving te agenderen op de gemeenteraad.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.7. Animatorenvergoedingen gemeentelijk speelplein - zomervakantie juli 2026 - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.8. Evenementen - dienst vrije tijd - kermisactiviteiten Deerlijk Centrum - 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Op 16 juli 2026 werd een aanvraag ingediend door dienst vrije tijd voor volgend evenement:
Naam evenement | Kermisactiviteiten Deerlijk Centrum 2026 |
Organisator | dienst vrije tijd |
Datum | vrijdag 25 september 2026 zaterdag 26 september 2026 zondag 27 september 2026 |
Plaats | Neunkirchenplein, Deerlijk |
Motivering
1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:
● aanvraag geluidsactiviteit als volgt:
85 – 95 dB
Contactpersoon | Naam | dienst vrije tijd |
| Adres | Hoogstraat 122 |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Activiteit | Benaming activiteit | kermisactiviteiten 2026 - Deerlijk Centrum |
Locatie | Gebouw |
|
| Tent |
|
| Open lucht | X |
Adres | Naam gebouw |
|
| Adres | Neunkirchenplein |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Maximaal geluidsniveau | >85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min |
Duur |
|
Begin | vrijdag 25 september 2026 om 12.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 12.00 uur zondag 27 september 2026 om 12.00 uur |
Einde | vrijdag 25 september 2026 om 24.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 24.00 uur zondag 27 september 2026 om 24.00 uur |
De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.
De aangevraagde muziekactiviteit kan toegestaan worden maar het is evenwel noodzakelijk om het toegelaten geluidsniveau en de toegelaten periode nauwkeurig vast te leggen conform de toepassing van het sluitingsuur.
Indien een organisator voor diens evenement een einduur vooropstelt dat vroeger valt dan het maximale einduur én buiten het afbouwscenario valt, is het afbouwscenario niet van toepassing, met dien verstande dat op het door de organisator vooropgestelde einduur alle geluidsactiviteit wordt stopgezet conform bovengenoemde einduren.
Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.
● aanvraag politionele medewerking
Dienst vrije tijd wenst de jaarlijkse kermis in het centrum van Deerlijk te laten plaatsvinden tijdens het weekend van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026 en verwijst naar het tijdelijk politiereglement, goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 19 augustus 2026, voor het instellen van overeenkomstige maatregelen.
PZ Gavers verleende op 29 juli 2026 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 3777797.
● aanvraag tijdelijke inname openbaar domein
Dienst vrije tijd wenst de jaarlijkse kermis te laten plaatsvinden van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026 en vraagt toelating voor de inname van het Neunkirchenplein.
● aanvraag gemeentelijke medewerking
Er dienen voldoende signalisatieborden en eventueel nadarhekkens geplaatst te worden, zodat het voor bestuurders duidelijk is dat er een parkeerverbod geldt op een gedeelte van het Neunkirchenplein vanaf dinsdag 22 september 2026 (parkeerstrook langsheen d'Iefte) en op de volledige parking vanaf woensdag 23 september 2026 tot en met maandag 28 september 2026.
Voor een vlot aan- en afrijden van de foorkramen is het wenselijk dat de paaltjes op de hoek van de Hoogstraat en de Commandant Edm. Ameyestraat tijdelijk verwijderd worden en na de kermis teruggeplaatst worden.
2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:
Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via www.brandweerfluvia.be/brandveiligheid/organiseer.
Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen ... opmaken.
Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).
Bijkomend specifiek advies kan later nog volgen vanuit de veiligheidscel.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Toelating geluidsactiviteit
■ Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;
■ Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.
■ De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47.
■ Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024
○ Plaatsing verkeerssignalisatie
■ Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit evenement mits de aanstelling van een verantwoordelijke die ook optreedt als contactpersoon voor de hulp- en veiligheidsdiensten.
De eindverantwoordelijke zorgt voor de veiligheid in en rond het evenemententerrein, houdt toezicht in de omgeving en zal, indien nodig, politiezone Gavers contacteren.
Artikel 2
De aangevraagde muziekactiviteit wordt toegelaten mits naleving van volgende voorwaarden:
Voorwaarden met betrekking tot het maximaal geluidsniveau.
Maximaal geluidsniveau: > 85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min |
● Het maximaal geluidsniveau mag LAeq,15min 95 dB(A) niet overschrijden. Als het maximaal geluidsniveau, gemeten als LAmax,slow 102 dB(A) niet overschreden wordt, wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Bij het meten van het geluidsniveau worden zowel het geluid van muziek als het omgevingsgeluid in rekening gebracht. ● Het geluidsniveau geldt ter hoogte van de mengtafel of andere representatieve meetplaats. ● Op initiatief en op kosten van de exploitant/organisator wordt ofwel LAeq,15min ofwel LAmax,slow continu gemeten d.m.v. meetapparatuur die voldoet aan de vereisten. Het geluidsniveau is tijdens de muziekactiviteit continu zichtbaar voor en wordt continu bewaakt door de exploitant/organisator of een door hem aangestelde persoon. ● De verplichting tot het meten van het geluidsniveau geldt niet als door de organisator/exploitant een geluidsbegrenzer gebruikt wordt die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. De geluidsbegrenzer moet voldoen aan de vereisten. |
Voorwaarden met betrekking tot de duur van de muziekactiviteit:
Duur |
|
Begin | vrijdag 25 september 2026 om 12.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 12.00 uur zondag 27 september 2026 om 12.00 uur |
Einde | vrijdag 25 september 2026 om 24.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 24.00 uur zondag 27 september 2026 om 24.00 uur |
Voorwaarden met betrekking tot de buurt:
● Zowel de inrichters als de bedieners van de muziekinstallatie moeten zich houden aan een voor de buurt aanvaardbaar geluidsniveau. In geen geval mag de muziek de nachtrust van de omwonenden storen. Klachten inzake nachtlawaai dienen vermeden te worden. In voorkomend geval moeten de richtlijnen van de politiediensten strikt worden opgevolgd.
● De inrichters verwittigen de inwoners van de omliggende straten van de muziekactiviteit.
● De inrichters houden zich aan het vooropgestelde einduur waarop alle geluidsactiviteit wordt stopgezet conform bovengenoemde einduren.
● De organisator brengt de politie op de hoogte van de muziekactiviteit.
Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.
Artikel 3
Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein op van dinsdag 22 september 2026 om 17.00 uur tot en met maandag 28 september 2026, Neunkirchenplein.
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde politionele medewerking te verlenen.
De inrichter dient zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie. De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.
De levering van de verkeerssignalisatie gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het eventuele parkeerverbod gebeurt door de politie.
Artikel 5
Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde gemeentelijke medewerking te verlenen.
Artikel 6
Het college van burgemeester en schepenen besluit het advies van de evenementencel te volgen en verzoekt de organisator deze richtlijnen van de verschillende disciplines te volgen inzake veiligheid.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.9. Evenementen - kermis Deerlijk - lijst foorkramers 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de lijst van foorkramers, aanwezig op de Kermis Deerlijk Centrum van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026, goed te keuren.
Het college van burgemeester en schepenen wordt eveneens gevraagd om mevrouw Delphine Bettens aan te duiden als plaatsingsmeester voor de kermis Deerlijk Centrum.
Motivering
Onderstaande foorkramers bevestigden hun aanwezigheid op de kermis Deerlijk Centrum van 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026:
● schietkraam (Vanthourout Jonathan, Bondgenotenlaan 17, 8520 Kuurne);
● visspel (Vroman-Nuytten Geert & Nathalie, Molenstraat 21, 8710 Wielsbeke);
● ballenspel (Es Stephanie, Kattestraat 236/22, 8520 Kuurne);
● kindermolen (Daeveloose Jens, Stampkotstraat 14, 8551 Heestert);
● lunapark (Verburgh Brian, Vestingstraat 20, 8310 Assebroek);
● autoscooter (De Smet Camiel, Tieltseweg 60, 8720 Dentergem);
● oliebollenkraam (Lainez Angelique, Kozakstraat 140, 8560 Wevelgem).
Alle foorkramers werden per e-mail, dd. 11 juni 2026, (dewelke tevens dient ter bevestiging en verlenging van hun abonnement) verzocht hun standgeld, en in voorkomend geval het gebruik van een foorkast, overeenkomstig de respectievelijke retributiereglementen, te betalen voor 15 september 2026.
Om de opbouw van de kermis in goede banen te leiden, wordt mevrouw Delphine Bettens aangeduid als plaatsingsmeester.
De foorkramers werden verzocht minstens 24 uur op voorhand contact op te nemen met de plaatsingsmeester om aan te geven wanneer zij wensen op te bouwen.
De opbouw kan gebeuren vanaf woensdag 23 september 2026 tot en met vrijdag 25 september 2026, bij voorkeur tussen 8.00 uur en 16.00 uur, met uitzondering van de autoscooters die op dinsdagavond 22 september 2026 na 17.00 uur hun wagens komen installeren.
Na 20.00 uur is geen aankomst meer mogelijk. De plaatsingsmeester maakt bij de opbouw ook de nodige afspraken over de afbouw van de kermis.
Voor de toelating van het evenement, de inname van het openbaar domein en de overeenkomstige verkeersmaatregelen, wordt verwezen naar het collegebesluit "kermisactiviteiten Deerlijk-centrum - 2026" goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 19 augustus 2026.
Er zijn verder geen adviezen nodig.
Juridische gronden
Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Retributiereglement - Gebruik van foorkasten door foren, circussen en andere organisatoren van acrobatie en stuntwerk en lokale verenigingen
○ Retributiereglement - Plaatsrecht - Kermisattracties en kermisgastronomie
Financiën
De beslissing heeft financiële gevolgen.
Raming of bedrag | 1.255,00 euro (ontvangsten) |
Actie | Plaatsrecht kermissen en gebruik foorkasten |
Jaarbudgetrekening | GBB-CBS/0719-00/70051000 |
Visum | n.v.t. |
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit de lijst van aanwezige foorkramers op de Kermis Deerlijk Centrum van 25 september 2026 tot en met 27 september 2026 goed te keuren.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen duidt mevrouw Delphine Bettens aan als plaatsingsmeester voor de Kermis Deerlijk Centrum van 25 september 2026 tot en met 27 september 2026.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.10. Evenementen - Feestcomité Deerlijk Centrum - kermis 25, 26 en 27 september 2026 - vaststelling tijdelijk politiereglement op het verkeer - goedkeuring
Aanleiding en context
Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om het tijdelijk politiereglement op het verkeer, naar aanleiding van Kermis Deerlijk Centrum 2026, die plaatsvindt op 25, 26 en 27 september 2026, goed te keuren.
Motivering
Op 25, 26 en 27 september 2026 vindt Kermis Deerlijk Centrum 2026 plaats in Deerlijk.
Op die dag wordt op de gemeentewegen een grote toeloop van kijklustigen en weggebruikers verwacht.
In het belang van de openbare orde en van de veiligheid dient onverwijld opgetreden te worden.
PZ Gavers maakte op vrijdag 31 juli 2026 een tijdelijk politiereglement op het verkeer op.
Juridische gronden
Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 3 Decreet Lokaal Bestuur
Andere:
● Art. 119, § 1 en art. 130 bis van de nieuwe gemeentewet (gewijzigd bij wet van 12 januari 2007)
● wet betreffende de politie over het wegverkeer gecoördineerd bij het koninklijk besluit van 16 maart 1968, met latere wijzigingen en aanvullingen
● koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, met latere wijzigingen en aanvullingen
● ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende de aanvullende reglementen en de te plaatsen verkeersborden
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit van vrijdag 25 september 2026 om 15.00 uur tot en met maandag 28 september 2026 om 1.00 uur, geen verkeer toe te laten in de Tulpenlaan (tussen huisnummers 12 en 16).
Artikel 2
Het stilstaan en parkeren wordt van dinsdag 22 september 2026 (17:00 uur) tot en met maandag 28 september 2026 (16:00 uur) verboden op het Neunkirchenplein aan de rechterkant ter hoogte van OC d’Iefte (plaatsen autoscooters).
Het stilstaan en parkeren wordt van woensdag 23 september 2026 (16:00 uur) tot en met maandag 28 september 2026 (16:00 uur) verboden op het Neunkirchenplein op de rest van het Neunkirchenplein.
Het stilstaan en parkeren wordt van donderdag 24 september 2026 (10:00 uur) tot en met maandag 28 september 2026 (22:00 uur) verboden in de Tulpenlaan (tussen huisnummers 14 en 16).
Artikel 3
Doorgang voor hulpdiensten moet mogelijk blijven aan de linkerzijde van het Neunkirchenplein.
Paaltjes ter hoogte van de Comm. Edm. Ameyestraat moeten tijdelijk weggenomen worden in functie van het vlot aan- en afrijden van de foorkramen.
Artikel 4
Er wordt een omleiding voorzien via de Sint-Amandusstraat en de Pikkelstraat (en omgekeerd).
Artikel 5
De nodige te plaatsen verkeersborden voortvloeiend uit de bepalingen vervat in voorgaande artikels, worden overeenkomstig de bij wet voorziene bepalingen aangebracht.
Artikel 6
De inrichters dienen zich te houden aan de bepalingen vermeld in de huidige politieverordening.
Artikel 7
Overtredingen op onderhavig besluit worden gestraft met politiestraffen voor zover geen wet of hogere verordening andere straffen voorziet.
Artikel 8
Afschrift van dit besluit wordt aan de bevoegde overheden overgemaakt.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.11. Evenementen - Feestcomité Deerlijk Centrum - kermis - 25, 26 en 27 september 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Op 2 april 2026 werd een aanvraag ingediend door Feestcomité Deerlijk Centrum voor volgend evenement:
Naam evenement | Kermis Deerlijk Centrum |
Organisator | Feestcomité Deerlijk Centrum |
Datum | vrijdag 25 september 2026 zaterdag 26 september 2026 zondag 27 september 2026 |
Plaats | OC d'Iefte Neunkirchenplein, 8540 Deerlijk |
Motivering
1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:
● aanvraag machtiging voor het verstrekken van sterke drank
Het is verboden sterke dranken te verkopen voor gebruik ter plaatse in occasionele drankgelegenheden waar openbare manifestaties plaatsvinden, tenzij het college van burgemeester en schepenen hiervoor een speciale machtiging verleent.
● aanvraag geluidsactiviteit als volgt:
85 – 95 dB
Contactpersoon | Naam | Koen Viaene |
| Adres | Pontstraat 92 |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Activiteit | Benaming activiteit | Kermis Deerlijk Centrum |
Locatie | Gebouw | X |
| Tent |
|
| Open lucht | X |
Adres | Naam gebouw | OC d'Iefte |
| Adres | Neunkirchenplein |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Maximaal geluidsniveau | >85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min |
Duur |
|
Begin | vrijdag 25 september 2026 om 18.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 18.00 uur zondag 27 september 2026 om 11.00 uur |
Einde | vrijdag 25 september 2026 om 24.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 24.00 uur zondag 27 september 2026 om 24.00 uur |
De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.
Indien een organisator voor diens evenement een einduur vooropstelt dat vroeger valt dan het maximale einduur én buiten het afbouwscenario valt, is het afbouwscenario niet van toepassing, met dien verstande dat op het door de organisator vooropgestelde einduur alle geluidsactiviteit wordt stopgezet op bovengenoemde uren.
Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.
● aanvraag politionele medewerking
Feestcomité Deerlijk Centrum wenst hun jaarlijkse evenement aansluitend op de kermis te organiseren tijdens het weekend van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026 en verwijst hiervoor naar het tijdelijk politiereglement, goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 19 augustus 2026, voor het instellen van overeenkomstige maatregelen.
PZ Gavers verleende op 29 juli 2026 positief advies en heeft de nodige verkeersmaatregelen opgesteld conform het signalisatieplan ingetekend in Eagle.be met uniek nummer 3503581.
● aanvraag tijdelijke inname openbaar domein
Feestcomité Deerlijk Centrum wenst Kermis Deerlijk Centrum te organiseren van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026 en vraagt toelating voor de inname van de groenzone achter OC d'Iefte voor plaatsing van de podiumwagen en frituurwagen en terrasmeubilair, alsook de plaatsing van de fietsenstalling.
● aanvraag gemeentelijke medewerking
Feestcomité Deerlijk Centrum wenst Kermis Deerlijk Centrum te organiseren van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026 en vraagt gemeentelijke medewerking voor:
● het leveren, plaatsen en ophalen van de podiumwagen;
● het leveren, plaatsen en ophalen van de reuzen (Staf, Stella & Grote Jan).
2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:
Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via www.brandweerfluvia.be/brandveiligheid/organiseer.
Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen ... opmaken.
Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).
Bijkomend specifiek advies kan later nog volgen vanuit de veiligheidscel.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Machtiging voor het verstrekken van sterke drank
■ Art. 9, Wet van 28 december 1983 betreffende de vergunning voor het verstrekken van sterke drank
○ Toelating geluidsactiviteit
■ Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;
■ Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.
■ De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47.
■ Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024
○ Plaatsing verkeerssignalisatie
■ Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor dit evenement mits de aanstelling van een verantwoordelijke die ook optreedt als contactpersoon voor de hulp- en veiligheidsdiensten.
De eindverantwoordelijke zorgt voor de veiligheid in en rond het evenemententerrein, houdt toezicht in de omgeving en zal, indien nodig, politiezone Gavers contacteren.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen verleent een speciale machtiging voor de verkoop van sterke drank tijdens dit evenement.
Artikel 3
De aangevraagde muziekactiviteit wordt toegelaten mits naleving van volgende voorwaarden:
Voorwaarden met betrekking tot het maximaal geluidsniveau.
Maximaal geluidsniveau: > 85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min |
● Het maximaal geluidsniveau mag LAeq,15min 95 dB(A) niet overschrijden. Als het maximaal geluidsniveau, gemeten als LAmax,slow 102 dB(A) niet overschreden wordt, wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Bij het meten van het geluidsniveau worden zowel het geluid van muziek als het omgevingsgeluid in rekening gebracht. ● Het geluidsniveau geldt ter hoogte van de mengtafel of andere representatieve meetplaats. ● Op initiatief en op kosten van de exploitant/organisator wordt ofwel LAeq,15min ofwel LAmax,slow continu gemeten d.m.v. meetapparatuur die voldoet aan de vereisten. Het geluidsniveau is tijdens de muziekactiviteit continu zichtbaar voor en wordt continu bewaakt door de exploitant/organisator of een door hem aangestelde persoon. ● De verplichting tot het meten van het geluidsniveau geldt niet als door de organisator/exploitant een geluidsbegrenzer gebruikt wordt die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. De geluidsbegrenzer moet voldoen aan de vereisten. |
Voorwaarden met betrekking tot de duur van de muziekactiviteit:
Duur |
|
Begin | vrijdag 25 september 2026 om 18.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 18.00 uur zondag 27 september 2026 om 11.00 uur |
Einde | vrijdag 25 september 2026 om 24.00 uur zaterdag 26 september 2026 om 24.00 uur zondag 27 september 2026 om 24.00 uur |
Voorwaarden met betrekking tot de buurt:
● Zowel de inrichters als de bedieners van de muziekinstallatie moeten zich houden aan een voor de buurt aanvaardbaar geluidsniveau. In geen geval mag de muziek de nachtrust van de omwonenden storen. Klachten inzake nachtlawaai dienen vermeden te worden. In voorkomend geval moeten de richtlijnen van de politiediensten strikt worden opgevolgd.
● De inrichters verwittigen de inwoners van de omliggende straten van de muziekactiviteit.
● De inrichters houden zich aan het vooropgestelde einduur waarop alle geluidsactiviteit wordt stopgezet conform bovengenoemde uren.
● De organisator brengt de politie op de hoogte van de muziekactiviteit.
Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen besluit zijn goedkeuring te verlenen voor de tijdelijke inname van het openbaar domein van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026: de groenzone achter d'Iefte.
Artikel 5
Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde politionele medewerking te verlenen.
De inrichter dient zelf in te staan voor de plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie aan de hand van het toegestuurde signalisatieplan, opgemaakt door de politie. De politie zal enkel instaan voor het toezicht op de correcte plaatsing van de verkeers- en omleggingssignalisatie.
De levering van de verkeerssignalisatie gebeurt door de technische diensten van de gemeente. De controle op de naleving van het eventuele parkeerverbod gebeurt door de politie.
Artikel 6
Het college van burgemeester en schepenen besluit de gevraagde gemeentelijke medewerking te verlenen.
Artikel 7
Het college van burgemeester en schepenen besluit het advies van de evenementencel te volgen en verzoekt de organisator deze richtlijnen van de verschillende disciplines te volgen inzake veiligheid.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.12. Evenementen - Feestcomité Deerlijk Centrum - plaatsing werfhekkens ter promotie van Kermis Deerlijk Centrum - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om toelating/medewerking te verlenen voor het tijdelijk plaatsen van werfhekkens op de verschillende ingangswegen, ter promotie van Kermis Deerlijk Centrum georganiseerd door Feestcomité Deerlijk Centrum.
Motivering
Feestcomité Deerlijk Centrum vraagt het gemeentebestuur om werfhekkens te plaatsen op de invalswegen voor het ophangen van banners ter communicatie en promotie van hun Kermis Deerlijk Centrum die plaatsvindt van vrijdag 25 september 2026 tot en met zondag 27 september 2026.
Bij eerdere aanvragen van organisatoren om heras-opstellingen met spandoeken te voorzien, ter promotie van hun evenement, werden onderstaande locaties door het college van burgemeester en schepenen goedgekeurd:
● recht tegenover kerk Sint-Lodewijk
● kerk centrum (kant Hoogstraat)
● kruispunt Molenhoek
● kruispunt Belgiek
● Statie (dicht bij de overweg)
Om een wildgroei van dergelijke heras-opstellingen, in aanvulling van de gemeentelijke roosters, te vermijden, adviseerden de gemeentediensten om enkel opstellingen door de gemeente te voorzien op deze vijf goedgekeurde, strategisch in het oog springende locaties.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit Feestcomité Deerlijk Centrum toelating/medewerking te verlenen ter promotie van Kermis Deerlijk Centrum, door heras-opstellingen te voorzien op volgende locaties, en dit vanaf 28 augustus 2026 tot en met 28 september 2026:
● recht tegenover kerk Sint-Lodewijk
● kerk centrum (kant Hoogstraat)
● kruispunt Molenhoek
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.13. Evenementen - Leiding Chiro Joeki - verjaardagsfeest - 19 september 2026 - goedkeuring
Aanleiding en context
Op 12 augustus 2026 werd een aanvraag ingediend door Nina Delbeke voor volgend evenement:
Naam evenement | Verjaardag Tilde & Nina |
Organisator | Nina Delbeke |
Datum | zaterdag 19 september 2026 |
Plaats | plein chiroheem, Kardinaal Cardijnlaan 8, 8540 Deerlijk |
Motivering
1. Het college van burgemeester en schepenen overloopt volgende onderdelen van de aanvraag:
● aanvraag geluidsactiviteit als volgt:
85 – 95 dB
Contactpersoon | Naam | Nina Delbeke |
| Adres | Klijtstraat 9 |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Activiteit | Benaming activiteit | Verjaardag Tilde & Nina |
Locatie | Gebouw |
|
| Tent | X |
| Open lucht |
|
Adres | Naam gebouw | plein chiroheem |
| Adres | Kardinaal Cardijnlaan 8 |
| Postcode en gemeente | 8540 Deerlijk |
Maximaal geluidsniveau | >85 dB(A) LAeq,15min en ≤ 95 dB(A) LAeq,15min |
Duur |
|
Begin | zaterdag 19 september 2026 om 20.00 uur |
Einde | zondag 20 september 2026 om 4.00 uur |
De aangevraagde muziekactiviteit vindt plaats in een woonomgeving of in de nabijheid van een bewoonde omgeving. Het gaat hier om een muziekactiviteit naar aanleiding van een bijzondere gelegenheid en de aangevraagde activiteit is beperkt in duur.
De aangevraagde muziekactiviteit kan toegestaan worden maar het is evenwel noodzakelijk om het toegelaten geluidsniveau en de toegelaten periode nauwkeurig vast te leggen conform de toepassing van het sluitingsuur, gekoppeld aan een afbouwscenario:
● Het einduur voor outdoor evenementen (buitenlucht of tent) wordt als volgt bepaald:
| Einduur: | Afbouwscenario geluidsnormen: |
vrijdag- en zaterdagavond | 4.00 uur | ● Max 95 dB(A) LAeq 15min, gemiddeld geluidsniveau tot 3.30 uur ● Max 85 dB(A) LAeq 15min, gemiddeld geluidsniveau tot 4.00 uur |
Het uitdovend effect van de muziekactiviteit (afbouwscenario) gaat gepaard met het stopzetten van de catering een half uur voor het einduur. Het publiek dient het evenemententerrein een half uur na sluitingsuur te hebben verlaten
Deze toelating betekent in geen geval een vrijgeleide om onbeperkt hinder te veroorzaken.
● aanvraag tijdelijke inname openbaar domein
Nina Delbeke en Tilde Delbeke wensen hun kleinschalig verjaardagsfeest te organiseren en vragen toelating voor de inname van plein aan het chiroheem.
2. De evenementencel verleent volgend advies voor dit evenement:
Men moet rekening houden met de algemene voorschriften van de hulpverleningszone Fluvia inzake brandpreventie. Deze voorschriften kan men terugvinden op de website via www.brandweerfluvia.be/brandveiligheid/organiseer.
Alsook moet de organisator een risico-analyse (lijst met de mogelijke risico’s en maatregelen om deze te verhelpen/op te lossen) en plan met aanduiding opstelling, evacuatiewegen ... opmaken.
Alle cateringstanden dienen te beschikken over geldige en blanco keuringsverslagen (conformiteit installatie en gasdichtheid beiden uitgevoerd door een EDTC).
Bijkomend specifiek advies kan later nog volgen vanuit de veiligheidscel.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Toelating geluidsactiviteit
■ Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning;
■ Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, verder aangeduid als Vlarem II, waaronder, en zonder zich hiertoe te willen beperken, art. 6.7.3.
■ De algemene gemeentelijke politieverordening, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 29 april 2010 en latere wijzigingen, meer specifiek en zonder zich daartoe te willen beperken, de artikelen 37, 38 en 47.
■ Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 20 maart 2024
○ Plaatsing verkeerssignalisatie
■ Beslissing van het politiecollege van 27 november 2008
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit geen goedkeuring te verlenen voor dit evenement aangezien het een privé-evenement van particuliere initiatiefnemers betreft waarvoor geen uitzonderingen op de geldende geluidsnormen worden toegestaan.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.14. LO - schoolreglement 2026-2027 - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.15. Retributiereglement voor inzameling van huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval via huis-aan-huis ophaling en intergemeentelijke recyclageparken - aanpassing - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de aanpassingen van het retributiereglement voor de inzameling en verwijdering van huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval via de huis-aan-huisinzameling en de intergemeentelijke recyclageparken, ter vaststelling voor te leggen op de gemeenteraad van 3 september 2026.
Motivering
De gemeenteraad keurde in zitting van 12 juni 2025 het retributiereglement voor inzameling en verwijdering van huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval via de huis-aan-huisinzameling en de intergemeentelijke recyclageparken, goed.
Uit een evaluatie van de uitrol van het lokaal materialenplan en de eerste ervaringen van de stakeholders kwam naar voor dat de 25l GF(t)/keukenafvalemmer in sommige gevallen te klein is. Bijgevolg werd in de raad van bestuur van IMOG van 16 april 2026 en 21 mei 2026 beslist om de mogelijkheid aan te bieden om een 2de (of meerdere) GF(t)/keukenafvalemmers aan te schaffen en dit met ingang van 1 oktober 2026.
De retributie wordt als volgt bepaald bij winter-zomer regime (of 5 maanden wekelijkse ophaling en 7 maanden tweewekelijkse ophaling)
1ste GF(t)/keukenafvalemmer | Vanaf 2de GF(t)/keukenafvalemmer |
45 euro/ jaar | 25 euro/ jaar |
Dit dient aangevuld te worden in artikel 5 van het bovengenoemde reglement.
In het kader van de leesbaarheid en de hanteerbaarheid van de gemeentelijke reglementen is het aangewezen om de integrale tekst van het reglement ter goedkeuring voor te leggen en niet enkel de wijziging ervan.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Bestuursdecreet van 7 december 2018
○ Decreet betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (materialendecreet) van 23 december 2011
○ Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen (Vlarema) van 17 februari 2012
○ Besluit van de Vlaamse Regering van 26 mei 2023 tot goedkeuring van het uitvoeringsplan voor huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval voor de periode 2023 – 2030 (Lokaal Materialenplan)
○ Besluit van de gemeenteraad van 14 september 2023 tot uitbreiding van de beheersoverdracht naar IMOG voor wat betreft het "Algemeen beheer openbare netheid cfr. uit het UHAGBA 5 peilerbeleid (infrastructuur, participatie, handhaving, communicatie en omgeving)"
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken de vaststelling van onderstaand aangepast retributiereglement voor te leggen aan de gemeenteraad van 3 september 2026.
Retributiereglement voor inzameling en verwijdering van huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval via de huis-aan-huisinzameling en de intergemeentelijke recyclageparken
Titel 1: Huis-aan-huis-ophaling
Artikel 1:
Er wordt een retributie geheven op het ophalen en verwijderen van huisvuil dat via de huis-aan-huisinzameling wordt opgehaald.
Artikel 2:
Het bedrag van de retributie wordt als volgt vastgesteld: voor elk adres voor het gebruik van de gemeentelijke inzamelkanalen wordt een gebruiksrecht aangerekend van 2 euro/begonnen maand/aansluitingspunt voor de huis-aan-huisinzameling van restafval met een maximum van 24 euro/jaar. De retributie is verschuldigd voor ieder aansluitingspunt in het kader van de gemeentelijke dienstverlening inzake huis-aan-huisinzameling van de restfractie (via containers of zakken) van het huishoudelijk afval en naar aard en hoeveelheid vergelijkbaar bedrijfsafval.
Artikel 3: retributie restafval voor huishoudens
Het bedrag van de retributie wordt als volgt vastgesteld:
§1 voor het ophalen en verwijderen van restafval dat via de huis-aan-huisophaling wordt opgehaald: een prijs per aanbieding en per kg:
Volume container | euro/aanbieding | euro/kg |
40 liter | 0,16 | 0,34 |
120 liter | 0,32 | 0,34 |
240 liter | 0,63 | 0,34 |
§2 voor het ophalen en verwijderen van het restafval in zakken dat via de huis-aan-huisophaling wordt opgehaald, wordt bij aankoop van de zakken de kostprijs aangerekend: 2,5 euro per zak van 50 liter. Als overgangsmaatregel zullen er ook stickers verkocht worden om op oude restafvalzakken (zowel voor groot als klein volume) te kleven voor 0,80 euro per sticker.
Artikel 4: GF(t)keukenafvalemmers
De GF(t)keukenafvalemmers van 25 liter voor gezinnen worden gratis geleverd en kunnen ook verkregen worden op de IGRP’s, na het ondertekenen van een jaarovereenkomst voor de huis-aan-huis ophaling. Pas na de betaling van de rekening van retributie start de ophaling.
Artikel 5: retributie GF(t)keukenafval voor huishoudens
De inning voor de GF(t)keukenafvalemmer (25 liter) gebeurt door het maken van een rekening per jaar voor de aanvang van het gebruik van de emmer ongeacht het aantal aanbiedingen.
5 maanden wekelijkse ophaling en 7 maanden tweewekelijkse ophaling
1ste GF(t)/keukenafvalemmer | Vanaf 2de GF(t)/keukenafvalemmer |
45 euro/ jaar | 25 euro/ jaar |
Met ingang vanaf 1 oktober 2026 kan een tweede of meerdere GF(t)/keukenafvalemmer(s) worden besteld.
Artikel 6: retributie PMD voor huishoudens
Het bedrag van de retributie wordt als volgt vastgesteld: voor het ophalen en verwijderen van PMD via de huis aan-huisophaling wordt bij aankoop van de zakken de kostprijs aangerekend: 0,25 euro per zak van 90 liter en 0,30 euro per zak van 120 liter (120 liter- zakken zijn enkel beschikbaar voor scholen).
Artikel 7:
De PMD-zakken en de restafvalzakken worden verkocht via de verkooppunten, IGRP’s en gemeentelijke diensten.
Artikel 8:
Aan elk aansluitingspunt wordt voor de start van de ophaling of voor de start van het nieuwe jaar een betalingsuitnodiging verstuurd. De rekening van retributie wordt betaald na voorlegging van de betalingsuitnodiging. Op de rekening van retributie worden de verschillende retributies, zoals voorzien onder artikel 3, 4 en 6, afzonderlijk weergegeven.
De inning van de retributie gebeurt door voor de aanvang van de ophaling, de provisie vermeld op de betalingsuitnodiging, te betalen. Wanneer tijdens het gebruik de ondergrens van 25 % van de provisie wordt bereikt zal een nieuwe betalingsuitnodiging met de rekening van retributie worden overgemaakt. De ophaling van de betreffende fractie start pas na betaling van de retributie. De ophaling stopt wanneer het saldo van de betaalde provisie nul bereikt.
Artikel 9:
Alle retributies worden jaarlijks geïndexeerd op 1 januari met de gezondsheidsindex van 1 november van het voorgaande jaar.
Titel 2: Intergemeentelijke recyclageparken
Artikel 10:
Er wordt een retributie geheven op het gebruik van de betalende gedeeltes van de intergemeentelijke recyclageparken.
Artikel 11:
De recyclageparken zijn ingedeeld in een betaalzone en een niet-betaalzone. Als er betalend afval wordt aangeboden dient men in te wegen voor de betaalzone en uit te wegen of tussen te wegen bij het verlaten van de betaalzone. Alle betalende materialen worden gewogen. Het verschil in gewicht wordt gehanteerd om de kost van het afval aan te rekenen.
Artikel 12:
Het bedrag van de retributie wordt als volgt vastgesteld:
§1 De afvalfracties in de groene groep zijn gratis:
● AEEA
● Glas
● Hard groenafval
● KGA
● Metalen
● Milieustraatje
● Recycleerbaar hout
● Papier en karton
● PMD (in officiële zak)
● Restafval (aanleveren in officiële zak of bak)
● GF(t)keukenafval (aanleveren in officiële GF(t)emmer)
§2 De afvalfracties in de oranje groep: 0,07 euro/kg:
● Zacht groen
● Boomstronken
● Gips
● Cellenbeton
● Niet-recycleerbaar hout
● Recycleerbaar bouw- en sloopafval
§3 De afvalfracties in de rode groep: 0,34 euro/kg:
● Asbestcement
● Recycleerbaar grofvuil
● Brandbaar grofvuil
● Te storten grofvuil
● Niet-recycleerbaar bouw- en sloopafval
Artikel 13:
Voor de bezoeken aan de intergemeentelijke recyclageparken wordt er jaarlijks een gratis quotum van 500 kg zacht groenafval en een gratis quotum van 200 kg hechtgebonden asbestcement toegekend per gezin.
Artikel 14:
§1. De retributie voor het betalend gedeelte van het intergemeentelijk recyclagepark wordt direct ter plekke betaald bij het verlaten van het betalend gedeelte.
§2. Bij aanvoer van verschillende betalende fracties in 1 weging, wordt voor het totale gewicht aan afval de retributie aangerekend van de aangevoerde afvalsoort met de duurste retributie.
§3. Per bezoek aan het betalend gedeelte van het intergemeentelijk recyclagepark wordt een minimumbedrag aangerekend van 2 euro als deelname in de exploitatiekosten, met uitzondering van de gratis fracties, de gratis hoeveelheid van de fracties zacht groen en hechtgebonden asbestcement.
§4. Bij contante betaling is er geen teruggave van wisselgeld, wel wordt het saldo bewaard op de e-ID.
Artikel 15:
De retributies worden jaarlijks geïndexeerd op 1 januari met de gezondsheidsindex van 1 november van het voorgaande jaar.
Artikel 16:
Bij gebrek aan betaling, wordt de toegang bij een volgend bezoek aan het intergemeentelijk recyclagepark geweigerd. Na betaling kan men opnieuw gebruik maken van het intergemeentelijk recyclagepark.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.16. Buurthuis Sint-Lodewijk - huurovereenkomst - aanpassing - verzoek tot agendering gemeenteraad - goedkeuring
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken het aangepaste ontwerp van huurovereenkomst tussen de gemeente Deerlijk en de vzw "De Brug" met betrekking tot het nieuwe polyvalente buurthuis Sint-Lodewijk, ter goedkeuring te agenderen op de gemeenteraad van 3 september 2026.
Motivering
De gemeenteraad keurde in zitting van 29 januari 2026 het ontwerp van de huurovereenkomst tussen de gemeente Deerlijk en de vzw "De Brug" met betrekking tot het nieuwe polyvalente buurthuis Sint-Lodewijk, goed.
Het ontwerp van huurovereenkomst werd opgemaakt om de toekomstige samenwerking te formaliseren en in functie van de aanvraag van een huursubsidie.
Ondertussen werd de procedure voor de zevende huuroproep bekendgemaakt. Aanvragen kunnen ingediend worden tot en met 15 september 2026.
Om de aanvraag van de huursubsidie voor te bereiden werd vanuit de scholengemeenschap De Brug ondersteuning gevraagd van een deskundige van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. Er werd opgemerkt dat er een aantal kleine aanpassingen aan het ontwerp van huurovereenkomst moeten gebeuren:
● de effectieve huurprijs moet vermeld worden: rekening houdend met de verhuurde oppervlakte en de huurnorm, wordt een huurprijs van 50.000 euro/jaar voorgesteld;
● de duurtijd moet vermeld worden in maanden (18 jaar of 216 maanden);
● de datum opgenomen in de opschortende voorwaarde (artikel 13) moet aangepast worden gezien AGION pas in het voorjaar van 2027 een beslissing zal nemen over de huursubsidiedossiers.
De aangepaste overeenkomst wordt toegevoegd in bijlage en moet ter goedkeuring voorgelegd worden aan de gemeenteraad.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het aangepaste ontwerp van huurovereenkomst tussen de gemeente Deerlijk en de vzw "De Brug" met betrekking tot het nieuwe polyvalente buurthuis Sint-Lodewijk en verzoekt de voorzitter van de gemeenteraad deze overeenkomst ter goedkeuring te agenderen op de gemeenteraad van 3 september 2026.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.17. OMV 2026_66 - Hoogstraat 36 en 38 - beslissing
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het verbouwen van een eengezinswoning, op een perceel gelegen Hoogstraat 36 en 38 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie A 253 B6, aangevraagd door Sarah Parmentier met als contactadres Hoogstraat 36-38 te 8540 Deerlijk.
Motivering
Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 12 augustus 2026.
Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Gunstig.
Het advies wordt als volgt gemotiveerd:
Gewestplan
De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.
Ruimtelijk uitvoeringsplan
● De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006.
● De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.
● De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
Bijzonder plan van aanleg
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.
Verkaveling
De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling.
Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag
Het gewestplan is van toepassing op de aanvraag.
Overeenstemming met dit plan
De aanvraag is in overeenstemming met de vigerende voorschriften.
Stedenbouwkundige verordeningen
Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:
● Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.
● Gemeentelijke algemene bouwverordening inzake vellen van hoogstammige bomen, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 22 maart 1974 en goedgekeurd bij KB op 4 juli 1974.
Er zijn geen historische dossiers voor deze aanvraag.
3.1 Beschrijving van de omgeving
De eigendom is een perceel met een oppervlakte van 1.973 m² en is gelegen langs de Hoogstraat op ongeveer 300 m ten oosten van de kerk van Deerlijk. De Hoogstraat is een voldoende uitgeruste gemeenteweg.
Op het perceel bevindt zich een aaneengesloten eengezinswoning. De woning is ingepland op de rooilijn. De woning bestaat uit 2 hoofdvolumes (nr. 36 en nr. 38) waarvan het linkse deel (nr. 38) bestaat uit 2 bouwlagen met een plat dak en het rechtse deel (nr. 36) uit 2 bouwlagen en een hellend dak. Het hoofdvolume van de woning heeft aan de linkse kant een bouwdiepte van 20,64 m en aan de rechtse kant een diepte van 9,1 m. Allebei de hoofdvolumes hebben achterbouwen bestaande uit verschillende gekoppelde bouwvolumes van één bouwlaag met verschillende dakvormen. Achter het rechtse hoofdvolume is een aanbouw voorzien bestaande uit 2 bouwlagen vergund met een hellend dak. De totale bouwdiepte op het perceel bedraagt meer dan 35 m. Tussen de nevenvolumes links en rechts is een terras aangelegd van 82 m².
Het achterliggend perceel nr. 253E5, dat ook bebouwd is, wordt uit de vergunning gesloten.
De omgeving is een stedelijke omgeving die gekenmerkt wordt door een menging aan functies, zoals wonen, handel, horeca, kantoren, diensten en gemeenschapsvoorzieningen. Het wonen bestaat voornamelijk uit eengezinswoningen.
3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
Verbouwing en uitbreiding woning
De aanvraag betreft het verbouwen en uitbreiden van een bestaande eengezinswoning na afbraak van de bestaande achterbouwen. De aanvraag omvat ook de regularisatie van het wijzigen van de dakvorm van de uitbreiding op de eerste verdieping van de rechtse aanbouw.
De bestaande achterbouwen aan de rechterzijde van het perceel worden afgebroken. De eerste achterbouw van de woning, die bestaat uit 2 bouwlagen, blijft behouden en geïntegreerd in een nieuwe aanbouw. Een kleine berging, aangebouwd tegen het linkse hoofdvolume wordt eveneens afgebroken. De nieuwe uitbreiding bestaat uit 1 bouwlaag en bevindt zich achteraan de woning tussen het linker hoofdvolume en de te behouden aanbouw tegen de rechter perceelgrens. De uitbreiding heeft een breedte van 6,48 m op een diepte van 6,70 m en wordt afgewerkt met een plat dak. De nokhoogte bedraagt 3,2 m.
Het bestaande hoofdvolume wordt intern verbouwd. Het gelijkvloers bestaat na verbouwing en uitbreiding uit een inkom met trappenhal, een zithoek, salon, keuken, eetkamer, berging, badkamer, wc en een aparte inkom die toegang geeft tot een bureel met vestiaire en archief. De garage en berging gevestigd aan de linkerzijde van de woning blijven ongewijzigd. Op het verdiep wordt de indeling eveneens niet gewijzigd. De dakvorm van de bestaande uitbreiding op de eerste verdieping werd al gewijzigd van een hellend dak naar een plat dak en wordt geregulariseerd.
Tegen de achtergevel van de woning wordt een overdekt terras voorzien. De terrasoverkapping heeft een breedte van 4,46 m op een diepte van 5,6 m. De overkapping wordt ingepland tegen de rechter perceelgrens en afgewerkt met een plat dak met een nokhoogte van 3,2 m.
Het materiaalgebruik voor het nieuwe volume en de terrasoverkapping betreft dezelfde houten gevelbekleding met wit aluminium buitenschrijnwerk.
3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten
De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.
Er diende over de aanvraag geen openbaar onderzoek gehouden te worden.
De aanpalende eigenaars werden op 9 juli 2026 aangeschreven aangezien de aanvraag betrekking heeft op de oprichting, uitbreiding of afbraak van scheidingsmuren of muren die in aanmerking komen voor gemene eigendom. De aanpalende eigenaars hebben geen bezwaar ingediend.
Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden.
De aanvraag valt niet onder de bijlage I van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2025. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.
Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.
7.1 Planologische toets
De aanvraag dient getoetst te worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het gewestplan, meer bepaald aan de voorschriften van het woongebied.
In deze zone gelden de stedenbouwkundige voorschriften van art. 5.1.0. van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen. Deze voorschriften luiden als volgt :
Woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De aanvraag heeft betrekking op het verbouwen van een eengezinswoning zodat de aanvraag in overeenstemming is met de voorzieningen van het gewestplan.
7.2 Decretale beoordelingsgronden
Voldoende uitgeruste weg (artikel 4.3.5.,VCRO)
De aanvraag is gelegen aan een voldoende uitgeruste weg, zijnde een weg die met duurzame materialen is verhard en voorzien is van een elektriciteitsnet. Tevens voldoet de weg aan de uitrustingsvoorwaarden die worden gesteld in stedenbouwkundige voorschriften of vereist worden door de plaatselijke toestand, waaronder de voorzieningen die in de gemeente voorhanden zijn en het ruimtelijk beleid van de gemeente.
Bedrijfswoningen (artikel 4.3.6.,VCRO)
De aanvraag voorziet niet in de oprichting van een bedrijfswoning waardoor de bepalingen van artikel 4.3.6 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening niet van toepassing zijn.
Toegankelijkheid (artikel 4.3.7.,VCRO)
Artikel 4.3.7. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt dat de stedenbouwkundige vergunning voor de handelingen, vermeld in artikel 4.2.1, 1°, 6°, 7° en 8°, niet wordt verleend wanneer niet is voldaan aan de bij of krachtens de wet of het decreet gestelde regels betreffende toegang van personen met een functiebeperking tot openbare wegen en tot voor het publiek toegankelijke onroerende goederen.
Uit nazicht van het onderwerp blijkt het gevraagde buiten het toepassingsgebied te vallen zoals omschreven in hoofdstuk 2 van de gewestelijk stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
Rooilijnen, achteruitbouwstroken en reservatiestroken (artikel 4.3.8.,VCRO)
De aanvraag wordt niet getroffen door een rooilijn, reservatiestrook of achteruitbouwstrook.
Rioleringstoets (artikel 4.3.9.,VCRO)
De aanvraag betreft geen bouw of herbouw van een gebouw waarin de lozing van huishoudelijk afvalwater voorzien wordt. Bijgevolg is de rioleringstoets niet van toepassing.
7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)
Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.
Het voorliggend project heeft geen omvangrijke oppervlakte (<0,1 ha). Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone. Er dringen zich in het kader van de watertoets geen maatregelen op inzake overstromingsvrij bouwen of beperkingen inzake de inname van komberging.
Er is voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.
De dakoppervlakte watert af naar twee hemelwaterputten van 10.000 liter. De hemelwaterput heeft een overloop naar een infiltratievoorziening met een volume van 5.915 liter en een referentieoppervlakte van 22,6 m². Het in de hemelwaterput opgevangen hemelwater wordt hergebruikt voor toiletten, wasmachine en een buitenkraan.
Hemel- en afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot aan de perceelsgrens.
De verharding wordt aangelegd in niet-waterdoorlatende materialen en watert af in de naastliggende onverharde ruimte zodat het water van de verhardingen infiltreert in de bodem.
Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.
7.4 Mer-screening
De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2025.
7.5 Natuurtoets
Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden wordt veroorzaakt.
7.6 Erfgoed-/archeologietoets
Niet van toepassing.
7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)
Niet van toepassing.
7.8 Decreet grond- en pandenbeleid
Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.
7.9 Milieuaspecten
Niet van toepassing.
7.10 Goede ruimtelijke ordening
Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.
Functie:
De aanvraag heeft betrekking op de verbouwing van een eengezinswoning. Deze functie blijft ongewijzigd en is passend binnen deze residentiële omgeving.
Het ontwerp zorgt voor een verruiming, herindeling en rationalisering van de woning en beantwoordt zodoende aan de huidige normen van wooncomfort.
Inplanting en ruimtegebruik:
De inplanting van de woning op de rooilijn blijft ongewijzigd.
De nieuwe achterbouw wordt voorzien naast een bestaande achterbouw en sluit aan op het hoofdgebouw. Op die manier vormt de bebouwing na de werken een compact geheel.
Bouwvolume en gabarit:
Het hoofdgebouw van de woning blijft qua gabarit ongewijzigd, er worden enkel interne verbouwingswerken uitgevoerd.
De bestaande achterbouwen worden afgebroken en vervangen door een nieuwe aanbouw en een overdekte terrasoverkapping. De totale gelijkvloerse bouwdiepte aan de rechterzijde van het perceel wordt op die verminderd van 35 m naar 21,45 m², hetgeen aanvaardbaar is binnen deze woonomgeving. Het perceel is immers eerder smal en diep, en een dergelijke gelijkvloerse bouwdiepte laat een kwalitatieve inrichting van de leefruimtes van de woning toe.
Er wordt geen hinder verwacht voor de omringende percelen. De bouwdiepte is immers vergelijkbaar met deze van de buren en de bouwhoogte is aanvaardbaar.
De muren op de perceelgrens worden gewijzigd. De eigenaars van het aanpalende percelen hebben hier geen bezwaar tegen ingediend.
Het gevraagde is qua volume en gabarit inpasbaar in de betreffende omgeving.
Verschijningsvorm:
De voorgevel blijft ongewijzigd waardoor het ontwerp geen rechtstreekse impact heeft op het straatbeeld.
De sloop van de huidige achterbouwen en de realisatie van een nieuwe achterbouw betekenen een sanering van de bebouwing op het perceel.
De uitbreiding en terrasoverkapping integreren zich door hun materiaalgebruik (houten gevelbekleding) binnen de residentiële omgeving.
Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:
De functie van eengezinswoning blijft behouden, bijgevolg wordt geen wijziging van de verkeersaantrek verwacht.
Groen- en omgevingsaanleg:
Achter de woning wordt een nieuw terras van 47 m² aangelegd in niet-waterdoorlatende verharding. De verharding wordt zo verminderd van 82 m² naar 47 m², wat de waterhuishouding ten goede komt.
De woning beschikt over een voldoende ruime tuinzone om een kwalitatieve tuin te kunnen aanleggen.
Na de werken wordt het contact tussen de leefruimtes van de woning en de tuinzone versterkt, wat de woonkwaliteit ten goede komt.
Conclusie
Het ontwerp is bijgevolg verenigbaar met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.
7.11 Resultaten openbaar onderzoek
Niet van toepassing.
7.12 Scheidingsmuren
Naar aanleiding van de adviesvraag voor de werken aan de scheidingsmuren werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.
7.13 Bespreking adviezen
Niet van toepassing.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.
○ Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het afleveren van de omgevingsvergunning aan Sarah Parmentier met als contactadres Hoogstraat 36-38 te 8540 Deerlijk, voor het verbouwen van een eengezinswoning, op een perceel gelegen Hoogstraat 36 en 38 en met als kadastrale omschrijving (afd. 1) sectie A 253 B6.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.18. Inname openbaar domein - kennisname
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.19. Premiereglement - Kernversterkende handelsinitiatieven - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.20. Retributiereglement - Gemeentelijke kinderopvang voor kinderen van het kleuter- en basisonderwijs - verzoek agendering gemeenteraad - goedkeuring
Dit punt werd uitgesteld naar een volgende zitting.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.21. Grafconcessie - bijzetting - kennisname
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.22. Grafconcessie - bijzetting - kennisname
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.23. Grafconcessie - aktename voortijdige beëindiging - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.24. Historisch waardevol graf - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.25. Inschrijving van ambtswege - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
C.26. Zorgtoelagen - 2de kwartaal 2026 - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
D.1. OMV 2026_69 - Kortrijkse heerweg 73 - beslissing
Aanleiding en context
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een woning, op een perceel gelegen Kortrijkse heerweg 73 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 464 X, aangevraagd door Lien De Smedt - Sander Vanneste wonende Vichtesteenweg 33 te 8540 Deerlijk.
Motivering
Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de vermelde aanvraag, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen en heeft betreffende de aanvraag het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar ingewonnen.
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar zoals uitgebracht op 4 augustus 2026.
Het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar luidt als volgt: Ongunstig.
Het advies wordt als volgt gemotiveerd:
1.1 Gewestplan
De aanvraag situeert zich in het bij koninklijk besluit van 4 november 1977 vastgestelde origineel gewestplan Kortrijk met als bestemming woongebied.
1.2 Ruimtelijk uitvoeringsplan
● De aanvraag ligt in een gebied waarvoor een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Grens afbakening regionaalstedelijk gebied Kortrijk’ door de Vlaamse Regering werd vastgesteld op 20 januari 2006.
● De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijke uitvoeringsplan Solitaire vakantiewoningen – Interfluvium, zoals vastgesteld door de deputatie op 25 juni 2015.
● De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
1.3 Bijzonder plan van aanleg
De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, Marquettestraat, wijziging A, goedgekeurd op datum 15 december 1988 met als bestemming zone 2, zone voor wonen, open bebouwing en zone 9, tuinstrook.
1.4 Verkaveling
De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling, goedgekeurd op 24 april 2024 (dossiernummer OMV_2023161596).
1.5 Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag
Het BPA en verkavelingsplan is van toepassing op de aanvraag.
1.6 Overeenstemming met dit plan
De aanvraag wijkt af van de vigerende voorschriften.
1.7 Stedenbouwkundige verordeningen
Voor het perceel zijn de volgende stedenbouwkundige verordeningen relevant:
● Algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997.
● Gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 (en latere wijzigingen).
● Gewestelijke verordening inzake hemelwater, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023.
● Gemeentelijke algemene bouwverordening inzake vellen van hoogstammige bomen, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 22 maart 1974 en goedgekeurd bij KB op 4 juli 1974.
Volgende historisch gekoppelde dossiers zijn relevant:
● Omgevingsvergunning 34009_2023_6/OMV_2023161596 voor verkavelen van een perceel naar 3 bouwkavels en rooien van bomen goedgekeurd op 24/04/2024.
● Stedenbouwkundige vergunning (0026-73-B) voor bouwen van een afsluitingsmuur in bakstenen (hoogte: +/- 1,50 m - lengte: +/- 16 m - afstand perceelsgrens: 2 m en 4 m) achter en naast uw woning - goedgekeurd op 10/04/1974.
● Stedenbouwkundige vergunning (0120-B) voor rooien van alle platanen (33) - goedgekeurd op 12/10/2015.
● Stedenbouwkundige vergunning (0026-73-C) voor rooien van 4 dennen, groep van 3 en 1 apart, omtrek 2 x 1,60 m en 2 x 1 m - goedgekeurd op 10/11/2015.
● Gebouwen en constructie dossier 0026-73-A voor bouwen van een villa - vergunning op 03/02/1955.
3.1 Beschrijving van de omgeving
De eigendom is een perceel met een oppervlakte van 665 m² en is gelegen langs de Kortrijkse heerweg op de hoek met de Vlasstraat, op ongeveer 840 m ten westen van de kern van Deerlijk. De Kortrijkse heerweg is een voldoende uitgeruste gemeenteweg. Het perceel is braakliggend.
De omgeving heeft een residentieel karakter en wordt bepaald door de aanwezigheid van eengezinswoningen.
3.2 Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De aanvrager wenst een vrijstaande eengezinswoning te bouwen.
De woning wordt ingeplant op +/- 5 m van de rooilijn, op 5 m van de rechter zijperceelsgrens en op 3 m van de linker zijperceelsgrens. De afstand tot de achterkavelgrens bedraagt 11,55 m. De woning heeft een breedte van 12,75 m. De diepte op het gelijkvloers bedraagt 15 m en deze op de verdieping 11,5 m.
De woning bestaat uit twee bouwlagen met plat dak. De hoogte bedraagt 6,5 m.
Op het gelijkvloers bevindt zich een inkomhal met toilet, bureel, zithoek, keuken, berging en garage. Op de verdieping worden een master bedroom met aanpalende dressing en badkamer, 3 slaapkamers, een nachthal met wc en badkamer ondergebracht.
De gevels worden afgewerkt in beige metselwerk met details in hout en het schrijnwerk is voorzien in brons aluminium.
In de voortuin wordt de oprit en een pad naar de voortuin verhard. De oprit wordt aangelegd in waterdoorlatend grind, heeft een oppervlakte van 30,15 m² en een breedte van 5,50 m (maat staat foutief op het plan – 8,45 m). In de voortuin wordt eveneens de open infiltratievoorziening aangelegd. Langs de rooilijn wordt een haag aangeplant en er wordt een hoogstammige boom aangeplant in de achtertuin. In de tuinzone wordt een terras van 39 m² in tegels aangelegd.
3.3 Beschrijving van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten
De aanvraag heeft geen betrekking op een ingedeelde inrichting of activiteit.
De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek. Het openbaar onderzoek vond plaats van 12 juni 2026 tot 11 juli 2026. Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werden er geen bezwaarschriften ingediend.
Er dienden geen adviezen ingewonnen te worden.
De aanvraag valt niet onder de bijlage I van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2025. Project-MER of OVR is niet van toepassing op voorliggende aanvraag.
Op basis van de hierboven vermelde overwegingen wordt tot de volgende beoordeling van het dossier gekomen.
7.1 Planologische toets
De aanvraag wijkt af van de voorschriften. Hiervoor wordt toepassing gemaakt van artikel 4.4.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Het ontwerp is op volgende punten in strijd met de voorschriften:
Plan schrijft voor: | Ontwerp voorziet: |
Een hellend dak met een helling tussen de 20° en de 60°. | Een plat dak.
|
Het gevraagde is voor het overige in overeenstemming met de voorzieningen van het BPA en de verkavelingsvoorschriften gezien er binnen het bouwkader van de verkaveling gebleven wordt, de kroonlijsthoogte beperkt is tot 6,50 m, de voortuin voor minder dan 40 % verhard wordt, de infiltratievoorziening ingeplant is op 1 m van de voorste perceelsgrens en er een hoogstammige boom in de tuinzone aangeplant wordt.
Artikel 4.4.1 van de VCRO voorziet dat na een openbaar onderzoek, beperkte afwijkingen kunnen worden toegestaan op stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften met betrekking tot perceelsafmetingen, de afmetingen en de inplanting van constructies, de dakvorm en de gebruikte materialen. Afwijkingen kunnen niet worden toegestaan voor wat betreft de bestemming, de maximaal mogelijke vloerterreinindex en het aantal bouwlagen.
De afwijking heeft betrekking op de dakvorm waarbij een plat dak voorzien wordt in plaats van een hellend dak. Gelet op de recente verkaveling en het BPA waarin beiden voorschrijven dat een hellend dak voorzien moet worden, kan er geen afwijking toegelaten worden. De bouwkavel is gelegen binnen een verkaveling waarin 3 woningen voorzien zijn.
Bij de opmaak van de verkaveling (2023) werd geoordeeld dat het behoud van de bepalingen uit het oudere BPA inzake de dakvorm wenselijk was om een integratie van de 3 nieuwe woningen in zowel de context van de Vlasstraat als de context van de Kortrijkse heerweg te kunnen motiveren. De twee overige loten binnen dezelfde verkaveling zijn ondertussen reeds bebouwd of in opbouw met woningen voorzien van een hellend dak. Het voorgestelde platte dak wijkt hierdoor af van het beoogde straatbeeld en de architecturale samenhang die met de verkavelingsvoorschriften wordt nagestreefd. De afwijking kan bijgevolg niet worden aanvaard, aangezien zij afbreuk doet aan de uniforme ruimtelijke uitstraling van de verkaveling. Een gedeeltelijke afwerking met plat dak kan in overweging genomen worden maar het hoofdvolume dient met een hellend dak afgewerkt te worden.
7.2 Decretale beoordelingsgronden
Voldoende uitgeruste weg (artikel 4.3.5.,VCRO)
De aanvraag is gelegen aan een voldoende uitgeruste weg, zijnde een weg die met duurzame materialen is verhard en voorzien is van een elektriciteitsnet. Tevens voldoet de weg aan de uitrustingsvoorwaarden die worden gesteld in stedenbouwkundige voorschriften of vereist worden door de plaatselijke toestand, waaronder de voorzieningen die in de gemeente voorhanden zijn en het ruimtelijk beleid van de gemeente.
Bedrijfswoningen (artikel 4.3.6.,VCRO)
De aanvraag voorziet niet in de oprichting van een bedrijfswoning waardoor de bepalingen van artikel 4.3.6 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening niet van toepassing zijn.
Toegankelijkheid (artikel 4.3.7.,VCRO)
Artikel 4.3.7. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt dat de stedenbouwkundige vergunning voor de handelingen, vermeld in artikel 4.2.1, 1°, 6°, 7° en 8°, niet wordt verleend wanneer niet is voldaan aan de bij of krachtens de wet of het decreet gestelde regels betreffende toegang van personen met een functiebeperking tot openbare wegen en tot voor het publiek toegankelijke onroerende goederen.
Uit nazicht van het onderwerp blijkt het gevraagde buiten het toepassingsgebied te vallen zoals omschreven in hoofdstuk 2 van de gewestelijk stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
Rooilijnen, achteruitbouwstroken en reservatiestroken (artikel 4.3.8.,VCRO)
De aanvraag wordt niet getroffen door een rooilijn, reservatiestrook of achteruitbouwstrook.
Rioleringstoets (artikel 4.3.9.,VCRO)
Het adres is gelegen in het centraal gebied volgens de zoneringsplannen van de Vlaamse milieumaatschappij. In het centraal gebied is er in de straat een afvalwaterriolering aanwezig die verbonden is met een operationele waterzuiveringsinstallatie. De lozing van huishoudelijk afvalwater op de riolering gebeurt rechtstreeks. Als Riopact-vennoot is de plaatsing van een septische put in Deerlijk verplicht bij nieuwbouw en verbouwing. Zowel DWA (vuil water) als RWA (regenwater) dienen gescheiden aangelegd tot op de perceelsgrens waarbij alles op 1 punt samenkomt om aan te sluiten op de bestaande gescheiden riolering.
7.3 Watertoets (decreet integraal waterbeleid)
Hoofdstuk III, afdeling I, artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid (Belgisch Staatsblad 14 november 2003) legt bepaalde verplichtingen op, die de watertoets worden genoemd. Deze watertoets houdt in dat de eventuele schadelijke effecten van het innemen van ruimte ten koste van de watersystemen worden ingeschat.
De omzendbrief OMG/2022/1 ‘Richtlijnen voor de toepassing van een klimaatbestendige watertoets en de vrijwaring van het waterbergend vermogen in signaalgebieden’ reikt richtlijnen aan voor het toepassen van het nieuwe watertoetsbesluit, alsook voor het vrijwaren van watergevoelige gebieden.
Het voorliggend project heeft geen omvangrijke oppervlakte (<0,1 ha). Het betrokken goed is volgens de fluviale en de pluviale overstromingskaart niet gelegen binnen een overstromingsgevoelige zone. Er dringen zich in het kader van de watertoets geen maatregelen op inzake overstromingsvrij bouwen of beperkingen inzake de inname van komberging.
Er is voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater.
De dakoppervlakte watert af naar een twee hemelwaterputten van 7.500 liter. De hemelwaterput heeft een overloop naar een infiltratievoorziening met een volume van 7.000 liter en een referentieoppervlakte van 20 m². Het in de hemelwaterput opgevangen hemelwater wordt hergebruikt voor toiletten, wasmachine en een buitenkraan. Hemel- en afvalwater wordt gescheiden afgevoerd tot aan de perceelsgrens. De verharding wordt aangelegd in waterdoorlatende materialen of wateren af in de naastliggende onverharde ruimte zodat het water van de verhardingen infiltreert in de bodem.
Bijgevolg kan in alle redelijkheid geoordeeld worden dat het schadelijk effect beperkt zal zijn.
7.4 Mer-screening
De aanvraag valt niet onder de bijlage I of II van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2025.
7.5 Natuurtoets
Volgens de natuurtoets blijkt dat geen onvermijdbare schade aan belangrijke natuurwaarden wordt veroorzaakt.
7.6 Erfgoed-/archeologietoets
Niet van toepassing.
7.7 Mobiliteit – MOBER (transport en verkeersveiligheid)
Niet van toepassing.
7.8 Decreet grond- en pandenbeleid
Gezien de beperkte omvang/aard van het project zijn geen normen of percentages betreffende de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod van toepassing.
7.9 Milieuaspecten
Niet van toepassing.
7.10 Goede ruimtelijke ordening
Voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening wordt de aanvraag getoetst aan de hand van de aandachtspunten en criteria zoals vermeld in artikel 4.3.1 § 2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk en relevant.
Functie:
De aanvraag heeft betrekking op het bouwen van een eengezinswoning. Deze functie is passend binnen deze woonomgeving.
Het ontwerp zorgt voor een ruime en rationeel ingedeelde woning en beantwoordt zodoende aan de huidige normen van wooncomfort.
Inplanting en ruimtegebruik:
De inplanting van de woning op 5 m van de rooilijn is in overeenstemming met de directe omgeving. De woning wordt ingeplant conform de voorschriften en binnen de contouren van het bouwkader.
Bouwvolume en gabarit:
Het volume bestaat uit 2 bouwlagen met een plat dak en is hierdoor niet in overeenstemming met de aanwezige volumes in de omgeving. Conform de voorschriften van de recente verkaveling en het BPA dient de woning voorzien te worden van een hellend dak. De verkaveling werd pas recent vergund, waardoor de stedenbouwkundige uitgangspunten en voorschriften nog steeds actueel zijn. Het toestaan van afwijkingen op deze voorschriften, kort na de goedkeuring van de verkaveling, zou de beoogde samenhang binnen de verkaveling ondermijnen. Er worden geen bijzondere omstandigheden aangetoond die een afwijking van de recente verkavelingsvoorschriften kunnen verantwoorden. Gelet op de reeds gerealiseerde woningen binnen de verkaveling, die met een hellend dak werden uitgevoerd, is het aangewezen de uniformiteit binnen de verkaveling te vrijwaren door eveneens een hellende dakvorm te hanteren.
De gevraagde afwijking wordt daarom als niet wenselijk beschouwd.
Verschijningsvorm:
De woning integreert zich door zijn materiaalgebruik (metselwerk) binnen de bestaande bebouwing.
De voorgevel bevat slechts beperkte raampartijen, die uitsluitend betrekking hebben op de circulatieruimte van de woning. Er worden geen ramen voorzien naar de verblijfsruimten aan de straatzijde. Hierdoor ontstaat een weinig levendige en gesloten gevelwand, wat afbreuk doet aan de relatie tussen de woning en het openbaar domein. Vanuit ruimtelijk oogpunt is een voorgevel met voldoende gevelopeningen wenselijk, aangezien dit bijdraagt aan de woonkwaliteit, de sociale controle en een kwalitatief straatbeeld. De voorgestelde geveluitwerking kan bijgevolg niet als wenselijk worden beschouwd.
Parkeerplaatsen en verkeersaantrek:
Er wordt een nieuwe eengezinswoning voorzien. Ten gevolge van de geplande werken kan een beperkte toename van de verkeersaantrek verwacht worden. Het ontwerp voorziet op eigen terrein voldoende parkeerruimte om de eigen parkeerbehoefte op te vangen door de inpandige garage en de oprit in de voortuin.
Groen- en omgevingsaanleg:
Achter de woning wordt een terras aangelegd in niet-waterdoorlatende verharding. De verharding is conform de verkavelingsvoorschriften. De woning beschikt over een voldoende ruime tuinzone om een kwalitatieve tuin te kunnen aanleggen. Na de werken is er voldoende contact tussen de leefruimtes van de woning en de tuinzone, wat de woonkwaliteit ten goede komt. In de achtertuin wordt een hoogstammige boom aangeplant conform de voorschriften van de verkaveling. De aanplant van deze boom dient te gebeuren tijdens het eerstvolgend plantseizoen volgend op het voltooien van de werken.
De woning beschikt tevens over een kleine voortuin. De open infiltratievoorziening wordt voorzien in de voortuin. De geplande verharding in de voortuinstrook wordt voorzien in waterdoorlatende materialen, wat de waterhuishouding ten goede komt.
Er wordt, conform de verkavelingsvoorschriften, een haag aangeplant langs de grens met de Kortrijkse heerweg en de Vlasstraat.
Conclusie
Het ontwerp is, gelet op het gabarit en de verschijningsvorm, bijgevolg niet verenigbaar met zijn onmiddellijke omgeving en met de goede plaatselijke aanleg.
Artikel 4.3.1§2, 2° stelt dat het vergunningverlenende bestuursorgaan ook met de bijdrage van het aangevraagde aan de verhoging van het ruimtelijk rendement rekening kan houden.
De aanvraag doet een beperkte bijdrage tot de verhoging van het ruimtelijk rendement, doch respecteert de kwaliteit van de woon- en leefomgeving niet volledig. Het aangevraagde past zich onvolledig in de betrokken omgeving.
7.11 Resultaten openbaar onderzoek
Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werden geen bezwaren of opmerkingen geformuleerd zodat een verdere beoordeling niet aan de orde is.
7.12 Scheidingsmuren
Niet van toepassing.
7.13 Bespreking adviezen
Niet van toepassing.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 2 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet betreffende de omgevingsvergunning.
○ Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingen
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich niet aan bij het advies van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en besluit bijgevolg tot het verlenen van de omgevingsvergunning aan Lien De Smedt - Sander Vanneste wonende Vichtesteenweg 33 te 8540 Deerlijk, voor het bouwen van een woning, op een perceel gelegen Kortrijkse heerweg 73 en met als kadastrale omschrijving (afd. 2) sectie C 464 X.
Volgens artikel 4.4.1 van de VCRO kunnen beperkte afwijkingen worden toegestaan op stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften met betrekking tot onder meer de dakvorm. Het college van burgemeester en schepenen is van mening dat een plat dak wel vergunbaar is op deze locatie.
De beslissing wordt verantwoord op basis van de volgende punten:
1. Dossierhistoriek en ligging: De afwijking sluit aan bij de voorhistoriek van het dossier. Er werd reeds aangegeven dat de specifieke ligging van het perceel als hoekperceel meer mogelijkheden biedt op vlak van vormgeving.
2. Ruimtelijke aanvaardbaarheid: Het project betreft een alleenstaande woning gelegen langs een drukke invalsweg. De voorgestelde dakvorm wordt om die reden vanuit ruimtelijk oogpunt aanvaardbaar geacht en past binnen een goede ruimtelijke ordening.
3. Context en precedent: In de nabije omgeving is reeds een villa op een hoekperceel aanwezig met een plat dak, waardoor de voorgestelde architectuur ook in de context van de omgeving verantwoord is.
4. Beperkte afwijking: De aanvraag respecteert alle overige verkavelingsvoorschriften. Enkel voor de dakvorm wordt een afwijking gevraagd. Op basis hiervan wordt de afwijking als aanvaardbaar beschouwd en verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening.
Het college van burgemeester en schepenen is bijgevolg van oordeel dat de beperkte afwijking van de verkavelingsvoorschriften met de betrekking tot de dakvorm, overeenkomstig artikel 4.4.1 VCRO, kan worden toegestaan en dat de aanvraag verenigbaar is met de goede ruimtelijke ordening zoals bedoeld in artikel 4.3.1 §2 VCRO.
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
D.2. Receptionele aangelegenheden - tijdstip en locatie - goedkeuring
Zitting van CBS van 19 AUGUSTUS 2026
D.3. Gemeenteraad van 3 september 2026 - agendapunten - verzoek agendering - goedkeuring
Aanleiding en context
De agenda van de gemeenteraad bevat in ieder geval de punten die door het college van burgemeester en schepenen aan de voorzitter worden meegedeeld.
Het college en burgemeester en schepenen wordt gevraagd de agenda voor de komende gemeenteraad te overlopen.
Motivering
Het college van burgemeester en schepenen overloopt de voorziene punten voor de gemeenteraadszitting van 3 september 2026.
Er zijn geen adviezen nodig.
Juridische gronden
● Algemene basisbevoegdheid: Art. 56, § 1 Decreet Lokaal Bestuur
● Andere:
○ Art. 19 Decreet Lokaal Bestuur
Financiën
De beslissing heeft geen financiële gevolgen.
BESLUIT
Artikel 1
Het college van burgemeester en schepenen besluit de voorzitter van de gemeenteraad te verzoeken om volgende punten te agenderen op de gemeenteraad van 3 september 2026:
OPENBARE ZITTING
● Gemeenteraad - 9 juli 2026 - notulen en audio-opname - goedkeuring
● Vaststelling aanpassing algemene politieverordening en bekrachtiging aanpassing protocolakkoord
● Digitaal infoscherm – concessievoorwaarden – goedkeuring.
● Erfgoed - schenking archeologische vondsten - De Cassinastraat DECA-19 - goedkeuring
● Veemeersstraat - rooilijnplan - definitieve vaststelling
● Retributiereglement voor inzameling van huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval via huis-aan-huis ophaling en intergemeentelijke recyclageparken - aanpassing - vaststelling
● Buurthuis Sint-Lodewijk - aanpassing huurovereenkomst - goedkeuring
● Premiereglement - Zorgtoelage - vaststelling
● Retributiereglement - Gemeentelijke kinderopvang voor kinderen van het kleuter- en basisonderwijs - vaststelling
● LO - schoolreglement 2026-2027 - vaststelling
● Cultuur en Erfgoed - Zuidwest - jaarverslaggeving 2025 - goedkeuring
● Vragen gesteld door raadsleden
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.